|
De Minister van
Verkeer en Waterstaat;
Gelet op artikel 8 van de
Scheepvaartverkeerswet en artikel 13 van het Besluit administratieve
bepalingen scheepvaartverkeer;
Besluit:
Artikel 1
Onverminderd het bepaalde in de Regeling snelle motorboten
Rijkswateren 1995, geldt op de gehele Waddenzee een maximumvaarsnelheid
van 20 Km/uur (circa 11 Knopen) voor alle schepen.
Artikel 2
De in artikel 1 genoemde maximumvaarsnelheid geldt niet op de betonde
vaargeulen van:
zee naar de havens van Den Helder, Oudeschild en Den Oever via
respectievelijk het ’Marsdiep, de Texelstroom en Visjagersgaatje’;
Den Helder naar de havens van Kornwerderzand en Harlingen via de ’Texelstroom,
Doove Balg en Boontjes’;
zee naar de havens van Harlingen via de ’Vliestroom en Blauwe Slenk’;
zee naar de haven van Lauwersoog via de ’Zoutkamperlaag’ en de
veerbootroutes van en naar de Waddeneilanden;
zee naar de scheidingston WA 22/MG 1.
Artikel 3
Dit besluit treedt inwerking met ingang van 1 mei 1998.
Dit Besluit zal met de toelichting in de Staatscourant
worden geplaatst.
Leeuwarden, 31 maart 1998.
De Minister van Verkeer en Waterstaat,
namens deze,
de hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat in de Directie
Noord-Nederland,
J.R. Hoogland.
|