| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Telecommunicatiewet
BESLUIT
1-1-2 ALARMCENTRALES
Tekst zoals deze geldt op
4 maart 2009
Verwijderd
uit ons regelingenbestand
|
|
|
De Minister van
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
Handelende in overeenstemming met de
Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat;
Gelet op artikel 11.10, eerste en vierde lid,
van de Telecommunicatiewet en artikel 9, onderdeel b, van
Richtlijn nr. 97/66/EG van het Europees Parlement en de Raad van de
Europese Unie van 15 december 1997 betreffende de verwerking van
persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de
telecommunicatiesector (PbEG 1998, L 24),
Besluit:
Artikel 1
Als beheerders van de alarmnummers voor publieke diensten, bedoeld in
artikel 11.10, eerste lid, van de Telecommunicatiewet, worden aangewezen
de korpsbeheerders, bedoeld in artikel 23 van de Politiewet 1993, en de
Minister van Justitie als beheerder van het Korps landelijke
politiediensten.
Artikel 2
Als publieke diensten belast met hulpverleningstaken, bedoeld in
artikel 11.10, vijfde lid, van de Telecommunicatiewet, worden aangewezen
de gemeentelijke en regionale brandweerkorpsen, de ambulancediensten aan
wie krachtens de Wet Ambulancevervoer vergunning is verleend voor het
verrichten van ambulancevervoer, de regionale politiekorpsen en het
Korps landelijke politiediensten.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 11.10
van de Telecommunicatiewet in werking treedt.
Artikel 4
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit 1-1-2 alarmcentrales.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant
en het Algemeen Politieblad worden geplaatst.
’s-Gravenhage, 10 november 1998.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
A. Peper.
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
G.M. de Vries.
|
|
|