| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Instellingswet WRR
BESLUIT
VASTSTELLING ORGANISATIE EN TAAKVERDELING AZ
Tekst zoals deze geldt op
8 februari 2009
Verwijderd
uit ons regelingenbestand
|
|
|
De Minister van
Algemene Zaken;
Gelet op het Koninklijk besluit van 11 oktober 1947,
nr. H 346, tot
instelling van een Departement van Algemeen Bestuur, dat de naam zal
dragen van Ministerie van Algemene Zaken;
Gelet op het Koninklijk besluit van 4 augustus 1971,
nr. 526,
houdende de wijziging van de taakverdeling van departementen;
Gelet op het Koninklijk besluit van 13 december 1965, houdende
regeling van de berichtgeving betreffende het Koninklijk Huis, Stb. 554, 1965;
Gelet op de Wet van 30 juni 1976 tot instelling van een
Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (Instellingswet WRR);
Overwegende dat een duidelijke organisatie en toewijzing van taken
binnen het ministerie van Algemene Zaken van belang is voor de
bedrijfsvoering;
Besluit:
Artikel I. Kabinet Minister-President
1. In te stellen het Kabinet
Minister-President, rechtstreeks ressorterend onder de
secretaris-generaal van Algemene Zaken.
2. Het Kabinet Minister-President te belasten met:
A. Adviseren en ondersteunen van de minister-president bij de
uitvoering van de hem opgedragen taken.
B. Verzorgen van het secretariaat van de Raad van Ministers,
alsmede de secretariaten van de onderraden en dat van het SG-beraad.
C. Coördinatie van aangelegenheden met betrekking tot de
Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten.
Artikel II. Centrale afdeling Personeel en
Organisatie
1. In te stellen een centrale afdeling
Personeel en Organisatie.
2. De centrale afdeling Personeel en Organisatie te belasten met:
A. Ontwikkelen van een departementaal personeels- en
organisatiebeleid.
B. Informeren, adviseren en ondersteunen van het hoofd van het
departement op personeels- en organisatiegebied.
C. Informeren, adviseren en ondersteunen van de directeuren en de
lagere lijnchefs bij de uitvoering van hun taak.
D. Het ontwikkelen van het ARBO-beleid.
E. Informeren, adviseren en ondersteunen van de individuele
medewerkers.
Artikel III. Centrale afdeling
Financieel-Economische Zaken
1. In te stellen een centrale afdeling
Financieel-Economische Zaken.
2. De centrale afdeling Financieel-Economische Zaken te belasten
met de taken genoemd in het koninklijk besluit `Taak centrale directies
financieel economische zaken bij de ministeries' van 19 december 1991,
waaronder:
A. Coördinatie van de totstandkoming van de departementale
begroting en de meerjarencijfers.
B. Zorg dragen voor een ordelijke en controleerbare financiële
infrastructuur.
C. Toezicht op de doelmatige en rechtmatige besteding van middelen.
D. Verzorgen van de centrale begrotings- en financiële
administratie.
E. Adviseren en ondersteunen m.b.t. de financieel-economische en
bedrijfseconomische aspecten van de bedrijfsvoering en de beheersing
van de bedrijfsprocessen.
Artikel IV. Centrale afdeling Facilitaire
Zaken
1. In te stellen de centrale afdeling
Facilitaire Zaken.
2. De centrale afdeling Facilitaire Zaken te belasten met:
A. Ontwikkelen, adviseren en ondersteunen van het facilitaire
beleid.
B. Zorgdragen voor beveiliging, vervoer en verzorging van personen,
documenten en berichten.
C. Het aanbieden, beheren en onderhouden van adequate
huisvestingsfaciliteiten (gebouwen en werkplekken).
D. De organisatie van de bedrijfshulpverlening.
Artikel V. Centrale afdeling Informatie en
Communicatie Technologie
1. In te stellen de centrale afdeling
Informatie en Communicatie Technologie.
2. De centrale afdeling Informatie en Communicatie Technologie te
belasten met:
A. Ontwikkelen, adviseren en ondersteunen van het informatie- en
communicatietechnologiebeleid.
B. Het adviseren en ondersteunen van het management bij de
ontwikkeling en het onderhoud van ICT-projecten.
C. Het beheren en onderhouden van de ICT-infrastructuur.
D. Het ontwikkelen, adviseren en ondersteunen van het
informatiebeveiligingsbeleid.
E. Het ondersteunen van de gebruikers en het verzorgen van de
kantoorautomatisering en de telefonie.
Artikel VI [Vervallen per 01-07-2002]
Artikel VII. Bureau van de Wetenschappelijke
Raad voor het Regeringsbeleid
1. Het Bureau van de Wetenschappelijke
Raad voor het Regeringsbeleid te belasten met de ondersteuning van de
raad en zijn leden bij de voorbereiding en totstandkoming van rapporten
aan de regering, in welk verband de navolgende in het bijzonder zijn te
noemen:
A. Uitvoeren van onderzoek op voor het raadswerk relevante
gebieden, alsmede het begeleiden van extern onderzoek in opdracht van
de raad.
B. Onderhouden van contacten met voor het raadswerk relevante
personen in bestuur en wetenschap.
C. Bevorderen van de doorwerking van rapporten in zowel
bestuurlijke als de wetenschappelijke sfeer.
D. Voorlichting en communicatie met betrekking tot de activiteiten
van de raad.
Artikel VIII. Bekendmaking
Afschrift van dit besluit zal worden gezonden aan de Algemene
Rekenkamer, de Staatscourant, de hoofden van de in I t/m VII genoemde
diensten, de Bijzondere Commissie en de Ondernemingsraad.
De Minister van Algemene Zaken,
W. Kok.
|
|
|