| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Auteurswet 1912
VASTSTELLINGSBESLUIT
VERGOEDING VOOR REPROGRAFISCH VERVEELVOUDIGEN
EN VRIJSTELLING VAN DE OPGAVEPLICHT
Tekst zoals deze geldt op
26 juli 2010
|
|
|
BESLUIT van 27 november 2002, houdende vaststelling van de vergoeding
voor reprografisch verveelvoudigen en vaststelling van de vrijstelling
van de opgaveplicht
WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Justitie van 8 juli 2002, nr.
5173614/02/6, Directie Wetgeving, Sector Privaatrecht;
Gelet op artikel 16i, tweede lid, en artikel
16m, tweede lid, van de
Auteurswet 1912;
De Raad van State gehoord (advies van 27 september 2002, nr.
W03.02.0296/I);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 25
november
2002, nr. 5198458/02/6;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
1.De vergoeding, bedoeld in artikel 16h van de Auteurswet,
bedraagt € 0,045 per gekopieerde pagina.
2.In afwijking van het eerste lid bedraagt de vergoeding €
0,011 per gekopieerde pagina voor het reprografisch verveelvoudigen
door andere onderwijsinstellingen dan instellingen die gericht zijn
op het verzorgen van wetenschappelijk onderwijs en het verrichten
van wetenschappelijk onderzoek.
Artikel 2
De verplichting tot betaling van de vergoeding, bedoeld in het
eerste artikel, rust op degene die de verveelvoudigingen vervaardigt
of daartoe opdracht geeft.
Artikel 3
Degene die minder dan 50 000 reprografische verveelvoudigingen per
jaar maakt, is niet gehouden daarvan opgave te doen bij de in artikel
16l, eerste lid, van de Auteurswet aangewezen rechtspersoon.
Artikel 4
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te
bepalen tijdstip.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij
behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage, 27 november 2002
BEATRIX
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
Uitgegeven de derde december 2002
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
|
|
|