BESLUIT van 28 september 1992, houdende begripsomschrijving van het
indexcijfer der lonen
WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Justitie van 14 juli
1992, Stafafdeling Wetgeving Privaatrecht, nr. 220092/92/6;
Gelet op artikel 402a, derde lid, van Boek 1 van het
Burgerlijk Wetboek alsmede artikel II van de Wet van 9 september 1992, Stb.
1992, 484, houdende wijziging van artikel 402a van Boek 1 van het
Burgerlijk Wetboek (aanpassing indexeringsmechanisme);
De Raad van State gehoord (advies van 31 juli 1992,
nr. W03.92.0326);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Justitie van 22
september 1992, Stafafdeling Wetgeving Privaatrecht, nr. 253962/92/6;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
Onder indexcijfer der lonen, bedoeld in artikel 402a van Boek
1 van het Burgerlijk Wetboek, wordt verstaan het indexcijfer van CAO-lonen
per maand, inclusief bijzondere beloningen, zoals dat wordt berekend
door het Centraal Bureau voor de Statistiek naar de stand op de laatste
werkdag van elke kalendermaand en voor de eerste maal, al dan niet
voorlopig, wordt bekendgemaakt door het Centraal Bureau voor de
Statistiek.
Artikel 2
1. Dit besluit, alsmede de Wet van 9 september 1992, Stb.
484, houdende wijziging van artikel 402a van Boek 1 van het
Burgerlijk Wetboek (aanpassing indexeringsmechanisme), treden in
werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad
waarin dit besluit wordt geplaatst en worden voor het eerst toegepast
ter vaststelling van de wijziging bedoeld in artikel 402a,
eerste lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek die ingaat op 1
januari 1993.
2. Met ingang van de in het eerste lid genoemde datum vervalt het
Besluit van 3 november 1982, Stb. 614, houdende
begripsomschrijving indexcijfer der lonen en nadere regelen voor de
indexering van uitkeringen voor levensonderhoud.
Lasten en bevelen dat dit besluit met daarbij behorende nota van
toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan
afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
's-Gravenhage, 28 september 1992
BEATRIX
De Staatssecretaris van Justitie,
A. Kosto
Uitgegeven de negenentwintigste september 1992
De Minister van Justitie a.i.,
C.I. Dales