| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Wet Centraal Orgaan
opvang asielzoekers
REGELING
INFORMATIEVERSTREKKING CENTRAAL ORGAAN OPVANG
ASIELZOEKERS 2006
Tekst zoals deze geldt op
11 maart 2009
Verwijderd
uit ons regelingenbestand
|
|
|
REGELING van 1 mei 2006, betreffende de
informatieverstrekking tussen het Centraal Orgaan opvang asielzoekers en
de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie (Regeling
informatieverstrekking Centraal Orgaan opvang asielzoekers 2006)
De Minister
voor Vreemdelingenzaken en Integratie;
Gelet op de nieuwe wijze waarop de bekostiging
van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers vorm wordt gegeven, en gelet
op artikel 14, tweede lid, van de Wet Centraal Orgaan opvang
asielzoekers;
Besluit:
1. Het bestuur van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (hierna
te noemen: COA) en de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie
(hierna te noemen: de Minister) verstrekken aan elkaar op grond van
artikel 14 van de Wet COA onverwijld de informatie zoals beschreven in
de bij deze regeling behorende bijlage deel B.
2. Het bestuur van het COA en de Minister verstrekken aan elkaar,
op een daartoe strekkend verzoek, onverwijld informatie die van belang
is voor de uitvoering van beider taken, doch waarin de in artikel 1
genoemde bijlage niet voorziet.
3. De Minister en het bestuur van het COA zijn bevoegd de aan
elkaar verstrekte informatie te verzamelen en te bewerken. In
voorkomende gevallen wordt op verzoek aan elkaar inzicht verschaft in
het bewerkingsproces.
4. Mandatering of delegatie van de bevoegdheid van het bestuur tot
het verstrekken van informatie aan de Minister is niet toegestaan met
betrekking tot door de Minister nader aan te wijzen informatie.
5. Het COA verstrekt aan derden geen politiek gevoelige informatie
dan wel informatie over nog niet vastgesteld beleid dan na overleg met
de Minister.
6. Indien het leveren van gegevens, of het leveren van gegevens in
digitale vorm, voor zover dit geschiedt op een door de Minister gedaan
verzoek, bovenmatige inspanning of kosten vergt, informeert het COA de
Minister hierover per omgaande.
7. De Regeling informatieverstrekking Centraal Orgaan opvang
asielzoekers 2000 wordt ingetrokken.
8. Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na
dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
9. Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling
informatieverstrekking Centraal Orgaan opvang asielzoekers 2006.
Deze regeling zal in de Staatscourant
worden geplaatst.
De Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie,
M.C.F. Verdonk.
Bijlagen
Deel A. Verklaring van de gebruikte termen en afkortingen
Abri: Locatie waar opvanggerechtigden gedurende een vooraf
vastgestelde periode ter observatie en begeleiding verblijven na
indicatie van de gemeenschappelijke indicatiecommissie AMOG/abri
AMOG: Opvanggerechtigden met onaangepast gedrag
Amv: Alleenstaande minderjarige vluchteling; dit is een
opvanggerechtigde jonger dan 18 jaar die bij binnenkomst in Nederland
niet wordt begeleid en/of verzorgd door minimaal één ouder dan wel een
meerderjarige bloed- of aanverwant(e)
Centrale opvang: Opvang door het COA van opvanggerechtigden,
exclusief de opvang welke in opdracht van gemeenten wordt uitgevoerd en
exclusief tijdelijke noodvoorzieningen
Decentrale opvang: Opvang onder verantwoordelijkheid van een gemeente
Doorstroomtijd: Tijd welke een persoon die uit de opvang vertrekt in
de opvang heeft doorgebracht
Dublinclaimant: Vreemdelingen ten aanzien van wie op grond van de
Overeenkomst van Dublin een claim is of zal worden gelegd; iemand van
wie is vastgesteld dat hij of zij in een ander Schengenland is geweest
voordat de aanvraag in Nederland is ingediend
Fasen in de procedure: De eerste asielaanvraag, beroep, hoger beroep
en uitgeprocedeerd dan wel vergunninghouder
Fasen van bemiddeling: Fase 1 is de periode vanaf het moment dat het
besluit met betrekking tot de vergunningverlening is genomen tot het
moment dat dit besluit bekend is bij het COA, fase 2 is de periode
tussen het moment dat het besluit bekend is bij het COA en het moment
dat de vergunninghouder wordt bemiddeld (groen licht), fase 3 is de
periode tussen groen licht en het moment dat met de vergunninghouder
voor woonruimte in een gemeente wordt voorgedragen, en fase 4 is de
periode tussen deze plaatsingsvoordracht en het moment van werkelijke
uitstroom van de vergunninghouder uit de opvang
Ongecontroleerd vertrek uit Nederland: Een vreemdeling die zonder
kennisgeving definitief is weggegaan uit een opvangaccomodatie en van
wie de verblijfplaats onbekend is
Modaliteit: Opvangvorm
Nidos: Voogdij- en opvanginstelling voor amv’s en jonge
vluchtelingen
Opvanggerechtigden: Asielzoekers, uitgeprocedeerden en
vergunninghouders in de COA-opvang en bij gemeenten, voor zover deze
recht hebben op opvang of van wie de opvangvoorziening nog niet is
beëindigd
Overgenomen ROA: Opvang die het COA in opdracht van gemeenten
uitvoert voor personen die vallen onder de wet ROA
Overgenomen ex-VVTV: Opvang die het COA in opdracht van gemeenten
uitvoert voor personen, waarvan de VVTV-status is ingetrokken en die nog
in procedure zijn tegen de rechterlijke beslissing
TNV: Tijdelijke Noodvoorziening Vreemdelingen; dit is een
opvangvoorziening voor vreemdelingen die in het bezit zijn van een
afsprakenbriefje voor een AC ten behoeve van het feitelijk indienen van
een asielaanvraag.
VBR: In beginsel jaarlijks te verlengen vergunning waarbij de
vreemdeling toestemming heeft om langer dan drie maanden in Nederland te
blijven
VBT: In beginsel driejaarlijks te verlengen vergunning waarbij de
vreemdeling toestemming heeft om langer dan drie maanden in Nederland te
blijven
Verblijfsduur: Tijdsduur welke opgevangen personen in de opvang
hebben doorgebracht
Vergunninghouder: Persoon in het bezit van een verblijfsvergunning (VBT,
VBR, VOT)
Verslagperioden Voor de per vier maanden te verstrekken informatie
zijn de perioden van januari tot en met april, van mei tot en met
augustus en van september tot en met december. Voor de per zes maanden
te verstrekken informatie zijn de perioden januari tot en met juni en
juli tot en met december
Vonk, De: Behandelcentrum voor opvanggerechtigden met traumatische
problemen.
VOT: Vergunning voor onbepaalde tijd
ZZA: Zelfzorgarrangement waarbij de asielzoeker in plaats van
huisvesting een financiële vergoeding ontvangt.
Deel B. Te verstrekken verantwoordingsinformatie en
indieningstermijnen
1. Door het COA aan de Minister jaarlijks te verstrekken
informatie ten behoeve van beleidsdoeleinden en ten behoeve van de
verantwoording aan eigenaar en opdrachtgever
Activiteitenverslag
Het activiteitenverslag zoals bedoeld in de Wet COA wordt jaarlijks
na afloop van het boekjaar aan de Minister aangeboden binnen de termijn
die de Wet COA stelt, opdat de Minister het activiteitenverslag kan
aanbieden aan de Staten-Generaal. Dit verslag heeft de vorm van het
COA-jaarverslag en vormt een verkorte versie van het financiële
verslag, aangevuld met voor de Staten-Generaal relevante informatie ten
behoeve van beleidsdoeleinden (zie ook Wet COA, art. 15).
2. Door het COA aan de Minister jaarlijks te verstrekken
informatie ten behoeve van beleidsdoeleinden en ten behoeve van
verantwoording aan de opdrachtgever
De kostprijstabellen van de producten voor de verschillende, naar
capaciteitsomvang onderscheiden prijsstaffels, worden verstrekt voor het
jaar waarop de laatste beschikking betrekking heeft, waarbij de
kostprijzen in overeenstemming zijn met het gestelde in de beschikking,
binnen 8 weken na ontvangst van de beschikking, dit uitsluitend wanneer
in de in de beschikking gehanteerde kostprijzen anders luiden dan de
kostprijzen behorende bij eerdere beschikkingen.
3. Door de Minister jaarlijks aan het COA te verstrekken
informatie
Onderwerpen waarop het COA in het kader van de risicio-analyse in
zijn jaarplan in dient te gaan worden vóór 1 september van het
voorafgaande jaar aangeleverd bij het COA.
4. Door het COA aan de Minister jaarlijks te verstrekken
informatie ten behoeve van de beoordeling van het COA jaarplan
Het jaarplan dat jaarlijks wordt ingediend vóór 15 november,
bestaat uit de volgende onderdelen.
Begroting
In de begroting worden opgenomen:
– Een lasten- en batenrekening met uitgebreide toelichting.
– De balans per 1 januari en per ultimo van het jaar.
– Een kasstroomoverzicht.
– Een overzicht van de ontwikkeling eigen vermogen.
– Indien van toepassing een raming van de kosten van het
sociaal plan en van de krimpkosten.
Bedrijfsvoeringsparagraaf
In de bedrijfsvoeringsparagraaf wordt tenminste ingegaan op:
– De voorziene risico’s ten aanzien van de ministeriele
verantwoordelijkheid en de voorgenomen maatregelen;
– De betrouwbaarheid van de interne informatievoorziening;
– Instrumenten van sturing en beheersing die dienen te worden
ingezet (b.v. als uitvloeisel van bevindingen van de accountant en
op basis van de risicoanalyses);
– Maatregelen ter voorkoming van misbruik en oneigenlijk
gebruik;
– De majeure wijzigingen in de wijze van kwaliteitsborging;
– De majeure wijzigingen in de administratieve organisatie;
Een meerjaren paragraaf
In deze paragraaf wordt op hoofdlijnen ingegaan op de meerjarige
verwachtingen (het komende jaar en de twee daaropvolgende jaren) ten
aanzien van:
– het resultaat van het COA (aangevuld met het gerealiseerde
resultaat over hjet vorige jaar en het verwachte resultaat over het
lopende jaar);
– de financieringsbehoefte in het kader van de aanvraag
leenfaciliteit opgebouwd uit het investeringsplan en de
vermogensontwikkeling;
Tevens wordt in deze paragraaf ingegaan op de belangrijkste
veranderingen in de werkwijze van het orgaan voor zover deze politiek
relevant worden geacht of financieel van substantiële omvang zijn. Ook
wordt gevraagd in te gaan op substantiële knelpunten, zowel financieel,
qua bedrijfsvoering, beleidsmatig als politiek.
5. Door het COA aan de Minister jaarlijks te verstrekken
informatie ten behoeve van de verantwoording aan de eigenaar
Financieel verslag
Het financiële verslag wordt jaarlijks binnen 4 maanden na afloop
van het boekjaar aan de Minister aangeboden. Het financiële verslag
kent de volgende onderdelen:
1. Een directieverslag met informatie over het afgelopen jaar en
met gebeurtenissen na de balansdatum van 31 december van het
afgelopen jaar, met toekomstverwachtingen en met onderzoeks- en
ontwikkelingsactiviteiten.
2. Een bedrijfsvoeringsverslag waarin het bestuur van het COA
verantwoording aflegt over de in het boekjaar gevolgde strategie en
over de mate waarin aan het bedrijfsvoeringsplan is voldaan.
3. Een jaarrekening waarin het bestuur verantwoording aflegt over
de financiële gevolgen van de gedurende het boekjaar gevolgde
strategie met de weerslag daarvan op de vermogenspositie van het COA.
De jaarrekening bevat:
– Een balans;
– een lasten- en batenrekening;
– een toelichting op de balans en de lasten- en
batenrekening;
– een kasstroomoverzicht;
– een overzicht van de ontwikkeling eigen vermogen;
– een overzicht van de kosten per kostensoort;
– indien van toepassing de kosten van het sociaal plan en van
de krimpkosten;
– een voorstel voor de subsidie jaarafrekening.
4. Overige niet-financiële informatie over het gevoerde beleid
en in het kader van de uitvoering van de bedrijfsprocessen. Deze
informatie omvat volumegegevens, te weten:
– Voor de structurele capaciteit, de flexibele capaciteit, de
amv-capaciteit, de buffercapaciteit en de TNV-capaciteit: de
beginstand van het verslagjaar, de eindstand van het verslagjaar
en het gemiddelde;
– Voor de uitgenodigde vluchtelingen, de instroom in de
opvang en de uitstroom uit de opvang: het jaartotaal;
– Voor de ROA in de decentrale opvang, de overgenomen ROA, de
RVB, en de ZZA de beginstand van het verslagjaar in aantallen
personen, de eindstand van het verslagjaar en het gemiddelde;
– Voor de opvanggerechtigden inclusief amv’s, de amv’s en
de vergunninghouders in de opvang: het gemiddelde.
5. Overige gegevens, bestaande uit:
– De accountantsverklaring
– Het rapport van bevindingen
Het rapport van bevindingen van de accountant wordt jaarlijks
tegelijk met het financiële verslag aangeboden aan de Minister.
De bestemming van het jaarresultaat
Tegelijk met het financiële verslag doet het COA een voorstel voor
de bestemming van het jaarresultaat, waaronder een nader voorstel tot
beleidsintensiveringen waar in de subsidierelatie geen ruimte voor
bestaat, tenzij het eigen vermogen onder de 1% komt van de gemiddelde
omzet van de afgelopen drie jaar.
6. Door het COA aan de Minister per 6 maanden te verstrekken
informatie ten behoeve van de verantwoording aan de opdrachtgever
Uiterlijk acht weken na afloop wordt over de verslagperiode de
volgende informatie ter beschikking gesteld:
Met betrekking tot de uitvoering:
– a) de werkelijk gerealiseerde aantallen voor eenheden waarvan
in het Subsidiebesluit Centraal Orgaan opvang asielzoekers wordt
bepaald dat deze worden gefinancierd op basis van werkelijke
gerealiseerde aantallen, en
b) voor de overige eenheden de aantallen conform de beschikking van
de Minister.
– Het vermoedelijk beloop van de aantallen over het gehele
jaar.
– De realisatie van de prestatie-indicatoren en een toelichting
op eventuele afwijkingen ten opzichte van de afspraken waarnaar in
de beschikking is verwezen.
Met betrekking tot de regelingen:
– De gerealiseerde kosten per regeling.
– Het vermoedelijk beloop van de aantallen.
Met betrekking tot de kosten die op afrekenbasis ten laste van de
Minister komen:
– De kosten en besparingen in de verslagperiode.
– Het vermoedelijk beloop, in jaarcijfers.
– Een toelichting bij majeure afwijkingen.
Door het COA aan de Minister per vier maanden te verstrekken
informatie ten behoeve van beleid en de verantwoording aan de
opdrachtgever
Uiterlijk zes weken na afloop wordt over de verslagperiode de
volgende informatie ter beschikking gesteld:
Het proces van bemiddeling, uitplaatsing en huisvesten van
vergunninghouders
– Een rapportage van de voor de bemiddeling, uitplaatsing en
eerste huisvesting relevante ontwikkelingen en acties, waar mogelijk
gekwantificeerd.
– Een inventarisatie van knelpunten, respectievelijk te
verwachten knelpunten, bij het proces van bemiddeling, uitplaatsing
en eerste huisvesting. Bij deze inventarisatie wordt gebruik gemaakt
van door gemeenten aangedragen of via de helpdesk verkregen
signalen.
– Aanbevelingen om deze knelpunten het hoofd te bieden, ter
optimalisatie van (de fasen van) het bemiddelings- en
uitplaatsingsproces en het proces van eerste huisvesting in een
gemeente.
7. Door het COA aan de Minister per zes maanden, en daarnaast bij
majeure afwijkingen ten opzichte van het jaarplan, te verstrekken
informatie ten behoeve van de verantwoording aan de eigenaar
Uiterlijk acht weken na afloop wordt over de verslagperiode de
volgende informatie ter beschikking gesteld:
– De lasten- en batenrekening, uitgesplitst naar kosten- en
batensoorten, en het vermoedelijk beloop. Opgenomen hierin is een
overzicht van de ontvangen en/of toegezegde overheidssubsidies met
een uitsplitsing naar project, danwel bestemd voor het totaal van de
uitvoeringskosten of voor het totaal van de regelingen
– Een toelichting op de kosten- en batensoorten, met een aparte
toelichting voor bijzondere baten en lasten.
– Een kasstroomoverzicht.
– Een balans met de omvang en de samenstelling van het eigen
vermogen met een toelichting daarop, en de verwachting daarvan voor
het einde van het jaar.
– De voortgang van de maatregelen met betrekking tot risico’s
die in het jaarplan zijn geïdentificeerd. Indien er sinds het
jaarplan nieuwe risico’s zijn ontstaan of ontdekt, worden deze
gemeld.
Deel C. Te verstrekken beleidsinformatie en indieningstermijnen
1. Door het COA aan de Minister per zes maanden te verstrekken
beleidsinformatie
Zodra dit mogelijk is wordt na afloop van de verslagperiode de
volgende informatie ter beschikking gesteld:
24-maandsraming
Een raming van de bezetting, van de instroom en van de uitstroom voor
de 24 maanden volgend op het einde van de halfjaarperiode. Bij
tussentijdse majeure wijzigingen in de ramingen zal het COA de Minister
daarover informeren.
Overige per zes maanden te verstrekken informatie
– Een toelichting bij majeure afwijkingen. Een overzicht van de
centra, naar modaliteit, op de kaart van Nederland
– Een toelichting op de door het COA gehanteerde begrippen.
2. Door het COA aan de Minister per maand te verstrekken
beleidsinformatie
De per maand te verstrekken informatie wordt aan de Minister
verstrekt uiterlijk 10 werkdagen na het verstrijken van de verslagmaand.
Bij elk der aangegeven grootheden worden verstrekt:
a. Het maandcijfer van de verslagmaand.
b. De maandcijfers van alle eerdere maanden van het betreffende
jaar
c. Voor zover relevant het cumulatieve cijfer, dit is de som van
alle maandcijfers van het betreffende jaar.
De per maand te verstrekken informatie wordt weergegeven als de stand
per de eerste van de maand volgend op de verslagmaand, als gemiddelde of
als totaalcijfer.
|
Bezetting |
|
Totaal
aantal opvanggerechtigden |
|
Opvanggerechtigden,
uitgesplitst naar nationaliteit |
|
Opvanggerechtigden
niet-amv’s totaal en uitgesplitst naar oriëntatie- en
terugkeerlocaties en andere modaliteiten als KCO en ZZA |
|
Amv’s
totaal (Alleenstaande minderjarige vluchtelingen) |
|
Opvanggerechtigden
niet-amv’s, uitgesplitst naar nationaliteit |
|
Opvanggerechtigden
niet-amv’s, uitgesplitst naar leeftijdsgroep (0–3 jaar, 4–11
jaar, 12 jaar, 13 jaar, 14 jaar, 15 jaar, 16 jaar, 17 jaar, 18–24
jaar, daarna 5 jaarsgroepen, 65+) en naar oriëntatie- en
terugkeerlocaties |
|
Opvanggerechtigden
niet-amv’s, uitgesplitst naar geslacht |
|
Opvanggerechtigden
niet-amv’s, uitgesplitst naar sociale eenheid en naar
oriëntatie- en terugkeerlocaties en andere modaliteiten als KCO
en ZZA |
|
Amv’s,
uitgesplitst naar nationaliteit |
|
Amv’s,
uitgesplitst naar leeftijdsgroep (0–3, 4–11 jaar, 12 jaar, 13
jaar, 14 jaar, 15 jaar, 16 jaar, 17 jaar) |
|
Amv’s,
uitgesplitst naar geslacht |
|
Vergunninghouders
centraal, naar oriëntatie- en terugkeerlocaties en soort besluit
(VBR, VBT, VOT) |
|
Vergunninghouders
decentraal, naar soort besluit (VBR, VBT, VOT) |
|
Vergunninghouders,
uitgesplist naar de vier fasen in de bemiddeling (zodra leverbaar) |
|
Vergunninghouders,
uitgesplitst naar nationaliteit |
|
Dublinclaimanten |
|
ZZA
(Zelfzorgarrangement) |
|
ROA |
|
Overgenomen
ROA |
|
Overgenomen
ex-VVTV |
|
TNV
(Tijdelijke Noodvoorziening) |
|
|
|
Instroom |
|
Totaal |
|
Opvanggerechtigden,
uitgesplitst naar nationaliteit |
|
Opvanggerechtigden
niet-amv’s totaal, uitgesplitst naar oriëntatie- en
terugkeerlocaties en andere modaliteiten als KCO en ZZA |
|
Opvanggerechtigden
niet-amv’s, uitgesplitst naar nationaliteit |
|
Amv’s,
totaal |
|
Amv’s,
uitgesplitst naar aard van de opvang |
|
Amv’s,
uitgesplitst naar nationaliteit |
|
Amv’s,
uitgesplitst naar leeftijdsgroep (0–3 jaar, 4–11 jaar, 12
jaar, 13 jaar, 14 jaar, 15 jaar, 16 jaar, 17 jaar) |
|
Amv’s,
uitgesplitst naar geslacht |
|
Dublinclaimanten |
|
TNV
(Tijdelijke Noodvoorziening) |
|
|
|
Uitstroom |
|
Totaal |
|
Opvanggerechtigden,
uitgesplitst naar nationaliteit |
|
Opvanggerechtigden
niet-amv’s, uitgesplitst naar oriëntatie- en terugkeerlocaties
en andere modaliteiten als KCO en ZZA |
|
Opvanggerechtigden
niet-amv’s, uitgesplitst naar nationaliteit |
|
Opvanggerechtigden
niet-amv’s, uitgesplitst naar leeftijdsgroep (0–3 jaar, 4–11
jaar, 12 jaar, 13 jaar, 14 jaar, 15 jaar, 16 jaar, 17 jaar, 18–24
jaar, daarna 5 jaarsgroepen, 65+) |
|
Amv’s
totaal |
|
Amv’s,
uitgesplitst naar aard van de opvang |
|
Amv’s,
uitgesplitst naar leeftijdsgroep (0–3, 4–11, 12 jaar, 13 jaar,
14 jaar, 15 jaar, 16 jaar, 17 jaar) |
|
Amv’s,
uitgesplitst naar geslacht |
|
Amv’s,
uitgesplitst naar nationaliteit |
|
Opvanggerechtigden,
uitgesplitst naar opvangvorm (centrale opvang en decentrale
opvang) |
|
Opvanggerechtigden,
centraal, uitgesplitst naar reden van vertrek (beëindiging RVA,
door Nidos uitgeplaatst, Dublin claimant, ongecontroleerd vertrek
uit Nederland, naar vertreklokatie, gehuisvest door gemeente,
ongecontroleerd vertrek uit Nederland, ontruiming,/uitzetting,
overleden, ROV, teurg naar land van herkomst, uitstroom,
verwijdering (stappenplan 3), zelfstandig huisvesting gevonden,
zelfstandig vertrek doormigratie ongecontroleerd vertrek uit
Nederland, overig) |
|
Opvanggerechtigden,
decentraal, uitgesplitst naar reden van vertrek (beëindiging RVA,
beëindiging ROA, ongecontroleerd vertrek uit Nederland, naar
vertreklokatie, uitstroom). |
|
Vergunninghouders
totaal (overzicht aantal personen met een plaatsing in de
reguliere huisvesting) |
|
Vergunninghouders
uitgesplitst naar opvangmodaliteit, naar opvangvorm, (centraal of
decentraal), naar oriëntatie- en terugkeerlocaties en naar soort
besluit (VBR, VBT, VOT) (overlappend met bovenste twee punten) |
|
Vergunninghouders,
centraal, uitgesplitst naar soort besluit en reden vertrek |
|
Vergunninghouders,
decentraal, uitgesplitst naar soort besluit |
|
Dublinclaimanten |
|
TNV
(Tijdelijke Noodvoorziening) |
|
|
|
Verblijfsduur/doorlooptijden/doorstroomtijden |
|
Verblijfsduur
opvanggerechtigden uitgesplitst naar tijdsduur; tot 6 maanden, 6
maanden tot 1 jaar, 1–2 jaar, 2–3 jaar, 3–4 jaar, 4–5 jaar
5–6 jaar, 6–7 jaar, 7–8 jaar, 8–9 jaar, 9–10 jaar, 10
jaar en langer |
|
Verblijfsduur
opvanggerechtigden niet-amv’s naar oriëntatie- en
terugkeerlocaties en naar tijdsduur; tot 6 maanden, 6 maanden tot
1 jaar, 1–2 jaar, 2–3 jaar, 3–4 jaar, 4–5 jaar, 5–6
jaar, 6–7 jaar, 7–8 jaar, 8–9 jaar, 9–10 jaar, 10 jaar en
langer |
|
Verblijfsduur
amv’s uitgesplitst naar tijdsduur; tot 6 maanden, 6 maanden tot
1 jaar, 1–2 jaar, 2–3 jaar, 3–4 jaar, 4–5 jaar 5–6 jaar,
6–7 jaar, 7–8 jaar, 8–9 jaar, 9–10 jaar, 10 jaar en
langer. |
|
Doorstroomtijden
van vergunninghouders in dagen en naar soort besluit |
|
Doorstroomtijden
van vergunninghouders naar plaatsingseenheid (uitgesplitst naar
periode to 0–3 maanden, periode van 4–6 maanden, periode van 7–9
maanden en 10 maanden of langer), naar plaatsingseenheid en naar
soort besluit |
|
Bemiddelingstijden
vergunninghouders naar fase van bemiddeling, en naar
plaatsingseenheid (1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9 en 10 of meer) |
|
Bemiddeling
vergunninghouders in de centraleopvang, totaal en opvang,
uitgesplitst naar reeds bemiddeld, personen zonder
bemiddelingsinformatie, niet te bemiddelen personen, aantal te
bemiddelen personen) |
|
TNV
(Tijdelijke Noodvoorziening): gemiddelde verblijfsduur in dagen |
|
|
|
Overig |
|
Het
aantal woningweigeringen door vergunninghouders, cumulatief, en
uitgesplitst naar het aantal eenheden dat alsnog de woonruimte
accepteerde, het aantal beëindigingen RVA, het aantal afgebroken
procedures door procedurefouten, het aantal afgebroken procedures
door zelfstandige huisvesting en niet-cumulatief: het aantal nog
lopende procedures |
|
Het
aantal woningen retour, uitgesplitst naar soort woonruimte (flat,
eengezinswoningen, kamers, HAT en overig) |
|
Een
overzicht van de realisering van de huisvestingstaakstellingen
vergunninghouders op gemeenteniveau en van voor- en achterlopende
gemeenten, ingedeeld naar provincie/kaderwetgebied |
|
|
|