|
De Staatssecretaris van Financiën:
Gelet op de artikelen XVIII, derde lid, XIX,
tiende lid, en XX, vijfde lid, van de Invoeringswet Wet op de accijns (Stb.
1991, 740);
Besluit:
Artikel 1
Deze regeling geeft
uitvoering aan de artikelen
XVIII, derde lid, XIX,
tiende lid en XX,
vijfde lid, van de Invoeringswet Wet op de accijns (Stb.
1991, 740).
Artikel 2
Deze regeling verstaat
onder:
- a. wet:
-
Wet
op de accijns (Stb. 1991, 561);
- b.
invoeringswet:
-
Invoeringswet
Wet op de accijns.
Artikel 3
Op daartoe gedaan
verzoek bepaalt de inspecteur dat het tarief, vermeld in artikel
XVIII, tweede lid, van de invoeringswet, reeds bij de
aanvang van het kalenderjaar toepassing vindt, mits:
- a.
- de
vergunninghouder van de accijnsgoederenplaats waar het bier
wordt vervaardigd ten genoegen van de inspecteur aannemelijk
maakt dat de totale jaarproduktie in dat kalenderjaar niet
meer zal bedragen dan 90 000 hectolitergraden wordt;
- b.
- de totale
jaarproduktie in het voorafgaande kalenderjaar, indien de
accijnsgoederenplaats waar het bier wordt vervaardigd in dat
jaar in werking is geweest, niet meer heeft bedragen dan 90
000 hectolitergraden wordt;
- c.
- de
vergunninghouder van de accijnsgoederenplaats waar het bier
wordt vervaardigd verklaart dat indien de totale
jaarproduktie in het kalenderjaar meer heeft bedragen dan 90
000 hectolitergraden wordt, hij het bedrag aan accijns,
voortvloeiende uit een herrekening op basis van het tarief
van artikel XVIII, eerste
lid, van de invoeringswet uiterlijk tien dagen na
daartoe gedane uitnodiging zal voldoen.
Artikel 4
- 1.
- De hoeveelheid van
het wort van een brouwsel wordt opgenomen terwijl dit zich
nog in de bierketel en de wachtbakken bevindt, nadat het
koken is afgelopen.
- 2.
- Nadat uit de
bevonden vloeistofhoogte de hoeveelheid is afgeleid, wordt
daarop een vermindering toegepast die bedraagt bij een
temperatuur van de vloeistof:
|
> 98°C
...................................................................
|
4,2 percent
|
|
> 90 t/m 98°C
.......................................................
|
3,8 percent
|
|
> 80 t/m 90°C
.......................................................
|
3,1 percent
|
|
> 70 t/m 80°C
.......................................................
|
2,4 percent
|
|
> 60 t/m 70°C
.......................................................
|
1,8 percent
|
|
> 50 t/m 60°C
.......................................................
|
1,3 percent
|
|
> 40 t/m 50°C
.......................................................
|
0,9 percent
|
|
> 30 t/m 40°C
.......................................................
|
0,5 percent
|
Artikel 5
- 1.
- Ter bepaling van
het verschil tussen de dichtheid van het wort en de
dichtheid van zuiver water, wordt een monster van het wort
afgekoeld tot een temperatuur tussen 10 en 25°C, waarbij de
temperatuur van 17,5°C zoveel mogelijk moet worden
benaderd. Vervolgens wordt van het wort het soortelijk
gewicht, met betrekking tot zuiver water van 17,5°C,
opgenomen met behulp van een densimeter waarvan het kleinste
schaaldeel een waarde van 0,0005 eenheden heeft. De stijging
van de vloeistof langs de steel van het instrument blijft
hierbij buiten beschouwing, tenzij het instrument, blijkens
een aanduiding op de schaal, is ingericht voor
bovenaflezing. In laatstbedoeld geval wordt de schaal
afgelezen bij het punt dat op dezelfde hoogte ligt als de
top van het vloeistofkolommetje dat de steel van het
instrument bevochtigt boven het niveau van de vloeistof in
het proefglas.
- 2.
- De opgenomen
relatieve dichtheid wordt vervolgens herleid tot het aantal
graden verschil in dichtheid tussen het wort en zuiver
water, door vermenigvuldiging van het getal, aanwijzende het
soortelijk gewicht, met 100 en vermindering van het
verkregen produkt met 100. De uitkomst wijst aan het aantal
graden verschil in dichtheid. Voor iedere twee en een halve
graad van de honderddelige thermometer, die de vloeistof
warmer is dan 17,5°C, wordt het aldus berekende verschil in
dichtheid met 0,05 graad vermeerderd, voor iedere 2,5°C,
die zij kouder is, met 0,05 graad verminderd.
- 3.
- Het verkregen
verschil in dichtheid wordt steeds uitgedrukt in graden en
tienden van graden, met verwaarlozing van onderdelen kleiner
dan tienden van graden, met dien verstande dat de eventuele
correctie van het verschil in dichtheid wegens een van 17,5°C
afwijkende temperatuur van de vloeistof, wordt toegepast
alvorens de onderdelen, kleiner dan tienden van graden,
worden verwaarloosd.
- 4.
- Suiker en
suikerhoudende produkten die aan het bier worden toegevoegd
ter aanzoeting worden voor elke kilogram droge stof
aangemerkt als 0,386 hectolitergraden wort.
- 5.
- Indien de bepaling
van het verschil in dichtheid door of met medewerking van
ambtenaren van het Laboratorium van de belastingdienst
geschiedt, is het gebruik van andere instrumenten dan
densimeters geoorloofd.
Artikel 6
- 1.
- Het aantal
hectolitergraden wort, gebezigd voor de bereiding van bier
dat vanuit de accijnsgoederenplaats wordt afgeleverd met
vrijstelling, wordt uitgevoerd of wordt overgebracht naar
een entrepot, alsmede van bier dat is verloren gegaan, onder
ambtelijk toezicht is vernietigd of door de vergunninghouder
van de accijnsgoederenplaats waar het is vervaardigd, is
teruggenomen, wordt afgeleid uit de hoeveelheid bier en de
dichtheid bij 17,5°C van twee vloeistoffen, waarvan de ene
in het gehalte aan opgeloste vaste stoffen, de andere in
alcoholgehalte met het te onderzoeken bier gelijk staat.
- 2.
- Deze vloeistoffen
worden verkregen door het te onderzoeken bier herhaaldelijk
over te schenken teneinde het te ontdoen van aanwezig
koolzuur, vervolgens een bepaalde afgemeten hoeveelheid van
deze vloeistof te destilleren en daarna zowel het destillaat
als het residu met water aan te vullen tot het
oorspronkelijk volume van de voor destillatie gebruikte
hoeveelheid vloeistof.
- 3.
- Van deze
vloeistoffen worden vervolgens de dichtheden bij 17,5°C tot
op 0,00002 g/ml nauwkeurig bepaald.
- 4.
- De in de bijlage
bij deze regeling opgenomen tabel wijst voor elke bevonden
dichtheid van het destillaat het getal aan, waarmee de
bevonden dichtheid van het residu moet worden vermeerderd om
de dichtheid bij 17,5°C te verkrijgen van het wort,
gebruikt voor de bereiding van het onderzochte bier.
- 5.
- Het getal,
aanwijzende het verschil tussen laatstgenoemde dichtheid en
die van zuiver water bij dezelfde temperatuur, uitgedrukt in
graden en tienden van graden als bedoeld in artikel
XVIII van de invoeringswet, levert na
vermenigvuldiging met 100/95
van het getal aanwijzende de in hectoliters en honderdsten
van hectoliters uitgedrukte hoeveelheid van het bier waarvan
het onderzochte monster afkomstig is, een produkt op, dat,
na verwaarlozing van onderdelen van eenheden, het in het
eerste lid bedoelde aantal hectolitergraden aanwijst.
- 6.
- De in het vijfde
lid bedoelde vermenigvuldigingsfactor wordt vervangen door 100/90
indien het bier op fles betreft.
Artikel 7
- 1.
- De dichtheid van
het wort waaruit ingevoerd bier is vervaardigd, wordt
berekend uit de dichtheden bij 17,5°C van twee
vloeistoffen, waarvan de ene in het gehalte aan opgeloste
vaste stoffen, de andere in alcoholgehalte met het te
onderzoeken bier overeenkomt.
- 2.
- Het bepaalde in
artikel 6, tweede, derde en vierde lid, is van
overeenkomstige toepassing.
Artikel 8
De bepaling van het
aantal hectolitergraden bedoeld in de artikelen 6 en 7 geschiedt
in het Laboratorium van de belastingdienst door de daaraan
verbonden ambtenaren.
Artikel 9
- 1.
- Deze regeling
treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet
op de accijns in werking treedt.
- 2.
- Deze regeling kan
worden aangehaald als: Overgangsregeling accijns van bier
1992.
De Staatssecretaris
van Financiën,
namens deze,
de Directeur-Generaal voor Fiscale Zaken,
D.E. Witteveen.
|