|
REGELING tot vaststelling van de bedragen per eenheid voor de
uitkering uit het gemeentefonds over het uitkeringsjaar 2005
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken
en Koninkrijksrelaties;
Handelende in overeenstemming met de Minister
van Financiën;
Gelet op artikel 9 van de Financiële-verhoudingswet
en artikel 6 van de Invoeringswet Financiële-verhoudingswet;
Stelt vast:
Artikel 1
Voor het
uitkeringsjaar 2005 worden de bedragen per eenheid, bedoeld in artikel
9 van de Financiële-verhoudingswet, vastgesteld
overeenkomstig bijlage 1 bij deze regeling.
Artikel 2
Voor het
uitkeringsjaar 2005 worden de bedragen, bedoeld in artikel
6 van de Invoeringswet Financiële-verhoudingswet,
vastgesteld overeenkomstig bijlage 2 bij deze regeling.
Artikel 3
Deze regeling treedt
in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de
Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Deze
regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden
geplaatst.
De Staatssecretaris
van Binnenlandse Zaken en
Koninkrijksrelaties,
voor deze:
de directeur Bestuurlijke en Financiële
Organisatie,
P.P.L.
van Kalmthout.
Bijlage 1
De bedragen per eenheid, bedoeld in
artikel 9 van de Financiële-verhoudingswet, over het uitkeringsjaar
2005 (bijlage bij artikel 1)
|
Nr.
|
Maatstaven
|
|
|
1
|
OZB (per eenheid
van € 2268)
|
–4,01
|
|
2
|
Inwoners
|
140,50
|
|
3
|
Inwoners
*bodemfactor buitengebied
|
0,66
|
|
4
|
Jongeren
|
186,15
|
|
5
|
Ouderen
|
26,03
|
|
6-a
|
Inwoners
Waddengemeenten, eerste schijf
|
188,32
|
|
6-b
|
Inwoners
Waddengemeenten, tweede schijf
|
147,19
|
|
6-c
|
Inwoners
Waddengemeenten, derde schijf
|
32,38
|
|
7
|
Lage inkomens
|
334,86
|
|
8
|
Bijstandsontvangers
|
393,39
|
|
9
|
Uitvoeringskosten
bijstand
|
1.096,70
|
|
10
|
Schaalfactor
bijstand
|
217.593,22
|
|
11
|
Uitkeringsontvangers
|
144,72
|
|
12
|
Minderheden
|
269,26
|
|
13
|
Klantenpotentieel
lokaal
|
62,20
|
|
14
|
Klantenpotentieel
regionaal
|
25,65
|
|
15
|
Leerlingen
|
242,19
|
|
15-a
|
Extra leerlingen
streekscholen
|
80,73
|
|
15-b
|
Extra groei
leerlingen VO
|
145,63
|
|
15-c
|
Extra groei
jongeren
|
104,65
|
|
16
|
Land
|
33,61
|
|
17
|
Land *percentage
slechte grond
|
0,89
|
|
18
|
Land *bodemfactor
gemeente
|
21,09
|
|
19
|
Binnenwater
|
29,79
|
|
20
|
Buitenwater
|
23,07
|
|
21
|
Oppervlak
bebouwing
|
585,36
|
|
22
|
Oppervlak
bebouwing woonkern *bodemfactor woonkern
|
3.210,59
|
|
23
|
Oppervlak
bebouwing buitengebied *bodemfactor buitengebied
|
1.510,87
|
|
24
|
Woonruimten
|
157,78
|
|
25
|
Woonruimten
*bodemfactor woonkern
|
30,87
|
|
26
|
Woonruimten
*percentage slechte grond
|
32,66
|
|
27-a
|
Historische
kernen, eerste groep
|
6.700,22
|
|
27-b
|
Historische
kernen, tweede groep
|
10.477,07
|
|
27-c
|
Historische
kernen, derde groep
|
19.064,30
|
|
28
|
Historische
waterweg
|
15,11
|
|
29
|
Bewoonde oorden
1930
|
31,76
|
|
30
|
Historische
woningen in bewoonde oorden
|
87,37
|
|
31-a
|
ISV, onderdeel a
|
22.207.381,03
|
|
31-b
|
ISV, onderdeel b
|
12.616.890,15
|
|
32
|
Omgevingsadressendichtheid
(per 1000 eenheden)
|
49,15
|
|
33
|
Omgevingsadressendichtheid
*percentage slechte grond
|
–1,02
|
|
34
|
Oeverlengte
*bodemfactor gemeente
|
7,50
|
|
35
|
Oeverlengte
*bodemfactor gemeente *dichtheidsfactor
|
3,75
|
|
36
|
Meerkernigheid
|
6.261,25
|
|
37
|
Meerkernigheid
*bodemfactor buitengebied
|
13.220,05
|
|
38
|
Bedrijfsvestigingen
|
103,39
|
|
39
|
Vast bedrag voor
iedere gemeente
|
231.166,68
|
|
40
|
Vast bedrag voor
Amsterdam
|
173.637.638,12
|
|
41
|
Vast bedrag voor
Rotterdam
|
116.170.126,86
|
|
42
|
Vast bedrag voor
Den Haag
|
86.300.675,34
|
|
43
|
Vast bedrag voor
Utrecht
|
40.937.809,50
|
|
44
|
Vast bedrag voor
de Waddengemeenten
|
149.364,26
|
|
45-a
|
Herindeling,
onderdeel a (basisbedrag)
|
1.585.065,00
|
|
45-b
|
Herindeling,
onderdeel b (per inwoner)
|
53,29
|
|
46
|
Omvangrijke opgave
woningbouw
|
481,14
|
Bijlage 2
De bedragen per eenheid, bedoeld in
artikel 6, derde lid, van de Invoeringswet Financiële-verhoudingswet
over het uitkeringsjaar 2005 (bijlage bij artikel 2)
|
Omschrijving
|
Bedragen
(euro’s)
|
|
De letter D,
opgenomen in de formule in artikel
3.15.1 van het Besluit verfijningen algemene uitkering 1984
(indien aansluitingen gemaakt in of na 1983)
|
36,76
|
|
De letter D,
opgenomen in de formule in artikel
3.15.1 van het Besluit verfijningen algemene uitkering 1984
(indien aansluitingen gemaakt in 1982)
|
15,88
|
|
De letter D,
opgenomen in de formule in artikel
3.15.1 van het Besluit verfijningen algemene uitkering 1984
(indien aansluitingen gemaakt in of na 1975 en vóór 1982)
|
9,07
|
|