St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Wet beheer rijkswaterstaatswerken

 

AANWIJZINGSBESLUIT  TOEZICHTHOUDENDE  AMBTENAREN  EX  ARTIKEL  5  WET  BEHEER  RIJKSWATERSTAATSWERKEN

Tekst zoals deze geldt op 10 mei 2008

Vervallen m.i.v. 12 november 2008

 

 

 

 
     De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat;
     Gelet op artikel 1 van het Interimbesluit vergunningplicht installaties ter zee en artikel 5, eerste lid, van de Wet beheer rijkswaterstaatswerken (Stb. 1996, 645);

     Besluit:

 

 

Overwegende, dat gelet op de artikelen 3 en 5 van de Wet installaties Noordzee, per 6 oktober 1999 het besluit van 20 september 1999, houdende van toepassingverklaring van enige voorschriften van de Wet beheer rijkswaterstaatswerken met betrekking tot installaties ter zee (Interimbesluit vergunningplicht installaties ter zee, Stb. 1999, 412) in werking is getreden;

Aan te wijzen als ambtenaren belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij het Interimbesluit vergunningplicht installaties ter zee, de ambtenaren van de Rijkswaterstaat, werkzaam bij:

De regionale directie Noordzee:

A. de hoofdingenieur-directeur;

B. de hoofdafdelingshoofden;

C. de afdelingshoofden;

D. de plaatsvervangers van de onder A tot en met C genoemde functionarissen;

E. de onder de afdelingshoofden ressorterende functionarissen belast met handhaving.

 

 

     Dit besluit wordt geplaatst in de Staatscourant en treedt in werking met ingang van twee dagen volgend op die van de bekendmaking.

 

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat,
J.M. de Vries
.

 

 

 

 

    
 

x

   

home | de wet | alle wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x