BESLUIT van 12 mei 1981 tot uitvoering van artikel
152, tiende lid, van de Provinciewet
WIJ BEATRIX,
bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Op de
voordracht van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken van 18 maart
1981, nr. FB81/U239, Directoraat-Generaal Binnenlands Bestuur, Directie
Financiën Binnenlands Bestuur, Afdeling Financieel-Juridische Zaken,
gedaan mede namens de Staatssecretaris van Financiën;
Gelet op artikel 152, tiende lid, van de
Provinciewet, zoals dit laatstelijk is gewijzigd bij de Wet van 20
november 1980, houdende wijziging van de regeling inzake provinciale
belastingen (Stb. 1980, 640);
De Raad van State gehoord (advies van 14 april
1981, nr. 810408/6);
Gezien het nader rapport van de
Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken van 29 april 1981, nr.
FJ81/U882, Directoraat-Generaal Binnenlands Bestuur, Directie Financiën
Binnenlands Bestuur, Afdeling Financieel-Juridische Zaken, uitgebracht
mede namens de Staatssecretaris van Financiën;
Hebben
goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
Voor de heffing van opcenten op de hoofdsom van de
motorrijtuigenbelasting wordt het gebied van oostelijk en zuidelijk
Flevoland, dat geen deel van een provincie uitmaakt, gerekend tot het
gebied van de provincie Gelderland.
Artikel 2
De opbrengst van de in artikel 1 bedoelde opcenten wordt door Onze
Minister van Binnenlandse Zaken aangewend voor het toekennen van
incidentele bijdragen en vervangende provinciale subsidies ten behoeve
van activiteiten binnen de gemeente Dronten, de gemeente Lelystad en het
openbaar lichaam "Zuidelijke IJsselmeerpolders".
Artikel 3
Onze Minister van Binnenlandse Zaken verstrekt jaarlijks aan de
besturen van de in artikel 2 genoemde publiekrechtelijke lichamen een
overzicht van de opbrengst en van de toegekende incidentele bijdragen en
vervangende provinciale subsidies.
Artikel 4
1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag
na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt
geplaatst en vindt toepassing met ingang van 1 april 1981.
2. Dit besluit kan worden aangehaald als: Besluit provinciale
opcenten motorrijtuigenbelasting.
Lasten en bevelen dat dit
besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad
zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de
Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.
Lage Vuursche, 12 mei 1981
BEATRIX
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken,
H.E. Koning
Uitgegeven de elfde juni 1981
De Minister van Justitie,
J. de Ruiter