| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Wet basisregistraties
adressen en gebouwen
BESLUIT
BASISREGISTRATIES ADRESSEN EN GEBOUWEN
Tekst zoals deze geldt op
20 januari 2012
|
|
|
BESLUIT van 9 maart 2009, houdende regels met betrekking tot de
basisregistraties adressen en gebouwen (Besluit basisregistraties
adressen en gebouwen)
WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin
der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van
Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 1 december
2008, nr. BJZ208111827, Directie Bestuurlijke en Juridische Zaken,
Afdeling Wetgeving;
Gelet op de artikelen 6, vierde lid, 10, eerste
lid, onderdeel a, 17, eerste lid, aanhef en onderdeel b, 19, derde lid,
28, 37, derde lid, en 42, vierde lid, van de Wet basisregistraties
adressen en gebouwen;
De Raad van State gehoord (advies van 17
december 2008, nr. W08.08.0518/IV);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van
Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 4 maart 2009,
nr. BJZ2009015523, Directie Bestuurlijke en Juridische Zaken;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder wet: Wet basisregistraties
adressen en gebouwen.
Artikel 2
De beslissing omtrent de indeling van het grondgebied van de gemeente
in een of meer woonplaatsen bevat in het belang van een goede
registratie in ieder geval:
a. de officiële schrijfwijze van de naam van de woonplaats;
b. de geometrie van de woonplaats, vastgelegd in overeenstemming
met de krachtens artikel 17, tweede lid, aanhef en onderdeel a, van
de wet gegeven definitie van het desbetreffende gegeven.
Artikel 3
De beslissing omtrent de vaststelling van een openbare ruimte bevat
in het belang van een goede registratie in ieder geval:
a. de officiële schrijfwijze van de naam van de openbare ruimte;
b. de vermelding van de woonplaats waarbinnen de openbare ruimte
is gelegen.
Artikel 4
De beslissing omtrent de toekenning van een nummeraanduiding bevat in
het belang van een goede registratie in ieder geval:
a. de nummeraanduiding, bestaande uit een huisnummer al dan niet
aangevuld met een huisletter of een huisnummertoevoeging;
b. de vermelding van de openbare ruimte waaraan de
nummeraanduiding is gerelateerd;
c. de vermelding van de woonplaats waarbinnen het object waaraan
de nummeraanduiding wordt toegekend gelegen is, indien die
woonplaats afwijkt van de woonplaats waarbinnen de openbare ruimte
waaraan de nummeraanduiding is gerelateerd gelegen is.
Artikel 5
De beslissing omtrent de vaststelling van een standplaats bevat in
het belang van een goede registratie in ieder geval de geometrie van de
standplaats, vastgelegd in overeenstemming met de krachtens artikel 17,
tweede lid, aanhef en onderdeel a, van de wet gegeven definitie van het
desbetreffende gegeven.
Artikel 6
De beslissing omtrent de vaststelling van een ligplaats bevat in het
belang van een goede registratie in ieder geval de geometrie van de
ligplaats, vastgelegd in overeenstemming met de krachtens artikel 17,
tweede lid, aanhef en onderdeel a, van de wet gegeven definitie van het
desbetreffende gegeven.
Hoofdstuk 2. De registers
Artikel 7
Krachtens artikel 10, eerste lid, onderdeel a, van de wet worden als
brondocument voor het adressenregister aangewezen:
a. een beslissing tot indeling van het grondgebied van de
gemeente in een of meer woonplaatsen, alsmede de wijziging of
intrekking daarvan;
b. een beslissing tot vaststelling van een openbare ruimte,
alsmede de wijziging of intrekking daarvan;
c. een beslissing tot toekenning van een nummeraanduiding,
alsmede de wijziging of intrekking daarvan;
d. een document waaruit blijkt welke postcode door de organisatie
die verantwoordelijk is voor de uitgifte van postcodes is toegekend
aan een nummeraanduiding;
e. een rechterlijke uitspraak strekkende tot vernietiging,
herroeping, intrekking of wijziging van een in het adressenregister
ingeschreven brondocument, en
f. een schriftelijke verklaring van een daartoe aangewezen
ambtenaar, strekkende tot:
1°. een ambtshalve correctie van een of meer op grond van
een ander brondocument in de adressenregistratie opgenomen
gegevens, of
2°. een wijziging of opneming in het belang van een goede
registratie van een of meer gegevens in de adressenregistratie
die niet voortvloeit uit een ander brondocument.
Artikel 8
Krachtens artikel 10, eerste lid, onderdeel a, van de wet worden als
brondocument voor het gebouwenregister aangewezen:
a. een beslissing tot verlening van een vergunning of andere
publiekrechtelijke toestemming voor het bouwen, veranderen of slopen
van een pand of verblijfsobject, alsmede de wijziging of intrekking
daarvan;
b. een schriftelijke reactie van een bestuursorgaan naar
aanleiding van een melding of kennisgeving waardoor het vereiste van
een vergunning of toestemming, bedoeld in onderdeel a, wordt
opgeheven;
c. een schriftelijke melding of kennisgeving van de aanvang en
het gereedkomen van bouw- of sloopwerkzaamheden met betrekking tot
een pand of verblijfsobject;
d. een beslissing tot verlening van een vergunning als bedoeld in
artikel 30, eerste lid, of 33 van de Huisvestingswet, alsmede de
wijziging of intrekking daarvan;
e. een beslissing tot vaststelling van een standplaats, alsmede
de wijziging of intrekking daarvan;
f. een beslissing tot vaststelling van een ligplaats, alsmede de
wijziging of intrekking daarvan;
g. een document waarin de geometrie van een pand of
verblijfsobject is vastgelegd in overeenstemming met de krachtens
artikel 17, tweede lid, aanhef en onderdeel a, van de wet gegeven
definitie van het desbetreffende gegeven;
h. een rechterlijke uitspraak strekkende tot vernietiging,
herroeping, intrekking of wijziging van een in het gebouwenregister
ingeschreven brondocument, en
i. een schriftelijke verklaring van een daartoe aangewezen
ambtenaar, strekkende tot:
1°. een ambtshalve correctie van een of meer op grond van
een ander brondocument in de gebouwenregistratie opgenomen
gegevens;
2°. een signalering van een wijziging in de feitelijke
situatie die van invloed is op een of meer in de
gebouwenregistratie opgenomen gegevens en die niet voortvloeit
uit een brondocument als bedoeld in de onderdelen a tot en met
h, of
3°. een wijziging of opneming in het belang van een goede
registratie van een of meer gegevens in de gebouwenregistratie
die niet voortvloeit uit een ander brondocument.
Hoofdstuk 3. De registraties en de landelijke voorziening
Artikel 9
Een in de adressenregistratie of de gebouwenregistratie opgenomen
gegeven wordt niet uit de adressenregistratie respectievelijk de
gebouwenregistratie verwijderd.
Artikel 10
1. Een identificatiecode als bedoeld in de artikelen 19, eerste
lid, onderdeel a, 20, eerste lid, onderdeel a, 21, eerste lid,
onderdeel a, 22, eerste lid, onderdeel a, 23, eerste lid, onderdeel a,
24, eerste lid, onderdeel a, en 25, eerste lid, onderdeel a, van de
wet wordt gedurende het gehele bestaan van de desbetreffende
woonplaats, openbare ruimte of nummeraanduiding, het desbetreffende
pand of verblijfsobject, dan wel de desbetreffende standplaats of
ligplaats, niet gewijzigd.
2. Indien een in de adressenregistratie opgenomen woonplaats of
openbare ruimte, respectievelijk een in de gebouwenregistratie
opgenomen verblijfsobject, standplaats of ligplaats wordt gesplitst,
wordt elk van de aldus ontstane woonplaatsen, openbare ruimten,
verblijfsobjecten, standplaatsen of ligplaatsen van een nieuwe
identificatiecode voorzien.
3. Indien meer dan één in de adressenregistratie opgenomen
woonplaats of openbare ruimte, respectievelijk meer dan één in de
gebouwenregistratie opgenomen verblijfsobject, standplaats of
ligplaats worden samengevoegd, wordt de aldus ontstane woonplaats of
openbare ruimte, het aldus ontstane verblijfsobject, dan wel de aldus
ontstane standplaats of ligplaats van een nieuwe identificatiecode
voorzien.
Artikel 11
1. Nadat een besluit tot indeling van het grondgebied van de
gemeente in een of meer woonplaatsen is genomen, voorziet de Dienst
vanuit de landelijke voorziening burgemeester en wethouders op hun
verzoek binnen twee werkdagen van een identificatiecode van die
woonplaats of woonplaatsen.
2. Alle identificatiecodes voor woonplaatsen met de bijbehorende
namen van die woonplaatsen vormen tezamen de landelijke
woonplaatsentabel, bedoeld in de artikelen 19, eerste lid, onderdeel
a, 20, eerste lid, onderdeel b, en 21, eerste lid, onderdeel c, van de
wet.
Hoofdstuk 4. Wijziging van gegevens
Artikel 12
1. Het Centraal bureau voor de statistiek, bedoeld in artikel 2 van
de Wet op het Centraal bureau voor de statistiek, is niet verplicht
toepassing te geven aan artikel 37, eerste en tweede lid, van de wet.
2. Indien de gerede twijfel, bedoeld in artikel 37, eerste en
tweede lid, van de wet, betrekking heeft op de juistheid van:
a. de geometrie van een pand of verblijfsobject, of
b. de oppervlakte van een verblijfsobject,
kan de melding, bedoeld in artikel 37, eerste en tweede lid, van de
wet, achterwege blijven ingeval de geconstateerde afwijking blijft
binnen de bandbreedte die deel uitmaakt van de krachtens artikel 17,
tweede lid, aanhef en onderdeel a, van de wet gegeven definitie van
het desbetreffende gegeven.
3. Indien de gerede twijfel, bedoeld in artikel 37, eerste en
tweede lid, van de wet, ontstaat in een geval waarin sprake is van een
onderzoek naar een strafbaar feit, kan de melding, bedoeld in artikel
37, eerste en tweede lid, van de wet, eveneens achterwege blijven.
Hoofdstuk 5. Controle
Artikel 13
De elementen van de controle, bedoeld in artikel 42, eerste lid, van
de wet, zijn:
a. de in het adressenregister en het gebouwenregister
ingeschreven brondocumenten;
b. de in de adressenregistratie en de gebouwenregistratie
opgenomen gegevens;
c. de wijze waarop de processen ter uitvoering van het bij of
krachtens de wet bepaalde zijn georganiseerd;
d. de conformiteit en de continuïteit van het gebruikte
informatiesysteem.
Hoofdstuk 6. Slotbepalingen
Artikel 14
De artikelen van dit besluit treden in werking op een bij koninklijk
besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of
onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
Artikel 15
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit basisregistraties adressen
en gebouwen.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de
daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal
worden geplaatst.
’s-Gravenhage, 9 maart 2009
BEATRIX
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en
Milieubeheer,
J.M. Cramer
Uitgegeven de vierentwintigste maart 2009
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
|
|
|