|
Uitvoering artikel 58,
tweede lid, van de Pachtwet (voor Utrecht)
De Minister van Landbouw en
Visserij;
Gelet op artikel 58, derde lid, van de Pachtwet,
Besluit:
Goed te keuren onderstaand krachtens artikel 58, tweede lid, van de
Pachtwet door de Grondkamer voor Utrecht genomen besluit.
De Grondkamer voor Utrecht,
Gelet op artikel 58, tweede lid, van de Pachtwet,
Besluit:
Artikel 1
De bepaling van de artikelen 2-12, 30, derde lid, 31, 33, 36-48, 49
en 54, tweede tot en met elfde lid, van de Pachtwet zijn in de provincie
Utrecht ook van toepassing op pachtovereenkomsten betreffende los land
met een oppervlakte van 15 tot 25 are, indien dit land gebruikt wordt
voor de tuinbouw, daaronder begrepen fruitteelt en het kweken van bomen,
bloemen en bloembollen.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag, volgende op die
zijner afkondiging in de Nederlandse Staatscourant.
Aldus vastgesteld in de vergadering van de grondkamer van 16 mei
1962.
De Secretaris,
L.M. Rutgers van Rozenburg.
De voorzitter,
Middelweerd.
's-Gravenhage, 27 augustus 1962.
De Minister van Landbouw en Visserij,
V.G.M. Marijnen.
|