| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Wet bescherming
oorspronkelijke topografieën van halfgeleiderprodukten
BESLUIT
BESCHERMING OORSPRONKELIJKE TOPOGRAFIEËN VAN
HALFGELEIDERPRODUKTEN
Tekst zoals deze geldt op
21 januari 2012
|
|
|
BESLUIT van 23 juli 1987 tot uitvoering van de wet
houdende regelen inzake de bescherming van oorspronkelijke topografieën
van halfgeleiderprodukten
WIJ BEATRIX,
bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Op de
voordracht van Onze Minister van Justitie van 1 juni 1987, Stafafdeling
Wetgeving Privaatrecht, nr. 212/687, gedaan mede namens Onze Minister
van Economische Zaken;
Gelet op de artikelen 8, 9, 10, 11 en 23 van de
Wet houdende regelen inzake de bescherming van oorspronkelijke
topografieën van halfgeleiderprodukten;
De Raad van State gehoord (advies van 29 juni
1987, nr. W03.87.0239);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van
Justitie van 9 juli 1987, Stafafdeling Wetgeving Privaatrecht, nr.
281/687, uitgebracht mede namens Onze Minister van Economische Zaken;
Hebben
goedgevonden en verstaan:
Algemene bepaling
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder de Wet: de Wet houdende regelen
inzake de bescherming van oorspronkelijke topografieën van
halfgeleiderprodukten.
Hoofdstuk I. Het depot
Artikel 2
1. Het depot van een topografie van een halfgeleiderprodukt
geschiedt door de indiening in drievoud van een geschrift bij het
Bureau.
2. Het geschrift bevat de gegevens, bedoeld in artikel 8, eerste
lid, van de Wet. De aanduiding van de topografie bestaat uit de benaming
en een functionele omschrijving van de topografie in niet meer dan 15
woorden.
3. De deposant dient voor het depot een formulier te gebruiken,
waarvan het model wordt vastgesteld door het Bureau.
Artikel 3
1. Tekeningen en afbeeldingen van de topografie worden in
tweevoud ingediend.
2. Indien de deposant aangeeft dat delen van de tekeningen of
afbeeldingen bedrijfsgeheimen bevatten en niet ter kennis van derden
kunnen worden gebracht, dient hij naast de volledige tekeningen of
afbeeldingen van de topografie, exemplaren van de tekeningen of
afbeeldingen over te leggen waarop deze delen zijn afgedekt en als
zodanig zijn aangeduid.
3. Afbeeldingen van de topografie dienen fotografisch of grafisch
van aard te zijn.
4. Tekeningen en afbeeldingen van de topografie dienen zodanig
duidelijk te zijn dat bij inzage daarvan de topografie herkenbaar is.
5. Tekeningen of afbeeldingen moeten, al dan niet in gevouwen
toestand, op formaat A4 (210 * 297 mm), dan wel in opgerolde toestand
met een lengte van ten hoogste 1 100 mm en een diameter van ten hoogste
99 mm worden ingediend.
Hoofdstuk II. Inschrijving
Artikel 4
Het depot wordt door het Bureau ingeschreven in het door het Bureau
te houden register door vermelding van:
a. de datum waarop het geschrift, bedoeld in artikel 2, is
ingediend bij het Bureau;
b. het volgnummer en de dagtekening van de inschrijving van het
depot;
c. de in artikel 8, eerste lid, van de Wet bedoelde gegevens;
d. naam, adres en woonplaats van de gemachtigde of het
correspondentie-adres;
e. de afdekking, in voorkomend geval, van bepaalde delen van
tekeningen of afbeeldingen van de topografie;
f. de overlegging, in voorkomend geval, van een exemplaar van het
halfgeleiderprodukt;
g. het kalenderjaar waarin de topografie voor de eerste maal is
geëxploiteerd, indien dit reeds heeft plaatsgevonden.
Artikel 5
1. Naast het depot worden voorts in het register ingeschreven:
a. de naams- of adreswijziging van de deposant en de wijziging van
het correspondentie-adres;
b. de naams- of adreswijziging van de gemachtigde;
c. de naams- of adreswijziging van de maker, indien hij een ander
is dan de deposant;
d. de overgang of de overdracht van het uitsluitend recht op een
topografie;
e. de licentieverlening.
2. De inschrijving geschiedt door vermelding van de aard en het
onderwerp van het stuk, de datum van de indiening van het stuk, alsmede
de naam, het adres en de woonplaats van degene, die het stuk heeft
ingediend.
Artikel 6
1. Ieder verzoek tot wijziging of doorhaling van een
inschrijving in het register dient in drievoud aan het Bureau te
worden gericht en het nummer van de inschrijving, de naam en het adres
van de houder van de topografie te vermelden.
2. Het uittreksel van de akte waaruit de overdracht of licentie
als bedoeld in artikel 14 van de wet blijkt, dient genoegzaam voor
eensluidend gewaarmerkt te zijn.
3. De doorhaling van een inschrijving, ingevolge een rechterlijke
beslissing die in kracht van gewijsde is gegaan, wordt ambtshalve of op
verzoek van de meest gerede partij verricht.
Artikel 7
Het Bureau zendt de houder en degene die het stuk heeft ingediend,
indien hij een ander is dan de houder, onverwijld een bewijs van
inschrijving toe.
Hoofdstuk III. Administratieve bepalingen
Artikel 8
1. Alle aan het Bureau over te leggen stukken moeten duidelijk
leesbaar in het Nederlands zijn gesteld.
2. De aan het Bureau over te leggen stukken kunnen per telex of
soortgelijk communicatiemiddel dat een gedrukt of geschreven document
voortbrengt, worden verzonden. Een aldus verzonden document wordt geacht
te zijn ingediend in de vereiste vorm op de dag waarop het werd
meegedeeld via de bovengenoemde middelen, mits binnen twee weken daarna
de inhoud ervan alsnog in de vereiste vorm wordt ingediend. Bij gebreke
daarvan wordt het stuk geacht niet te zijn ingediend.
3. Indien enig stuk, overgelegd ter inschrijving in het door het
Bureau gehouden register, is ondertekend namens een rechtspersoon,
dienen daarbij de naam en de hoedanigheid van de ondertekenaar te zijn
vermeld.
4. Geen legalisatie van de ondertekening van stukken, waarvan de
inschrijving wordt gevraagd, is vereist, tenzij het Bureau dit
noodzakelijk oordeelt.
Artikel 9 [Vervallen per 01-01-1994]
Artikel 10 [Vervallen per 01-01-1994]
Artikel 11
1. Het Bureau bevestigt de ontvangst van
elk binnengekomen stuk, dat bestemd is voor inschrijving in het door het
Bureau gehouden register.
2. Ieder stuk wordt bij ontvangst door het Bureau gedagtekend
door middel van een stempel houdende dag, maand en jaar van ontvangst.
3. Stukken, die na sluitingstijd van de dienst zijn bezorgd,
worden gedagtekend op de eerstvolgende dag, waarop het Bureau is
geopend.
Artikel 12
Onvoldoende gefrankeerde stukken worden door het Bureau geweigerd.
Artikel 13
Indien het Bureau gesloten is op de laatste dag van een ingevolge de
wet of dit besluit in acht te nemen termijn, wordt die termijn verlengd
tot het einde van de eerstvolgende dag, waarop het Bureau geopend is.
Artikel 14
1. Het Bureau maakt inschrijvingen in het register bekend in
het blad "De Industriële Eigendom", bedoeld in artikel 38
van het Octrooireglement 1921, Stb. 1083.
2. Dit blad vermeldt daartoe alle gegevens die op grond van de
artikelen 4 en 5 zijn ingeschreven.
Hoofdstuk IV. Verstrekken van technische adviezen
Artikel 15
De technische adviezen, bedoeld in artikel 23 van de wet worden
verstrekt door een bijzondere afdeling van de Octrooiraad, die daartoe
telkens door de centrale afdeling van die raad wordt samengesteld uit de
gewone, buitengewone en plaatsvervangende leden van de Octrooiraad. De
artikelen 9 tot en met 11 van het Octrooireglement 1921, Stb.
1083, zijn van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk V. Rechten
Artikel 16
1. Voor de verschillende hierna vermelde handelingen
betreffende depots zijn de volgende rechten verschuldigd:
a. € 79 voor het depot;
b. € 10 per depot voor de inschrijving van een naams- of
adreswijziging van de deposant of van een verandering van het
correspondentie-adres; indien de inschrijving wordt verzocht voor
verscheidene depots die aan dezelfde houder behoren, € 5 voor elk
volgend depot;
c. € 10 per depot voor de inschrijving van een naams- of
adreswijziging van de maker indien hij een ander is dan de deposant;
indien de inschrijving wordt verzocht voor verscheidene depots, waarin
de maker is vermeld, € 5 voor elk volgend depot;
d. € 10 per depot voor de inschrijving van een naams- of
adreswijziging van een gemachtigde; indien de inschrijving wordt
verzocht voor verscheidene depots, waarin de gemachtigde is vermeld,
€ 5 voor elk volgend depot;
e. € 27 voor de inschrijving van de overdracht of overgang van
het uitsluitend recht;
f. € 27 per depot voor de inschrijving van een
licentie-overeenkomst.
2. Voor afschriften is een bedrag van € 1 per bladzijde
verschuldigd.
Artikel 17
1. Betaling van rechten, verschuldigd ingevolge artikel 16,
voor bij het Bureau verrichte handelingen, kan op één van de hierna
volgende manieren plaatsvinden:
a. door overschrijving of storting op de girorekening of de
bankrekening van het Bureau;
b. door middel van een schriftelijk verzoek tot afschrijving van
een door belanghebbende of zijn gemachtigde bij het Bureau geopende
lopende rekening;
c. door middel van een postwissel;
d. door overhandiging van een cheque ten gunste van het Bureau; of
e. door betaling in contanten.
2. Bij elke betaling dient duidelijk en volledig te worden
aangegeven waarvoor deze plaatsvindt.
3. Het bewijs van betaling dient bij elke handeling te worden
overgelegd. Als bewijs van betaling wordt beschouwd:
a. het document, uitgaande van een postdienst of van de bank, of
een afschrift daarvan, waaruit blijkt dat de overschrijving of
storting daadwerkelijk heeft plaatsgevonden;
b. het schriftelijk verzoek tot afschrijving van het bedrag van de
lopende rekening bij het Bureau, indien het tegoed van die rekening
voldoende is;
c. het door het Bureau verstrekte bewijs van betaling.
Hoofdstuk VI. Inwerkingtreding
Artikel 18
Dit besluit treedt in werking tegelijk met de Wet houdende regelen
inzake de bescherming van oorspronkelijke topografieën van
halfgeleiderprodukten.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de
daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal
worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de
Raad van State.
Tavarnelle, 23 juli 1987
BEATRIX
De Minister van Justitie a.i.,
C.P. van Dijk
De Minister van Economische Zaken a.i.,
C.P. van Dijk
Uitgegeven de vijfde november 1987
De Minister van Justitie,
F. Korthals Altes
|
|
|