a. zendinrichtingen die krachtens artikel D.1.1, eerste lid van
het Besluit radio-elektrische inrichtingen zijn aangewezen voor:
1Ί. het doen van onderzoekingen,
2Ί. de burgerluchtvaart voor zover die zendinrichtingen
voldoen aan de internationaal voorgeschreven en aanbevolen
technische normen, zoals deze zijn vastgesteld in bijlage 10, deel
1 van het Verdrag inzake de Internationale burgerluchtvaart (Stb.
1947, H 165);
3Ί. vrijetijdstoepassingen ten behoeve van algemene
radiocommunicatie in de 27MHz-frequentieband voor zover deze
zendinrichtingen zijn voorzien van een vanwege de bevoegde
buitenlandse autoriteiten aangebracht keurmerk met een van de
navolgende aanduidingen:
CEPT-PR 27 aangevuld met het in de CEPT-Recommandatie T/R
20-09 vastgesteld symbool van het land waar de zendinrichting is
toegelaten;
PR 27D-FM en het bijbehorende toelatingsnummer van de
Bondsrepubliek Duitsland;
PR 27A;
PR 27 GB
b. andere zendinrichtingen dan bedoeld onder a 1° en 2° voor
zover de handelsreclame bestaat uit niet voor het algemene publiek
bestemde catalogi.