| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Loodsenwet
BEVOEGDHEDENVERORDENING
REGISTERLOODSEN 1995
Tekst zoals deze geldt op
24 januari 2012
|
|
|
Verordening inzake de aanwijzing van regionale
loodsstations, alsmede inzake de vaststelling van de bevoegdheden van
registerloodsen (Bevoegdhedenverordening registerloodsen 1995)
De
ledenvergadering van de Nederlandse Loodsencorporatie;
Gelet op de artikelen 4, eerste lid, 15 en 16
van de Loodsenwet (Stb. 1988, 353);
Besluit:
De
verordening, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Loodsenwet wordt
als volgt vastgesteld:
Hoofdstuk 1. Regionale loodsstations
Artikel 1
De volgende regionale loodsstations
worden vastgesteld:
a. voor de regionale
loodsencorporatie Noord:
1. Delfzijl,
2. loodsstation Harlingen;
b. voor de regionale
loodsencorporatie Amsterdam-IJmond:
1. Den Helder,
2. IJmuiden/Amsterdam;
c. voor de regionale
loodsencorporatie Rotterdam-Rijnmond:
1 Rijnmond,
d. voor de regionale
loodsencorporatie Scheldemonden:
1. Scheldemonden.
Artikel 2
1.Tot het regionale loodsstation
Delfzijl behoren de scheepvaartwegen, genoemd in de bijlage bij de
Scheepvaartverkeerswet (Stb. 1988, 352), onderdeel A, onder punt I,
nummer 1.
2.Tot het regionale loodsstation
Harlingen behoren de scheepvaartwegen, genoemd in de bijlage bij de
Scheepvaartverkeerswet, onderdeel A, onder punt I, de nummers 2,
- althans de Vlierede, en 3 -althans de
trajecten tussen Vlierede, Terschelling, Vlieland, Harlingen,
Kornwerderzand, en de trajecten tussen die gebieden of plaatsen en Den
Oever, Oude Schild en de Rede van Texel.
3.Tot het regionale loodsstation Den
Helder behoren de scheepvaartwegen, genoemd in de bijlage bij de
Scheepvaartverkeerswet, onderdeel A, onder punt I, de nummers 2,
-althans de Rede van Texel en 3, -althans de trajecten tussen de Rede
van Texel, Oude Schild, en Den Oever, en de trajecten tussen die
gebieden of plaatsen en Kornwerderzand en Harlingen en de Vlierede,
alsmede de trajecten van en naar de loodskruispost IJmuiden, Maasmond
en Stortemelk.
4.Tot het regionale loodsstation
IJmuiden/Amsterdam behoren de scheepvaartwegen, genoemd in de bijlage
bij de Scheepvaartverkeerswet, onderdeel A, onder punt II, alsmede de
trajecten tussen de scheepvaartwegen, genoemd in de bijlage bij de
Scheepvaartverkeerswet, onderdeel A, onder punt II.1, en de
loodskruisposten Maasmond en Steenbank, de rede van Den Helder.
5.Tot het regionale loodsenstation
Rijnmond behoren de volgende gebieden:
Gebied la: Van de scheepvaartwegen
zoals genoemd in de bijlage bij de Scheepvaartverkeerswet, onderdeel
A, onder punt III: de territoriale zee alsmede de trajecten van deze
scheepvaartweg naar en van de loodskruisposten Steenbank, Wandelaar en
IJmuiden; de Maasmond, de Nieuwe Waterweg , het Breeddiep, het
Beerkanaal, het Calandkanaal, het Hartelkanaal, de Nieuwe Maas beneden
de Erasmusbrug, de Oude Maas beneden de Spijkenisserbrug met inbegrip
van alle havens en sluizen gelegen aan of in voornoemde
scheepvaartwegen.
Gebied Ib: Van de scheepvaartwegen
zoals genoemd in de bijlage bij de Scheepvaartverkeerswet, onderdeel
A, onder punt III: de Nieuwe Maas boven de Erasmusbrug tot
kilometerraai 992,7, de Hollandsche IJssel tot aan de stuw bij Krimpen
aan de lJssel, de Koningshaven, de Oude Maas tussen de Dordtse
Spoorbrug en de Spijkenisserbrug, de Dordtse Kil, de Krabbegeul, het
Mallegat, het Hollands Diep met inbegrip van het Zuid Hollands Diep
bewesten de Moerdijkbruggen tot aan Noordschans met inbegrip van alle
havens en sluizen gelegen aan of in voornoemde scheepvaartwegen.
Gebied II: Van de scheepvaartwegen
zoals genoemd in de bijlage bij de Scheepvaartverkeerswet, onderdeel
A, onder punt III: de territoriale zee alsmede de trajecten van deze
scheepvaartweg naar en van de loodskruisposten Steenbank, Wandelaar en
IJmuiden, de Maasgeul en de Eurogeul, de Maasmond, de Nieuwe Waterweg
tot kilometerraai 1028, het Breeddiep, het Beerkanaal, het
Calandkanaal met inbegrip van alle havens en sluizen gelegen aan of in
voornoemde scheepvaartwegen.
Gebied III: Van de scheepvaartwegen
zoals genoemd in de bijlage bij de Scheepvaartverkeerswet, onderdeel
A, onder punt III: de territoriale zee alsmede de trajecten van deze
scheepvaartweg naar en van de loodskruisposten Steenbank, Wandelaar en
IJmuiden de Maasmond, de Nieuwe Waterweg, de Nieuwe Maas beneden de
Koningshaven, de Oude Maas beneden de Spijkenisserbrug met inbegrip
van alle havens en sluizen gelegen aan of in voornoemde
scheepvaartwegen.
Gebied IV: De Nieuwe Maas boven
kilometerraai 992,7, de Noord, de Rietbaan, het Spui, de Beningen, de
Beneden Merwede tot aan Hardinxveld-Giessendam, het Wantij, het
Hollands Diep bewesten Noordschans, het Haringvliet, het Vuile Gat, de
Krammer benoorden de Krammersluizen, het Zuid-Vlije, het Volkerak, het
Slijkgat, het Schelde-Rijnkanaal aan de noordzijde begrensd door het
Volkerak en aan de zuidzijde begrensd door de Kreekraksluizen met
inbegrip van alle havens en sluizen gelegen aan voornoemde
scheepvaartwegen.
Gebied V: De aanloop en de haven van
Scheveningen.
6.Tot het regionale loodsstation
Scheldemonden behoren de volgende gebieden:
Gebied VI: De scheepvaartwegen van de
reguliere loodskruisposten Wandelaar en Steenbank naar Vlissingen
rede, met inbegrip van de rede van Oostende en de rede van Zeebrugge,
en de loodskruisposten Maasmond en IJmuiden.
Gebied VII: De Westerschelde ten westen
van de meridiaan over de lichtopstand van Margarethapolder, met
inbegrip van Vlissingen rede en de met de Westerschelde in open
verbinding staande havens en voorhavens.
Gebied VIII; De Westerschelde ten
oosten van de meridiaan over de lichtopstand van Margarethapolder, en
de Beneden Zeeschelde met inbegrip van Antwerpen rede en de hiermee in
open verbinding staande havens en voorhavens, alsmede het Kanaal door
Zuid Beveland, althans het gedeelte gelegen ten zuiden van de
Vlakebrug.
Gebied IX; Het Kanaal van Gent naar
Terneuzen en alle hieraan gelegen havens en ligplaatsen.
Gebied X: De Oosterschelde, het Veerse
meer, het kanaal door Zuid Beveland, de Zuid Vlije, het Noord Volkerak,
het Kanaal door Walcheren vanaf Veere tot de ingang van het Arnekanaal,
de Schelde-Rijn-Verbinding en de scheepvaartwegen van de reguliere
loodskruispost Steenbank tot de Roompotsluis , met inbegrip van alle
met de voorgaande scheepvaartwegen in open verbinding staande havens
en voorhavens.
Gebied XI: De binnenhavens van
Vlissingen.
Gebied XII: Het Kanaal door Walcheren
van Vlissingen tot 100 m noord van de ingang van het Arnekanaal.
7.De scheepvaartwegen, aangewezen
krachtens artikel 11, eerste lid, onderdeel b, van de
Scheepvaartverkeerswet, behoren tot het regionale loodsstation,
waaraan zij door de algemene raad zijn toebedeeld. De aanloop van
Scheveningen en de haven van Scheveningen behoren tot het regionale
Ioodsstation Rijnmond. Het Schelde-Rijnkanaal, aan de noordzijde
begrensd door het Volkerak en aan de zuidzijde begrensd door de
Kreekraksluizen behoort zowel tot het regionale loodsstation Rijnmond
als tot het regionale loodsstation Scheldemonden.
Hoofdstuk 2. Loodsbevoegdheden
Artikel 3
1.De registerloods is bevoegd tot het
verrichten van loodsdienst binnen zijn admittage-gebied.
2.Het admittage-gebied van de
registerloods omvat:
a. het gebied waarvoor hij als
adspirant-registerloods met goed gevolg het regionale examen heeft
afgelegd, en waarvoor hij als registerloods in het register is
ingeschreven; en
b. het gebied waarvoor hij een
examen, vastgesteld door het bestuur van de regionale
loodsencorporatie met goed gevolg heeft afgelegd; en
c. in geval hij tot een andere
regionale loodsencorporatie gaat behoren, het gebied waarvoor hij
een examen, vastgesteld door het bestuur van de regionale
loodsencorporatie, met goed gevolg heeft afgelegd.
3.Voor de toepassing van de navolgende
artikelen van deze verordening wordt in plaats van ’lengte over
alles’ gelezen ’lengte’ indien de lengte over alles niet
uitdrukkelijk aan de registerloods bekend is gesteld.
Artikel 4
1.De registerloods is bevoegd voor de
categorieën schepen en scheepvaartwegen volgens het bepaalde in de
artikelen 5 tot en met 11.
2.Voor de in de artikelen 5 tot en met
11 genoemde specialisaties is de registerloods eerst bevoegd nadat hij
heeft voldaan aan de eisen met betrekking tot een aanvullende
opleiding, ervaring, training of vaardigheid, vastgesteld door het
bestuur van de betreffende regionale loodsencorporatie. Het bestuur
van een regionale loodsencorporatie kan dergelijke eisen ook
vaststellen voor de toelating tot een hogere bevoegdheid.
3.Indien de eisen als bedoeld in het
tweede lid een aanvullende opleiding betreffen dient de registerloods
een daarbij behorend examen, vastgesteld door het bestuur van de
regionale loodsencorporatie, met goed gevolg te hebben afgelegd.
Artikel 5
1.De registerloods die in het register
is ingeschreven voor de scheepvaartwegen die behoren tot het regionale
loodsstation Delfzijl is op die scheepvaartwegen bevoegd:
a. vanaf het moment van
inschrijving in het register, voor schepen met een lengte over
alles tot 90 m, of met een diepgang tot 67 dm;
b. vanaf 12 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 110 m,
of met een diepgang tot 67 dm;
c. vanaf 36 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 150 m,
of met een diepgang tot 76 dm;
d. vanaf 60 maanden na inschrijving
in het register, voor alle schepen.
2.Voor de registerloods zijn op de
scheepvaartwegen als bedoeld in het eerste lid de specialisaties:
a. schepen met een lengte over
alles van 180 m of meer;
b. schepen met een diepgang van 90
dm of meer.
Artikel 6
1.De registerloods die in het register
is ingeschreven voor de scheepvaartwegen die behoren tot het regionale
loodsstation Harlingen is op die scheepvaartwegen bevoegd:
a. vanaf het moment van
inschrijving in het register, voor schepen met een lengte over
alles tot 90 m, of met een diepgang tot 45 dm;
b. vanaf 12 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 100 m,
of met een diepgang tot 55 dm;
c. vanaf 24 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 115 m,
of met een diepgang tot 65 dm of met een breedte tot 20 m;
d. vanaf 60 maanden na inschrijving
in het register, voor alle schepen.
2.Voor de registerloods zijn op de
scheepvaartwegen als bedoeld in het eerste lid de specialisaties:
a. schepen met een lengte over
alles van 130 m of meer;
b. schepen met een breedte van 25 m
of meer;
c. schepen met een diepgang van 70
dm of meer;
d. bijzondere transporten.
Artikel 7
De registerloods die in het register is
ingeschreven voor de scheepvaartwegen die behoren tot het regionale
loodsstation Den Helder is op die scheepvaartwegen bevoegd:
a. vanaf het moment van inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot en met
95m;
b. vanaf 6 maanden na inschrijving in
het register, voor schepen met een lengte over alles tot en met
125m;
c. vanaf 12 maanden na inschrijving
in het register, voor alle schepen.
Artikel 8
1.De registerloods die in het register
is ingeschreven voor de scheepvaartwegen die behoren tot het regionale
loodsstation IJmuiden/Amsterdam is op die scheepvaartwegen bevoegd:
a. vanaf het moment van
inschrijving in het register, voor schepen met een lengte over
alles tot 95 m;
b. vanaf 6 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 125 m;
c. vanaf 12 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 150 m;
d. vanaf 24 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 175 m;
e. vanaf 42 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 200 m;
f. vanaf 60 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 245 m;
g. vanaf 84 maanden na inschrijving
in het register, voor alle schepen.
2.Voor de registerloods geldt op de
scheepvaartwegen, bedoeld in het eerste lid, als specialisatie de
bevoegdheid tot het verrichten van de loodsdienst voor schepen die de
IJgeul bevaren, voor zover het betreft schepen die door hun diepgang
bij of krachtens wettelijk voorschrift verplicht zijn gebruik te maken
van de gehele IJgeul.
Artikel 9
1. De bevoegdheden van de registerloods
die in het register is ingeschreven voor de scheepvaartwegen die
behoren tot één of meer gebieden van het regionale loodsstation
Rijnmond wordt onderscheiden in de volgende bevoegdheidscategorieën:
a. Algemeen loods (gebied la en
gebied Ib);
b. Europoort loods (gebied II);
c. Stadloods (gebied III);
d. Dordrecht loods (gebied Ib en
gebied IV);
e. Scheveningen loods (gebied V).
2. Voor de bevoegdheidscategorieën als
genoemd in het eerste lid gelden de volgende maximale bevoegdheden:
a. Algemeen loods in gebied la voor
schepen met een lengte over alles tot 200m en in gebied Ib voor
schepen met een lengte over alles tot 125m of met een diepgang tot
70dm met uitzondering van de Nieuwe Maas tussen de Erasmusbrug en
kilometerraai 992,7 en de Hollandse IJssel tot aan de stuw te
Krimpen aan de IJssel waar een lengte tot 100m geldt of een
diepgang tot 60 dm;
b. Europoort loods in gebied II
voor alle schepen:
c. Stad loods in gebied III voor
alle schepen;
d. Dordrecht loods in gebied Ib en
gebied IV voor alle schepen;
e. Scheveningen loods in gebied V
voor alle schepen.
3. Onverminderd het bepaalde in het
tweede lid is de registerloods die in het register is ingeschreven
voor de scheepvaartwegen die behoren tot één of meer gebieden van
het regionale Ioodsstation Rijnmond, op de scheepvaartwegen die
behoren tot de bevoegdheidscategorie Algemeen loods, bevoegd:
a. vanaf het moment van
inschrijving in het register, voor schepen met een lengte over
alles tot 100m;
b. vanaf 9 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 125m;
c. vanaf 21 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 150m;
d. vanaf 33 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 175m;
e. vanaf 42 maanden na inschrijving
in het register, voor schepen met een lengte over alles tot 200m.
4. De plaatsing in de
bevoegdhedencategorieën Europoort-, Stad-, Dordrecht- of Scheveningen
loods alsmede de plaatsing in de specialisatie ‘loodsen op afstand
vanaf de wal’ vindt plaats door het bestuur van de regionale
loodsencorporatie Rotterdam-Rijnmond, uitsluitend op grond van:
a. het doorlopend kunnen uitvoeren
van de dienstverlening als bedoeld in de artikelen 1en 2 van de
Dienstverleningsverordening registerloodsen; en
b. zoveel mogelijk de persoonlijke
voorkeur van de registerloods.
De plaatsing in de specialisatie ‘loodsen
op afstand vanaf de wal’ geschiedt nadat de loods ten minste 12
maanden de bevoegdheid genoemd in onderdeel e van het derde lid heeft
bezeten. De plaatsing in de bevoegdheidscategorieën Europoort loods,
Stad loods of Scheveningen loods geschiedt nadat de loods uiterlijk 24
maanden de bevoegdheid genoemd in het derde lid onderdeel e heeft
bezeten. De plaatsing in de bevoegdheidscategorie Dordrecht loods
geschiedt nadat de loods ten minste 24 maanden de bevoegdheid genoemd
in het derde lid onderdeel b heeft bezeten.
5. De registerloods die ten minste 9
maanden over de bevoegdheid, genoemd in onderdeel e van het derde lid
beschikt, kan door het bestuur van de regionale loodsencorporatie
Rotterdam-Rijnmond in de bevoegdheidscategorie Europoort loods worden
geplaatst. Alsdan is de registerloods op de tot deze
bevoegdheidscategorie behorende scheepvaartwegen bevoegd:
a. vanaf die plaatsing, voor
schepen met een lengte over alles tot 250m;
b. vanaf 12 maanden na die
plaatsing, voor schepen met een lengte over alles tot 275m;
c. vanaf 21 maanden na die
plaatsing, voor schepen met een lengte over alles tot 300m;
d. vanaf 33 maanden na die
plaatsing, voor schepen met een lengte over alles tot 325m;
e. vanaf 45 maanden na die
plaatsing, voor schepen met een lengte over alles tot 350m;
f. vanaf 54 maanden na die
plaatsing, voor schepen met een lengte over alles tot 375m;
g. vanaf 66 maanden na die
plaatsing voor alle schepen.
6. De registerloods die ten minste 9
maanden over de bevoegdheid, genoemd in onderdeel e van het derde lid
beschikt kan door het bestuur van de regionale loodsencorporatie
Rotterdam-Rijnmond in de bevoegdheidscategorie Stad loods worden
geplaatst.
Alsdan is de registerloods op de tot
deze bevoegdheidscategorie behorende scheepvaartwegen bevoegd:
a. vanaf die plaatsing, voor
schepen met een lengte over alles tot 225m;
b. vanaf 12 maanden na die
plaatsing, voor schepen met een lengte over alles tot 250m;
c. vanaf 21 maanden na die
plaatsing, voor schepen met een lengte over alles tot 275m;
d. vanaf 33 maanden na die
plaatsing, voor schepen met een lengte over alles tot 300m;
e. vanaf 45 maanden na die
plaatsing, voor alle schepen.
7. De registerloods die ten minste 12
maanden over de bevoegdheid, genoemd in onderdeel b van het derde lid
beschikt kan door het bestuur van de regionale loodsencorporatie
Rotterdam-Rijnmond in de bevoegdheidscategorie Dordrecht loods worden
geplaatst. Alsdan is de registerloods op de tot deze
bevoegdheidscategorie behorende scheepvaartwegen bevoegd:
a. vanaf die plaatsing, voor
schepen meteen lengte over alles tot 150m;
b. vanaf 12 maanden na die
plaatsing, voor schepen met een lengte over alles tot 175m;
c. vanaf 21 maanden na die
plaatsing, voor schepen voor alle schepen.
8. De registerloods die ten minste 9
maanden over de bevoegdheid, genoemd in onderdeel e van het derde lid
beschikt kan door het bestuur van de regionale loodsencorporatie
Rotterdam-Rijnmond in de bevoegdheidscategorie Scheveningen loods
worden geplaatst.
Alsdan is de registerloods op de tot
deze bevoegdheidscategorie behorende scheepvaartwegen bevoegd voor
alle schepen.
9. Voor de registerloods zijn de
schepen onderscheidenlijk genoemd in het vijfde, zesde, zevende en
achtste lid op die onderscheidenlijke scheepvaartwegen, alsmede
schepen met een diepgang van 143dm of meer, specialisaties.
Artikel 10
1. De registerloods die in het register
is ingeschreven voor het regionale loodsstation Scheldemonden voor het
gebied VI, is op de betreffende scheepvaartwegen bevoegd:
a. vanaf het moment van
inschrijving in het register, voor schepen met een lengte over
alles tot 100m;
b. vanaf 6 maanden na inschrijving
in het register voor schepen met een lengte over alles tot 125m;
c. vanaf 18 maanden na inschrijving
in het register voor schepen met een lengte over alles tot 140m;
d. vanaf 30 maanden na inschrijving
in het register voor schepen met een lengte over alles tot 160m;
e. vanaf 48 maanden na inschrijving
in het register voor schepen met een lengte over alles tot 180m;
f. vanaf 72 maanden na inschrijving
in het register voor schepen met een lengte over alles tot 210m;
g. vanaf 84 maanden na inschrijving
in het register voor schepen met een lengte over alles tot 260m;
h. Vanaf 96 maanden na inschrijving
in het register voor alle schepen.
2. De registerloods die in het register
is ingeschreven voor het regionale loodsstation Scheldemonden voor een
van de gebieden VII tot en met XII, is op de betreffende
scheepvaartwegen bevoegd:
a. vanaf het moment van
inschrijving in het register, voor schepen met een lengte over
alles tot 100 m;
b. vanaf 6 maanden na inschrijving
in het register voor schepen met een lengte over alles tot 125 m;
c. vanaf 18 maanden na inschrijving
in het register voor schepen met een lengte over alles tot 140 m;
d. vanaf 30 maanden na inschrijving
in het register voor schepen met een lengte over alles tot 160 m;
e. vanaf 48 maanden na inschrijving
in het register voor schepen met een lengte over alles tot 180 m;
f. vanaf 72 maanden na inschrijving
in het register voor schepen met een lengte over alles tot 210 m;
g. vanaf 96 maanden na inschrijving
in het register voor alle schepen, met uitzondering van de in het
vierde lid genoemde specialisaties.
3. Onverminderd het eerste en tweede
lid, geschiedt inschrijving in een naasthogere categorie steeds eerst
nadat voor overgang naar de categorie:
a. schepen met een lengte over
alles tot 125 m, ten minste 80 reizen zijn afgelegd;
b. schepen met een lengte over
alles tot 140 m, ten minste 240 reizen zijn afgelegd;
c. schepen met een lengte over
alles tot 160 m, ten minste 400 reizen zijn afgelegd;
d. schepen met een lengte over
alles tot 180 m, ten minste 640 reizen zijn afgelegd;
e. schepen met een lengte over
alles tot 210 m, ten minste 960 reizen zijn afgelegd; en
f. schepen met een lengte over
alles tot 260 m, ten minste 1120 reizen zijn afgelegd .
4. Voor de registerloods die in het
register is ingeschreven voor het regionale loodsstation Scheldemonden
voor de gebieden VII, VIII of IX, zijn specialicaties:
a. op de scheepvaartwegen die
behoren tot de Buitenhaven Vlissingen, schepen met een lengte over
alles van 210 m of meer of een diepgang van 100 dm of meer;
b. op de scheepvaartwegen die
behoren tot het havengebied Vlissingen-Oost met inbegrip van de
Totalsteiger Borssele, schepen met een lengte over alles vanaf 235
m of meer of een diepgang van 125 dm of meer;
c. op de scheepvaartwegen die
behoren tot de Everingen, schepen met een lengte over alles van
300 m of meer of een diepgang van 125 dm of meer;
d. op de scheepvaartwegen die
behoren tot:
1°. de Braakmanhaven;
2°. de Westbuitenhaven
Terneuzen; of
3°. het Kanaal van Gent naar
Terneuzen;
schepen met een lengte over alles
van 225 m of meer of een diepgang van 115 dm of meer, alsmede
zogenoemde ‘autoschepen’ met een lengte over alles vanaf 160 m
waaraan voor de vaart door de bevoegde autoriteit bijzondere eisen
zijn gesteld;
e. op de scheepvaartwegen die
behoren tot de Put van Terneuzen, schepen met een lengte over
alles van 260 m of meer of een diepgang van 125 dm of meer.
f. op de scheepvaartwegen die
behoren tot de Schelde te Antwerpen schepen met een lengte over
alles vanaf 260 m tot 300 m of een diepgang van 125 dm of meer.
g. op de scheepvaartwegen die
behoren tot de Schelde te Antwerpen schepen met een lengte over
alles van 300 m of meer of een diepgang van 140 dm of meer, nadat
de registerloods daaraan voorafgaand ten minste 12 maanden
geplaatst is geweest in de specialisatie, bedoeld in onderdeel f.
5. De plaatsing in een of meerdere
specialisaties, genoemd in het vierde lid vindt plaats door het
bestuur van de regionale loodsencorporatie Scheldemonden uitsluitend
op grond van het doorlopend kunnen uitvoeren van de dienstverlening,
bedoeld in de artikelen 1en 2 van de Dienstverleningsverordening
registerloodsen.
Artikel 11
1.Voor de registerloods zijn eveneens
specialisaties:
a. schepen op de scheepvaartwegen
als bedoeld in artikel 2, zevende lid, voorzover deze schepen niet
reeds als specialisatie zijn genoemd in de artikelen 5 tot en met
10 dan wel de scheepvaartwegen die behoren tot het gebied als
bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel a.
b. het loodsen op afstand vanaf de
wal.
2.De registerloodsen die de
bevoegdheden ontlenen aan artikel 9 zijn, na verloop van 66 maanden na
inschrijving verplicht in ieder geval één van de specialisaties
Europoort loods, Stads loods of Dordrecht loods te hebben onverminderd
de bevoegdheid als Algemeen loods.
Artikel 12
De registerloods, die een opleiding als
bedoeld in de artikelen 3, tweede lid, onderdeel b, en 4 wenst te
volgen, behoeft hiervoor de goedkeuring van het bestuur van de regionale
loodsencorporatie.
Artikel 13
1.Onverminderd het bepaalde in artikel
4, tweede lid, is, indien in bijzondere omstandigheden voor een
bepaalde categorie van schepen geen bevoegde registerloods beschikbaar
is, voor een schip uit die bepaalde categorie van schepen bevoegd, de
registerloods die van de beschikbare registerloodsen in de
naastgelegen voorafgaande lagere bevoegdheid de langste tijd bevoegd
is binnen die categorie.
2.Het eerste lid blijft buiten
toepassing, ten aanzien van de artikelen 5, tweede lid, 6, tweede lid,
8, tweede lid en 10, tweede en derde lid.
Artikel 14
1.Indien daartoe naar het oordeel van
het bestuur van de regionale loodsencorporatie aanleiding bestaat, kan
in individuele gevallen in beperkende zin worden afgeweken van het
bepaalde in de artikelen 5 tot en met 11.
2.Indien een registerloods gedurende
een door het bestuur van de regionale loodsencorporatie vast te
stellen termijn geen reizen als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van
het Loodsenregisterbesluit (Stb. 1988, 394) heeft gemaakt op een
scheepvaartweg of een gedeelte daarvan, waarvoor hij krachtens deze
verordening een bevoegdheid heeft, kan dat bestuur de bevoegdheid van
die registerloods voor die scheepvaartweg of een gedeelte daarvan
overeenkomstig beperken. Deze beperking kan door het bestuur eveneens
geheel of gedeeltelijk worden beëindigd.
Voor het beëindigen van een beperking
kan het bestuur nadere voorwaarden stellen ten aanzien van ervaring en
vaardigheid.
3.In de gevallen als bedoeld in artikel
3, tweede lid, onderdelen b en c, kan het bestuur van de betreffende
regionale loodsencorporatie de termijnen genoemd in de artikelen 5 tot
en met 10 voor de betrokken registerloods lager vaststellen. Deze
vaststelling wordt zoveel moge- lijk afgestemd op de als registerloods
reeds elders verkregen bevoegdheid.
Hoofdstuk 3. Overige bepalingen
Artikel 15
1.Als startpunt voor de opbouw van
bevoegdheden geldt ten aanzien van hen die in het register zijn
ingeschreven op grond van artikel 63, eerste lid, van de Loodsenwet
(Stb. 1988, 353) in plaats van het moment van inschrijving in het
register, het moment waarop zij bevoegd werden zelfstandig te loodsen
in het betreffende regionale loodsstation.
2.Het bestuur van de regionale loodsen-
corporatie Rotterdam-Rijnmond plaatst de tot die regionale
loodsencorporatie behorende registerloodsen, met ingang van de datum
waarop deze verordening van kracht is, in de in artikel 9 genoemde
bevoegdheden, zodanig dat de krachtens artikel 9 toegekende
bevoegdheid zoveel mogelijk overeenkomt met de bevoegdheid van de
registerloods op de dag voorafgaande aan de inwerkingtredingsdatum van
deze verordening.
3.Behoudens het bepaalde in het tweede
lid wordt de bevoegdheid van een registerloods, verkregen krachtens de
van toepassing zijnde Bevoegdhedenverordening registerloodsen op de
dag voorafgaande aan de inwerkingtreding van deze verordening, geacht
te zijn verkregen krachtens deze verordening.
4.Na inwerkingtreding van deze
verordening berusten de op grond van artikel 5, tweede lid, van de
Bevoegdhe-denverordening registerloodsen door de besturen van de
regionale loodsencorporaties vastgestelde reglementen op artikel 4,
tweede lid, van deze verordening.
Artikel 16
Deze verordening kan worden aangehaald
als: Bevoegdhedenverordening registerloodsen 1995.
Artikel 17
Deze verordening treedt in werking met
ingang van de tweede dag na die van plaatsing in de Staatscourant.
Aldus vastgesteld in de ledenvergadering van
de Nederlandse Loodsencorporatie op 16 mei 1995 te Utrecht.
Goedgekeurd bij besluit van de Minister van
Verkeer en Waterstaat van 31 mei 1995, DGSM/J-12.743/95.
|
|
|