| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Wet ambulancevervoer
(WAV)
BESLUIT
UITSLUITING CATEGORIEËN VAN AMBULANCEVERVOER
EX ARTIKEL 17a WET AMBULANCEVERVOER
Tekst zoals deze geldt op
26 januari 2012
|
|
|
De Minister van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
Gelet op artikel 17a van de Wet ambulancevervoer;
Besluit:
Artikel 1
1. Het bij en krachtens de artikelen 2 tot en met 17 van de Wet
ambulancevervoer bepaalde geldt niet voor:
a. ambulancevervoer met ambulance-auto’s van het Nederlandse
Rode Kruis van personen die tijdens het vervoer geen behandeling
of verzorging door een arts of een verpleegkundige behoeven en van
wie de gezondheids-toestand door het vervoer niet negatief zal
worden beïnvloed, uitsluitend voor zover dit betreft:
1e. ambulancevervoer van en naar het Rode Kruis
Hospitaal-schip ’J. Henri Dunant’, de Rode Kruis tehuizen
’De Valkenburg’ en ’IJsselvliedt’, alsmede
ambulancevervoer voorafgaand aan en volgend op dagboottochten,
2e. ambulancevervoer in verband met bezoek aan religieuze,
culturele, recreatieve, sociale of soortgelijke
gebeurtenissen;
b. ambulancevervoer met ambulance-auto’s van ziekenhuizen op
het ziekenhuisterrein;
c. ambulancevervoer met ambulance-auto’s die niet in
Nederland zijn geregistreerd en grensoverschrijdend
ambulancevervoer verrichten;
d. ambulancevervoer van ernstig zieken of zwaar gehandicapten
in verband met het in vervulling laten gaan van een, doorgaans
laatste, wens van sociale of recreatieve aard.
2. Het bij en krachtens artikel 2 en de artikelen 4 tot en met 17
van de Wet ambulancevervoer bepaalde geldt niet voor ambulancevervoer
met bedrijfsambulance-auto’s, voor zover dit betreft
a. ambulancevervoer op het bedrijfsterrein;
b. ambulancevervoer van het bedrijfsterrein naar een
ziekenhuis, behandelend arts of de woning van de vervoerde
patiënt.
Artikel 2
Bij ambulancevervoer als omschreven in artikel 1, eerste lid, gelden
ten aanzien van het begeleidend personeel de volgende eisen:
a. het begeleidend personeel bestaat uit een chauffeur en een
begeleider;
b. chauffeur en begeleider zijn beiden in het bezit van een
geldig rijbewijs en een geldig eenheidsdiploma EHBO.
Artikel 3 [Vervallen per 23-05-2008]
Artikel 4
1. Met betrekking tot de paraatheid geldt de volgende regeling:
a. iedere in artikel 1 bedoelde ambulance-auto, met
uitzondering van die vermeld in artikel 1, eerste lid, onder c of
d, wordt door of namens de eigenaar ervan aangemeld bij
gedeputeerde staten en bij de centrale post van de provincie
onderscheidenlijk de regio waarin hij is gestationeerd;
b. de beschikbaarheid van de in artikel 1 bedoelde
ambulance-auto’s, met uitzondering van de ambulance-auto’s,
vermeld in artikel 1, eerste lid, onder c of d, voor het in dat
artikel bedoelde ambulancevervoer wordt door of namens de eigenaar
van deze auto’s medegedeeld aan de centrale post voor het gebied
waarin de desbetreffende ambulance-auto voor bedoeld
ambulancevervoer wordt ingeschakeld;
c. alle ambulancevervoer, bedoeld in artikel 1, tweede lid,
wordt door of namens de eigenaar van de betrokken ambulance-auto
gemeld aan de centrale post voor het gebied waarin dit vervoer
aanvangt en mag slechts worden verricht met inachtneming van de
instructies van degene die met de leiding van de centrale post is
belast.
2. Gedeputeerde staten doen aan belanghebbenden mededeling van de
aanmelding bedoeld in het eerste lid, onder a.
Artikel 5 [Vervallen per 23-05-2008]
Artikel 6
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de
dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant
worden geplaatst.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E. Borst-Eilers.
|
|
|