| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Noodwet
Geneeskundigen
BESLUIT
EX ARTIKEL 6 NOODWET GENEESKUNDIGEN
Tekst zoals deze geldt op
21 januari 2012
|
|
|
De Minister van
Volksgezondheid en Milieuhygiëne;
Gelet op artikel 6, eerste lid, van de Noodwet
Geneeskundigen (Stb. 1971, 396);
Handelende in overeenstemming met het gevoelen
van de ministerraad;
De Raad voor de buitengewone geneeskundige en
farmaceutische voorziening gehoord (advies van 29 mei 1980, nr.
75487/CV);
Besluit:
Artikel 1
Het bevoegd gezag houdt aan de hand van de gegevens die hem worden
verstrekt uit het register, bedoeld in artikel 29 van de Noodwet
Geneeskundigen, een overzicht bij van de geneeskundigen die in zijn
ambtsgebied woonachtig zijn.
Artikel 2
1. Het ten aanzien van artsen bevoegde
gezag stelt op grondslag van het in artikel 1 bedoelde overzicht en aan
de hand van de in dat artikel bedoelde gegevens een plan op ter
voorziening in het tekort aan artsen voor de geneeskundige verzorging
van de bevolking, dat naar zijn oordeel zal ontstaan in geval van
oorlog, oorlogsgevaar, daaraan verwante of daarmede verband houdende
buitengewone omstandigheden.
2. Het past tenminste eenmaal per zes maanden het plan aan, aan
wijzigingen in de artikel 1 bedoelde gegevens.
Artikel 3
In het plan wordt tenminste rekening gehouden met:
a. de opnamecapaciteit van de Ziekenhuisorganisatie in
buitengewone omstandigheden, neergelegd in de in het kader van die
organisatie voor het betrokken gebied opgestelde
hospitalisatiestreekplannen;
b. de bezettingsnormen voor specialisten in ziekeninrichtingen,
vastgesteld door de Directeur-Generaal van de Volksgezondheid;
c. de behoefte aan arsten voor het formeren van de nodige mobiele
chirurgische teams als bedoeld in de aanwijzingen ter zake van de
Directeur-Generaal van de Volksgezondheid aan de regionale
geneeskundige inspecteurs van het Staatstoezicht op de
Volksgezondheid.
Artikel 4
Indien het bevoegd gezag in het in artikel 2, eerste lid, bedoelde
tekort aan artsen voorziet door het opleggen van verplichtingen aan
personen die een opleiding tot arts gedeeltelijk hebben gevolgd en die
krachtens artikel 2 van de Noodwet Geneeskundigen met geneeskundigen
zijn gelijkgesteld, houdt daarbij rekening met het aantal en de soort
van de co-assistentschappen die zijn gevolgd.
Artikel 5
Indien het bevoegd gezag van oordeel is dat met inschakeling van de
in zijn ambtsgebied woonachtige artsen die beschikbaar zullen zijn voor
de geneeskundige verzorging van de bevolking, niet in voldoende mate in
het in artikel 2, eerste lid, bedoelde tekort kan worden voorzien,
pleegt het daaromtrent overleg met de Directeur-Generaal van de
Volksgezondheid.
Artikel 6
1. Dit besluit wordt met de daarbij
behorende toelichting in de
Nederlandse Staatscourant
geplaatst.
2. Het treedt in werking met ingang van de dag na die waarop het
in de
Nederlandse Staatscourant is geplaatst.
Leidschendam, 1 februari 1982.
De Minister voornoemd,
M.H.M.F. Gardeniers-Berendsen.
|
|
|