BESLUIT van 3 augustus 2004, houdende aanwijzing van
de gegevens over een gebruiker en het telecommunicatieverkeer met
betrekking tot die gebruiker die van een aanbieder van een openbaar
telecommunicatienetwerk of een openbare telecommunicatiedienst kunnen
worden gevorderd (Besluit vorderen gegevens telecommunicatie)
WIJ BEATRIX,
bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Op de
voordracht van Onze Minister van Justitie van 17 maart 2004, nr.
5275464/04/6;
Gelet op artikel 126n, eerste lid,
tweede volzin, en artikel 126u, eerste lid, tweede volzin, van
het Wetboek van Strafvordering;
De Raad van State gehoord (advies van 22 april
2004, nr. W03.04.0125/l);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van
Justitie van 20 juli 2004, nr. 5298172/04/6;
Hebben
goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. gebruiker: een gebruiker als bedoeld in artikel 126n, tweede
lid, van het Wetboek van Strafvordering;
b. nummer: een nummer als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel bb,
van de Telecommunicatiewet.
Artikel 2
De volgende gegevens worden aangewezen als gegevens in de zin van
artikel 126n, eerste lid, tweede volzin, artikel 126u, eerste lid,
tweede volzin, en artikel 126zh, eerste lid, tweede volzin, van het
Wetboek van Strafvordering:
a. de naam, het adres en de woonplaats van de gebruiker;
b. de nummers van de gebruiker;
c. de naam, het adres, de woonplaats en het nummer van de
natuurlijke persoon of rechtspersoon met wie de gebruiker verbinding
heeft, heeft gehad of heeft getracht tot stand te brengen, of van de
natuurlijke persoon of rechtspersoon die heeft getracht met de
gebruiker verbinding tot stand te brengen;
d. de datum en het tijdstip waarop de verbinding met de gebruiker
tot stand is gebracht en beλindigd en de duur van de verbinding,
dan wel, ingeval er geen verbinding tot stand is gekomen, de datum
en het tijdstip waarop is getracht verbinding met de gebruiker tot
stand te brengen, alsmede de afwijking van dit tijdstip van de
wettelijke tijd, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet van 16
juli 1958 tot nadere regeling van de wettelijke tijd (Stb. 352);
e. de locatiegegevens van het netwerkaansluitpunt dan wel
gegevens betreffende de geografische positie van de randapparatuur
van een gebruiker ingeval van een verbinding of poging daartoe;
f. de nummers van de randapparatuur waarvan de gebruiker gebruik
maakt of heeft gemaakt;
g. de soorten diensten waarvan de gebruiker gebruik maakt of
heeft gemaakt evenals de daarbij behorende gegevens;
h. de naam, het adres en de woonplaats van degene die de rekening
betaalt voor de openbare telecommunicatiediensten en
telecommunicatienetwerken die de gebruiker ter beschikking heeft of
heeft gehad, indien deze een ander is dan de gebruiker.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 18
maart 2004 tot wijziging van het Wetboek van Strafvordering en andere
wetten in verband met de aanpassing van de bevoegdheden tot het vorderen
van gegevens ter zake van telecommunicatie (vorderen gegevens
telecommunicatie) (Stb. 2004, 105) in werking treedt.
Artikel 4
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vorderen gegevens
telecommunicatie.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de
daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden
geplaatst.
's-Gravenhage, 3 augustus 2004
BEATRIX
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
Uitgegeven de negentiende augustus 2004
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner