| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Spoorwegwet
BESLUIT
AANWIJZING TOEZICHTHOUDERS SPOORWEGEN
Tekst zoals deze geldt op
3 maart 2009
Verwijderd
uit ons regelingenbestand
|
|
|
BESLUIT houdende aanwijzing van personen belast met
toezicht als bedoeld in de Spoorwegwet en de Spoorwegwet 1875 en
houdende wijziging van het Besluit aanwijzing toezichthoudende en
opsporingsambtenaren divisie Vervoer Inspectie Verkeer en Waterstaat
2002 (Besluit aanwijzing toezichthouders spoorwegen)
De Minister
van Verkeer en Waterstaat;
Gelet op artikel 69, eerste lid, van de
Spoorwegwet, artikel 1 van het Besluit van 24 oktober 2001, houdende
bepalingen met betrekking tot het toezicht als bedoeld in artikel 10 van
de Spoorwegwet, alsmede overige aanpassingen van besluiten samenhangende
met de instelling van de Inspectie Verkeer en Waterstaat, en artikel 87,
eerste lid, van de Wet personenvervoer 2000;
Besluit:
Artikel 1
1. De ambtenaren van de Inspectie van Verkeer en Waterstaat worden
aangewezen als ambtenaren belast met het toezicht op de naleving,
bedoeld in artikel 69, eerste lid, van de Spoorwegwet, van het
bepaalde bij of krachtens deze wet.
2. In afwijking van het eerste lid worden:
a. voor artikel 17 van de Spoorwegwet, de directeur-generaal
Mobiliteit en de onder hem werkzame ambtenaren aangewezen als
ambtenaren belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde
bij of krachtens dit artikel, met uitzondering van het bepaalde
krachtens de onderdelen a, b en c, van het eerste lid, van dit
artikel voor zover dit het toezicht op de veiligheid van de
spoorweginfrastructuur betreft;
b. voor de artikelen 19, eerste lid, 20, derde lid, en 21,
eerste en tweede lid, van de Spoorwegwet, en artikel 40, eerste
lid, met betrekking tot artikel 12, eerste lid, van het Besluit
spoorverkeer, de directeuren van de bedrijfseenheden
Inframanagement en Verkeersleiding en de onder hen werkzame
medewerkers van ProRail B.V. belast met het toezicht op de
naleving van het bepaalde bij of krachtens die artikelen.
Artikel 2
De directeur-generaal Mobiliteit en de onder hem werkzame ambtenaren
worden aangewezen als ambtenaren belast met het toezicht op de naleving
van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 12 tot en met 14 en
hoofdstuk II van de Wet personenvervoer 2000, voor zover dit betrekking
heeft op concessies verleend door onze Minister voor het openbaar
vervoer per trein.
Artikel 3
[Wijzigt het Besluit aanwijzing toezichthoudende ambtenaren
Spoorwegwet]
Artikel 4
[Wijzigt het Besluit aanwijzing toezichthouders en
opsporingsambtenaren divisie Vervoer Inspectie Verkeer en Waterstaat
2002.]
Artikel 5
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit aanwijzing toezichthouders
spoorwegen.
Artikel 6
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de
dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant
worden geplaatst.
De Minister van Verkeer en Waterstaat,
K.M.H. Peijs.
|
|
|