|
De Raad van bestuur van het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;
Overwegende dat het wenselijk is dat met de
inwerkingtreding van de wijziging van de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen de beleidsregels uitvoering Wet
arbeid vreemdelingen als gepubliceerd in de Staatscourant 2002,
19, worden gewijzigd en integraal opnieuw worden vastgesteld;
Gelet op artikel 1 van het Delegatie- en
uitvoeringsbesluit Wet arbeid vreemdelingen waarin de Minister van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid de uitvoering van de Wet arbeid
vreemdelingen heeft opgedragen aan het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen;
Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet
bestuursrecht;
Besluit:
1. Begripsbepalingen
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. Raad van bestuur: de Raad van
bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;
b. UWV: het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen, bedoeld in hoofdstuk 5 van de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
c. EER: Europese Economische Ruimte.
De EER bestaat uit de Europese Unie, Liechtenstein, Noorwegen en
IJsland;
d. Wav: Wet arbeid vreemdelingen.
2. Indiening aanvraag
tewerkstellingsvergunning
a. Het indienen van een aanvraag
geschiedt door indiening van een volledig ingevuld en ondertekend
aanvraagformulier;
b. Het aanvraagformulier is door de
Raad van Bestuur vastgesteld en als bijlage bij dit besluit gevoegd.
Het aanvraagformulier is te verkrijgen bij het WERKbedrijf UWV,
afdeling Arbeidsjuridische dienstverlening, Postbus 883, 2700 AW
Zoetermeer (079-750 29 03). Een aanvraagformulier is ook te downloaden
op www.werk.nl of www.arbeidsmigratie.nl.
3. Ontheffing van de verplichte
vacaturemelding
Paragraaf 16 van de Uitvoeringsregels Wav
behorende bij het Delegatie- en uitvoeringsbesluit Wav biedt de
mogelijkheid dat de Raad van bestuur met betrekking tot bepaalde
categorieën functies besluit dat de verplichte vacaturemelding als
bedoeld in artikel 8, eerste lid onder b Wav, gedurende een termijn van
maximaal een jaar achterwege blijft, indien zij van oordeel is dat
prioriteitgenietend aanbod niet bij het WERKbedrijf UWV als werkzoekend
is geregistreerd en op korte termijn niet geregistreerd zal worden. De
Raad van bestuur zal deze categorieën functies nader vaststellen en
kenbaar maken door publicatie in de Staatscourant.
4. Wervingsinspanningen
Krachtens artikel 9, aanhef lid 1 en
onder a Wav kan een aanvraag om een tewerkstellingsvergunning worden
geweigerd indien de werkgever niet kan aantonen voldoende inspanningen
te hebben gepleegd om de arbeidsplaats door werkzoekenden met de
nationaliteit van een lidstaat van de EER, voorzover het vrij verkeer
van werknemers van toepassing is, te vervullen.
De Raad van bestuur neemt, onvoorziene
omstandigheden daargelaten, daarbij als uitgangspunt dat naar mate de
arbeidsplaats als moeilijker vervulbaar moet worden beschouwd, langer
van te voren en vaker herhaalde inspanningen dienen te worden verricht
om prioriteitgenietend aanbod te werven dan bij een reguliere werving
noodzakelijk is. Daarbij wordt als leidraad gehanteerd dat bij moeilijk
vervulbare vacatures wervingsinspanningen 3 maanden dienen te hebben
plaatsgevonden voordat een aanvraag om een tewerkstellingsvergunning
wordt ingediend.
Als moeilijker vervulbare vacatures
worden in dit verband beschouwd vacatures die in de regel niet binnen
een periode van 3 maanden kunnen worden vervuld dan wel vacatures
waarvoor in de voorgaande jaren onvoldoende prioriteitgenietend aanbod
beschikbaar was.
Een melding van de vacature bij een
vestiging van het WERKbedrijf UWV wordt niet beschouwd als een eigen
wervingsinspanning van de werkgever in de zin van artikel 9 lid 1 onder
a Wav.
5. Werving binnen de EER
Werkzoekenden met de nationaliteit van
een lidstaat van de EER (voor zover het vrij verkeer van werknemers van
toepassing is) hebben bij de vervulling van vacatures op grond van
EG-regelgeving (Verordening 1612/68) voorrang boven werkzoekenden met
een nationaliteit van buiten de EER. Een werkgever zal derhalve eerst
binnen deze landen voldoende wervingsinspanningen moeten verrichten om
dergelijke werkzoekenden aan te trekken voordat een
tewerkstellingsvergunning kan worden afgegeven.
Als wervingsinspanningen worden
aangemerkt: het adverteren in daartoe geëigende (vak)bladen en op het
internet, het inschakelen van intermediairs op de arbeidsmarkt van de
EER, zoals werving- en selectiebureaus en detacherings- en
uitzendbureaus.
Naast de verplichting om in Nederland
wervingsinspanningen te verrichten geldt dat ook inspanningen binnen de
EER, dus buiten Nederland, moeten worden verricht.
European Employment Services (EURES) is
een internationaal netwerk voor arbeidsbemiddeling, dat actief is in de
landen die deel uitmaken van de EER. In Nederland vindt men deze
dienstverlening bij de vestigingen van het WERKbedrijf UWV. Door middel
van EURES kunnen vacatures binnen de EER bekend worden gemaakt en
wervingsinspanningen plaatsvinden. Werving binnen de EER via het
EURES-netwerk is in het kader van de Wav niet dwingend voorgeschreven;
afhankelijk van de aard van de vacature kunnen andere
wervingsinspanningen gericht op de Europese arbeidsmarkt doelmatiger en
doeltreffender zijn.
Wanneer de werkgever kiest voor
bemiddeling binnen de EER via het EURES-netwerk gelden de volgende
randvoorwaarden:
– de vacature dient minimaal zes
weken voor het indienen van de aanvraag bekend te zijn gemaakt bij
een vestiging van het WERKbedrijf UWV;
– de werknemers die via de
bemiddeling van EURES komen werken moeten in Nederlandse loondienst
zijn.
Voor tijdelijke banen gelden daarnaast de
volgende randvoorwaarden:
– de duur van tijdelijke banen
dient minimaal zes weken te bedragen;
– de werkgever zorgt voor geschikte
accommodatie voor de werknemer.
6. Arbeidsvoorwaarden
Naast het vermelden op het
aanvraagformulier wat de bruto beloning per maand is, dient bij de
aanvraag een op naam van de vreemdeling gestelde
conceptarbeidsovereenkomst te worden gevoegd welke door de werkgever is
ondertekend. Hierin dient minimaal te zijn opgenomen:
– naam, adres en woonplaats van de
werkgever;
– de naam van de functie (dient
overeen te komen met hetgeen op het aanvraagformulier is vermeld);
– personalia van de vreemdeling;
– het geboden brutoloon;
– het aantal uren per week;
– de datum waarop de arbeid gestart
wordt, alsmede de einddatum (overeenkomstig de gevraagde duur van de
vergunning);
– de handtekening van de werkgever.
Vreemdelingen dienen conform Nederlandse
maatstaven marktconform beloond te worden, ongeacht de nationaliteit van
de vreemdeling of de vestigingsplaats van de werkgever. Loon in natura
wordt daarbij buiten beschouwing gelaten.
Er kan tijdens de geldigheidsduur van de
tewerkstellingsvergunning tussentijds om bewijsstukken (bijvoorbeeld
bankafschriften en/of loonstroken) van gedane loonbetalingen worden
verzocht. Indien deze uitwijzen dat niet juist wordt beloond conform het
WML dan wel marktconform, kan een verleende tewerkstellingsvergunning
worden ingetrokken.
De kosten van werving en scholing verband
houdende met het verrichten van arbeid in Nederland, zijn voor rekening
van de werkgever. De kosten van vervoer naar Nederland die moeten worden
gemaakt door de vreemdeling in verband met zijn (tijdelijke) verblijf in
Nederland komen voor rekening van de werkgever.
Ook indien in het buitenland gevestigde
werkgevers in Nederland werkzaamheden verrichten waarbij vreemdelingen
worden te werk gesteld, dienen de vreemdelingen naar Nederlandse
maatstaven marktconform beloond te worden.
Wanneer de beloning van de vreemdeling
door een in het buitenland gevestigde werkgever wordt uitbetaald, dient
de verloning in ieder geval in Nederland plaats te vinden indien de
vreemdeling langer dan 3 maanden in Nederland arbeid verricht.
7. Internationaal concern
Het UWV verstaat onder een groot
internationaal concern, als bedoeld in paragraaf 19 a van de
Uitvoeringsregels Wav, een groot zelfstandig op winst gericht bedrijf of
complex van bedrijven met in meerdere landen gevestigde
dochterondernemingen – waaronder in Nederland – en met een
jaarlijkse omzet van ten minste € 50 miljoen. Onder een
concernonderdeel wordt tevens verstaan een deelneming van 50% of meer in
een onderneming.
Het UWV verstaat onder een internationaal
georiënteerde non-profit organisatie als bedoeld in paragraaf 19d van
de Uitvoeringsregels Wav, een organisatie welke wereldwijd ten minste 50
fte’s in eigen dienst heeft.
8. Vestiging kleinere bedrijven
Op grond van paragraaf 19 b van de
Uitvoeringsregels Wav wordt ten behoeve van sleutelpersoneel voor het
starten, wijzigen of uitbreiden van bedrijfsactiviteiten alleen een
tewerkstellingsvergunning afgegeven indien uit een door een deskundige
instantie opgesteld ondernemingsplan blijkt dat deze
bedrijfsactiviteiten en de onderneming voldoende levensvatbaar en
economisch haalbaar zijn. Het betreft hier ondernemingen die niet
voldoen aan het omzetcriterium zoals dat geldt voor internationale
concerns als bedoeld in paragraaf 19 a van de Uitvoeringsregels Wav. In
de regel zal het bedrijf wel de potentie hebben om in de toekomst aan
dit omzetcriterium te kunnen voldoen.
In dit ondernemingsplan dienen de
volgende fasen te worden onderscheiden.
1. De oriënteringsfase
In deze fase weet het bedrijf nog
niet of men zich in Nederland of een ander land wil vestigen en ook
weet men nog niet waar men zich wil vestigen. Deze fase zal circa
maximaal een half jaar duren. In het ondernemingsplan worden deze
activiteiten beschreven.
2. De concretiseringsfase
Medewerkers van het bedrijf in het
buitenland worden naar Nederland gezonden om zaken te realiseren. Te
denken valt aan de aankoop of huur van een pand, het oprichten van
een BV, het sluiten van een bankrekening, het regelen van een
krediet, vestigingsvergunning, personeel aan nemen. Duidelijk moet
zijn welke activiteiten in Nederland zullen worden geïnitieerd, wie
de concurrenten zijn, wat de sterke en zwakke punten zullen zijn en
hoe men de financiën gaat regelen.
Deze fase zal circa een jaar in
beslag nemen. In het ondernemingsplan worden deze activiteiten
concreet beschreven. Een werkgever kan pas een
tewerkstellingsvergunning aanvragen voor fase 3 als de BV is
opgericht.
3. De startfase
In deze fase is al het voorbereidende
werk gedaan en start men daadwerkelijk met de activiteit in
Nederland. Het ondernemingsplan moet duidelijk aangeven wat men gaat
doen en hoe de kwartiermaker dit wenst te bereiken. Duidelijk moet
ook zijn hoe de financiën geregeld zijn. Waar komt het
startkapitaal vandaan, heeft men leningen, kredieten, hypotheken,
wie staat garant voor verliezen.
Ten aanzien van elke fase dient
beschreven te zijn hoe wordt beoordeeld wat de vorige fase heeft
opgeleverd en wat dat betekent voor de vestiging. Wat is onderzocht, wat
is geregeld, wat zijn de uitkomsten.
|
I. De oriënteringsfase |
– Onderzoek naar mogelijkheden
vestiging in Nederland. |
|
– Overleggen van een
ondernemingsplan. |
| |
– Overleggen van verklaring
moederbedrijf waaruit beslissing blijkt om vestiging in Nederland
te openen, wat doel is van komst vreemdeling en waarin tevens is
opgenomen dat vreemdeling bevoegd is alle handelingen te
verrichten die hiertoe noodzakelijk zijn. |
| |
– Duur vergunningverlening in de
regel maximaal 6 maanden. |
| |
– Maximaal 1 vreemdeling, tenzij
uit het ondernemingsplan volgt dat de komst van meerdere
vreemdelingen noodzakelijk is. |
| |
– Verlenging in de regel niet
mogelijk. |
| |
|
|
II. De concretiseringfase |
– Verrichten van alle handelingen
en werkzaamheden noodzakelijk voor feitelijke start van
onderneming in Nederland. |
| |
– Duur vergunningverlening in de
regel maximaal 12 maanden. |
| |
– Maximaal 2 personen, tenzij
wordt gemotiveerd dat de komst van meerdere vreemdelingen
noodzakelijk is. |
| |
– Overleggen van een verslag van
verrichte activiteiten in de oriënteringsfase. |
| |
– Een overzicht van de door de
vreemdeling in deze fase uit te voeren activiteiten voorzien van
een tijdsplanning. |
| |
– Verlenging slechts mogelijk
indien aangetoond wordt waarom oriëntatiefase nog niet is
afgerond. |
| |
|
|
III. De startfase |
– De onderneming start haar
activiteiten. |
| |
– Maximaal 2 personen, tenzij
moederbedrijf kan onderbouwen waarom meer personen benodigd zijn. |
| |
– Overleggen van een verslag van
verrichte activiteiten in de concretiseringfase. |
| |
– Het kunnen overleggen van een
verklaring van het moederbedrijf dat de vestiging in Nederland van
start gaat. |
| |
– Het opstellen van een volledig
uitgewerkt ondernemingplan voorzien van een verklaring van een AA
of RA. |
| |
– Zorgdragen voor opnemen in de
administratie en zo nodig kunnen overleggen van een
bankgarantie/verstrekt krediet/lening/financiële garantstelling
van moederbedrijf in de vorm van tegoed op Nederlandse
bankrekening. |
| |
|
|
Tussentijds verstrekken informatie |
Aan de vergunning kan het
voorschrift worden verbonden dat aan het einde van een fase
jaarstukken, balansen en winst- en verliesrekeningen moeten worden
overgelegd. |
| |
|
|
Zekerheid loonbetaling |
Aan de vergunning kan het
voorschrift worden verbonden dat tussentijds en/of bij verlenging
loonstroken zullen worden overlegd waaruit blijkt dat de
vreemdeling toegezegde loon heeft ontvangen. |
| |
|
|
Verlenging |
Indien een bedrijf een verlenging
wenst van de verleende vergunning, moet aangetoond worden dat het
bedrijf levensvatbaar is gebleken. Hiertoe dient bij de aanvraag
te worden overlegd een balans / jaarrekening, voorzien van
verlies- en winstrekening, voorzien van een accountantsverklaring. |
| |
Tevens zal informatie moeten worden
verstrekt over het totale personeelsbestand van de vestiging in
Nederland (dus zowel vergunningplichtig als
niet-vergunningplichtig personeel). |
| |
|
|
Komst kwartiermaker |
Indien langer dan 5 weken niet van
vergunning gebruik wordt gemaakt dient de werkgever dit te melden
bij UWV. Voorst zal de vergunning op grond van artikel 12 lid 1
onder b Wav worden ingetrokken indien het verblijf aan de
vreemdeling wordt geweigerd. De werkgever is verplicht dit te
melden aan UWV. |
| |
|
|
Melden wijzigingen |
Indien er wijzigingen optreden in
bijvoorbeeld adres, rechtsvorm (een BV i.o wordt BV), concrete
datum van de start van activiteiten en andere zaken, zal de
werkgever dit direct melden aan UWV desgevraagd met bewijsstukken
zoals bijvoorbeeld een uittreksel KvK. Indien dit wordt nagelaten
kan dit leiden tot intrekken van de verleende vergunning. |
9. Stagiairs
Het niveau van de opleiding is mede
bepalend voor de duur van de stage in Nederland. De in het
stageprogramma opgenomen leerdoelen dienen in overeenstemming te zijn
met het opleidingsniveau. Het gefaseerde stageprogramma dient te
omschrijven welke werkzaamheden de stagiair zal gaan verrichten en
binnen welk tijdsbestek deze dienen te worden voltooid. De inhoud van de
stage moet zodanig zijn omschreven zodat kan worden beoordeeld of de
stage past bij het niveau van de opleiding.
Voor ongeschoolde dan wel laaggeschoolde
arbeid op VBO-niveau geldt dat het volgen van een stage in Nederland in
zijn algemeenheid niet noodzakelijk is voor het voltooien van de
opleiding. Daarvoor zal in de regel geen tewerkstellingsvergunning
worden verleend, tenzij die noodzaak voor het voltooien van de opleiding
voldoende aannemelijk wordt gemaakt.
Voor stages op MBO-niveau geldt dat de
duur van de stage in de regel niet langer is dan 6 maanden, zodat
hiervoor een tewerkstellingsvergunning voor ten hoogste 6 maanden wordt
verleend.
10. Practicanten
Het aantal practicanten voor wie een
werkgever een tewerkstellingsvergunning aanvraagt dient in een redelijke
verhouding te staan tot het totaal aantal werknemers dat bij de
(vestiging van de) werkgever werkzaam is. Een redelijke verhouding is
dat het aantal practicanten niet meer bedraagt dan 10% van het vaste
personeelsbestand van de werkgever met een minimum van 2 practicanten.
Aanvragen om een tewerkstellingsvergunning die boven dit percentage
uitgaan worden in de regel afgewezen.
Het leerplan dient in tijd gefaseerd te
zijn en helder te omschrijven welke werkzaamheden worden verricht,
binnen welk tijdsbestek deze dienen te worden voltooid, hoe deze worden
geëvalueerd en wie verantwoordelijk is voor de begeleiding van de
practicant.
11. Vrijwilligerswerk door vreemdelingen
Op grond van artikel 1a van het Besluit
van 23 augustus 1995 ter uitvoering van de Wav (Stb. 1995, 406;
laatstelijk gewijzigd bij Besluit van 31 januari 2008, Stb. 2008, 38) is
het asielzoekers, die in het bezit zijn van een W-document, of regulier
en vreemdelingen die in afwachting zijn van een verzoek om voortgezet
verblijf en niet met uitzetting worden bedreigd, toegestaan als
vrijwilliger deel te nemen aan arbeid:
– die gebruikelijk onbetaald is,
– die geen winstoogmerk heeft en
– die een algemeen maatschappelijk
belang dient.
De Raad van bestuur toetst of er sprake
is van vrijwilligerswerk en geeft als bewijs daarvan een schriftelijke
verklaring, de Vrijwilligersverklaring, af aan de werkgever. Indien aan
de voorwaarden met betrekking tot de vreemdeling wordt voldaan en de
werkgever beschikt over deze Vrijwilligersverklaring, is het verbod dat
een werkgever een vreemdeling niet in Nederland arbeid mag laten
verrichten (artikel 2, eerste lid Wav) niet van toepassing voor deze
arbeid. Omdat de Vrijwilligersverklaring zich richt op het aanwijzen van
bepaalde werkzaamheden als zijnde vrijwilligerswerk, behoeft een
werkgever niet een nieuwe Vrijwilligersverklaring te vragen indien hij
dit werk door andere of meerdere vreemdelingen laat verrichten. Indien
een vreemdeling niet in bovengenoemde categorieën valt, of de werkgever
beschikt niet over de Vrijwilligersverklaring, is de Wav volledig van
toepassing, inclusief de strafrechtelijke sancties voor het
tewerkstellen van vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning.
Voor het aanvragen van de
Vrijwilligersverklaring is een formulier vastgesteld dat verkrijgbaar is
bij de afdeling Arbeidsjuridische dienstverlening Zoetermeer (tel.
079-750 29 03).
De ingevulde en ondertekende
aanvraagformulieren moeten worden ingediend bij het WERKbedrijf UWV,
afdeling Arbeidsjuridische dienstverlening, Postbus 883, 2700 AW
Zoetermeer.
Om een indruk te geven welke
werkzaamheden als vrijwilligerswerk kunnen worden aangemerkt, heeft de
Raad van bestuur onderstaande (niet limitatieve) lijst opgesteld.
Voor de werkzaamheden in deze lijst
genoemd, wordt een Vrijwilligersverklaring afgegeven mits aan de drie
bovengenoemde wettelijke criteria wordt voldaan:
1. activiteiten voor kerkelijke en
levensbeschouwelijke organisaties;
2. activiteiten in
gemeenschapshuizen, club- en buurthuizen;
3. activiteiten voor hobby- en
vrije-tijdclubs;
4. activiteiten in de amateur- en
recreatiesport;
5. activiteiten in de amateuristische
kunstbeoefening;
6. activiteiten voor folklore,
(volks)cultuur en natuur;
7. activiteiten voor
vrouwenorganisaties en emancipatiebeweging;
8. activiteiten voor
niet-commerciële winkels, zoals rechts- en wetswinkels,
onderwijswinkels, gezondheidswinkels;
9. activiteiten in
onderwijsinstellingen voorzover kinderen van de betrokkenen aan die
instellingen onderwijs ontvangen;
10. activiteiten van organisaties die
gericht zijn op (ontwikkelings)hulp aan de derde-wereld;
11. activiteiten in bejaarden- en
verpleegcentra, voor wat betreft: begeleid wandelen,
voorlezen/gezelschap houden, begeleiding naar
arts/ziekenhuis/ondersteuning niet-professioneel welfare-werk,
verzorging maaltijdvoorzieningen voor ouderen binnen de wijk,
bibliotheek;
12. activiteiten in de
maatschappelijke dienstverlening en gezondheidszorg, zoals Rode
Kruis (welfare en kolonnewerk), Leger des Heils, EHBO-verenigingen,
actie- en belangengroepen zoals Vluchtelingenwerk Nederland, Amnesty
International, vredeswerkgroepen;
13. activiteiten voor instellingen op
het gebied van bescherming en behoud van dieren, natuur en milieu,
zoals de dierenambulance, dierenbescherming, dierenopvang,
kinderboerderij, knotten van wilgen, onderhoud van staatsbossen;
14. activiteiten die binnen een
asielzoekerscentrum worden verricht voor alle gebruikelijke ‘doe
het zelf’-werkzaamheden zoals het schoonmaken, het helpen in de
keuken, het onderhoud van tuinen en voorkomende onderhoud- en
reparatiewerkzaamheden, voorzover deze werkzaamheden niet worden
verricht ten dienste van derden.
Werkzaamheden waarvoor geen
Vrijwilligersverklaring wordt afgegeven – ongeacht de instelling
waarvoor de werkzaamheden worden verricht – zijn onder meer:
– restauratie-werkzaamheden/groot
onderhoud;
– kinderopvang.
Aangezien de activiteiten geen
winstoogmerk mogen hebben en een algemeen maatschappelijk belang moeten
dienen, zijn werkgevers in de profit-sector uitgesloten van het
verkrijgen van een Vrijwilligersverklaring.
12. Citeertitel
Dit besluit kan worden aangehaald als:
UWV Beleidsregels uitvoering Wav.
13. Inwerkingtreding
Dit besluit vervangt de beleidsregels CWI
uitvoering Wet arbeid vreemdelingen (Stcrt. 2002, 19).
Indien het bij Koninklijke boodschap van
24 juni 2008 ingediende voorstel van wet houdende Wijziging van de Wet
structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen en enkele andere wetten
in verband met de evaluatie van deze wet, de Kaderwet zelfstandige
bestuursorganen en deregulering (Kamerstukken 31 514) tot wet is
verheven en die wet in werking treedt, treedt dit besluit op hetzelfde
tijdstip in werking. Indien de Staatscourant waarin dit besluit
wordt geplaatst, wordt uitgegeven na het in de vorige volzin bedoelde
tijdstip, treedt het in werking met ingang van de tweede dag na de
dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en
werkt het terug tot en met genoemd tijdstip.
Amsterdam, 2 december 2008.
Voorzitter Raad van bestuur,
J.M. Linthorst.
Bijlage 1
Het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen besluit, onder verwijzing naar paragraaf 16 van
de Uitvoeringsregels Wav (Stcrt. 2008, 120) en paragraaf 3 van dit
Besluit, om gedurende een periode van een jaar, met ingang van 1 januari
2009, bij de behandeling van een aanvraag om een
tewerkstellingsvergunning voor de volgende categorieën van functies de
weigeringsgrond van artikel 8, eerste lid, aanhef en onder b, Wav
achterwege te laten:
a. hogere leidinggevende en
specialistische functies met een brutosalaris van tenminste €
3.900 per maand;
b. coaches sport;
c. sporters;
d. artiesten en hun noodzakelijke
ondersteunende functionarissen.
Bijlage 2
Aanvraagformulier TWV (AV320)
Huidige versie is voorgelegd aan Afdeling
Communicatie met verzoek aanpassingen door te voeren i.v.m. fusie
(vervangen CWI door WERKbedrijf UWV (inclusief vervangen logo) en
Juridische Zaken door Arbeidsjuridische Dienstverlening). Herziene
versie is nog niet beschikbaar maar zal zo spoedig mogelijk worden
nagezonden.
|