| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Landbouwkwaliteitswet
(LKW)
CONTROLEREGLEMENT
KCB
Tekst zoals deze geldt op
22 februari 2009
Verwijderd
uit ons regelingenbestand
|
|
|
Gelet op artikel
10, derde lid, van de Landbouwkwaliteitswet (Stb. 1971, 371)
maakt de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij de
tekst bekend van het Controlereglement en het gewijzigde Tuchtreglement
van de Vereniging 'Kwaliteits-Controlebureau voor Groenten en Fruit':
aan deze reglementen is bij beschikking van de Staatssecretaris van
Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van 28 december 1992, nr. J. 9220672,
goedkeuring verleend.
Artikel 1. Definities
In dit reglement wordt verstaan onder:
a. aangeslotene: een aangeslotene bij het KCB
b. afkeuringsverklaring: het document als bedoeld in
artikel 3, lid 12, van de EG-verordening
c. AID: Algemene Inspectiedienst van het ministerie van
Landbouw, Natuurbeheer en Visserij
d. beschikking: de Landbouwkwaliteitsbeschikking keuring
groenten en fruit (dd 9 september 1977, Stcrt. 182)
e. besluit: het Landbouwkwaliteitsbesluit groenten en
fruit (dd 5 augustus 1977, Stb 490)
f. controlecertificaat: het certificaat als bedoeld in
artikel 3, lid 9, van de EG-verordening
g. elementair monster: de uit een partij genomen colli of,
bij onverpakte produkten, de op een bepaald punt in een partij
genomen hoeveelheid
h. EG-verordening: Verordening (EEG) nr 2251/92 van de
Commissie van 29 juli 1992 inzake de kwaliteitscontrole van
verse groenten en fruit
i. gereduceerd monster: de van een globaal monster genomen
representatieve hoeveelheid produkt die groot genoeg is om een
partij aan een aantal criteria te kunnen toetsen
j. globaal monster: verscheidene, voor de partij
representatieve elementaire monsters die groot genoeg zijn om de
partij aan alle criteria te kunnen toetsen
k. groenten en fruit: een of meer van de verse eetbare
tuinbouwprodukten waarop het besluit van toepassing is
l. industriecertificaat: certificaat van industriële
bestemming als bedoeld in artikel 10, lid 1, van de EG-verordening
m. KCB: de Vereniging ‘Kwaliteits-Controle-Bureau voor
Groenten en Fruit’ gevestigd te Den Haag
n. kwaliteitsklassen: de kwaliteitsklassen als omschreven
in de genummerde bijlagen van de PGF-verordening
o. Landbouwkwaliteits-: Landbouwkwaliteitsverordening PGF
1991 Groentenverordening en Fruit
p. meldingsverordening: Verordening PGF Melding Verse
Produkten
q. merk: het merk als bedoeld in artikel 15a van de
beschikking
r. merkaanbrenger: de aangeslotene bij het KCB. aan wie
het recht is verleend het merk aan te brengen
s. normcontrole: de door (de controleurs van) het KCB
verrichte fysieke controle of administratieve formaliteit van
groenten en fruit op het voldoen aan de kwaliteitsvoorschriften
t. partij: de op het ogenblik van de controle aangeboden
hoeveelheid produkt met dezelfde kenmerken wat betreft:
– de identiteit van de verpakker en/of verzender
– oorsprong
– aard van het produkt
– kwaliteitsklasse
– in voorkomend geval variëteit of handelstype
– soort verpakking en presentatie
– in voorkomend geval, groottesortering
u. PGF: het Produktschap voor Groenten en Fruit
v. PGF-verordening: de Verordening PGF 1977
Kwaliteitsvoorschriften groenten en fruit
w. RVV: de Rijksdienst voor de Keuring van Vee en Vlees
(afdeling Tuinbouw)
x. sorteer- en pakstation: de onderneming, die in
Nederland geteelde groenten en fruit sorteert of verpakt, en als
zodanig bij het PGF is geregistreerd
y. statuten: de statuten van het KCB
z. verklaring: schriftelijk bewijsstuk, voor een partij
groenten en fruit, bestemd voor verhandeling binnen de EG, die
voldoet aan de kwaliteitsvoorschriften
Artikel 2. Verplichtingen en aansprakelijkheden van aangeslotenen
1. De aangeslotenen en degenen die een controle-certificaat
aanvragen, zijn met inachtneming van de bepalingen in artikel 6 van de
statuten verplicht:
a. de voor verhandeling bestemde groenten en fruit te sorteren, te
verpakken en te verladen met inachtneming van het bepaalde bij of
krachtens de PGF-verordening en daarenboven, voor zover het groenten
en fruit betreft waarvoor het merk is of wordt aangebracht, de
Landbouwkwaliteitsverordening;
b. groenten en fruit aan te melden overeenkomstig het hieromtrent
bij of krachtens [de beschikking en/of] de meldingsverordening
bepaalde;
c. bij afkeuring, onderscheidenlijk deklassering van groenten en
fruit deze alvorens te verhandelen en opnieuw ter controle aan te
melden, opnieuw te sorteren en, indien van toepassing, te
herklasseren, onderscheidenlijk het merk te verwijderen;
d. bij afkeuring van de verpakking de groenten of het fruit,
alvorens deze te verhandelen en opnieuw ter controle aan te melden, in
andere verpakking te brengen;
e. zich voor wat betreft het al dan niet voldoen van groenten en
fruit aan de voor de betrokken kwaliteitsklasse, onderscheidenlijk aan
de voor het merk gestelde eisen, te richten naar het oordeel van de
betrokken controleur van het KCB;
f. al hetgeen het KCB ter uitvoering en/of verzekering van de
naleving der voorschriften, bedoeld in artikel 3, lid l en lid 2, sub
a, van de statuten zou voorschrijven, nauwgezet na te leven.
2. De aansprakelijkheid voor de nakoming van de uit dit reglement
voortvloeiende verplichtingen geldt onverminderd, indien aan anderen
werkzaamheden, waarop de bepalingen van dit reglement van toepassing
zijn, worden opgedragen.
3. De aansprakelijkheid voor de naleving van de uit dit reglement
voortvloeiende verplichtingen geldt onverminderd, indien voor anderen
werkzaamheden, waarop de bepalingen van dit reglement van toepassing
zijn, worden verricht.
Artikel 3. Controle
1. De normcontrole geschiedt door toetsing van een willekeurig,
op verschillende punten in de voor de controle uitgekozen partij
genomen globaal monster, waarvan wordt aangenomen dat het voor de
partij representatief is.
2. De normcontrole van een partij omvat met name:
– een toetsing van de opmaak en de presentatie aan de hand van
elementaire monsters, waarbij wordt nagegaan of de produkten en het
verpakkingsmateriaal aan de voorschriften voldoen.
– vaststelling van de juistheid van de aanduidingsvoorschriften
en, in geval van het merk, van het juist en terecht aanbrengen van het
merk;
– controle op de produkten zelf, de homogeniteit, de
minimumeisen, de kwaliteitsklassen en de groottesortering aan de hand
van globale monsters.
3. Wanneer produkten. bestemd om in de handel gebracht te worden,
in verscheidene partijen worden aangeboden, verricht de controleur een
identiteitscontrole ten einde na te gaan in hoeverre de produkten met de
in de begeleidende documenten of aangiften vermelde gegevens
overeenstemmen.
4. Controles op verzoek worden op werkdagen uitsluitend verricht
tussen 07.00 en 20.00 uur. Op zaterdag worden controles op verzoek
uitsluitend verricht tussen 8.00 en 12.00 uur. Op zondagen en erkende
feestdagen worden geen controles op verzoek verricht.
Artikel 4. Plaats van controle
De controle van groenten en fruit vindt plaats:
a. op het bedrijfsterrein van de aangesloten veilingen;
b. in de aangewezen controlecentra als bedoeld in artikel 7 van
de EG-verordening;
c. in de sorteer- en pakstations;
d. op het bedrijfsterrein van de merkaanbrenger;
e. op alle overige plaatsen onder door het dagelijks bestuur van
het KCB per produkt te stellen voorwaarden. Het vorenstaande laat
onverlet de bevoegdheid van het KCB in een later stadium nogmaals
steekproefsgewijs controle uit te oefenen.
Artikel 5. Wijze van controle en monsterneming
1. Ten behoeve van de normcontrole wijst de controleur de
partij(en) en colli aan, welke hij wenst te onderzoeken en bepaalt hij
de omvang van het globale monster.
2. Het te controleren produkt wordt volledig van de verpakking
ontdaan, tenzij in geval van voorverpakte produkten het type en de aard
van de opmaak de mogelijkheid bieden zonder uit te pakken de controle te
doen geschieden.
3. Indien de controleur van het KCB een grondiger controle nodig
acht, kiest hij uit het globale monster een of meer gereduceerde
monster(s).
4. Indien de controleur naar aanleiding van de eerste controle
geen besluit kan nemen, kan een tweede controle worden verricht, waarna
de uitkomsten van de beide controles in een procentueel gemiddelde
worden uitgedrukt.
5. Indien de controleur geen controle-certificaat afgeeft, omdat
na de eerste controle besloten is, dat niet aan de voorschriften is
voldaan, wordt een nieuw globaal monster genomen. Dit monster omvat ten
minste de volgende hoeveelheden: (zie tabel l en 2). Bij groenten en
fruit, waarvan het stuksgewicht meer dan twee kilogram is, bestaan de
elementaire monsters uit ten minste vijf stuks.
6. Na de controle wordt het globale monster teruggegeven. Het KCB
is gerechtigd een monster van het gecontroleerde produkt en/of de
verpakking in te houden, waarbij een redelijk bedrag kan worden vergoed;
het KCB is niet verplicht om het gedeelte van het globale monster, dat
bij de controle is vernietigd, terug te geven.
7. Wanneer de controleverrichtingen tot kwaliteitsverlies bij de
produkten kunnen leiden, worden, om na te gaan of de produkten inwendige
gebreken vertonen, gereduceerde monsters genomen waarvan de omvang tot
de voor toetsing van de partij beslist noodzakelijke minimumhoeveelheid
beperkt blijft. Indien dergelijke gebreken worden vastgesteld of
vermoed, mag de omvang van het gereduceerde monster niet meer bedragen
dan 10% van die van het voor de controle aanvankelijk genomen monster.
Artikel 6. Controle-certificaat; verklaring
1. Indien groenten en fruit, bestemd voor de uitvoer naar derde
landen blijkens de normcontrole voldoen aan de voor die produkten
geldende voorschriften wordt een controle-certificaat verstrekt.
2. Indien groenten en fruit, bestemd voor verzending naar een
Lidstaat blijkens een normcontrole voldoen aan de voor die produkten
geldende voorschriften, wordt een controle-certificaat verstrekt.
3. Een controle-certificaat, onderscheidenlijk verklaring, wordt,
met inachtneming van het bepaalde in artikel 13 tevens afgegeven aan een
ieder die daarom verzoekt indien de produkten blijkens een normcontrole
blijken te voldoen aan de voorschriften.
4. Alvorens een controle-certificaat, onderscheidenlijk
verklaring, te verstrekken kan het KCB verlangen om nader aan te tonen
dat de hoedanigheid van de te certificeren groenten en fruit zodanig is,
dat zij in goede staat blijven tot op de plaats van bestemming en aan de
aldaar gerechtvaardigd te stellen eisen beantwoorden.
Tabel 1 Verpakte produkten
|
Aantal colli in de partij |
Te nemen aantal colli (elementaire monsters) |
|
tot 100 |
5 |
|
van 101 tot 300 |
7 |
|
van 301 tot 500 |
9 |
|
van 501 tot 1000 |
10 |
|
meer dan 1000 |
15 (ten minste) |
Tabel 2 Onverpakte produkten
|
Gewicht van de partij in aantal kg of aantal eenheden |
Gewicht van de elementaire monsters,in kg of te nemen aantal
eenheden |
|
tot 200 |
10 |
|
van 201 tot 500 |
20 |
|
van 501 tot 1000 |
30 |
|
van 1001 tot 5000 |
60 |
|
meer dan 5000 |
100 (ten minste) |
5. Het controle-certificaat. onderscheidenlijk de verklaring,
heeft behoudens door het bestuur van het KCB nader te stellen regelen
geldigheid gedurende drie dagen, waaronder begrepen de dag van
afgifte.
Artikel 7. Afkeuring: afkeuringsverklaring
1. Indien gebreken worden vastgesteld, bepaalt de controleur
het percentage van de aantallen, onderscheidenlijk van het gewicht van
de niet aan de voorschriften beantwoordende produkten en meldt de
controleur de gebreken schriftelijk aan de betrokkene.
2. Indien de produkten niet met de voorschriften in
overeenstemming zijn stelt de controleur een afkeuringsverklaring op,
waarin hij aangeeft aan welke criteria niet is voldaan.
3. In de afkeuringsverklaring wordt vermeld dat de produkten niet
aan de voorschriften voldoen voor de klasse waarin zij zijn
gecontroleerd, onderscheidenlijk dat zij niet voor verse consumptie in
de handel kunnen worden gebracht. Tevens wordt melding gemaakt van de
eventuele maatregelen die genomen moeten worden, teneinde de juiste
klasse-indeling, onderscheidenlijk de niet-verhandeling voor de verse
consumptie te garanderen.
4. Indien de afkeuring uitsluitend de voorschriften betreft als
genoemd in de Landbouwkwaliteitsverordening, geeft de controleur een
afkeuringsverklaring af, waarin wordt vermeld, dat voor de produkten het
merk niet mag worden aangebracht c. q. dient te worden verwijderd.
Artikel 8. Industriecertificaat
1. Het KCB verstrekt een industrie-certificaat, indien groenten
en/ of fruit bestemd zijn om buiten het produktiegebied (Nederland) te
worden verwerkt.
2. Aan het KCB dient desgewenst te kunnen worden aangetoond, dat
de gedeclareerde bestemming zal worden nageleefd en dal voorts al het
mogelijke zal worden gedaan, teneinde deze bestemming te verzekeren.
Artikel 9. Toezicht
1. Het toezicht op de naleving van de voorschriften bedoeld in
artikel 3, lid 1 en 2 sub a van de statuten kan worden uitgeoefend op
alle plaatsen waar groenten en fruit door of namens aangeslotenen
worden bewaard, verpakt, gesorteerd, vervoerd of verhandeld.
2. Ten behoeve van het in het eerste lid bedoelde toezicht kan
het bestuur van het KCB een (register)accountant aanwijzen voor het
nazien van administratieve gegevens van aangeslotenen.
Artikel 10. E.G.-vrijstelling
1. Het KCB verstrekt een ieder die daarom verzoekt en die
voldoet aan de voorwaarden en eisen, genoemd in lid 2 en bovendien kan
garanderen dat de kwaliteit van de door hem te verhandelen produkten
constant is, een vrijstellingsbewijs als bedoeld in artikel 6 van de
EG-verordening, in welk geval degene die is vrijgesteld op elke collo
het logo aanbrengt naar het model van bijlage III van de
EG-verordening, op welk logo te allen tijde het registratienummer van
het KCB dient te worden vermeld.
2. De voorwaarden en eisen als bedoeld in het vorige lid zijn:
a. de aangeslotenen dienen over controlebeambten te beschikken, die
een door de bevoegde instantie erkende opleiding hebben gevolgd,
b. de aangeslotenen dienen over het nodige materieel te beschikken
om de produkten te schonen en op te maken,
c. de aangeslotenen dienen over de nodige voorkoelinstallaties te
beschikken wanneer de produkten, die zij in de handel brengen, vóór
het vervoer moeten worden gekoeld,
d. de aangeslotenen dienen over een register te beschikken waarin
alle controle-activiteiten worden opgetekend.
Nadere invulling van bovengenoemde voorwaarden en eisen geschiedt in
overleg met het PGF. Toepassing c. q. relevantie van deze voorwaarden is
afhankelijk van de aard en de specifieke functie welke het
gecontroleerde bedrijf in de bedrijfskolom vervult. Toetsing geschiedt
door het KCB.
3. De EG-vrijstelling als bedoeld in het eerste lid houdt een
vrijstelling in van de controle bij verzending gedurende een periode
van één jaar, met een stilzwijgende verlenging van telkens een jaar.
4. Het KCB verifieert regelmatig de kwaliteit van de produkten,
welke door het vrijgestelde bedrijf worden verhandeld.
5. De EG-vrijstelling wordt ingetrokken, indien bij de
verificatie onregelmatigheden worden vastgesteld, waardoor de
produkten niet meer aan de voorschriften voldoen of wanneer niet meer
wordt voldaan aan een der voorwaarden, genoemd in de leden 1 en 2.
Artikel 11. Bezwaar en beroep
1. Tegen een door of namens het KCB genomen eerste beslissing
tot afkeuring, deklassering of ontzegging van het recht het merk aan
te brengen of te voeren, kan bezwaar worden gemaakt.
2. Op het bezwaar wordt uitspraak gedaan door een hoofdcontroleur
van het KCB of door een door hem aangewezen assistent-hoofdcontroleur,
behoudens het bepaalde in lid 3.
3. Indien een hoofdcontroleur direkt betrokken is geweest bij de
beslissing, waartegen bezwaar wordt gemaakt, wordt op het bezwaar
uitspraak gedaan door een inspecteur van het KCB of een door hem
aangewezen hoofdcontroleur.
4. Voor zover het betreft bezwaar tegen een beslissing tot
afkeuring of deklassering, genomen door een ambtenaar van de RVV resp.
de AID, dient het bezwaar te worden gericht tot de direkteur van de RVV
resp. de AID.
5. Voor zover het betreft bezwaar tegen een beslissing genomen
door een controleur van het KCB, die betrekking heeft op in het
buitenland geteelde groenten en fruit, dient, behoudens in geval de
beslissing louter de bepalingen van de Landbouwkwaliteitsverordening
betreffen, de RW te worden gehoord.
6. Behoudens het bepaalde in lid 4, wordt het bezwaar ingesteld
door ten spoedigste aan de functionaris die de controle verrichtte, of
aan de hoofdcontroleur van zijn rayon, mededeling te doen, dal een
controle na bezwaar gewenst wordt.
7. Indien het bezwaar wordt ingesteld bij de functionaris, die de
controle verrichtte, dient deze zich zo spoedig mogelijk met de
hoofdcontroleur van zijn rayon, c. q. een inspecteur in verbinding te
stellen om een uitspraak op het bezwaar te verkrijgen.
8. Degeen die bezwaar instelt, kan verplicht worden een cautie te
storten, welke aan het KCB vervalt, indien op het bezwaar afwijzend
wordt beslist. Het bestuur van het KCB stelt de hoogte van de cautie
vast.
9. Indien op het bezwaar afwijzend is beslist, kan tegen deze
beslissing beroep worden ingesteld bij het bestuur van het KCB. Het
beroep dient schriftelijk, in het Nederlands, en gemotiveerd te worden
ingesteld.
Het beroep laat de beslissing op het bezwaar onverlet.
10. In geval het bestuur zich geheel of deels met de
beroepsgrond(en) kan verenigen, zal daarvan aan de betrokken
functionarissen, en voor zover nodig, aan andere functionarissen van het
KCB in de vorm van instructies mededeling worden gedaan.
Artikel 12. Expertise
1. Een ieder kan een uitspraak van het KCB of een van diens
functionarissen verkrijgen inzake het al dan niet voldoen aan
verplichtende of vrijwillige eisen ten aanzien van groenten en fruit.
2. Desgewenst wordt aan de verzoeker schriftelijk bewijs gegeven
van de uitspraak.
Artikel 13. Kosten en tarieven
1. Het bestuur van het KCB kan bepalen dat normcontroles van
groenten en fruit op plaatsen als bedoeld in artikel 4, sub d. en e.
uitsluitend plaats zullen vinden op basis van een redelijke vergoeding
voor de gemaakte extra kosten, waarvoor het bestuur van het KCB een
tarief vaststelt.
2. Het bestuur van het KCB kan bepalen dat werkzaamheden als
bedoeld in artikel 3, lid 2, sub b van de statuten, hieronder mede
begrepen de werkzaamheden bedoeld in artikel 6, lid 3, de kosten van een
(register)accountant als bedoeld in artikel 9, lid 2, en de
administratieve verrichtingen ten behoeve van het afgeven van
controle-certificaten en overige bewijsstukken plaatsvinden op basis van
een redelijke vergoeding voor de gemaakte kosten; het bestuur van het
KCB kan hiertoe een tarief vaststellen.
3. Het bestuur van het KCB kan bepalen, dat het verrichten van
expertise geschiedt tegen een vergoeding; in dat geval stelt het bestuur
een tarief vast.
Artikel 14. Bijzondere bepalingen met betrekking tot het merk
1. Het bestuur van het KCB verleent het recht op het gebruik en
tot het aanbrengen van het merk aan de merkaanbrenger.
2. In bijzondere gevallen kan het recht onder voorwaarden worden
verleend.
3. Indien naar het oordeel van het bestuur door de merkaanbrenger
inbreuk wordt gepleegd op de bepalingen gesteld bij of krachtens het
besluit, de beschikking, de Landbouwkwaliteitsverordening, dit reglement
of enige andere regeling met betrekking tot het merk, kan het bestuur de
merkaanbrenger op zijn kosten onder verscherpt toezicht stellen.
4. De merkaanbrenger verliest zijn recht op het gebruik en het
aanbrengen van het merk, indien gedurende de periode waarin hij onder
verscherpt toezicht is gesteld, wordt vastgesteld dat hij niet voldoet
aan het bepaalde bij of krachtens de Landbouwkwaliteitsverordening
5. Het vorenstaande laat onverlet, het straf- of tuchtrechtelijk
afdoen van een overtreding van de voorschriften, bedoeld in artikel 6
van de statuten.
Artikel 15. Werkafspraken met andere controle-instellingen
1. Voor zover zendingen, bestemd voor uitvoer naar derde
landen, geheel bestaan uit in het buitenland geteelde groenten en
fruit, dient de aanmelding ter controle te geschieden bij de RVV. De
RVV geeft de controle-certificaten af namens het KCB.
2. Werkafspraken met de RVV en overige controle-instellingen
liggen ter inzage ten kantore van het PGF.
Artikel 16. Slotbepaling
Dit reglement kan worden aangehaald als: Controlereglement KCB.
|
|
|