St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Wegenverkeerswet 1994 (Wvw 1994)

 

REGLEMENT  RIJBEWIJZEN

Tekst zoals deze geldt op 25 juli 2014

 

 

 

 
BESLUIT van 30 mei 1996, houdende uitvoering van de Wegenverkeerswet 1994 (Reglement rijbewijzen)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat van 17 november 1993, nr. R 163248, Hoofddirectie van de Waterstaat, Hoofdafdeling Bestuurlijke en Juridische Zaken;
     Gelet op Richtlijn nr. 91/439/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 29 juli 1991 betreffende het rijbewijs (PbEG L 237) en de Wegenverkeerswet 1994;
     De Raad van State gehoord (advies van 5 april 1994, nr. W09.93.0755);
     Gezien het nader rapport van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat van 28 mei 1996, nr. R 219195, Hoofddirectie van de Waterstaat, Hoofdafdeling Bestuurlijke en Juridische Zaken;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

§ 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. wet: Wegenverkeerswet 1994;

b. ledige massa: massa van het voertuig, in bedrijfsvaardige staat, met inbegrip van een half gevulde brandstoftank, reservedelen en gereedschappen, die tot de normale uitrusting behoren, maar zonder lading en zonder de bestuurder en andere personen, die met het voertuig worden vervoerd;

c. toegestane maximum massa: ledige massa, vermeerderd met het maximum toegestane gewicht aan lading;

d. oplegger: aanhangwagen waarvan een aanzienlijk deel van de massa, bij gelijkmatig verdeelde lading, door het trekkend voertuig wordt gedragen;

e. verklaring van rijvaardigheid: verklaring waaruit blijkt van een onderzoek met goed gevolg naar de rijvaardigheid van de aanvrager tot het besturen van motorrijtuigen van de in de verklaring vermelde rijbewijscategorie;

f. verklaring van geschiktheid: verklaring waaruit blijkt dat de aanvrager de lichamelijke en geestelijke geschiktheid bezit tot het besturen van motorrijtuigen van de in de verklaring vermelde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën;

g. eigen verklaring: verklaring van de aanvrager ter zake van zijn lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de categorie of categorieën waarvoor een verklaring van geschiktheid wordt verlangd;

h. geneeskundig verslag: op basis van een keuring van de aanvrager opgemaakt verslag betreffende diens lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de in het verslag vermelde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën;

i. theorie-certificaat: verklaring waaruit blijkt dat de aanvrager met goed gevolg een theorie-examen heeft afgelegd voor de in de verklaring vermelde rijbewijscategorie;

j. richtlijn vakbekwaamheid bestuurders: de bij ministeriële regeling aangewezen richtlijn;

k. basiskwalificatie: opleidings- en kennisniveau dat de in de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aangewezen onderwerpen en praktische vaardigheiden omvat;

l. getuigschrift van vakbekwaamheid: document dat dient als bewijs dat de houder de basiskwalificatie heeft behaald;

m. praktijkexamen vakbekwaamheid: praktijkgedeelte van het examen gericht op het behalen van een getuigschrift van vakbekwaamheid;

n. theorie-examen vakbekwaamheid: theoretische gedeelte van het examen gericht op het behalen van een getuigschrift van vakbekwaamheid;

o. nascholing: periodiek opleidingstraject dat in de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aangewezen onderwerpen en praktische vaardigheden omvat;

p. getuigschrift van nascholing: document dat dient als bewijs dat de houder de nascholing heeft afgerond;

q. aangewezen exameninstantie: persoon of instelling als bedoeld in artikel 151f, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994;

r. verklaring van vakbekwaamheid: verklaring die de aangewezen exameninstantie in het rijbewijzenregister registreert nadat de aanvrager de basiskwalificatie heeft behaald;

s. verklaring van nascholing: verklaring die de aangewezen exameninstantie in het rijbewijzenregister registreert nadat de aanvrager de nascholing heeft afgerond;

t. Nederlands omwisselingscertificaat: certificaat als bedoeld in artikel 151g, vierde lid, van de Wegenverkeerswet 1994;

u. buitenlands omwisselingscertificaat: certificaat afgegeven door de bevoegde autoriteit van een lidstaat van de Europese Gemeenschap overeenkomstig de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aantonende dat de bestuurder de basiskwalificatie heeft behaald of de nascholing heeft afgerond;

v. bestuurdersattest: bestuurdersattest als bedoeld in artikel 151c, vierde lid, onderdeel a, van de Wegenverkeerswet 1994;

w. nationaal certificaat: certificaat als bedoeld in artikel 151c, vierde lid, onderdeel b, van de Wegenverkeerswet 1994;

x. kwalificatiekaart bestuurder: kaart afgegeven door de bevoegde autoriteit van een lidstaat van de Europese Gemeenschap overeenkomstig de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aantonende dat de bestuurder de basiskwalificatie heeft behaald of de nascholing heeft afgerond;

y. deelcertificaat: certificaat aantonende dat de bestuurder een aantal uren nascholing heeft gevolgd, maar nog niet heeft afgerond;

z. persoonssleutel: unieke code toegekend aan natuurlijke personen zonder burgerservicenummer om deze eenduidig te kunnen identificeren;

aa. motorrijtuig met handschakeling: motorrijtuig, met een koppeling, die door de bestuurder moet worden bediend om weg te rijden, te stoppen en te schakelen;

ab. motorrijtuig met automatische schakeling: motorrijtuig, niet zijnde een motorrijtuig met handschakeling, al dan niet voorzien van een schakelaar of een hendel, waarmee de bestuurder invloed kan uitoefenen op de gangwissel van het motorrijtuig.

§ 2. Uitzonderingen rijbewijsplicht

Artikel 2

1. Voor het besturen van motorrijtuigen van de rijbewijscategorie AM, bromfietsen op twee wielen, is geen rijbewijs vereist:

a. gedurende de tijd dat aan de bestuurder rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 wordt gegeven in het kader van de opleiding voor het praktijkexamen voor die rijbewijscategorie, mits:

I. die bestuurder in het bezit is van een niet langer dan een jaar en zes maanden van tevoren afgegeven theoriecertificaat voor de rijbewijscategorie AM;

II. de bestuurder geen andere personen vervoert, uitgezonderd degene die aan de bestuurder rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 geeft;

b. tijdens het praktijkexamen.

2. Voor het besturen van motorrijtuigen van de rijbewijscategorie A1 is geen rijbewijs vereist:

a. gedurende de tijd dat aan de bestuurder rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 wordt gegeven in het kader van de opleiding voor het praktijkexamen voor die rijbewijscategorie, mits:

I. die bestuurder in het bezit is van een van de volgende documenten:

1°. een niet langer dan een jaar en zes maanden tevoren afgegeven theoriecertificaat ten behoeve van de rijbewijscategorie A;

2°. een door het daartoe bevoegde militaire gezag niet langer dan een jaar en zes maanden tevoren afgegeven theoriecertificaat ten behoeve van de rijbewijscategorie A;

3°. een geldig rijbewijs A1 dat slechts geldig is voor het besturen van motorrijtuigen van deze categorie met automatische schakeling;

4°. een geldig rijbewijs A1, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dat slechts geldig is voor het besturen van motorrijtuigen van deze categorie met automatische schakeling;

5°. een geldig rijbewijs B;

6°. een geldig rijbewijs B, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;

II. de bestuurder geen andere personen vervoert, uitgezonderd degene die aan de bestuurder rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 geeft;

b. tijdens het praktijkexamen.

3. Voor het besturen van motorrijtuigen van de rijbewijscategorie A2 is geen rijbewijs vereist:

a. gedurende de tijd dat aan de bestuurder rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 wordt gegeven in het kader van de opleiding voor het praktijkexamen voor die rijbewijscategorie, mits:

I. die bestuurder in het bezit is van een van de volgende documenten:

1°. een geldig rijbewijs A1;

2°. een geldig rijbewijs A1, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;

3°. een niet langer dan een jaar en zes maanden tevoren afgegeven theoriecertificaat ten behoeve van de rijbewijscategorie A;

4°. een door het daartoe bevoegde militaire gezag niet langer dan een jaar en zes maanden tevoren afgegeven theoriecertificaat ten behoeve van de rijbewijscategorie A;

5°. een geldig rijbewijs A2 dat slechts geldig is voor het besturen van motorrijtuigen van deze categorie met automatische schakeling;

6°. een geldig rijbewijs A2, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dat slechts geldig is voor het besturen van motorrijtuigen van deze categorie met automatische schakeling;

7°. een geldig rijbewijs B;

8°. een geldig rijbewijs B, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;

II. de bestuurder geen andere personen vervoert, uitgezonderd degene die aan de bestuurder rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 geeft;

b. tijdens het praktijkexamen.

4. Voor het besturen van motorrijtuigen van de rijbewijscategorie A is geen rijbewijs vereist:

a. gedurende de tijd dat aan de bestuurder rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 wordt gegeven in het kader van de opleiding voor het praktijkexamen voor die rijbewijscategorie, mits:

I. die bestuurder, indien hij de leeftijd van 24 jaren nog niet heeft bereikt, in het bezit is van een van de volgende documenten:

1°. een geldig rijbewijs A2;

2°. een geldig rijbewijs A2, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;

II. die bestuurder, indien hij de leeftijd van 24 jaren heeft bereikt, in het bezit is van een van de volgende documenten:

1°. een niet langer dan een jaar en zes maanden tevoren afgegeven theoriecertificaat ten behoeve van de rijbewijscategorie A;

2°. een door het daartoe bevoegde militaire gezag niet langer dan een jaar en zes maanden tevoren afgegeven theoriecertificaat ten behoeve van de rijbewijscategorie A;

3°. een geldig rijbewijs A dat slechts geldig is voor het besturen van motorrijtuigen van deze categorie met automatische schakeling;

4°. een geldig rijbewijs A, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dat slechts geldig is voor het besturen van motorrijtuigen van deze categorie met automatische schakeling;

5°. een geldig rijbewijs A2;

6°. een geldig rijbewijs A2, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;

7°. een geldig rijbewijs A1;

8°. een geldig rijbewijs A1, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;

9°. een geldig rijbewijs B;

10°. een geldig rijbewijs B, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;

III. de bestuurder geen andere personen vervoert, uitgezonderd degene die aan de bestuurder rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 geeft;

b. tijdens het praktijk-examen.

5. De in het eerste lid, onderdeel a, tweede lid, onderdeel a, derde lid, onderdeel a, of vierde lid, onderdeel a, bedoelde bestuurders zijn verplicht op de eerste vordering van de in artikel 159, onderdeel a, van de wet bedoelde personen het theorie-certificaat ter inzage af te geven.

Artikel 3

Voor het besturen van motorrijtuigen van de rijbewijscategorieën C1, C, D1, D en E is geen rijbewijs vereist bij het uitvoeren van de van het praktijk-examen deel uitmakende bijzondere verrichtingen voor zover het motorrijtuig daarbij niet onder toezicht wordt bestuurd:

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is te verkrijgen op www.123recht.nl



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | Wvw 1994 | alle wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x