| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Wedervergeldingswet
zeescheepvaart
ADMINISTRATIEBESLUIT
II WEDERVERGELDINGSWET ZEESCHEEPVAART
Tekst zoals deze geldt op
20 januari 2012
|
|
|
De Minister van
Verkeer en Waterstaat;
Gelet op de Beschikkingen van de Raad van de
Europese Gemeenschappen van 19 december 1978, nr. 79/4/EEG (PbEG
9 januari 1979, L 5/31), van 4 december 1980, nr. 80/1181/EEG (PbEG
23 december 1980, L 350) en van 26 maart 1981, nr. 81/189/EEG (PbEG
2 april 1981, L 88/32);
Gelet op de artikelen 11b, tweede lid,
en 11d van de Wedervergeldingswet zeescheepvaart, zoals gewijzigd
bij de Wet van 12 juni 1980 (Stb. 1980, 364);
Besluit:
Artikel 1
Voor de toepassing van het bij dit besluit bepaalde wordt verstaan
onder:
‘lijnvervoer’: het vervoer tegen vaste vervoertarieven door
scheepvaartondernemingen, die een geregelde dienst onderhouden tussen
twee of meer havens;
‘conference’: een groep van twee of meer vervoerders, die
schepen exploiteren, die internationale lijndiensten onderhoudt voor het
vervoer van lading op een bepaalde route of bepaalde routes binnen
omschreven geografische grenzen en die een overeenkomst of regeling, van
welke aard ook heeft, binnen het kader waarvan zij opereren op basis van
eenvormige of gemeenschappelijke vervoertarieven, en enigerlei andere
overeengekomen voorwaarden met betrekking tot het aanbieden van
lijndiensten.
Artikel 2
Een ieder die lijnvervoerdiensten aanbiedt voor het vervoer van
goederen per zeeschip tussen Nederlandse havens en havens in het Verre
Oosten (Japan, Taiwan, Hong Kong, Maleisië. Singapore, de Republiek
Korea, de Philippijnen en Thailand), dient voor dit vervoer de in
artikel 3 van dit besluit omschreven administratie te voeren.
Artikel 3
Met betrekking tot het lijnvervoer als genoemd in artikel 2 dient een
administratie te worden gevoerd die ten minste inhoudt:
a. naam van de scheepvaartonderneming en van de lijn;
b. namen van de in de lijndienst gebruikte schepen;
c. omschrijving van het vaargebied in het Verre Oosten;
d. nationaliteit van de in de lijndienst gebruikte schepen, en de
Staat waarvan de vlag wordt gevoerd;
e. voor zover van toepassing: lidmaatschap van een
lijnvaartconference of deelconference, en de naam van deze
conference.
Artikel 4
Dit besluit kan worden aangehaald als: Administratiebesluit II
Wedervergeldingswet zeescheepvaart.
Artikel 5
Dit besluit wordt in de Nederlandse
Staatscourant bekendgemaakt en treedt in werking met ingang van 1 juli 1981.
's-Gravenhage, 17 juni 1981.
De Minister voornoemd,
D.S. Tuijnman.
|
|
|