| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Mediawet 2008
REGELING
AANWIJZING EN GEBRUIK FREQUENTIERUIMTE
COMMERCIËLE RADIO-OMROEP 2003
Tekst zoals deze geldt op
24 januari 2012
|
|
|
REGELING van de Staatssecretaris van Onderwijs,
Cultuur en Wetenschappen inzake aanwijzing en gebruik frequentieruimte
commerciële radio-omroep
De
Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen;
Handelende in overeenstemming met het gevoelen
van de ministerraad;
Gelet op artikel 82e van de Mediawet en
artikel 53c, tweede lid, van het Mediabesluit;
Besluit:
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder demografisch bereik: het
demografisch bereik, bedoeld in artikel 1, onderdeel q, van de Regeling
aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep
2003, en artikel 1, onderdeel m, van de Regeling vervolg verdeling
frequenties commerciële radio-omroep 2003.
Artikel 2
1. De frequentieruimte in de
FM-band, aangewezen in het tweede lid, wordt slechts gebruikt voor het
uitzenden van radioprogramma's van commerciële omroepinstellingen, die
overwegend bestaan uit nieuws, actualiteiten en informatie, gericht op
de Nederlandse samenleving. Een radioprogramma wordt aangemerkt als een
radioprogramma, bedoeld in de vorige volzin, indien:
a. het radioprogramma in elk geval wordt uitgezonden gedurende de
uren van 07.00 uur tot 19.00 uur;
b. het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur ten minste 50
procent nieuws, actualiteiten en informatie bevat; en
c. in het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur en tussen
19.00 uur en 23.00 uur, voor zover in laatstgenoemde uren wordt
uitgezonden, ten minste eenmaal per uur op het hele uur en tussen 23.00
uur en 07.00 uur, voor zover in deze uren wordt uitgezonden, ten minste
eenmaal per twee uur op het hele uur een programmaonderdeel bestaande
uit nieuws is opgenomen.
2. Als frequentieruimte,
bedoeld in het eerste lid, wordt aangewezen: de frequentieruimte in de
kavel A4, bedoeld in tabel 2 van bijlage 1 van de Regeling aanvraag en
vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2003.
3. Bij de toepassing van het eerste lid,
onderdeel b, wordt de zendtijd besteed aan reclameboodschappen buiten
beschouwing gelaten.
4. Het eerste tot en met derde
lid zijn niet van toepassing indien met toepassing van artikel 2, derde
lid, van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen
commerciële radio-omroep 2003, de in het tweede lid bedoelde
frequentieruimte wordt bestemd voor ongeclausuleerde landelijke
commerciële radio-omroep.
Artikel 3
1. De frequentieruimte in de
FM-band, aangewezen in het tweede lid, wordt slechts gebruikt voor het
uitzenden van een radioprogramma van een commerciële omroepinstelling,
dat overwegend bestaat uit Nederlandstalige muziek. Een radioprogramma
wordt aangemerkt als een radioprogramma, bedoeld in de vorige volzin,
indien:
a. het radioprogramma in elk geval wordt uitgezonden gedurende de
uren van 07.00 uur tot 19.00 uur;
b. het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur ten minste 30
procent Nederlandstalige muziek bevat;
c. het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur ten minste 20
procent muziek, andere dan bedoeld in onderdeel b, van Europese
producties bevat; en
d. het radioprogramma tussen 07.00
uur en 19.00 uur ten minste 10 procent muziek als bedoeld in onderdeel b
of c bevat van muziekproducties die niet langer dan één jaar geleden
zijn uitgebracht.
2. Als frequentieruimte,
bedoeld in het eerste lid, wordt aangewezen: de frequentieruimte in de
kavel A9, bedoeld in tabel 2 van bijlage 1 van de Regeling aanvraag en
vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2003.
3. Voor de toepassing van het eerste lid
worden als Europese producties aangemerkt muziekproducties die met
overeenkomstige toepassing van de criteria van artikel 6 van de Europese
richtlijn als Europese productie kunnen worden aangemerkt.
4. Bij de toepassing van het eerste lid, onderdelen b tot en met
d, wordt de zendtijd besteed aan reclameboodschappen en nieuws buiten
beschouwing gelaten.
5. Het eerste tot en met
vierde lid zijn niet van toepassing indien met toepassing van artikel 2,
derde lid, van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen
commerciële radio-omroep 2003, de in het tweede lid bedoelde
frequentieruimte wordt bestemd voor ongeclausuleerde landelijke
commerciële radio-omroep.
Artikel 4
1. De frequentieruimte in de
FM-band, aangewezen in het tweede lid, wordt slechts gebruikt voor het
uitzenden van radioprogramma's van commerciële omroepinstellingen, die
overwegend bestaan uit klassieke muziek, moderne klassieke muziek
daaronder begrepen, of jazzmuziek. Een radioprogramma wordt aangemerkt
als een radioprogramma, bedoeld in de vorige volzin, indien:
a. het radioprogramma in elk geval wordt uitgezonden gedurende de
uren van 07.00 uur tot 19.00 uur; en
b. het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur ten minste 50
procent klassieke muziek, moderne klassieke muziek daaronder begrepen,
of jazzmuziek bevat.
2. Als frequentieruimte als
bedoeld in het eerste lid wordt aangewezen: de frequentieruimte behorend
bij kavel A8, bedoeld in het besluit van de Minister van Economische
Zaken, Landbouw en Innovatie van 26 april 2011, nr. AT-EL&I/
6614918, houdende de vaststelling van twee vergunningen voor landelijke
commerciële radio-omroep (kavels A7 en A8) alsmede twee vergunningen
voor digitale radio-omroep (Stcrt. 2011, 7602).
3. Bij de toepassing van het eerste lid,
onderdeel b, wordt de zendtijd besteed aan reclameboodschappen en nieuws
buiten beschouwing gelaten.
4. Het eerste tot en met derde
lid zijn niet van toepassing indien de Minister van Economische Zaken in
overeenstemming met de minister besluit dat de in het tweede lid
bedoelde frequentieruimte wordt bestemd voor ongeclausuleerde landelijke
commerciële radio-omroep.
Artikel 5
1. De frequentieruimte in de
FM-band, aangewezen in het tweede lid, wordt slechts gebruikt voor het
uitzenden van radioprogramma's van commerciële omroepinstellingen, die
overwegend bestaan uit bijzondere muziek. Een radioprogramma wordt
aangemerkt als een radioprogramma, bedoeld in de vorige volzin, indien:
a. het radioprogramma in elk geval wordt uitgezonden gedurende de
uren van 07.00 uur tot 19.00 uur;
b. het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur ten minste 50
procent muziek bevat;
c. het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur ten hoogste 25
procent muziek bevat die genoteerd staat of heeft gestaan op een van de
gangbare hitlijsten voor popmuziek in Nederland, waarbij hitnoteringen
van vijf jaar of langer geleden niet meetellen; en
d. het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur minder dan 50
procent klassieke muziek, moderne klassieke muziek daaronder begrepen,
of jazzmuziek bevat.
2. Als frequentieruimte,
bedoeld in het eerste lid, wordt aangewezen: de frequentieruimte in de
kavel A2, bedoeld in tabel 2 van bijlage 1 van de Regeling aanvraag en
vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2003.
3. Bij de toepassing van het eerste lid,
onderdelen b tot en met d, wordt de zendtijd besteed aan
reclameboodschappen en nieuws buiten beschouwing gelaten.
4. Het eerste tot en met derde
lid zijn niet van toepassing indien met toepassing van artikel 2, derde
lid, van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen
commerciële radio-omroep 2003, de in het tweede lid bedoelde
frequentieruimte wordt bestemd voor ongeclausuleerde landelijke
commerciële radio-omroep.
Artikel 6
1. De frequentieruimte in de
FM-band, aangewezen in het tweede lid, wordt slechts gebruikt voor het
uitzenden van radioprogramma's van commerciële omroepinstellingen, die
overwegend bestaan uit bijzondere muziek. Een radioprogramma wordt
aangemerkt als een radioprogramma, bedoeld in de vorige volzin, indien:
a. het radioprogramma in elk geval wordt uitgezonden gedurende de
uren van 07.00 uur tot 19.00 uur;
b. het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur ten minste 50
procent muziek bevat;
c. het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur ten hoogste 25
procent muziek bevat die genoteerd staat of heeft gestaan op een van de
gangbare hitlijsten voor popmuziek in Nederland;
d. het radioprogramma tussen 07.00
uur en 19.00 uur ten minste 10 procent muziek bevat van muziekproducties
die niet langer dan één jaar geleden zijn uitgebracht; en
e. het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur minder dan 50
procent klassieke muziek, moderne klassieke muziek daaronder begrepen,
of jazzmuziek bevat.
2. Als frequentieruimte,
bedoeld in het eerste lid, wordt aangewezen: de frequentieruimte in de
kavel A5, bedoeld in tabel 2 van bijlage 1 van de Regeling aanvraag en
vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2003.
3. Bij de toepassing van het eerste lid,
onderdelen b tot en met e, wordt de zendtijd besteed aan
reclameboodschappen en nieuws buiten beschouwing gelaten.
4. Het eerste tot en met derde
lid zijn niet van toepassing indien met toepassing van artikel 2, derde
lid, van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen
commerciële radio-omroep 2003, de in het tweede lid bedoelde
frequentieruimte wordt bestemd voor ongeclausuleerde landelijke
commerciële radio-omroep.
Artikel 7
1. De frequentieruimte in de
FM-band, aangewezen in het tweede lid, wordt slechts gebruikt voor het
uitzenden van regionale radioprogramma's van commerciële
omroepinstellingen die in het bijzonder gericht zijn op het gebied
waarvoor de programma's zijn bestemd. Een radioprogramma wordt
aangemerkt als een radioprogramma, bedoeld in de vorige volzin, indien:
a. het radioprogramma in elk geval wordt uitgezonden gedurende de
uren van 07.00 uur tot 19.00 uur;
b. het radioprogramma tussen 07.00 uur en 19.00 uur voor ten minste
10 procent in het bijzonder gericht is op het gebied waarvoor het
programma is bestemd; en
c. verzorgd wordt door een
commerciële omroepinstelling, waarvan alle door haar verzorgde en via
omroepnetwerken uitgezonden programma's tezamen door niet meer dan 30
procent van het aantal inwoners van Nederland kunnen worden ontvangen.
2. Als frequentieruimte, bedoeld in het eerste lid, wordt
aangewezen:
a. de frequentieruimte in de
kavels B1 tot en met B26, bedoeld in tabel 3 van bijlage 1 van de
Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële
radio-omroep 2003;
b. de frequentieruimte in de
kavels B27 tot en met B38, bedoeld in tabel A van bijlage 1 van de
Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële
radio-omroep 2007.
3. Bij de toepassing van het eerste lid, onderdeel b, wordt de
zendtijd besteed aan reclameboodschappen buiten beschouwing gelaten.
Artikel 8
1. In afwijking van artikel
6:24, eerste lid, van de Mediawet 2008, mag voor de uitzending via de
FM-band van radioprogramma's, andere dan bedoeld in artikel 7, eerste
lid, van eenzelfde commerciële omroepinstelling meer dan één
FM-frequentie of samenstel van FM-frequenties worden gebruikt, met dien
verstande dat:
a. niet meer of andere
frequentieruimte in de FM-band wordt gebruikt dan de frequentieruimte
van ten hoogste twee kavels, bedoeld in artikel 2, eerste en tweede lid,
van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen
commerciële radio-omroep 2003 en het besluit van de Minister van
Economische Zaken, Landbouw en Innovatie van .26 april 2011, nr. AT-EL&I/
6614918, houdende de vaststelling van twee vergunningen voor landelijke
commerciële radio-omroep (kavels A7 en A8) alsmede twee vergunningen
voor digitale radio-omroep (Stcrt. 2011, 7602)
voor zover het de kavels A7 en A8 betreft, voor zover het de kavels A7
en A8 betreft, en
b. één van de kavels, bedoeld in
onderdeel a, frequentieruimte betreft waarop artikel 2, eerste en tweede
lid, artikel 3, eerste en tweede lid, artikel 4 eerste en tweede lid,
artikel 5, eerste en tweede lid, of artikel 6, eerste en tweede lid, van
toepassing is.
2. In afwijking van artikel
6.24, eerste lid, van de Mediawet 2008, mag voor de uitzending via de
FM-band van radioprogramma's als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van
eenzelfde commerciële omroepinstelling meer dan één FM-frequentie of
samenstel van FM-frequenties, behorende tot de in artikel 7, tweede lid,
aangewezen frequentieruimte, worden gebruikt, mits
a. het demografisch bereik van de desbetreffende FM-frequenties of
samenstellen van FM-frequenties tezamen niet meer bedraagt dan 30
procent; en
b. er geen sprake is van een
combinatie als bedoeld in bijlage 2a van de Regeling aanvraag en
vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2003 en
bijlage 2 van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen
commerciële radio-omroep 2007 en, voor zover het betreft de kavels B2,
B11 en B26, bijlage 2a van de Regeling vervolg verdeling frequenties
commerciële radio-omroep 2003, waarbij het demografisch bereik van de
kleinste FM-frequentie of samenstel van FM-frequenties voor 35 procent
of meer valt binnen het demografisch bereik van de andere FM-frequentie
of samenstel van FM-frequenties, dan wel, indien dit percentage lager is
dan 35 procent, meer dan 100.000 inwoners binnen het demografisch bereik
van beide FM-frequenties of samenstellen van FM-frequenties vallen.
Artikel 9
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de
dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Artikel 10
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanwijzing en gebruik
frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant
worden geplaatst.
C.H.J. van Leeuwen.
Bijlage [Vervallen per
30-04-2011]
|
|
|