| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Gezondheids- en
welzijnswet voor dieren (Gwwd)
BESLUIT
INZAKE HET IN DE HANDEL BRENGEN
VAN DIEREN EN PRODUCTEN EN DE
TOEPASSING VAN MAATREGELEN MET BETREKKING
TOT IN NEDERLAND GEBRACHTE DIEREN EN
PRODUCTEN
Tekst zoals deze geldt op
7 februari 2009
Verwijderd
uit ons regelingenbestand
|
|
|
BESLUIT van 4 mei 1994, houdende het in de handel brengen van dieren
en producten van dierlijke oorsprong en de toepassing van maatregelen
met betrekking tot in Nederland gebrachte dieren en producten
WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer
en Visserij van 13 december 1993, nr. J. 9319 743, Directie Juridische
en Bedrijfsorganisatorische Zaken;
Gelet op Richtlijn nr. 89/662/EEG van de Raad van de Europese
Gemeenschappen van 11 december 1989 inzake veterinaire controles in het
intracommunautaire handelsverkeer in het vooruitzicht van de
totstandbrenging van de interne markt (PbEG L 395), Richtlijn nr. 90/425/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 26 juni
1990 inzake veterinaire en zoötechnische controles in het
intracommunautaire handelsverkeer in bepaalde levende dieren en
produkten in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne
markt (PbEG L 224), Richtlijn nr. 90/675/EEG van de Raad van de
Europese Gemeenschappen van 10 december 1990 tot vaststelling van de
beginselen voor de organisatie van de veterinaire controles voor
produkten uit derde landen die in de Gemeenschap worden binnengebracht (PbEG L 373), Richtlijn nr. 91/496/EEG van de Raad van de Europese
Gemeenschappen van 15 juli 1991 tot vaststelling van de beginselen voor
de organisatie van de veterinaire controles voor dieren uit derde landen
die in de Gemeenschap worden binnengebracht en tot wijziging van de
Richtlijnen 89/662/EEG, 90/425/EEG en 90/675/EEG (PbEG L 268),
Beschikking nr. 93/13/EEG van de Commissie van de Europese
Gemeenschappen van 22 december 1992 tot vaststelling van de procedures
voor de veterinaire controles in de inspectieposten aan de grens van de
Gemeenschap bij het binnenbrengen van produkten uit derde landen (PbEG L 9) en Beschikking nr. 93/14/EEG van de Commissie van de
Europese Gemeenschappen van 23 december 1992 tot vaststelling van
uitvoeringsbepalingen inzake de veterinaire controles van produkten uit
derde landen in vrije entrepots, vrije zones en douane-entrepots,
alsmede tijdens het vervoer van een derde land naar een ander derde land
via de Gemeenschap (PbEG L 9);
Gelet op de artikelen 78, 108 en 111 van de Gezondheids- en
welzijnswet voor dieren;
Gezien het advies van de Raad voor Dierenaangelegenheden, het
Landbouwschap, het Produktschap Vee en Vlees, het Produktschap voor
Pluimvee en Eieren, het Produktschap voor Vis en Visprodukten, het
Bedrijfschap voor de Pluimveehandel en -industrie en het Bedrijfschap
voor de Handel in Vee;
De Raad van State gehoord (advies van 28 maart 1994,
nr.
W11.93.0834);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Landbouw,
Natuurbeheer en Visserij van 25 april 1994, nr. J. 946060, Directie
Juridische en Bedrijfsorganisatorische Zaken;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. richtlijn nr. 89/662/EEG: Richtlijn van de Raad van de
Europese Gemeenschappen van 11 december 1989 inzake veterinaire
controles in het intracommunautaire handelsverkeer in het
vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt (PbEG
L 395);
b. richtlijn nr. 90/425/EEG: Richtlijn van de Raad van de
Europese Gemeenschappen van 26 juni 1990 inzake veterinaire en
zoötechnische controles in het intracommunautaire handelsverkeer in
bepaalde levende dieren en producten in het vooruitzicht van de
totstandbrenging van de interne markt (Pb EG L 224);
c. richtlijn nr. 97/78/EG: richtlijn nr. 97/78/EG van de Raad van
de Europese Unie van 18 december 1997 tot vaststelling van de
beginselen voor de organisatie van de veterinaire controles voor
producten die uit derde landen in de Gemeenschap worden binnen
gebracht (PbEG 1998, L 24);
d. richtlijn nr. 91/496/EEG: Richtlijn van de Raad van de
Europese Gemeenschappen van 15 juli 1991 tot vaststelling van de
beginselen voor de organisatie van de veterinaire controles voor
dieren uit derde landen die in de Gemeenschap worden binnengebracht
en tot wijziging van de Richtlijnen 89/662/EEG, 90/425/EEG en
90/675/EEG (Pb EG L 268);
e. belanghebbende bij de lading: belanghebbende bij de lading als
bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel e, van richtlijn nr.
97/78/EG;
f. wet: Gezondheids- en welzijnswet voor dieren.
Artikel 2
1. Onze Minister kan, ter uitvoering van de richtlijnen nrs.
89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG en 97/78/EG, de door de Commissie
van de Europese Gemeenschappen op grond van richtlijn nr. 97/78/EG
vastgestelde uitvoeringsbepalingen, alsmede ter uitvoering van de
besluiten, bedoeld in artikel 33, tweede zin, van richtlijn nr.
97/78/EG, onder nader door hem te stellen regelen bepalen dat, indien
dieren of producten van dierlijke oorsprong op grond van het bepaalde
krachtens artikel 10 van de wet dan wel op grond van de artikelen 8
of 9, eerste en tweede lid, van het Fokkerijbesluit of van het
bepaalde krachtens de artikelen 7, tweede lid, 9, vierde lid,
of 10 van laatstgenoemd besluit, niet in Nederland hadden mogen
worden gebracht:
a. voor rekening van de belanghebbende bij de lading:
– producten van dierlijke oorsprong voor andere doeleinden dan
de menselijke consumptie worden gebruikt;
– producten van dierlijke oorsprong worden teruggezonden naar
een plaats die buiten het in bijlage I van richtlijn nr. 97/78/EG
omschreven grondgebied is gelegen dan wel worden vernietigd;
b. voor rekening van de importeur of diens gemachtigde:
– dieren worden ondergebracht, gevoerd, gedrenkt en verzorgd;
– dieren in tijdelijke afzondering worden geplaatst;
– dieren worden doorgezonden naar een plaats die buiten het in
bijlage I van richtlijn nr. 97/78/EG omschreven grondgebied is
gelegen, worden geslacht dan wel gedood en vernietigd;
c. voor rekening van de verzender, diens gemachtigde of degene die
met de zorg van de dieren of de producten van dierlijke oorsprong is
belast:
- dieren in tijdelijke afzondering worden geplaatst:
- dieren worden gedood en vernietigd of producten van dierlijke
oorsprong worden vernietigd;
- dieren of producten van dierlijke oorsprong onder toezicht van
een door Onze Minister aangewezen ambtenaar worden geplaatst;
- dieren worden geslacht;
- dieren of producten van dierlijke oorsprong worden
teruggezonden;
d. voor rekening van de afnemer:
- producten van dierlijke oorsprong worden vernietigd;
-producten van dierlijke oorsprong worden teruggezonden;
- producten van dierlijke oorsprong voor andere doeleinden worden
gebruikt dan waarvoor ze zijn bestemd.
2. Onze Minister kan ter uitvoering van het eerste lid afwijken
van artikel 106 van de wet in die zin, dat hij kan bepalen dat de in die
leden genoemde maatregelen worden genomen zonder vergoeding van
Staatswege.
Artikel 3
Onze Minister kan onder nader door hem te stellen regelen bepalen dat
de maatregelen worden genomen die de Commissie van de Europese
Gemeenschappen op grond van artikel 8, eerste lid, onderdeel a,
laatste alinea, van richtlijn nr. 90/425/EEG en van artikel 7, eerste
lid, onderdeel a, laatste alinea, van richtlijn nr. 89/662/EEG
heeft vastgesteld.
Artikel 4
1. Ter uitvoering van de artikelen 12 en 13 van richtlijn nr.
97/78/EG, ter uitvoering van de door de Commissie van de Europese
Gemeenschappen op grond van die artikelen vastgestelde
uitvoeringsbepalingen, alsmede ter uitvoering van de besluiten,
bedoeld in artikel 33, tweede zin, van richtlijn nr. 97/78/EG, stelt
Onze Minister regelen met betrekking tot:
a. de inslag in, de opslag in, alsmede de uitslag uit een entrepot
in een vrije zone, een vrij entrepot of een douane-entrepot van
producten van dierlijke oorsprong of andere producten die dragers van
smetstof kunnen zijn;
b. de behandeling van producten van dierlijke oorsprong of andere
producten die dragers van smetstof kunnen zijn tijdens de opslag als
bedoeld in onderdeel a;
c. de erkenning van entrepots als bedoeld in onderdeel a.
2. Ter uitvoering van artikel 13 van richtlijn nr. 97/78/EG en
ter uitvoering van de door de Commissie van de Europese Gemeenschappen
op grond van dat artikel vastgestelde uitvoeringsbepalingen, stelt Onze
Minister regelen met betrekking tot de erkenning van handelaren die
rechtstreeks producten van dierlijke oorsprong leveren als proviand voor
bemanning en passagiers aan zeevervoermiddelen.
3. Onze Minister heft, onder nader door hem te stellen regelen en
overeenkomstig een door hem vastgesteld tarief, bij de belanghebbende
bij de lading een vergoeding van kosten ter zake van:
a. de controles die worden verricht, op grond van de krachtens het
eerste lid, onderdeel a, gestelde regelen, bij de inslag in of de
uitslag uit een entrepot van producten als bedoeld in het eerste lid,
onderdeel a;
b. de verlening en de instandhouding van de erkenningen, bedoeld in
het eerste lid, onderdeel c.
Artikel 5
Onze Minister kan ter uitvoering van krachtens het Verdrag tot
oprichting van de Europese Gemeenschap vastgestelde verplichtingen
inzake de diergezondheid regelen stellen met betrekking tot het in
Nederland in de handel brengen van dieren en producten van dierlijke
oorsprong.
Artikel 6 [Vervallen per 01-01-1998]
Artikel 7 [Vervallen per 01-01-1998]
Artikel 8
Onze Minister kan ter uitvoering van de richtlijnen nrs. 89/662/EEG,
90/425/EEG, 97/78/EG en 91/496/EEG regelen stellen inzake
veterinairrechtelijke of zoötechnische controles.
Artikel 9
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving]
Artikel 10
1. Een wijziging van één of meer onderdelen van de in artikel
1 genoemde richtlijnen treedt voor de toepassing van de artikelen van
dit besluit, waarin naar die onderdelen wordt verwezen, in werking met
ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn
uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit, dat in
de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt
vastgesteld.
2. Een wijziging van één of meer onderdelen van de in artikel 1
genoemde beschikkingen treedt voor de toepassing van de artikelen van
dit besluit, waarin naar die onderdelen wordt verwezen, in werking met
ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsbeschikking
uitvoering moet zijn gegeven.
3. Onze Minister doet van een wijzigingsrichtlijn of -beschikking
als bedoeld in het eerste en tweede lid mededeling in de Staatscourant.
Artikel 11
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit inzake het in de handel
brengen van dieren en producten en de toepassing van maatregelen met
betrekking tot in Nederland gebrachte dieren en producten.
Artikel 12
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te
bepalen tijdstip.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij
behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden
geplaatst.
's-Gravenhage, 4 mei 1994
BEATRIX
De Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en
Visserij,
J.D. Gabor
Uitgegeven de negentiende mei 1994
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
|
|
|