| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Boek 2 Burgerlijk
Wetboek (Boek 2 BW)
GARANTSTELLINGSREGELING
CURATOREN
Tekst zoals deze geldt op
4 februari 2009
Verwijderd
uit ons regelingenbestand
|
|
|
De
Staatssecretaris van Justitie;
Gelet op de artikelen 138 lid 1 en 248 lid 10 van
Boek 2 van het
Burgerlijk Wetboek;
Overwegende dat het wenselijk is enige regels te stellen voor de
beoordeling van de gegrondheid van verzoeken als bedoeld in de hiervoor
vermelde wetsbepalingen en de grenzen waarbinnen zodanige verzoeken
kunnen worden toegewezen;
Heeft besloten als volgt:
Artikel 1
Een verzoek als bedoeld in de artikelen 138, lid 10, en 248, lid 10,
van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt, met gebruikmaking van de
als bijlage bij dit besluit behorende vragenlijst, ingediend bij de
Staatssecretaris van Justitie, door tussenkomst van de
rechter-commissaris die het verzoek van zijn advies voorziet.
Artikel 2
Een verzoek als bedoeld in artikel 1 wordt afgewezen indien:
1. daaruit niet blijkt dat de boedel ontoereikend is voor het
instellen van een rechtsvordering of voor het instellen van een
voorafgaand onderzoek daartoe, of
2. het niet de gronden bevat waarop het berust, of
3. het geen beredeneerde schatting bevat van de kosten en de
omvang van het onderzoek, of
4. het onvoldoende, kennelijk onjuiste of onvolledige gegevens
bevat, of
5. daaruit blijkt dat de hoogte van de verzochte garantstelling
in geen redelijke verhouding staat tot de hoogte van het, eventueel
na een terzake ingesteld onderzoek, redelijkerwijs te verwachten
bedrag dat door de inspanningen van de verzoeker kan worden
verhaald.
Artikel 3
1. Een voorschot als bedoeld in de
artikelen 138, lid 10, en 248, lid 10, van Boek 2 van het Burgerlijk
Wetboek geschiedt in de vorm van een garantstelling ten behoeve van een
door de curator bij een bankinstelling speciaal daartoe te openen
rekening-courant.
2. De garantstelling wordt gegeven tot een bedrag, nodig voor het
instellen van een rechtsvordering of voor het onderzoek naar de
mogelijkheid daartoe. Onder het bedrag is begrepen een vergoeding voor
de door de verzoeker aan de zaak te besteden tijd en voor zijn
verschotten waaronder de proceskosten waarin hij mogelijk jegens de
wederpartij wordt veroordeeld.
3. De vaststelling van de garantstelling geschiedt overeenkomstig
de Richtlijn voor de vaststelling van salarissen en verschotten van
curatoren in faillissementen en bewindvoerders in (voorlopige)
surséances van betaling (welke laatstelijk is gepubliceerd als bijlage
bij het Advocatenblad van 28 september 1990 no. 17, althans zoals deze
geldt ten tijde van toepassing van de regeling).
4. In verband met de berekening van de garantstelling kunnen
nadere gegevens of bewijsstukken van de verzoeker worden verlangd.
Artikel 4
1. Gedurende de looptijd van de
garantstelling dient de verzoeker tenminste éénmaal per zes maanden
verslag uit te brengen aan de Staatssecretaris van Justitie, door
tussenkomst van de rechter-commissaris, omtrent de stand van zaken. Aan
de hand van deze periodieke verslaggeving wordt besloten tot al dan niet
voortzetting van de garantstelling. Een besluit om tot niet-voortzetting
van de garantstelling over te gaan wordt eerst genomen nadat hierover
met de rechter-commissaris overleg is gepleegd.
2. Na beëindiging van de werkzaamheden terzake waarvan de
garantstelling is verleend, legt de verzoeker zo spoedig mogelijk
(financiële) rekening en verantwoording af, welke aan de
Staatssecretaris van Justitie ter goedkeuring dient te worden
voorgelegd.
Artikel 5
Indien de procedure tot aansprakelijkstelling leidt tot baten voor de
boedel dienen deze baten te worden aangewend, alvorens (verder) gebruik
te maken van de verleende garantstelling, ter bestrijding van de kosten
die voortvloeien uit het voortzetten van de procedure. Indien daarvan
geen sprake is of, na voortzetting of beëindiging van de procedure,
dient een eventueel overschot aan baten, ter delging van de debetstand
op de rekening-courant te worden aangewend.
Artikel 6
1. Afschriften van beschikkingen, genomen
op grond van het onderhavige besluit, worden gezonden aan de
rechter-commissaris.
2. Beschikkingen, gegevens op grond van dit besluit, geschieden
in de vorm van een brief waarin de gronden zijn opgenomen en waarin
melding wordt gemaakt van de wijze en de termijn waarbinnen tegen de
beschikking bezwaar kan worden gemaakt.
Artikel 7
1. Deze regeling wordt aangehaald als:
Garantstellingsregeling curatoren.
2. Deze regeling zal worden gepubliceerd in de Staatscourant en
treedt in werking met ingang van de vijfde dag na de dagtekening van de
Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
De Staatssecretaris van Justitie,
A. Kosto.
|
|
|