| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Wet bodembescherming
(Wbb)
BESLUIT
AANWIJZING BEVOEGDGEZAGGEMEENTEN WET BODEMBESCHERMING
Tekst zoals deze geldt op
11 maart 2009
Verwijderd
uit ons regelingenbestand
|
|
|
BESLUIT van 12 december 2000, houdende aanwijzing van
gemeenten die voor de toepassing van de Wet bodembescherming worden
gelijkgesteld met een provincie (Besluit aanwijzing
bevoegdgezaggemeenten Wet bodembescherming)
WIJ BEATRIX, bij de
gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz.
enz. enz.
Op de
voordracht van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening
en Milieubeheer van 30 oktober 2000, nr. MJZ2000128348, Centrale
Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;
Gelet op artikel 88, negende lid, van de Wet
bodembescherming;
De Raad van State gehoord (advies van 16
november 2000, nr. W08.00/0509/V);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van
Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 8 december
2000, nr. MJZ2000148569, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling
Wetgeving;
Hebben
goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
Artikel 88, eerste lid, van de Wet bodembescherming wordt van
overeenkomstige toepassing verklaard op de navolgende gemeenten:
a. Alkmaar,
b. Almelo,
c. Amersfoort,
d. Arnhem,
e. Breda,
f. Deventer,
g. Dordrecht,
h. Eindhoven,
i. Emmen,
j. Enschede,
k. Groningen,
l. Haarlem,
m. Heerlen,
n. Helmond,
o. Hengelo,
p. ‘s-Hertogenbosch,
q. Leeuwarden,
r. Leiden,
s. Maastricht,
t. Nijmegen,
u. Schiedam,
v. Tilburg,
w. Venlo,
x. Zaanstad en
y. Zwolle
Artikel 2
1. Dit besluit treedt, met uitzondering van artikel 1,
onderdelen a tot en met k en m tot en met w, in werking met ingang van
1 januari 2001.
2. Artikel 1, onderdeel m, treedt in werking met ingang van 1
juni 2001.
3. Artikel 1, onderdelen d en v, treedt in werking met ingang van
1 juli 2001.
4. Artikel 1, onderdelen b, c, h, j, n, o, p, r, s en w, treedt
in werking met ingang van 1 januari 2002.
5. Artikel 1, onderdeel t, treedt in werking met ingang van 1
oktober 2002.
6. Artikel 1, onderdelen a, e, f, g, i, k en q, treedt in werking
met ingang van 1 januari 2003.
7. Artikel 1, onderdeel u, treedt in werking met ingang van 1
januari 2004.
Artikel 3
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit aanwijzing
bevoegdgezaggemeenten Wet bodembescherming.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de
daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal
worden geplaatst.
's-Gravenhage, 12 december 2000
BEATRIX
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke
Ordening en Milieubeheer,
J.P. Pronk
Uitgegeven de eenentwintigste december 2000
De Minister van Justitie,
A.H. Korthals
|
|
|