|
De Minister van Verkeer en Waterstaat;
Gelet op artikel 16, eerste en tweede lid, van
Richtlijn nr. 95/21/EG van de Raad van de Europese Unie van 19 juni
1995, betreffende havenstaatcontrole (PbEG L 157), de artikelen
12, derde lid, 12a, tweede lid, 12b, eerste lid, 12c,
derde lid, 26, derde lid, en 26a, tweede lid, van de
Binnenschepenwet, artikel 5, derde lid, van de Loodsenwet, de artikelen
4, tweede lid, 17, eerste lid, en 21, eerste lid, van de Meetbrievenwet
1981, artikel 14, derde lid, van de Wet havenstaatcontrole, de artikelen
2, derde lid, en 10 van de Wet nationaliteit zeeschepen in
rompbevrachting, artikel 9 van de Wet vaartijden en bemanningssterkte
binnenvaart, artikel 311a, vierde lid, van het Wetboek van
Koophandel, artikel 56 van de Wet vervoer binnenvaart, artikel 49,
tweede lid, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, de artikelen 6,
derde lid, en 6a, derde lid, van de Zeebrievenwet, artikel 37,
derde lid, van de Maatregel te boek gestelde schepen 1992, artikel 62,
aanhef en onder c, d, h en j, van de
Zeevaartbemanningswet, artikel 3 van het Besluit aangroeiwerende
verfsystemen zeeschepen, de artikelen 15 en 18 van het
Binnenschepenbesluit, artikel 2 van het Besluit van 28 februari 1976 ter
uitvoering van artikel 29 van de Wet aansprakelijkheid olietankschepen (Stb.
1976, 137), de artikelen 4, tweede lid, en 5, tweede tot en met zesde
lid, van het Besluit voorkoming olieverontreiniging door schepen,
artikel 11, derde lid, van het Besluit voorkoming verontreiniging door
met schepen in bulk vervoerde schadelijke vloeistoffen en artikel 3.07
van het Reglement Rijnpatenten 1998;
Besluit:
Hoofdstuk 1. Tarieven binnenvaart
§ 1.1. Tarieven meting binnenvaartuigen
Artikel 1.1. Begripsbepalingen
1. In deze paragraaf zijn de
begripsbepalingen van artikel 1 van het Metingsbesluit
Binnenvaartuigen 1978 van toepassing.
2. In deze paragraaf wordt voorts
verstaan onder:
a. meting: werkzaamheden ten
behoeve van de afgifte van een meetbrief voor een schip, waarvoor
niet eerder een Nederlandse meetbrief is afgegeven;
b. hermeting: werkzaamheden ten
behoeve van de afgifte van een meetbrief voor een schip dat een
verbouwing heeft ondergaan die van invloed is geweest op de ledige
diepgang van het schip, en waarvoor eerder een Nederlandse
meetbrief is afgegeven;
c. controlemeting: werkzaamheden
ten behoeve van de verlenging van de geldigheidsduur van een
meetbrief voor een schip dat sedert de afgifte van de meetbrief
geen verbouwing heeft ondergaan die van invloed is geweest op de
ledige diepgang van het schip;
d. ponton: blokvormig schip zonder
mogelijkheid om benedendeks lading te vervoeren;
e. zusterschepen: schepen die
volgens dezelfde bouwtekening zijn gebouwd.
Artikel 1.2. metingen
1. Voor de meting of de hermeting van
een schip of een ponton ten behoeve van de afgifte van een meetbrief,
hieronder begrepen het aanbrengen van ijkmerken of ijkplaten, is een
tarief verschuldigd, van 1.344.
2. In afwijking van het eerste lid is
voor de meting of de hermeting van een schip dat niet bestemd is voor
het vervoer van goederen een tarief verschuldigd van 852.
3. Voor de controlemeting is een tarief
verschuldigd van 381.
Artikel 1.3 [Vervallen per 01-01-2007]
Artikel 1.4 [Vervallen per 01-01-2007]
Artikel 1.5. Tarief afgifte meetbrief
1. Voor de afgifte van een meetbrief,
zonder dat hiervoor een meting of hermeting plaatsvindt, is een tarief
verschuldigd van 145 en voor een verlenging van de meetbrief een
tarief van 145.
2. Voor het aanbrengen van een
wijziging in een meetbrief, zonder dat hiervoor een meting of
hermeting plaatsvindt, is een tarief verschuldigd van 145.
Artikel 1.6 [Vervallen per 01-01-2007]
Artikel 1.7
Indien de werkzaamheden ten behoeve van
de afgifte van een meetbrief buiten toedoen van de Minister van
Infrastructuur en Milieu of de daartoe door hem aangewezen natuurlijke
personen of rechtspersonen, niet leiden tot afgifte van het
desbetreffende document is een tarief verschuldigd van 106 per
manuur, indien de werkzaamheden niet volledig zijn uitgevoerd.
Artikel 1.8. Tarief overige werkzaamheden
Voor werkzaamheden voortvloeiende uit het
bepaalde bij of krachtens de Binnenvaartwet, en waarvoor niet op grond
van een van de overige artikelen van deze paragraaf een tarief is
vastgesteld, is een tarief verschuldigd van 106 per manuur.
§ 1.2. Tarieven onderzoek binnenvaart
Artikel 1.9. Begripsbepalingen
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
a. certificaat van onderzoek:
certificaat, bedoeld in artikel 9 van de Binnenvaartwet en in
artikel 1.03 van het Reglement onderzoek schepen op de Rijn 1995;
b. certificaat van goedkeuring:
certificaat, bedoeld in bijlage 1, B1, Rn. 10.282 en bijlage 1, B2,
Rn. 210.282, van de Regeling vervoer over de binnenwateren van
gevaarlijke stoffen;
c. communautair certificaat:
certificaat, bedoeld in artikel 8, van het Binnenvaartbesluit;
d. communautair aanvullend
certificaat: certificaat, bedoeld in artikel 9, eerste lid, van het
Binnenvaartbesluit;
e. uitgebreide proefvaart: beproeving
tijdens de vaart teneinde aan te tonen dat wordt voldaan aan de
gestelde eisen die niet bij een stilliggend schip zijn vast te
stellen;
f. beperkte proefvaart: beproeving
tijdens een kortdurende vaart teneinde aan te tonen dat wordt
voldaan aan eisen die worden gesteld aan een stuurinrichting, dan
wel aan de maximaal toelaatbare geluidsniveaus;
g. verklaring minimumbemanning:
verklaring, bedoeld in artikel 23.09, tweede lid, van het Reglement
onderzoek schepen op de Rijn 1995 en in artikel 5.7, tweede lid, van
de Binnenvaartregeling.
Artikel 1.10. Tarief afgifte of wijziging
certificaat, verklaring of ontheffing
1. Voor de afgifte of wijziging van in
deze paragraaf genoemde certificaten of verklaringen is een tarief
verschuldigd van 94.
2. Voor de afgifte van een ontheffing
als bedoeld in de artikelen 13, tweede lid, en 22, vijfde lid, van de
Binnenvaartwet, waarbij geen inspectie plaatsvindt, is een tarief
verschuldigd van 94, per certificaat, bijlage bij een certificaat
of verklaring.
3. Voor de afgifte van een verklaring
minimumbemanning is een tarief verschuldigd van 94. Dit tarief
wordt niet in rekening gebracht indien gelijktijdig een inspectie aan
boord van het schip plaatsvindt.
Artikel 1.11. Tarief afgifte duplicaat,
uittreksel, of gewaarmerkt afschrift
Voor de afgifte van een duplicaat,
uittreksel, of gewaarmerkt afschrift van een certificaat van onderzoek,
een certificaat van goedkeuring, een communautair certificaat, een
communautair aanvullend certificaat of een bijlage bij een certificaat
of verklaring is een tarief verschuldigd van 112.
Artikel 1.12
Aan degene die ingevolge artikel 14,
eerste lid, van de Binnenvaartwet is aangewezen het onderzoek ten
behoeve van de certificering van binnenschepen, bedoeld in artikel 9,
eerste lid, van de Binnenvaartwet, te verrichten, is een vergoeding
verschuldigd op basis van een tarief waarvan hijzelf de hoogte en de
wijze van betalen vaststelt.
Artikel 1.13. Tarief onderzoek bestaande
en nieuw gebouwde schepen
1. Voor het onderzoek nodig voor de
eerste of hernieuwde afgifte van een certificaat van onderzoek, een
communautair certificaat, een communautair aanvullend certificaat of
een certificaat van goedkeuring ten behoeve van bestaande schepen, dan
wel voor het wijzigen van die certificaten ten behoeve van deze
schepen is een tarief verschuldigd dat wordt berekend aan de hand van
het aantal inspecties aan boord van het schip.
2. Voor de inspecties aan boord van het
schip zijn de volgende tarieven verschuldigd:
a. voor de eerste afgifte of
vernieuwing van de geldigheidsduur van een certificaat 552;
b. voor nieuw gebouwde schepen
552;
c. voor open rondvaartboten, geldt
in afwijking van onderdeel a, een tarief van 276.
3. Indien bij de inspecties aan boord
van het schip gelijktijdig een elektrotechnisch onderzoek en een
scheepsbouwkundig onderzoek plaatsvindt, worden deze onderzoeken als
afzonderlijke inspecties aangemerkt.
4. Indien een inspectie aan boord van
een schip tevens een proefvaart omvat, wordt het verschuldigde tarief
voor die inspectie, ongeacht het aantal gelijktijdig uitgevoerde
onderzoeken, bedoeld in het derde lid, verhoogd met 552 voor
bestaande schepen en 708 voor nieuw gebouwde schepen.
5. Voor het afstempelen plaatjes, het
opnieuw verzegelen van lensafsluiters en andere werkzaamheden op
verzoek is een tarief verschuldigd van 106 per manuur.
6. Indien een inspectie aan boord van
het schip niet kan plaatsvinden op de geplande tijd en plaats, doordat
het schip of de eigenaar van het schip of zijn vertegenwoordiger niet
aanwezig is, is, indien de inspectie geheel vervalt, een tarief van
239 verschuldigd.
Artikel 1.14. Tarief onderzoek keuring
onderdelen of uitrustingsstukken
1. Voor een onderzoek voor keuring van
onderdelen of uitrustingsstukken waarvoor de goedkeuring van de
Minister van Infrastructuur en Milieu of de Commissie van Deskundigen
voor de Rijnvaart is voorgeschreven, is een tarief verschuldigd van
367.
2. Voor het aanwijzen van bedrijven om
namens de Minister van Infrastructuur en Milieu installaties en
onderdelen van objecten te mogen keuren is een tarief verschuldigd van
107.
Artikel 1.15. Tarief keuren tekening,
stabiliteitsberekening of lekberekening
Voor het keuren van een tekening, een
stabiliteitsberekening of een lekberekening is een tarief verschuldigd
van 276.
Artikel 1.16
Alvorens een onderzoek of keuring als
bedoeld in deze paragraaf wordt aangevangen, dient vooruitbetaling van
het verschuldigde tarief plaats te vinden.
§ 1.3. Overige tarieven binnenvaart
Artikel 1.17. Tarief ontheffing
vaarbewijsplicht
Voor de behandeling van een aanvraag van
een ontheffing van de verplichting tot het voorzien zijn van een geldig
vaarbewijs, als bedoeld in artikel 31, tweede lid, van de
Binnenvaartwet, is een tarief verschuldigd van 190.
Artikel 1.18. Tarieven controle
radarinstallaties en bochtaanwijzers Rijnvaart
Voor de controle op de inbouw en het
functioneren van een radarinstallatie of een bochtaanwijzer, alsmede
voor de afgifte van de verklaring, bedoeld in artikel 9 in bijlage 3 van
het Besluit radar- en bochtaanwijzerapparatuur, is een tarief
verschuldigd van:
a. 190 voor periodieke inspectie
en afgifte van een verklaring;
b. 138 voor herinspectie als
gevolg van geconstateerde gebreken.
Artikel 1.19. Tarief Rijnpatent
1. Voor de afgifte van een Rijnpatent
is een tarief verschuldigd van 42,91.
2. Voor uitbreiden, vervangen of
omruilen van een Rijnpatent is een tarief verschuldigd van 21,48.
Artikel 1.20. Tarief examen Rijnpatent
1. Voor het examen voor het
Schippersdiploma Rijnvaart ter verkrijging van het Rijnpatent is een
tarief verschuldigd van 69,83 per onderdeel voor de schriftelijke
examens en 98,38 per onderdeel voor de mondelinge examens.
2. Voor het herexamen voor het diploma,
bedoeld in het eerste lid, is het eerste lid van overeenkomstige
toepassing.
Artikel 1.21. Tarief dienstboekje
1. Voor de afgifte van een dienstboekje
als bedoeld in artikel 5.11, eerste lid, van de Binnenvaartregeling en
artikel 3.06, eerste lid, van het Rsp is een tarief verschuldigd van
40,56.
2. Voor het jaarlijks afstempelen van
een dienstboekje of een verklaring van vaartijdtelling uit het
dienstboekje is een tarief verschuldigd van 15,27.
Artikel 1.22. Tarief vaartijdenboek
1. Voor de afgifte van een
vaartijdenboek als bedoeld in artikel 5.12, eerste lid, van de
Binnenvaartregeling en artikel 23.08, eerste lid, van het Reglement
onderzoek schepen op de Rijn 1995, is een tarief verschuldigd van
45,65.
2. Voor de afgifte van een verklaring
bij het vaartijdenboek als bedoeld in artikel 5.12, tweede lid, van de
Binnenvaartregeling en artikel 23.08, vierde lid, van het Reglement
onderzoek schepen op de Rijn 1995, is een tarief verschuldigd van
15,27.
3. Voor het verrichten van mutaties in
het vaartijdenboek of in een verklaring bij het vaartijdenboek is een
tarief verschuldigd van 15,27.
Artikel 1.23. Tarief ontheffing
vaartijden en bemanningssterkte
Voor de behandeling van een aanvraag tot
ontheffing als bedoeld in artikel 22, vijfde lid, van de Binnenvaartwet,
is een vergoeding verschuldigd van 82.
Artikel 1.24. Vergoedingen vervoer
Binnenvaartwet
Een tarief is verschuldigd van:
a. 110 voor documenten van
toelating als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de
Binnenvaartwet;
b. 581 voor de behandeling van
een aanvraag van een bewijs van vakbekwaamheid als bedoeld in
artikel 6, eerste lid, van de Binnenvaartwet;
c. 177 voor de behandeling van
een aanvraag van ontheffing van de eis van vakbekwaamheid als
bedoeld in artikel 6, vijfde lid, van de Binnenvaartwet;
d. 43 voor de behandeling van een
aanvraag van een gewaarmerkt afschrift van documenten als bedoeld in
de onderdelen a, b en c.
Artikel 1.25. Tarief aanvraag (beperkt)
groot vaarbewijs
1. Voor de behandeling van de eerste
aanvraag van een (beperkt) groot vaarbewijs als bedoeld in artikel 25,
het eerste lid, van de Binnenvaartwet, is een tarief verschuldigd van
42,91.
2. Voor de behandeling van de aanvraag
van een duplicaat dan wel een vernieuwing van de geldigheid van het
(beperkt) groot vaarbewijs in verband met de leeftijdscategorieλn is
een tarief verschuldigd van 21,48.
Artikel 1.26. Tarief examen groot
vaarbewijs
1. Voor deelname aan het examen voor
het Schippersdiploma Rivieren, Kanalen en Meren ter verkrijging van
het (beperkt) groot vaarbewijs voor de vaart op rivieren, kanalen en
meren en voor deelname aan het examen voor het Schippersdiploma Alle
Binnenwateren ter verkrijging van een groot vaarbewijs voor de vaart
op alle binnenwateren, is een tarief verschuldigd van 69,83 per
onderdeel voor de schriftelijke examens en 98,38 per onderdeel
voor de mondelinge examens.
2. Voor het herexamen voor het diploma,
bedoeld in het eerste lid, is het eerste lid van overeenkomstige
toepassing.
Artikel 1.27. Tarief klein vaarbewijs
Voor de kosten van behandeling van het
aanvragen van een klein vaarbewijs als bedoeld in artikel 16, van het
Binnenvaartbesluit, is een tarief verschuldigd van 21,.
Artikel 1.27a. Tarief examen klein
vaarbewijs
De kosten van het examen ter verkrijging
van het klein vaarbewijs voor:
a. de vaart op de rivieren, kanalen
en meren bedragen 49,;
b. de vaart op alle binnenwateren
bedragen 75,.
Artikel 1.27b
1. De kosten van het gedeeltelijk
onderzoek, op basis van een gedeeltelijke vrijstelling van de
examenverplichtingen voor het klein vaarbewijs I, bedoeld in artikel
7.12 van de Binnenvaartregeling, bedragen 49,.
2. De kosten van het examen voor het
klein vaarbewijs II, betrekking hebbend op de onderwerpen genoemd in
artikel 7.15, tweede lid, onderdelen a tot en met d, van de
Binnenvaartregeling, bedragen 59,.
Artikel 1.27c. Tarief groot
pleziervaartbewijs
1. Voor de behandeling van een aanvraag
voor een groot pleziervaartbewijs, als bedoeld in artikel 7.8, derde
lid, van de Binnenvaartregeling is een tarief verschuldigd van 21,.
2. Voor de behandeling van een aanvraag
om voor de overgangsregeling in aanmerking te komen, als bedoeld in
artikel 7.8, vierde lid, van de Binnenvaartregeling is een tarief
verschuldigd van 35.
Artikel 1.27d. Tarief vrijstellingsbewijs
schipper rondvaartboot met beperkt vaargebied
1. Voor de behandeling van de aanvraag
van een vrijstellingsbewijs schipper rondvaartboot met beperkt
vaargebied, als bedoeld in artikel 7.6 van de Binnenvaartregeling, is
een tarief verschuldigd van 42,91.
2. Voor de behandeling van de aanvraag
van een verlenging van een vrijstellingsbewijs schipper rondvaartboot
met beperkt vaargebied als bedoeld in artikel 7.6 van de
Binnenvaartregeling, in verband met de aan de leeftijd gerelateerde
geldigheid van het vaarbewijs, is een tarief verschuldigd van
21,48.
Artikel 1.27e. Tarief Bewijs van
riviergedeelten bevoegd voor varen op de Rijn
1. Voor de afgifte van het bewijs
riviergedeelten bevoegd voor varen op de Rijn is een tarief van
42,91 verschuldigd.
2. Voor de uitbreiding van de
riviergedeelten is een tarief van 21,48 verschuldigd.
3. Voor de afgifte van een medische
beschikking, noodzakelijk bij de afgifte van het bewijs
riviergedeelten (het zogenaamde B3- formulier) is een tarief van
21,48 verschuldigd.
4. Voor deelname aan een onderdeel van
het schriftelijk examen voor het bewijs riviergedeelten bevoegd voor
varen op de Rijn is 69,83 verschuldigd.
Artikel 1.27f. tarief examen CWO groot
motorschip
Voor deelname aan het theoriegedeelte,
onderscheidenlijk aan het praktijkgedeelte van het examen ter
verkrijging van het diploma CWO groot motorschip, bedoeld in artikel
7.8, derde lid, onderdeel a, van de Binnenvaartregeling is een tarief
verschuldigd van 175 onderscheidenlijk 385.
Artikel 1.27g. Tarief internationaal
certificaat van competentie
Voor de kosten van de behandeling van een
aanvraag van een internationaal certificaat van competentie als bedoeld
in artikel 7.25 van de Binnenvaartregeling is een tarief verschuldigd
van 21.
Artikel 1.27h
1. Voor de behandeling van de aanvraag
van een zeilbewijs als bedoeld in artikel 7.9 van de
Binnenvaartregeling is een tarief verschuldigd van 42,91.
2. Voor de behandeling van de aanvraag
van een verlenging van een zeilbewijs als bedoeld in artikel 7.9 van
de Binnenvaartregeling in verband met de aan de leeftijd gerelateerde
geldigheid van het vaarbewijs, is een tarief verschuldigd van
21,48.
Artikel 1.28. Tarief examen Reglement
radarpatenten
1. Voor het afnemen van een examen als
bedoeld in artikel 8.04, eerste lid, van het Rsp is een tarief
verschuldigd van 248,84.
2. Voor het afnemen van een
theorieherexamen als bedoeld in artikel 8.04, vierde lid, van het Rsp
is een tarief verschuldigd van 69,44.
3. Voor het afnemen van een
praktijkherexamen als bedoeld in artikel 8.04, vierde lid, van het Rsp
is een tarief verschuldigd van 179,40.
Artikel 1.29. Tarief radarpatent
1. Voor de afgifte van een radarpatent
als bedoeld in artikel 8.05, eerste lid, van het Rsp is een tarief
verschuldigd van 42,91.
2. Voor het bijschrijven van het
radarpatent op de schipperspatentkaart, bedoeld in artikel 8.05,
tweede lid, van het Rsp is een tarief verschuldigd van 21,48.
Artikel 1.30. Tarief omwisselen
radardiplomas
Voor de werkzaamheden die samenhangen met
het omwisselen van radardiplomas als bedoeld in artikel 9.03, tweede
lid, van het Rsp is een tarief verschuldigd van 21,48.
Artikel 1.31. Kosten geneeskundig
onderzoek
De kosten van het geneeskundig onderzoek
van de individuele aanvrager van een vaarbewijs, bedoeld in artikel 28,
eerste en derde lid, van de Binnenvaartwet, of van de individuele
aanvrager van een rijnpatent, bedoeld in de artikelen 7.01, derde lid,
onderdeel a, 7.02, derde lid, onderdeel a, 7.03, tweede lid, onderdeel
a, en artikel 7.17, eerste lid, van het Rsp, bedragen:
a. van de arts: ten hoogste 127,
exclusief BTW;
b. van de deskundige: ten hoogste
127, exclusief BTW, indien een fysiek onderzoek plaatsvindt en ten
hoogste 83, exclusief BTW bij een schriftelijke beoordeling.
Artikel 1.32. Onderzoek naar aanleiding
van een eigen verklaring
Het tarief voor het verrichten van de
handelingen als bedoeld in artikel 28, eerste lid, van de Binnenvaartwet
bedraagt ten hoogste 29, exclusief BTW.
Artikel 1.33
Alvorens een onderzoek of keuring als
bedoeld in artikel 1.31 of 1.32 wordt aangevangen, wordt vooruitbetaling
van het verschuldigde tarief verlangd.
Hoofdstuk 2. Tarieven zeevaart
§ 2.1. Tarieven meting zeeschepen
Artikel 2.1. Begripsbepalingen
1. In deze paragraaf zijn de
begripsbepalingen van artikel 1 van de Meetbrievenwet 1981 en artikel
1 van de Regeling metingsvoorschriften van toepassing.
2. In deze paragraaf wordt voorts
verstaan onder:
a. meting: werkzaamheden ten
behoeve van de afgifte van:
1°. een Internationale
Meetbrief (1969);
2°. een bijzondere meetbrief
voor een schip, waarvoor niet eerder een Internationale
Meetbrief (1969) of bijzondere meetbrief is afgegeven;
b. hermeting: werkzaamheden ten
behoeve van de afgifte van:
1°. een Internationale
Meetbrief (1969) voor een schip, waarvoor reeds eerder een
Internationale Meetbrief (1969), bijzondere meetbrief of een
meetbrief als bedoeld in het Verdrag van Oslo 1947, is
afgegeven;
2°. een bijzondere meetbrief
voor een schip, waarvoor reeds eerder een Internationale
Meetbrief (1969), bijzondere meetbrief of een meetbrief als
bedoeld in het Verdrag van Oslo 1947, is afgegeven;
c. ponton: blokvormig schip zonder
mogelijkheid om benedendeks lading te vervoeren;
d. zusterschepen: schepen die
volgens dezelfde bouwtekening zijn gebouwd
Artikel 2.2. Tarief onderzoek afgifte
Internationale Meetbrief (1969)
1. Voor de meting van een schip ten
behoeve van de afgifte van een internationale Meetbrief (1969) is een
tarief verschuldigd van 136 per uur.
2. In afwijking van het eerste lid is
voor de meting van:
a. een vissersvaartuig met een
lengte in zijn totaliteit van minder dan 15 meter een tarief
verschuldigd van 286;
b. een pleziervaartuig met een
lengte van minder dan 24 meter een tarief verschuldigd van
248.
Artikel 2.3. Tarief onderzoek meetbrief
Voor de meting van een schip, ten behoeve
van de afgifte van een bijzondere meetbrief, speciaal ingericht voor
gebruik bij de vaart door het Suezkanaal, is een tarief verschuldigd van
136 per uur.
Artikel 2.4. Tarief onderzoek
inhoudsverklaring Panamakanaal
Voor onderzoek ten behoeve van de afgifte
van een inhoudsverklaring voor gebruik bij de vaart door het
Panamakanaal (PC/UMS Documentation of Total Volume) is een tarief
verschuldigd van 382.
Artikel 2.5. Tarief controlewerkzaamheden
Voor controlewerkzaamheden ten behoeve
van de afgifte van een Internationale Meetbrief (1969) of een bijzondere
meetbrief is, indien bij het omvlaggen van een schip de buitenlandse
meetgegevens worden overgenomen of indien een schip door een daartoe
bevoegde buitenlandse autoriteit ingevolge artikel 8 van de
Meetbrievenwet 1981 of de Regeling metingsvoorschriften is gemeten of
hermeten, een tarief verschuldigd van 975.
Artikel 2.6. Tarief afgifte document
1. Voor de afgifte van een meetbrief of
een bijzondere meetbrief is een het tarief verschuldigd van 138.
2. Voor het aanbrengen van een
wijziging in een Internationale Meetbrief (1969), een bijzondere
meetbrief of een inhoudsverklaring als bedoeld in artikel 2.4, zonder
dat hiervoor een meting of hermeting plaatsvindt, is een tarief
verschuldigd van 48.
Artikel 2.7. Tarief meting meerdere
schepen
Indien de eigenaar een verzoek indient
voor de meting of hermeting van twee of meer van zijn schepen, niet
zijnde zusterschepen, en deze metingen gelijktijdig op ιιn locatie
kunnen worden uitgevoerd voor ιιn rekening, is voor het eerste schip
een tarief als bedoeld in de deze paragraaf verschuldigd en voor de
volgende schepen een tarief van 106 per manuur verschuldigd.
Artikel 2.8. Tarief onderzoek zonder
afgifte van document
Indien de werkzaamheden ten behoeve van
de afgifte van documenten als bedoeld in deze paragraaf, buiten toedoen
van de ambtenaren van de Inspectie Verkeer en Waterstaat, niet leiden
tot afgifte van dat document, is het volgende tarief verschuldigd:
a. indien de werkzaamheden niet
volledig zijn uitgevoerd 106 per manuur;
b. indien de werkzaamheden volledig
zijn uitgevoerd, het tarief dat is vastgesteld voor werkzaamheden of
meting ten behoeve van de afgifte van het document.
Artikel 2.9. Tarief overige werkzaamheden
Voor werkzaamheden voortvloeiende uit het
bepaalde bij of krachtens de Meetbrievenwet 1981, en waarvoor niet op
grond van een van de overige artikelen van deze paragraaf een tarief is
vastgesteld, is een tarief verschuldigd van 106 per manuur.
§ 2.2. Tarieven inschrijving
rompbevrachtingsregister, zeebrief en verklaring nationaliteit
Artikel 2.10. Tarief inschrijving
rompbevrachtingsregister
1. Voor de werkzaamheden ten behoeve
van de inschrijving van een zeeschip in het rompbevrachtingsregister,
bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet nationaliteit zeeschepen
in rompbevrachting, is de rompbevrachter een tarief verschuldigd van
1.347.
2. Voor het aanbrengen van een
wijziging in de in het eerste lid bedoelde inschrijving, is de
rompbevrachter een tarief verschuldigd van 145.
3. Voor de werkzaamheden ten behoeve
van de afgifte van een gewaarmerkt uittreksel uit het
rompbevrachtingsregister, bedoeld in het eerste lid, is de
rompbevrachter een tarief verschuldigd van 121.
4. In afwijking van het tweede lid is
de rompbevrachter voor het aanbrengen van een wijziging die betrekking
heeft op de dagtekening of de tijdsduur van de
rompbevrachtingsovereenkomst een tarief verschuldigd van 414.
Artikel 2.11. Tarief verklaring
teboekstelling schip
Voor de werkzaamheden ten behoeve van de
afgifte van een verklaring als bedoeld in artikel 311a, eerste lid, van
het Wetboek van Koophandel of artikel 37, eerste lid, van de Maatregel
teboekgestelde schepen 1992, is de aanvrager het volgende tarief
verschuldigd:
a. indien de aanvraag betrekking
heeft op een schip dat uitsluitend of mede in de uitoefening van een
beroep of bedrijf wordt gebruikt: 266;
b. indien de aanvraag betrekking
heeft op een schip dat uitsluitend anders dan in de uitoefening van
een beroep of bedrijf wordt gebruikt: 160.
Artikel 2.12. Tarief afgifte zeebrief
Voor de werkzaamheden ten behoeve van de
afgifte van de zeebrief, bedoeld in artikel 6, derde lid, en 6a, derde
lid, van de Zeebrievenwet, of een voorlopige zeebrief als bedoeld in de
artikelen 4 en 4a van de Zeebrievenwet, is een tarief verschuldigd van
151.
Artikel 2.13. Tarief onderzoek zonder
afgifte van document
Indien de werkzaamheden ten behoeve van
de afgifte van documenten als bedoeld in deze paragraaf, buiten toedoen
van de ambtenaren van de Inspectie Verkeer en Waterstaat, niet leiden
tot afgifte van dat document, is het volgende tarief verschuldigd:
a. indien de werkzaamheden niet
volledig zijn uitgevoerd 106 per manuur;
b. indien de werkzaamheden volledig
zijn uitgevoerd, het tarief dat is vastgesteld voor werkzaamheden
ten behoeve van de afgifte van het document.
Artikel 2.14. Tarief overige
werkzaamheden
Voor werkzaamheden voortvloeiende uit het
bepaalde bij of krachtens de Wet nationaliteit zeeschepen in
rompbevrachting, de Zeebrievenwet of de Maatregel teboekgestelde schepen
1992, en waarvoor niet op grond van een van de overige artikelen van
deze paragraaf een tarief is vastgesteld, is een tarief verschuldigd van
106 per manuur.
§ 2.3. Tarieven voorkoming
verontreiniging door schepen
Artikel 2.15. Begripsbepalingen
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
a. MARPOL-verdrag: het op 2 november
1973 te Londen tot stand gekomen Internationaal Verdrag te
voorkoming van verontreiniging door schepen, met Protocollen en
Bijlagen met Aanhangsels (Trb. 1978, 188);
b. verklaring: de verklaring als
bedoeld in artikel 15, tweede lid, van het Besluit voorkoming
verontreiniging door schepen;
c. certificaat: Internationaal
certificaat van voorkoming van verontreiniging door olie, als
bedoeld in voorschrift 7 van bijlage I van het MARPOL-verdrag.
Artikel 2.16. Tarief certificaat of
verklaring
1. Voor de afgifte of tussentijdse
vervanging van een certificaat of een verklaring, is een tarief
verschuldigd van 217.
2. Voor de afgifte van een duplicaat
van een certificaat of verklaring is een tarief verschuldigd van
148.
Artikel 2.17. Tarief onderzoek schepen
1. Voor het onderzoek van geklasseerde
schepen nodig voor de afgifte van een certificaat of een verklaring,
is het tarief verschuldigd, genoemd in onderstaande tabel:
|
Scheepstype |
< 500 GT |
> 500 GT |
|
Passagiersschip |
|
|
|
Onderzoek eerste afgifte |
333 |
|
|
Onderzoek hernieuwde afgifte |
333 |
786 |
|
Aannemersmateriaal met voortstuwing |
|
|
|
Onderzoek eerste afgifte |
333 |
|
|
Onderzoek hernieuwde afgifte |
333 |
|
|
Aannemersmateriaal zonder
voortstuwing |
|
|
|
Onderzoek eerste afgifte |
333 |
|
|
Onderzoek hernieuwde afgifte |
333 |
|
|
Scheepstype |
< 500 GT |
|
Vrachtschip |
|
|
Onderzoek eerste afgifte |
1.194 |
|
Scheepstype |
< 500 GT |
< 24 m |
> 24 m |
|
Supply-en supportschip/Special
purpose schip/MODU met voortstuwing/vissersvaartuig |
|
|
|
|
Onderzoek eerste afgifte |
333 |
|
333 |
|
Onderzoek hernieuwde afgifte |
333 |
|
333 |
|
MODU zonder
voortstuwing/Hotelplatform |
|
|
|
|
Onderzoek eerste afgifte |
333 |
|
|
|
Onderzoek hernieuwde afgifte |
333 |
|
|
|
Sleepboot/Personentender/Patrouille-,peil-
en meetvaartuig |
|
|
|
|
Onderzoek eerste afgifte |
|
333 |
333 |
|
Onderzoek hernieuwde afgifte |
|
333 |
333 |
2. Voor het onderzoek van
niet-geklasseerde schepen, nodig voor het viseren of de hernieuwde
afgifte van een certificaat of een verklaring, is een tarief
verschuldigd van 500.
3. Voor het onderzoek van
niet-geklasseerde vissersvaartuigen nodig voor de eerste afgifte van
een certificaat of een verklaring, is het tarief verschuldigd van:
333 voor vissersvaartuigen kleiner dan 500 GT.
Artikel 2.18. Tarief onderzoek overige
schepen
Indien een scheepstype niet is opgenomen
in artikel 2.17, wordt voor het onderzoek nodig voor de afgifte van een
certificaat of een verklaring door de Minister van Infrastructuur en
Milieu het tarief gebaseerd op het tarief van het scheepstype dat
hiermee het meest overeenkomt.
Artikel 2.19. Tarief onderzoek
tussentijdse aanpassing
Voor het onderzoek aan boord nodig voor
een tussentijdse aanpassing van een certificaat of verklaring, is een
tarief verschuldigd van 158.
Artikel 2.20. AFS-certificaat
1. Voor het onderzoek aan boord nodig
voor de afgifte of tussentijdse aanpassing van een AFS-certificaat als
bedoeld in artikel 2, zevende lid, van verordening (EG) nr. 782/2003
van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 14
april 2003 houdende een verbod op organische tinverbindingen op
schepen (PbEU L115), is een tarief verschuldigd van 158.
2. Voor de afgifte of tussentijdse
vervanging van een AFS-certificaat is een tarief verschuldigd van
217.
3. Voor de afgifte van een duplicaat
van een AFS-certificaat is een tarief verschuldigd van 148.
Artikel 2.21. Tarieven Besluit voorkoming
verontreiniging door schepen in samenhang met Bijlage II van het
MARPOL-verdrag
1. Voor de afgifte, tussentijdse
controle of verlenging van het Internationaal certificaat van
voorkoming van verontreiniging voor het vervoer van schadelijke
vloeistoffen in bulk, als bedoeld in voorschrift 9 van Bijlage II van
het MARPOL-verdrag is een tarief verschuldigd van 217.
2. Voor de afgifte van een duplicaat
van een Internationaal certificaat als bedoeld in het eerste lid is
een tarief verschuldigd van 148.
Artikel 2.21a. Tarieven Besluit
voorkoming verontreiniging door schepen in samenhang met Bijlage IV van
het MARPOL-verdrag
1. Voor het onderzoek, als bedoeld in
artikel 16, eerste lid, onderdeel c, van het Besluit voorkoming
verontreiniging van door schepen is een tarief verschuldigd van
151.
2. Voor de afgifte of tussentijdse
vervanging van een Internationaal certificaat van voorkoming van
verontreiniging door sanitair afval, als bedoeld in voorschrift 5 van
Bijlage IV van het MARPOL-verdrag is een tarief verschuldigd van
217.
3. Voor de afgifte van een duplicaat
van een certificaat als bedoeld in het tweede lid is een tarief
verschuldigd van 148.
Artikel 2.21b. Tarieven Besluit
voorkoming verontreiniging door schepen in samenhang met Bijlage VI van
het MARPOL-verdrag
1. Voor het onderzoek aan boord nodig
voor de afgifte van een Internationaal certificaat betreffende
voorkoming van luchtverontreiniging, als bedoeld in voorschrift 6 van
Bijlage VI van het MARPOL-verdrag of een Internationaal certificaat
betreffende voorkoming van luchtverontreiniging door motoren,
behorende bij Nox-Code als bedoeld in artikel 1, onderdeel p, van het
Besluit voorkoming verontreiniging door schepen, is een tarief
verschuldigd van 136 per manuur.
2. Voor de afgifte of vervanging van
een certificaat, als bedoeld in het eerste lid is een tarief
verschuldigd van 217.
Artikel 2.22. Tarief ontheffing
havenontvangstvoorzieningen
Voor de vergoeding van de kosten die
samenhangen met een ontheffing als bedoeld in artikel 35a, van de Wet
voorkoming verontreiniging door schepen is een tarief verschuldigd van:
a. 211 voor de behandeling van de
aanvraag voor een ontheffing;
b. 217 voor de afgifte van een
ontheffing;
c. 148 voor de afgifte van een
duplicaat of gewaarmerkt afschrift van een ontheffing.
Artikel 2.22a
1. Indien een onderzoek ten behoeve van
de afgifte van een certificaat als bedoeld in deze paragraaf wordt
uitgevoerd door een erkend klassenbureau, is voor de behandeling van
de aanvraag van het certificaat een tarief verschuldigd van 69.
2. Met de behandeling van een aanvraag
als bedoeld in het eerste lid, wordt gelijkgesteld de gelijktijdige
behandeling van twee of meer aanvragen, indien de onderzoeken worden
uitgevoerd door hetzelfde klassenbureau en de tarieven voor de
aanvragen aan dezelfde aanvrager worden gefactureerd.
Artikel 2.23
Op deze paragraaf is artikel 23 van de
Regeling Nederlandse tarieven ingevolge de Schepenwet van toepassing.
§ 2.4. Tarieven monsterboekje,
vaarbevoegdheidsbewijs, erkennen opleidingsinstituten, type rating
certificate en certificaat Wet aansprakelijkheid olietankschepen
Artikel 2.24. Tarief monsterboekje
Voor de afgifte of vervanging van een
monsterboekje of een voorlopig monsterboekje als bedoeld in artikel 35
van de Zeevaartbemanningswet is een tarief verschuldigd van 70.
Artikel 2.25. Tarief
vaarbevoegdheidsbewijs
1. Voor de afgifte van een
vaarbevoegdheidsbewijs als bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de
Zeevaartbemanningswet, zijn de volgende tarieven verschuldigd:
a. 108 voor elk
vaarbevoegdheidsbewijs of een duplicaat van een
vaarbevoegdheidsbewijs, waarop ten minste ιιn van de volgende
functies voorkomt:
1°. kapitein;
2°. eerste stuurman;
3°. wachtstuurman;
4°. hoofdwerktuigkundige;
5°. tweede
scheepswerktuigkundige;
6°. wachtwerktuigkundige;
7°. eerste maritiem officier;
8°. maritiem officier;
9°. schipper zeevisvaart;
10°. plaatsvervangend schipper
zeevisvaart;
11°. stuurman zeevisvaart;
12°. werktuigkundige
zeevisvaart; of
13°. radio-operator.
b. 72 voor elk
vaarbevoegdheidsbewijs of duplicaat van een vaarbevoegdheidsbewijs
waarop de in onderdeel a genoemde functies niet voorkomen.
c. 102 voor een
vaarbevoegdheidsbewijs van erkenning als bedoeld in artikel 22,
tweede lid, van de Zeevaartbemanningswet.
2. Voor de behandeling van een aanvraag
om ontheffing van de verplichting om in het bezit te zijn van een
geldig vaarbevoegdheidsbewijs, bedoeld in artikel 25 van de
Zeevaartbemanningswet, is een tarief verschuldigd van 231.
Artikel 2.26. Tarief erkennen
opleidingsinstituten
Voor de behandeling van een aanvraag voor
de erkenning van een opleiding als bedoeld in artikel 19, tweede lid,
onder b, van de Zeevaartbemanningswet wordt een tarief in rekening
gebracht van 136 per manuur.
Artikel 2.27. Tarief type rating
certificate
Voor de afgifte of verlenging van een
type rating certificate als bedoeld in artikel 85 van het Besluit
zeevaartbemanning handelsvaart en zeilvaart is een tarief verschuldigd
van 115.
Artikel 2.28. Tarief certificaat
verplichte verzekering of andere financiλle zekerheid voor zeeschepen
Voor de behandeling van een aanvraag voor
de afgifte, waarmerking of verlenging van de geldigheidsduur van een
certificaat of een bewijs van financiλle zekerheid als bedoeld in
artikel 15 van de Wet aansprakelijkheid olietankschepen dan wel artikel
647 van boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, is de eigenaar van het schip
126 verschuldigd.
§ 2.5. Tarieven geneeskundige
verklaringen en ontheffingen zeevaart
Artikel 2.29. Begripsbepaling
In deze paragraaf wordt verstaan onder
geneeskundige verklaring:
Schriftelijke verklaring van een door de
Minister van Verkeer en Waterstaat aangewezen geneeskundige of medisch
specialist waaruit blijkt dat een bemanningslid voldoet aan de medische
eisen, bedoeld in artikel 106, eerste lid, van het Besluit
zeevaartbemanning handelsvaart en zeilvaart, onderscheidenlijk artikel
62, eerste lid, van het Besluit zeevisvaartbemanning, dan wel houdende
een bericht van afkeuring.
Artikel 2.30. Tarief verklaring algemene
lichamelijke gesteldheid
Het tarief voor de afgifte van een
geneeskundige verklaring betreffende de algemene lichamelijke
gesteldheid door een aangewezen geneeskundige bedraagt ten hoogste
83, exclusief BTW bij een uitsluitend lichamelijke keuring en ten
hoogste 127, exclusief BTW, bij een volledige keuring.
Artikel 2.31 [Vervallen per 01-03-2006]
Artikel 2.32 [Vervallen per 01-03-2006]
Artikel 2.33. Tarieven verklaring op
grond van Zeevaartbemanningswet
1. Het tarief voor de afgifte van een
geneeskundige verklaring door een op grond van artikel 42, eerste lid,
van de Zeevaartbemanningswet aangewezen scheidsrechter bedraagt ten
hoogste 127, exclusief BTW, indien een fysiek onderzoek
plaatsvindt en ten hoogste 83, exclusief BTW bij een schriftelijke
beoordeling.
2. Het tarief voor het verlenen van de
in artikel 44, tweede lid, van de Zeevaartbemanningswet bedoelde
ontheffing bedraagt ten hoogste 29, exclusief BTW.
Artikel 2.34. Vooruitbetaling
Alvorens met een onderzoek of keuring als
bedoeld in deze paragraaf wordt aangevangen, kan vooruitbetaling van het
naar verwachting verschuldigde tarief worden verlangd.
Hoofdstuk 3. Overige tarieven
Artikel 3.1. Tarieven Wet
havenstaatcontrole
1. Voor de vergoeding, bedoeld in
artikel 14, eerste lid, van de Wet havenstaatcontrole, is een tarief
verschuldigd van 1.367.
2. Voor de vergoeding, bedoeld in
artikel 14, tweede lid, van de Wet havenstaatcontrole, is een tarief
verschuldigd van 469.
Artikel 3.2. Tarief Wet laden en lossen
zeeschepen
Voor een ontheffing van een
gecertificeerd kwaliteitszorgsysteem voor terminals als bedoeld in
artikel 21, eerste lid, van de Wet laden en lossen zeeschepen, is een
tarief verschuldigd van:
a. 217 voor de afgifte van een
ontheffing;
b. 148 voor een duplicaat of
gewaarmerkt afschrift van een ontheffing.
Artikel 3.3. Tarief examen
certificaatloods
1. Voor de deelname aan het examen ter
verkrijging van een verklaring als bedoeld in artikel 5, tweede lid,
van de Loodsenwet, is een tarief verschuldigd van 263.
2. Voor de behandeling van een aanvraag
voor de afgifte of verlenging van een verklaring als bedoeld in
artikel 5, tweede lid, van de Loodsenwet, is een tarief verschuldigd
van 108.
Artikel 3.4. Tarief bemanningscertificaat
en beoordeling bemanningsplan Zeevaartbemanningswet
1. Voor de afgifte van een
bemanningscertificaat als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de
Zeevaartbemanningswet, is een tarief verschuldigd van 217.
2. Voor de beoordeling van een
bemanningsplan als bedoeld in artikel 7, eerste lid,
Zeevaartbemanningswet, is een tarief verschuldigd van 272.
3. Voor de behandeling van een aanvraag
om ontheffing van de verplichting om een schip te bemannen in
overeenstemming met het bemanningscertificaat, bedoeld in artikel 16
van de Zeevaartbemanningswet, is een tarief verschuldigd van 217.
Hoofdstuk 4. Overige bepalingen
Artikel 4.1. Vervanging documenten in
geval van scheepsongeval
Voor de vervanging van certificaten,
verklaringen of andere documenten, bedoeld in deze regeling, die door
een scheepsongeval verloren zijn gegaan, is geen vergoeding
verschuldigd.
Artikel 4.2. Toeslag onderzoek buiten
werktijd
Indien werkzaamheden geheel of
gedeeltelijk worden uitgevoerd op werkdagen tussen 18.00 en 08.00 uur,
op een zaterdag, op een zondag of op een in het Algemeen
Rijksambtenarenreglement daaraan gelijkgestelde dag, is een aanvullend
tarief per uur verschuldigd van 70 voor de werkzaamheden bedoeld in
§ 2.1, § 2.2, § 2.3 en in artikel 2.26.
Artikel 4.3. Toeslag onderzoek buiten
Nederland
1. Indien onderzoeken geheel of
gedeeltelijk buiten Nederland worden uitgevoerd, is voor de reistijd
buiten Nederland en voor de eventuele wachttijd tijdens het verblijf
buiten Nederland een aanvullend tarief per manuur verschuldigd van:
a. 106 voor onderzoeken bedoeld
in § 1.1, § 1.2, § 2.1 en§ 2.2;
b. 136 voor onderzoeken bedoeld
in § 2.3 en § 2.4.
2. Bij de berekening van de reistijd
buiten Nederland als bedoeld in het eerste lid en eventuele wachttijd
geldt een maximum van acht uren per etmaal.
3. De reis- en verblijfkosten van de
ambtenaar, ten behoeve van de in het eerste lid bedoelde onderzoeken
buiten Nederland, komen voor rekening van de aanvrager. Deze kosten
worden afzonderlijk in rekening gebracht.
4. In afwijking van het eerste lid, is
voor onderzoeken bedoeld in § 1.2 een aanvullende tarief niet
verschuldigd, indien het onderzoek plaatsvindt in Belgiλ of
Duitsland, binnen een afstand van 50 km van de Nederlands-Belgische
grens of Nederlands-Duitse grens.
5. Indien onderzoek ten behoeve van de
afgifte van een certificaat, vergunning, verklaring of document als
bedoeld in deze regeling, buiten toedoen van de ambtenaren van de
Inspectie Verkeer en Waterstaat niet volledig is uitgevoerd en niet
leidt tot de afgifte van dat document, is het geldende uurtarief
verschuldigd.
Hoofdstuk 5. Slotbepalingen
Artikel 5.1
Artikel 9 van de Regeling
havenontvangstvoorzieningen en artikel 6 van de Regeling vaartijden en
bemanningssterkte vervallen.
Artikel 5.2
De volgende regelingen worden
ingetrokken:
a. Regeling Nederlandse tarieven
vaarbevoegdheidsbewijs en type rating certificate 2004;
b. Regeling tarief examen
certificaatloods 2004;
c. Regeling tarieven examens groot
vaarbewijs 2004;
d. Regeling tarieven examens
Rijnpatent 2004;
e. Regeling tarief monsterboekje
2004;
f. Regeling tarief ontheffing
vaarbewijsplicht 2004;
g. Regeling tarief Wet
aansprakelijkheid olietankschepen 2004;
h. Regeling tarieven Besluit
aangroeiwerende verfsystemen zeeschepen 2004;
i. Regeling tarieven Besluit
voorkoming olieverontreiniging door schepen 2004;
j. Regeling tarieven Besluit
voorkoming verontreiniging door met schepen in bulk vervoerde
schadelijke vloeistoffen 2004;
k. Regeling tarieven controle
radarinstallaties en bochtaanwijzers Rijnvaart 2004;
l. Regeling tarieven meting schepen,
inschrijving rompbevrachtingsregisters en afgifte zeebrief en
verklaring nationaliteit;
m. Regeling tarieven onderzoek
binnenschepen 2004;
n. Regeling tarieven Rijnpatenten,
dienstboekjes, vaartijdenboek en verklaring vaartijdenboek 2004;
o. Regeling tarieven Reglement
radarpatenten 2004;
p. Regeling tarieven Wet
havenstaatcontrole 2004;
q. Regeling vergoedingen binnenvaart
2004;
r. Regeling vaststelling kosten
behandeling aanvrage vaarbewijzen 2004.
Artikel 5.3
1. Indien het bij koninklijke boodschap
van 3 juli 2003 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Wet
voorkoming verontreiniging door schepen, de Wet verontreiniging
zeewater en de Scheepvaartverkeerswet in verband met de instelling van
de Nederlandse exclusieve economische zone en enkele andere
onderwerpen (28 984) tot wet is verheven en artikel I, onderdeel U,
van die wet in werking treedt:
a. berust deze regeling na die
inwerkingtreding mede op artikel 40, tweede lid, van de Wet
voorkoming verontreiniging door schepen;
b. [Wijzigt deze regeling]
2. Indien de Wet laden en lossen
zeeschepen in werking is getreden, berust deze regeling na die
inwerkintreding mede op artikel 23, tweede lid, van die wet.
Artikel 5.4
Deze regeling treedt in werking met
ingang van 1 januari 2005, met uitzondering van artikel 3.2. dat
inwerking treedt op het tijdstip waarop de Wet laden en lossen
zeeschepen in werking treedt.
Artikel 5.5
Deze regeling wordt aangehaald als:
Regeling tarieven scheepvaart 2005.
Deze
regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden
geplaatst.
De Minister
van Verkeer en Waterstaat,
K.M.H.
Peijs.
|