St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Wet bestrijding ongevallen Noordzee

 

BESLUIT  RAMPENPLAN  VOOR  DE  NOORDZEE  2006

Tekst zoals deze geldt op 11 maart 2009

Verwijderd uit ons regelingenbestand

 

 

 

 
BESLUIT van 18 januari 2006, nr. 06.000119, tot vaststelling van regels inzake de organisatie en de coördinatie van de bestrijding van schadelijke gevolgen van ongevallen op de Noordzee (Besluit Rampenplan voor de Noordzee 2006)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat van 11 januari 2006, nr. HDJZ/SCH/2005-2400, Hoofddirectie Juridische Zaken;
     Gelet op artikel 11, eerste lid, van de Wet bestrijding ongevallen Noordzee;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

Artikel 1

De bestrijding van schadelijke gevolgen van ongevallen, bedoeld in artikel 11, eerste lid, van de Wet bestrijding ongevallen Noordzee, wordt georganiseerd en gecoördineerd overeenkomstig het Rampenplan voor de Noordzee 2006, nr. HDJZ/SCH/2005-2392.

Artikel 2

Het Besluit van 6 januari 2003 ter uitvoering van artikel 11, eerste lid, van de Wet bestrijding ongevallen Noordzee (Stb. 2003, 16) wordt ingetrokken.

Artikel 3

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Rampenplan voor de Noordzee 2006.

Artikel 4

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

 

 

     Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

 

Den Haag, 18 januari 2006

 

BEATRIX

 

De Minister van Verkeer en Waterstaat,
K.M.H. Peijs

 

 

 

 

    
 

x

   

home | de wet | alle wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x