|
REGELING van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening
en Milieubeheer van 9 februari 2009, nr. DGM/K&L2009006710, houdende
regels inzake aanwijzing van investeringen die in het belang zijn van
het Nederlandse milieu (Aanwijzingsregeling willekeurige afschrijving en
investeringsaftrek milieu-investeringen)
De Minister van Volkshuisvesting,
Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;
Handelende in overeenstemming met de
Staatssecretaris van Financiën en na overleg met de Ministers van
Economische Zaken en, voor zover het betreft artikel 2, van Landbouw,
Natuur en Voedselkwaliteit;
Gelet op de artikelen 3.31, tweede lid, en 3.42a,
tweede lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001;
Besluit:
Artikel 1. Willekeurige afschrijving
milieu-investeringen
Als milieubedrijfsmiddelen als bedoeld in
artikel 3.31, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 worden
aangewezen de bedrijfsmiddelen of onderdelen daarvan, opgenomen in de
bijlage bij deze regeling, indien:
a. zij in overeenstemming zijn met de
bestemming die voor die bedrijfsmiddelen of onderdelen daarvan is
aangegeven in de bijlage bij deze regeling;
b. zij niet eerder zijn gebruikt;
c. zij bestaan uit de in de bijlage
bij deze regeling met betrekking tot die bedrijfsmiddelen of
onderdelen daarvan genoemde bestanddelen;
d. zij gericht zijn op de verbetering
van het natuurlijke milieu of het dierenwelzijn;
e. zij, indien het bedrijfsmiddelen
of onderdelen daarvan in landbouwbedrijven betreft, niet gericht
zijn op een productieverhoging waarvoor op de markt geen normale
afzetmogelijkheden kunnen worden gevonden, en
f. daarvoor niet vanwege de overheid
of de Commissie van de Europese Gemeenschappen uit anderen hoofde
dan toekenning van de willekeurige afschrijving een zodanig bedrag
aan geldelijke steun wordt verstrekt, dat door die toekenning het
totale bedrag aan geldelijke steun dat ingevolge communautaire
regelgeving mag worden verstrekt, wordt overschreden.
Artikel 2. Milieu-investeringsaftrek
Als investeringen, behorend tot categorie
I, II respectievelijk III, in het belang van de bescherming van het
Nederlandse milieu als bedoeld in artikel 3.42a van de Wet
inkomstenbelasting 2001 worden aangewezen de investeringen in
bedrijfsmiddelen of onderdelen daarvan, die zijn opgenomen in de bijlage
bij deze regeling en die voldoen aan de in artikel 1, onderdelen a tot
en met f, genoemde voorwaarden.
Artikel 3. Uitzondering
Investeringen in bedrijfsmiddelen of
onderdelen daarvan, opgenomen in de bijlage bij deze regeling, komen
voor niet meer dan € 25 miljoen in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving.
Artikel 4. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met
ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin
zij wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 januari 2009.
Artikel 5. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als:
Aanwijzingsregeling willekeurige afschrijving en investeringsaftrek
milieu-investeringen 2009.
Deze regeling
zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Den Haag, 9 februari 2009.
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
J.M. Cramer.
Bijlage behorende bij de
aanwijzingsregeling willekeurige afschrijving en investeringsaftrek
milieu-investeringen
Paragraaf 1. Algemeen
1. Deze bijlage wordt aangehaald als:
Milieulijst milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen 2012.
2. Investeringen waarvan de code begint
met:
– een F of G, behorende tot
categorie I van de milieu-investeringsaftrek, komen voor 36% van
het investeringsbedrag in aanmerking voor een investeringsaftrek;
– een A of D, behorende tot
categorie II van de milieu-investeringsaftrek, komen voor 27% van
het investeringsbedrag in aanmerking voor investeringsaftrek;
– een B of E, behorende tot
categorie III van de milieu-investeringsaftrek, komen voor 13,5%
van het investeringsbedrag in aanmerking voor investeringsaftrek;
– een A, B, C of F komen in
aanmerking voor 75% willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
3. Tot de in paragraaf 2 genoemde
bedrijfsmiddelen worden tevens gerekend voorzieningen, zoals
leidingen, appendages en meet- en regelapparatuur, die technisch
noodzakelijk zijn voor en uitsluitend dienstbaar zijn aan deze
bedrijfsmiddelen en geen zelfstandige betekenis hebben.
Tot de in paragraaf 2 genoemde
bedrijfsmiddelen worden tevens gerekend de certificaten die in deze
bijlage worden vereist.
4. De bedrijfsmiddelen, genoemd onder
de codes
|
A 5100 |
Mobiele machine voor (wegen)bouw,
grondverzet of op- en overslag |
|
A 5110 |
Mobiele machine voor onderhoud van
de openbare ruimte of bedrijfsterreinen |
|
B 5130 |
Emissiearme land-, tuin- of
bosbouwmachine |
|
B 5170 |
Geluid-en emissiearm mobiel
aggregaat, compressor of pomp |
|
A 5200 |
Mobiele machine voor
hefwerkzaamheden |
voldoen aan de in paragraaf 2, bij
het betreffende bedrijfsmiddel, vermelde eisen aan het
geluidsvermogensniveau. Dit wordt aangetoond met een
EG-typegoedkeuringsverklaring en een verklaring van
gelijkvormigheid. In de EG-typegoedkeuringsverklaring wordt het
gewaarborgde en gemeten geluidsvermogensniveau aangegeven conform de
Regeling geluidemissie buitenmaterieel. Met een verklaring van
gelijkvormigheid verklaart de leverancier of importeur dat het
geleverde bedrijfsmiddel overeenkomt met een gemeten exemplaar,
waarvan met de EG-typegoedkeuringsverklaring is aangetoond dat deze
aan de gestelde emissie-eisen voldoet. Voor de technische
beoordeling van het bedrijfsmiddel kan de Minister van
Infrastructuur en Milieu de EG-typegoedkeuringsverklaring en de
verklaring van gelijkvormigheid opvragen. De verklaring van
gelijkvormigheid door de leverancier wordt opgesteld met
gebruikmaking van een door de Minister van Infrastructuur en Milieu
vastgesteld model dat verkrijgbaar is bij NL Milieu &
Leefomgeving.
Een geluidmeting geschiedt door een
daartoe bevoegde, door de Minister op grond van artikel 5 van de
Regeling geluidemissie buitenmaterieel aangewezen,
keuringsinstantie, een zogeheten ‘notified body’.
Een mobiele puinbreker en
autolaadkraan als genoemd in respectievelijk bedrijfsmiddel A 5100
en A 5200 voldoen aan de in paragraaf 2, bij het betreffende
bedrijfsmiddel, vermelde geluideisen en gaan vergezeld van een
verklaring van gelijkvormigheid afgegeven door de leverancier of
importeur overeenkomstig een door de Minister van Infrastructuur en
Milieu vastgesteld model dat verkrijgbaar is bij NL Milieu &
Leefomgeving. De meting geschiedt door een daartoe bevoegde, door de
Minister van Infrastructuur en Milieu op grond van artikel 5 van de
Regeling geluidemissie buitenmateriaal aangewezen,
keuringsinstantie, een zogeheten ‘notified body’, volgens de
meetmethoden die zijn opgenomen in de door het Ministerie van
Infrastructuur en Milieu uitgegeven VAMIL-publicatiereeks 11 en 13.
Het geluiddrukniveau (LpA) als
omschreven in bedrijfsmiddel B 5130, sub 3b voor een trekker wordt
gemeten volgens richtlijn 2009/63/EG van het Europees Parlement en
de Raad van 13 juli 2009 betreffende bepaalde onderdelen en
eigenschappen van landbouw- of bosbouwtrekkers op wielen (PbEU 2009
L 214).
5. De bedrijfsmiddelen, genoemd onder
de codes
|
B 5090 |
Mobiele machine voor
heiwerkzaamheden |
|
A 5100 |
Mobiele machine voor (wegen)bouw,
grondverzet of op- en overslag |
|
B 5130 |
Emissiearme land-, tuin- of
bosbouwmachine |
|
B 5170 |
Geluid-en emissiearm mobiel
aggregaat, compressor of pomp |
|
A 5200 |
Mobiele machine voor
hefwerkzaamheden |
voldoen aan de in paragraaf 2, bij
het betreffende bedrijfsmiddel, vermelde eisen aan de luchtzijdige
emissies door de verbrandingsmotor van het bedrijfsmiddel. Dit wordt
aangetoond met een EG-typegoedkeuringsverklaring en een verklaring
van gelijkvormigheid. In de EG-typegoedkeuringsverklaring worden de
emissiewaarden van het bedrijfsmiddel op basis van het Besluit
typegoedkeuring luchtverontreiniging trekkers en motoren voor
mobiele machines aangegeven. Met een verklaring van gelijkvormigheid
verklaart de leverancier of importeur dat het geleverde
bedrijfsmiddel overeenkomt met een gemeten exemplaar, waarvan met
een EG-typegoedkeuringsverklaring is aangetoond dat deze aan de
gestelde emissie-eisen voldoet. Voor de technische beoordeling van
het bedrijfsmiddel kan de Minister van Infrastructuur en Milieu de
EG-typegoedkeuringsverklaring en de verklaring van gelijkvormigheid
opvragen. De verklaring van gelijkvormigheid door de leverancier
wordt opgesteld met gebruikmaking van een door de Minister van
Infrastructuur en Milieu vastgesteld model dat verkrijgbaar is bij
NL Milieu & Leefomgeving.
Bij de emissie-eisen wordt
onderscheid gemaakt tussen motoren die werken met een constant
toerental en motoren die werken met een variabel toerental. Met de
grenswaarden van fase IIIa voor motoren met een constant toerental
of fase IIIb voor een variabel toerental (als omschreven in
richtlijn 2004/26 EG1) worden de grenswaarden verstaan, bedoeld in
het Besluit typegoedkeuring luchtverontreiniging trekkers en motoren
voor mobiele machines.
Voor fase IIIa (ook wel TIER 3
genoemd) gelden de volgende grenswaarden:
|
Nettovermogen |
Koolmonoxide |
Som van
koolwaterstof en stikstofoxiden |
Deeltjes |
|
P |
CO |
CH+NOx |
PM |
|
[kW] |
[g/kWh] |
[g/kWh] |
[g/kWh] |
|
130 ≤ P < 560 |
3,5 |
4,0 |
0,20 |
|
75 ≤ P < 130 |
5,0 |
4,0 |
0,30 |
|
37 ≤ P < 75 |
5,0 |
4,7 |
0,40 |
|
19 ≤ P < 37 |
5,5 |
7,5 |
0,60 |
Voor fase IIIb (ook wel TIER 4
genoemd) gelden de volgende grenswaarden:
|
Nettovermogen |
Koolmonoxide |
koolwaterstof |
stikstofoxiden |
Deeltjes |
|
P |
CO |
CH |
NOx |
PM |
|
[kW] |
[g/kWh] |
[g/kWh] |
[g/kWh] |
[g/kWh] |
|
130 ≤ P < 560 |
3,5 |
0,19 |
2,0 |
0,025 |
|
75 ≤ P < 130 |
5,0 |
0,19 |
3,3 |
0,025 |
|
56 ≤ P < 75 |
5,0 |
0,19 |
3,3 |
0,025 |
|
37 ≤ P < 56 |
5,0 |
4,7 |
|
0,025 |
De milieuvriendelijke
landbouwtrekker, genoemd in bedrijfsmiddel B 5130, voldoet aan het
Besluit typekeuring luchtverontreiniging trekkers en motoren voor
mobiele machines.
Landbouwtrekkers werken met een
variabel toerental, wat inhoudt dat landbouwtrekkers voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen voldoen aan fase IIIb (ook wel TIER 4 genoemd).
6. De bedrijfsmiddelen, genoemd onder
de codes
|
B 1030 |
Duurzaam vaartuig |
|
B 1031 |
Duurzame energieopwekking en
aandrijving voor een binnenvaartschip |
|
A 1160 |
Waterhydraulisch systeem |
|
B 4151 |
Geluidsreducerend smeersysteem voor
tram- en treinstellen of rangeerterreinen |
|
B 5090 |
Mobiele machine voor
heiwerkzaamheden |
|
A 5100 |
Mobiele machine voor (wegen)bouw,
grondverzet of op- en overslag |
|
A 5110 |
Mobiele machine voor onderhoud van
de openbare ruimte of bedrijfsterreinen |
|
B 5120 |
Mobiele schonings- of
tarrareinigingsinstallatie |
|
B 5125 |
Ombouw naar biologisch afbreekbare,
niet-toxische hydrauliekolie van de mobiele machines in het
wagenpark |
|
B 5130 |
Emissiearme land-, tuin- of
bosbouwmachine |
|
A 5200 |
Mobiele machine voor
hefwerkzaamheden |
|
A 7100 |
Hennegat-of
schroefaskokerafdichtingsinstallatie |
|
A 8101 |
Automatisch smeersysteem |
voldoen aan de in paragraaf 2, bij
het betreffende bedrijfsmiddel, vermelde eisen aan het gebruik van
water, bio-olie of -vet in een hydraulisch of een smeersysteem. Dit
wordt aangetoond met een verklaring van de producent of leverancier.
Uit die verklaring van de producent of leverancier blijkt dat het
hydraulische of het smeersysteem van het betreffende bedrijfsmiddel
is voorzien van water, een bio-olie of een vet dat eenvoudig
biologisch afbreekbaar en niet-toxisch is. Uit die verklaring blijkt
verder dat bij het gebruik van een dergelijke olie, een dergelijk
vet of water de garantiebepalingen voor het bedrijfsmiddel onverkort
van toepassing zijn.
Niet-toxische olie is eenvoudig
biologisch afbreekbaar als daarvoor, door een daartoe
geaccrediteerde organisatie, een certificaat is afgegeven op basis
van het Europees Ecolabel, danwel, voor zover het betreft olie voor
mobiele schonings- of tarrascheidingsinstallaties (code B 5120),
ombouw naar biologisch afbreekbare, niet-toxische hydrauliekolie van
de mobiele machines in het wagenpark (code B 5125), emissiearme
land-, tuin-, en bosbouwmachines (code B 5130) en vet, daarvoor een
Blauer Engel-certificaat is afgegeven.
Voor bio-olie voor duurzaam gebruik
in de bedrijfsmiddelen, genoemd onder de codes
|
A 5100 |
Mobiele machine voor (wegen)bouw,
grondverzet of op- en overslag |
|
A 5110 |
Mobiele machine voor onderhoud van
de openbare ruimte of bedrijfsterreinen |
|
B 5120 |
Mobiele schonings- of
tarrareinigingsinstallatie |
|
B 5125 |
Ombouw naar biologisch afbreekbare,
niet-toxische hydrauliekolie van de mobiele machines in het
wagenpark |
|
B 5130 |
Emissiearme land-, tuin- of
bosbouwmachine |
|
A 5200 |
Mobiele machine voor
hefwerkzaamheden |
geldt tevens dat een
onderhoudscontract is afgesloten waarin, voor ten minste twee jaar
na aflevering van de machine, is geregeld dat bij het onderhoud van
het hydraulische of smeersysteem uitsluitend gebruik wordt gemaakt
van de in deze regeling vereiste bio-olie, blijkend uit
bovengenoemde verklaring van de producent of leverancier, of in het
kwaliteits- of milieuzorgsysteem van het bedrijf is geregeld dat bij
het onderhoud van de betreffende machines uitsluitend gebruik wordt
gemaakt van de in deze regeling vereiste bio-olie.
Indien het hydraulische of
smeersysteem gevuld is met water en er kans op bevriezing bestaat,
worden aan het systeem slechts stoffen toegevoegd die nodig zijn om
het vriespunt te verlagen. Waterhydrauliek of-smering wordt in ieder
geval vereist bij de bedrijfsmiddelen, genoemd onder de codes
|
B 1030 |
Duurzaam vaartuig |
|
B 1031 |
Duurzame energieopwekking en
aandrijving voor een binnenvaartschip |
|
A 1160 |
Waterhydraulisch systeem |
|
A 7100 |
Hennegat-of
schroefaskokerafdichtingsinstallatie. |
7. Ten aanzien van de
bedrijfsmiddelen, genoemd onder de codes
|
F 1001 |
Test-of pilotinstallatie voor een
innovatieve milieuvriendelijke techniek |
|
A 1005 |
Milieuvriendelijke installatie die
voor het eerst wordt toegepast in Nederland |
|
A 1140 |
Milieuvriendelijk product met
certificaat |
|
F 1147 |
Apparatuur of civieltechnische
werken voor zeer duurzame dienstverlening of productie |
|
A 1148 |
Apparatuur of civieltechnische
werken voor verregaande duurzame dienstverlening of productie |
|
B 1149 |
Apparatuur of civieltechnische
werken voor verdergaande duurzame dienstverlening of productie |
|
E 1150 |
Apparatuur of civieltechnische
werken voor duurzame dienstverlening of productie |
|
F 3000 |
VOS-emissiereducerende technieken
binnen de metaalindustrie |
|
F 4000 |
Apparatuur voor
procesgeïntegreerde reductie van stofontwikkeling |
|
F 4001 |
Apparatuur voor reductie van fijn
stofemissie tijdens niet-reguliere bedrijfsvoering |
|
C 4003 |
Apparatuur voor
procesgeïntegreerde reductie van geurstoffen |
|
F 7000 |
Biodiversiteitversterkende
apparatuur of werken |
|
F 7010 |
Natuurvriendelijke voorzieningen in
de bebouwde ruimte |
|
B 8000 |
Apparatuur voor vermindering van
grondstoffengebruik voor verpakkingen (ombouw of vervanging) |
|
A 8001 |
Terugwinningsinstallatie voor
grondstoffen uit restafval |
|
A 8002 |
Waterbesparende installatie voor
grote ondernemingen (ten minste 250 liter per jaar per
geïnvesteerde euro) |
|
A 8003 |
Waterbesparende installatie voor
kleine en middelgrote ondernemingen (ten minste 50 liter per jaar
per geïnvesteerde euro) |
|
A 8004 |
Installatie voor het tegengaan van
kalkaanslag of bio-fouling |
|
F 8005 |
Mestverwerkingsinstallatie met
terugwinning van fosfaat of stikstof |
|
F 8006 |
Terugwinningsinstallatie voor
fosfaten uit afvalwater, urine of zuiveringsslib |
|
F 8007 |
Terugwinningsinstallatie voor
fosfaat uit slibverbrandingsas |
|
B 8008 |
Terugwinningsinstallatie voor
grondstoffen uit afvalwater |
|
A 8009 |
Apparatuur ter vermindering van de
mate van vervuiling in het afvalwater |
|
A 8010 |
Water-en grondstofbesparende
installatie |
|
B 8011 |
Verwerkingsinstallatie voor
zuiveringsslib bij afvalverwerkende bedrijven |
|
A 8012 |
Verwerkingsinstallatie voor
industrieel zuiveringsslib op de eigen inrichting |
|
B 8014 |
Apparatuur voor
grondstoffenhergebruik binnen de ketenprojecten van LAP2 of de
grondstoffenrotonde |
|
F 8020 |
Nieuwe apparatuur vervaardigd van
hergebruikte onderdelen |
wordt, op een daartoe strekkend
verzoek van de Minister van Infrastructuur en Milieu, een
meerkostenberekening overgelegd volgens de definities van
Verordening (EG) nr. 1147/20082en wordt aangetoond dat:
– met het betreffende
bedrijfsmiddel milieuvoordelen worden behaald, en
– een groter milieurendement
wordt gehaald dan wettelijk verplicht is.
Het niveau van de milieuprestatie van
een bedrijfsmiddel als hiervoor genoemd, is ten minste gelijkwaardig
aan het niveau van de milieuprestaties van de andere
bedrijfsmiddelen genoemd in de Milieulijst in paragraaf 2 van deze
bijlage.
8. Indien in deze bijlage bepaalde
meetvoorschriften, testmethoden, verklaringen of certificaten worden
gesteld of voorgeschreven, worden daarmee gelijkgesteld
gelijkwaardige meetvoorschriften, testmethoden of gelijkwaardige
verklaringen of certificaten, die worden gebruikt om
bedrijfsmiddelen te toetsen of zijn afgegeven ten aanzien van een
bedrijfsmiddel.
Paragraaf 2. Bedrijfsmiddelen
F 1000
Productieapparatuur voor bioplastics of
voor het maken van producten van bioplastics
a. bestemd voor: het uitsluitend
produceren van plastics of plastic producten die gemaakt zijn van
grondstoffen van biologische oorsprong, waarbij de grondstoffen van
het bioplastic biologisch afbreekbaar of composteerbaar zijn volgens
NEN-EN 13432:2000,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
productieapparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is voor het
produceren van (producten van) bioplastics.
Toelichting: Structuurverbetering van de
(producten van) bioplastics met natuurlijke vezels is toegestaan. De
biologische afbreekbaarheid of composteerbaarheid van die vezels hoeft
niet te worden aangetoond. Als de plastic grondstoffen niet biologisch
afbreekbaar of composteerbaar zijn volgens NEN-EN 13432:2000, maar wel
van biologische oorsprong, kan de investering wellicht in aanmerking
komen onder F 1003.
F 1001
Test-of pilotinstallatie voor een
innovatieve milieuvriendelijke techniek
a. bestemd voor: het op pilotschaal
beproeven van een innovatieve techniek om het werkingsprincipe aan
te tonen,
– die door het bedrijf dat de
melding doet (mede) is ontwikkeld,
– die kan worden aangemerkt als
de beste oplossing voor een bepaald milieuprobleem, geen (of
zeer beperkte) negatieve effecten heeft op andere
milieucompartimenten en niet tot verhoging van grondstofinzet
leidt,
– die niet als volwaardige
productie-installatie ingezet wordt, en
– die niet primair is gericht
op energiebesparing of-opwekking,
b. bestaande uit: een test- of
pilotinstallatie.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten hoogste
€ 1.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor de
milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de Algemene bepalingen (paragraaf 1 van de Milieulijst).
Wij adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen
worden gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te
bellen voor overleg. De voorwaarden waaronder uw investering kan
voldoen, bevestigen wij desgewenst schriftelijk.
F 1003
Productieapparatuur voor (half)producten
op basis van groene grondstoffen
a. bestemd voor: de verwerking van
onderstaande grondstoffen tot een (half)product, niet zijnde een
voedingsmiddel, voor zover dat (half)product nog niet gangbaar is,
of als voor dat (half)product een niet hernieuwbare grondstof
gangbaar is, en waarbij het restproduct eventueel een
energietoepassing krijgt. Alleen in aanmerking komt de verwerking
van (grond)stoffen oorspronkelijk afkomstig uit:
– de landbouw,
– het aquatisch milieu (alleen
plantaardig), of
– primaire en secundaire
reststromen oorspronkelijk afkomstig uit bovengenoemde bronnen,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
productieapparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is voor het
verwerken van bovengenoemde grondstoffen, inclusief
voorbewerkingsapparatuur.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten
hoogste € 5.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Wij adviseren u gezien de
eisen die aan dit bedrijfsmiddel worden gesteld, voorafgaand aan een
melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen voor overleg. De voorwaarden
waaronder uw investering kan voldoen, bevestigen wij desgewenst
schriftelijk.
U kunt bij dit bedrijfsmiddel denken aan
raffinage van biomassastromen (zoals gras), biochemie, natuurlijke
vezels of verwerking van mest tot bijvoorbeeld kunstmest, zolang het
geen gangbare toepassing is en een niet hernieuwbare toepassing
vervangt.
A 1005
Milieuvriendelijke installatie die voor
het eerst wordt toegepast in Nederland
a. bestemd voor: het toepassen van
een voor Nederland nieuwe milieuvriendelijke techniek:
– die kan worden aangemerkt als
de beste oplossing voor een bepaald milieuprobleem, geen (of
zeer beperkte) negatieve effecten heeft op andere
milieucompartimenten en niet tot verhoging van grondstofinzet
leidt,
– die eventueel in het
buitenland reeds wordt toegepast,
– waarvoor de
belastingplichtige het recht heeft van eerste toepassing in
Nederland voor deze specifieke techniek (contractueel
vastgelegd),
– die niet primair is gericht
op energiebesparing of -opwekking, en
– waarbij alleen de eerste
toepassing in Nederland in aanmerking komt,
b. bestaande uit: milieuvriendelijke
installatie.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de Algemene bepalingen (paragraaf 1 van de Milieulijst).
Wij adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen
worden gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te
bellen voor overleg.
A 1009
Milieuvriendelijke mobiele machine,
zelfrijder, aggregaat of pomp voor biologische productie of verwerking
a. bestemd voor: de productie of
verwerking van primaire biologische landbouwproducten volgens het
Landbouwkwaliteitsbesluit 2007, wat blijkt uit een certificaat
Biologische Productie Nederland van Skal voor de betreffende
productie of verwerking, met een machine, een zelfrijder, aggregaat
of pomp die voldoet aan de eisen van bedrijfsmiddel B 5125, B 5120,
B 5130, B 5170 of A 5200,
b. bestaande uit: milieuvriendelijke
machine, zelfrijder, aggregaat of pomp.
Toelichting: Met landbouwproducten wordt
alle dierlijke en plantaardige productie bedoeld, dus ook het kweken van
bomen, struiken en de teelt van niet eetbare teelten. Informatie over
het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 vindt u op www.skal.nl.
A 1010
Productieapparatuur of -voorzieningen
voor biologische landbouwproducten of fruit
a. bestemd voor: het produceren van
primaire biologische landbouwproducten of fruit volgens het
Landbouwkwaliteitsbesluit 2007, wat blijkt uit een certificaat
Biologische Productie Nederland van Skal voor de betreffende
productie, waardoor het gebruik van chemische
gewasbeschermingsmiddelen, synthetische (mest)stoffen of
ontsmettingsmiddelen wordt beperkt of vermeden,
b. bestaande uit: (aanpassen van)
productieapparatuur of -voorzieningen, die bijdragen aan het
beperken of vermijden van het gebruik van chemische
gewasbeschermingsmiddelen, synthetische (mest)stoffen of
ontsmettingsmiddelen, exclusief mobiele machines, zelfrijders,
aggregaten, pompen en gebouwen.
Toelichting: Onder productieapparatuur en
-voorzieningen wordt verstaan apparatuur voor het bewerken van het land,
het verzorgen en oogsten van de gewassen, het verkoopklaar maken en het
opslaan van de geoogste producten op locatie, maar ook het verkrijgen,
inpakken en opslaan van primaire dierlijke producten, zoals melk en
eieren. Met landbouwproducten wordt alle dierlijke en plantaardige
productie bedoeld, dus ook het kweken van bomen, struiken en de teelt
van niet eetbare teelten.
Investeringen in gebouwen voor
milieuvriendelijke dienstverlening of productie kunnen worden gemeld
onder B 1026. Investeringen in biologische kassen en stallen kunnen
worden gemeld onder codes B 1088, F 1089 en A 1101. Mobiele machines,
zelfrijders, aggregaten en pompen voor Skal-productie kunnen onder A
1009 worden gemeld. Informatie over het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007
vindt u op www.skal.nl.
A 1011
Verwerkingsapparatuur voor lokale
verwerking van biologische landbouwproducten, fruit, gekweekte vis,
schaal- of schelpdieren
a. bestemd voor: het verwerken van
zelf gekweekte primaire biologische landbouwproducten, fruit, vis,
schaal- of schelpdieren, of reststromen daarvan, tot een
(half)product volgens het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007, wat blijkt
uit een certificaat Biologische Productie Nederland van Skal voor de
betreffende verwerking, waarbij:
– de verwerking plaatsvindt op
het eigen bedrijf en
– de verwerkingsapparatuur voor
ten minste 80% wordt gebruikt voor de productie van een
(half)product volgens het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007,
b. bestaande uit: (aanpassen van)
verwerkingsapparatuur en -voorzieningen, exclusief gebouwen en
mobiele machines.
Toelichting: Met landbouwproducten worden
alle dierlijke en plantaardige producten bedoeld. Op basis van de
verwerkingscijfers van het eerste half jaar wordt vastgesteld of aan de
gestelde norm wordt voldaan.
Investeringen in gebouwen voor
milieuvriendelijke dienstverlening of productie kunnen worden gemeld
onder B 1026. Mobiele machines voor de verwerking van Skal-producten
kunnen onder A 1009 worden gemeld. Informatie over het
Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 vindt u op www.skal.nl.
B 1012
Verwerkingsapparatuur voor biologische
landbouwproducten, fruit, gekweekte vis, schaal- of schelpdieren
a. bestemd voor: het verwerken van
primaire biologische landbouwproducten, fruit, gekweekte vis,
schaal- of schelpdieren, of reststromen daarvan, tot een
(half)product volgens het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007, wat blijkt
uit een certificaat Biologische Productie Nederland van Skal voor de
betreffende verwerking, waarbij de verwerkingsapparatuur voor ten
minste 20% wordt gebruikt voor de productie van een (half)product
volgens het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007,
b. bestaande uit: (aanpassen van)
verwerkingsapparatuur en -voorzieningen, exclusief gebouwen en
mobiele machines.
Toelichting: Met landbouwproducten worden
alle dierlijke en plantaardige producten bedoeld. Op basis van de
verwerkingscijfers van het eerste half jaar wordt vastgesteld of aan de
gestelde norm wordt voldaan.
Investeringen in gebouwen voor
milieuvriendelijke dienstverlening of productie kunnen worden gemeld
onder B 1026. Mobiele machines voor de verwerking van Skal-producten
kunnen onder A 1009 worden gemeld. Informatie over het
Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 vindt u op www.skal.nl.
E 1020
Zeer duurzaam utiliteitsgebouw volgens de
maatlat Groen Financiering
a. bestemd voor: het duurzaam
vervullen van utiliteitsfuncties met een gebouw dat gerealiseerd is
volgens de eisen van de vigerende maatlat Groen Financiering wat
blijkt uit de Groen Verklaring voor het betreffende gebouw,
b. bestaande uit: een
utiliteitsgebouw.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten hoogste
€ 10.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek.
B 1021
Duurzame renovatie bestaand
utiliteitsgebouw volgens de maatlat van Groen Financiering
a. bestemd voor: het duurzaam
vervullen van utiliteitsfuncties met een gebouw dat gerenoveerd is
volgens de eisen van de vigerende maatlat Groen Financiering wat
blijkt uit de Groen Verklaring voor het betreffende gebouw,
b. bestaande uit: een
utiliteitsgebouw.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten hoogste
€ 10.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
A 1022
Zeer duurzaam grootschalig gerenoveerd of
nieuw gebouw volgens DGBC of GPR Gebouw
a. bestemd voor: het duurzaam
vervullen van utiliteitsfuncties met een gebouw waarvan is
vastgesteld dat het voldoet aan de eisen van:
1. het niveau 'excellent' (4
sterren) van het keurmerk voor duurzame vastgoedobjecten (BREEAM-NL
Nieuwbouw) van de Dutch Green Building Council (DGBC), wat
blijkt uit een (voorlopig) certificaat van de DGBC, waarbij:
– sprake is van ten minste
9 punten bij het onderdeel Ene 1 (CO2emissiereductie), en
– binnen drie jaar na
afgifte van het voorlopig certificaat een definitief
certificaat wordt overgelegd dan wel binnen vier jaar een
definitief certificaat wordt overgelegd volgens het dan
vigerende niveau‘outstanding’ van het keurmerk voor
duurzame vastgoedobjecten van de Dutch Green Building
Council (BREEAM-NL Nieuwbouw), of
2. de maatlat van GPR Gebouw 4
met een score van ten minste 8,0 voor de thema’s Energie,
Gezondheid, Gebruikskwaliteit en Toekomstwaarde en ten minste
7,5 voor Milieu, wat blijkt uit een uitdraai van de GPR Gebouw
berekening opgesteld of goedgekeurd door een GPR Gebouw Expert,
en
– waarbij het aangeschafte
hout dat verwerkt wordt in het gebouw voldoet aan de eisen
van TPAC (Timber Procurement Assessment Committee) en de
aannemer(s) in het bezit is (zijn) van een
Keurhout-chain-of-custody-certificaat of een‘Chain of
Custody’-certificaat van een certificatiesysteem dat door
TPAC is goedgekeurd,
b. bestaande uit: een
utiliteitsgebouw.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten hoogste
€ 10.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Investeringen in woningen
komen niet in aanmerking voor milieu-investeringsaftrek en willekeurige
afschrijving milieu-investeringen. Informatie over de Dutch Green
Building Council en GPR Gebouw 4 kan worden gevonden op respectievelijk
www.dgbc.nl en www.gprgebouw.nl.
Een lijst van goedgekeurde
houtcertificatiesystemen vindt u op www.tpac.smk.nl of
www.inkoopduurzaamhout.nl. Informatie over Keurhout is te vinden op
www.keurhout.nl.
B 1023
Duurzaam grootschalig gerenoveerd of
nieuw gebouw volgens DGBC of GPR Gebouw
a. bestemd voor: het duurzaam
vervullen van utiliteitsfuncties met een gebouw waarvan is
vastgesteld dat het voldoet aan de eisen van:
1. het niveau 'very good' (3
sterren) van het keurmerk voor duurzame vastgoedobjecten (BREEAM-NL
Nieuwbouw) van de Dutch Green Building Council (DGBC), wat
blijkt uit een (voorlopig) certificaat van de DGBC, waarbij:
– sprake is van ten minste
6 punten bij het onderdeel Ene 1 (CO2emissiereductie), en
– binnen drie jaar na
afgifte van het voorlopig certificaat een definitief
certificaat wordt overgelegd dan wel binnen vier jaar een
definitief certificaat wordt overgelegd volgens het dan
vigerende niveau 'very good' van het keurmerk voor duurzame
vastgoedobjecten van de Dutch Green Building Council (BREEAM-NL
Nieuwbouw), of
2. de maatlat van GPR Gebouw 4
met een score van ten minste 7,5 voor de thema’s Energie,
Gezondheid, Gebruikskwaliteit en Toekomstwaarde en ten minste
7,0 voor Milieu, wat blijkt uit een uitdraai van de GPR Gebouw
berekening opgesteld of goedgekeurd door een GPR Gebouw Expert,
en
– waarbij het aangeschafte
hout dat verwerkt wordt in het gebouw voldoet aan de eisen
van TPAC (Timber Procurement Assessment Committee) en de
aannemer(s) in het bezit is (zijn) van een
Keurhout-chain-of-custody-certificaat of een‘Chain of
Custody’-certificaat van een certificatiesysteem dat door
TPAC is goedgekeurd,
b. bestaande uit: een
utiliteitsgebouw.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten hoogste
€ 10.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Investeringen in woningen
komen niet in aanmerking voor milieu-investeringsaftrek en willekeurige
afschrijving milieu-investeringen. Informatie over de Dutch Green
Building Council en GPR Gebouw 4 kan worden gevonden op respectievelijk
www.dgbc.nl en www.gprgebouw.nl.
Een lijst van goedgekeurde
houtcertificatiesystemen vindt u op www.tpac.smk.nl of
www.inkoopduurzaamhout.nl. Informatie over Keurhout is te vinden op
www.keurhout.nl.
F 1024
Zeer duurzaam kleinschalig gerenoveerd
gebouw volgens DGBC of GPR Gebouw
a. bestemd voor: het duurzaam
vervullen van utiliteitsfuncties met een gebouw, waarvan vastgesteld
is dat het gebouw na opwaardering voldoet aan de eisen van:
1. het niveau 'excellent' (4
sterren) op het aspect 'Asset' van het keurmerk voor duurzame
vastgoedobjecten (BREEAM-NL Bestaande Bouw en Gebruik) van de
DGBC, wat blijkt uit een (voorlopig) certificaat van de DGBC, en
waarbij binnen 3 jaar na afgifte van het voorlopig certificaat
een definitief certificaat wordt overleg dan wel binnen 4 jaar
een definitief certificaat wordt overlegd volgens het dan
vigerende niveau 'outstanding' van het keurmerk voor duurzame
vastgoedobjecten van de DGBC (BREEAM-NL Bestaande Bouw en
Gebruik), of
2. de maatlat van GPR Gebouw 4
met een score van ten minste 8,0 voor de thema’s Energie,
Gezondheid, Gebruikskwaliteit en Toekomstwaarde en ten minste
7,5 voor Milieu, wat blijkt uit een uitdraai van de GPR Gebouw
berekening opgesteld of goedgekeurd door een GPR Gebouw Expert,
en
– waarbij het aangeschafte
hout dat verwerkt wordt in het gebouw voldoet aan de eisen
van TPAC (Timber Procurement Assessment Committee) en de
aannemer(s) in het bezit is (zijn) van een
Keurhout-chain-of-custody-certificaat of een‘Chain of
Custody’-certificaat van een certificatiesysteem dat door
TPAC is goedgekeurd,
b. bestaande uit: apparatuur of
civieltechnische werken, die aantoonbaar noodzakelijk zijn om te
voldoen aan de onder a gestelde eisen.
Toelichting: Investeringen in woningen
komen niet in aanmerking voor milieu-investeringsaftrek en willekeurige
afschrijving milieu-investeringen. Informatie over de Dutch Green
Building Council en GPR Gebouw 4 kan worden gevonden op respectievelijk
www.dgbc.nl en www.gprgebouw.nl.
Een lijst van goedgekeurde
houtcertificatiesystemen vindt u op www.tpac.smk.nl of
www.inkoopduurzaamhout.nl. Informatie over Keurhout is te vinden op
www.keurhout.nl.
A 1025
Duurzaam kleinschalig gerenoveerd gebouw
volgens DGBC of GPR Gebouw
a. bestemd voor: het duurzaam
vervullen van utiliteitsfuncties met een gebouw, waarvan vastgesteld
is dat het gebouw na opwaardering voldoet aan de eisen van:
1. het niveau 'very good' (3
sterren) op het aspect 'Asset' van het keurmerk voor duurzame
vastgoedobjecten (BREEAM-NL Bestaande Bouw en Gebruik) van de
DGBC, wat blijkt uit een (voorlopig) certificaat van de DGBC, en
waarbij binnen 3 jaar na afgifte van het voorlopig certificaat
een definitief certificaat wordt overleg dan wel binnen 4 jaar
een definitief certificaat wordt overlegd volgens het dan
vigerende niveau 'very good' van het keurmerk voor duurzame
vastgoedobjecten van de DGBC (BREEAM-NL Bestaande Bouw en
Gebruik), of
2. de maatlat van GPR Gebouw 4
met een score van ten minste 7,5 voor de thema’s Energie,
Gezondheid, Gebruikskwaliteit en Toekomstwaarde en ten minste
7,0 voor Milieu, wat blijkt uit een uitdraai van de GPR Gebouw
berekening opgesteld of goedgekeurd door een GPR Gebouw Expert,
en
– waarbij het aangeschafte
hout dat verwerkt wordt in het gebouw voldoet aan de eisen
van TPAC (Timber Procurement Assessment Committee) en de
aannemer(s) in het bezit is (zijn) van een
Keurhout-chain-of-custody-certificaat of een‘Chain of
Custody’-certificaat van een certificatiesysteem dat door
TPAC is goedgekeurd,
b. bestaande uit: apparatuur of
civieltechnische werken, die aantoonbaar noodzakelijk zijn om te
voldoen aan de onder a gestelde eisen.
Toelichting: Investeringen in woningen
komen niet in aanmerking voor milieu-investeringsaftrek en willekeurige
afschrijving milieu-investeringen. Informatie over de Dutch Green
Building Council en GPR Gebouw 4 kan worden gevonden op respectievelijk
www.dgbc.nl en www.gprgebouw.nl.
Een lijst van goedgekeurde
houtcertificatiesystemen vindt u op www.tpac.smk.nl of
www.inkoopduurzaamhout.nl. Informatie over Keurhout is te vinden op
www.keurhout.nl.
B 1026
Nieuw gebouw of (mobiel) verblijf voor
gecertificeerde dienstverlening of productie
a. bestemd voor: het verlenen van
milieuvriendelijke diensten of het produceren van milieuvriendelijke
producten met of in een nieuw gebouw of (mobiel) verblijf, niet
zijnde een tuinbouwkas of een stal,
– voor bedrijven waarbij door
de gebouweigenaar verrichte dienstverlening of productie voldoet
aan de eisen van bedrijfsmiddel A 1010, A 1011, B 1012, B 1087,
B 1088, F 1089, B 1098, A 1101, F 1147, A 1148 of B 1149, wat
blijkt uit een certificaat voor de betreffende dienstverlening
of productie,
– waarbij het aangeschafte hout
dat verwerkt wordt in het gebouw voldoet aan de eisen van TPAC (Timber
Procurement Assessment Committee) en de aannemer(s) in het bezit
is (zijn) van een Keurhout-chain-of-custody-certificaat of een
‘Chain of Custody’-certificaat van een certificatiesysteem
dat door TPAC is goedgekeurd, en
– dat een Energie Prestatie
Coëfficiënt (EPC) van ten hoogste 0,85 (Qpres;tot/Qpres;toel.
≤ 0,85) en waarbij de uitwendige scheidingsconstructie een
warmteweerstand over de constructie (Rc) van ten minste 2,25
m2K/W heeft en de ramen, deuren en kozijnen een
warmtedoorlatingscoëfficiënt (U) van ten hoogste 2,8 W/m2K
hebben. Als er geen sprake is van een wettelijke verplichting
ten aanzien van de EPC dient het gebouw ten minste aan de
bovengenoemde Rc- en U-waarden te voldoen,
b. bestaande uit: een nieuw gebouw of
(mobiel) verblijf, inclusief apparatuur.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten hoogste
€ 2.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Een lijst van goedgekeurde
houtcertificatiesystemen vindt u op www.tpac.smk.nl of
www.inkoopduurzaamhout.nl. Informatie over Keurhout is te vinden op
www.keurhout.nl.
De aftopping van€ 2.000.000 geldt per
bedrijfsmiddel. In dit geval geldt de aftopping daarom per gebouw of
(mobiel) verblijf.
B 1030
Duurzaam vaartuig
a. bestemd voor: het vervoer van
goederen of personen over binnenwateren of voor het bestrijden van
calamiteiten op binnenwateren met een vaartuig, dat voldoet aan de
volgende criteria:
1. de romp voldoet aan de eisen
van bedrijfsmiddel B 1032,
2. als het vaartuig een eigen
energieopwekking of aandrijving heeft, is dit een duurzame
energieopwekking respectievelijk aandrijving als bedoeld in
bedrijfsmiddel B 1031, en
3. als op het vaartuig
huishoudelijk afvalwater vrijkomt wordt dit opgevangen volgens
de eisen van bedrijfsmiddel B 7094 of behandeld in een
installatie die voldoet aan de eisen van bedrijfsmiddel B 7091,
b. bestaande uit: een vaartuig.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten hoogste
€ 2.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Zowel binnenvaartschepen,
duwbakken, schepen zonder eigen voortstuwing als rondvaartboten kunnen
onder deze omschrijving vallen.
B 1031
Duurzame energieopwekking en aandrijving
voor een binnenvaartschip
a. bestemd voor: de
energievoorziening of aandrijving van een binnenvaartschip voor het
vervoer van personen of goederen over binnenwateren of voor het
bestrijden van calamiteiten op binnenwateren met een installatie,
die voldoet aan de volgende criteria, waarbij de eigenaar van het
schip met meetrapporten of certificaten aantoont dat aan de vereiste
specificaties wordt voldaan. Voor de energieopwekking en aandrijving
van het schip geldt dat:
1. de hoofdmotor bestaat uit
één van de volgende alternatieven:
1a. een elektromotor of
vloeibaar aardgasmotor (LNG) of samengeperst aardgasmotor (CNG),
1b. een dual fuel motor: een
motor die werkt op basis van een mengsel van diesel en
aardgas als brandstof,
1c. een motor die voldoet aan
de eisen van CCR fase 2 en voorzien is van een nageschakeld
systeem voor deeltjesverwijdering (gecertificeerd
roetfilter) als bedoeld in bedrijfsmiddel A 4086 en een
NOx-reductiesysteem als bedoeld in bedrijfsmiddel F 2133,
1d. een motor die voldoet aan
de eisen gesteld aan de motoren van fase IIIa als bedoeld in
het Besluit typegoedkeuring luchtverontreiniging trekkers en
motoren voor mobiele machines, of
1e. een diesel-geïntegreerd
elektrisch systeem voor voorstuwing en de overige
vermogensbehoefte, waarbij de dieselmotor ten minste voldoet
aan de eisen gesteld onder 1c of 1d,
2. het hulpvermogen uit de
volgende voorzieningen bestaat:
2a. als het hulpvermogen niet
gegenereerd wordt door een diesel-geïntegreerd elektrisch
systeem, een systeem als bedoeld onder 1a, 1b, 1c of 1d, en
2b. een aansluitvoorziening
voor het betrekken van walstroom, als bedoeld in
bedrijfsmiddel F 2211,
3. de aandrijving/voortstuwing:
3a. is asloos of de
afdichting van de schroefaskoker vindt zo plaats, dat geen
olie of vet in het water terecht komt, bijvoorbeeld met een
retourvetsysteem, of een systeem als bedoeld in
bedrijfsmiddel A 7100, en
3b. wordt gerealiseerd door
één van de volgende technieken:
– een (roer)propeller: een
constructie, waarbij de schroef is bevestigd aan een
verticale as, die 360 graden gedraaid kan worden,
– een contraroterende
propeller,
– een straalbuis: een
schroef die aangebracht is in een koker,
– een vector
oppervlakteschroef, of
– een aangepaste
keerkoppeling bij dubbele scheepsschroef die het mogelijk
maakt dat bij het varen met één aangedreven schroef de
niet aangedreven schroef vrij kan meedraaien
4. het stuurwerk aan de volgende
eisen voldoet:
4a. de afdichting van de
hennegatkoker vindt zo plaats, dat geen olie of vet in het
water terecht komt, bijvoorbeeld met een retourvetsysteem,
of een systeem als bedoeld in bedrijfsmiddel A 7100, en
4b. een energiebesparend
roersysteem bestaande uit: een spoilersysteem (per schroef
twee roerensysteem met vaste spoiler, of een
drie-roerensysteem, waarbij de spoiler of het kleine
middenroer is geplaatst op de hartlijn van de schroefas) of
een dolfijnroer-, of roerpropeller-, of contraroterend
roerpropellersysteem,
b. bestaande uit: een motor, een
aandrijving, een stuurinstallatie, (eventueel) een generator en
(eventueel) nageschakelde technieken.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten hoogste
€ 1.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Elektrische, hybride of
gasmotoren voor een binnenvaartschip kunnen worden gemeld onder F 5060.
Onder aardgas wordt ook verstaan biogas dat tot aardgaskwaliteit of
beter is opgewerkt.
Dit bedrijfsmiddel kan bijdragen aan het
behalen van een Green Award-certificaat. Zie www.greenaward.org voor de
voorwaarden.
B 1032
Duurzame romp van een binnenvaartschip
a. bestemd voor: het vervoer van
goederen of personen over binnenwateren, of voor het bestrijden van
calamiteiten op binnenwateren, met een schip waarvan de romp voldoet
aan onderstaande criteria, waarbij de eigenaar van het schip met
meetrapporten of certificaten aantoont dat aan de vereiste
specificaties wordt voldaan. De romp van het schip:
1a. bestaat uit kunststof, of
1b. is voorzien van een
milieuvriendelijke antifouling, als bedoeld in bedrijfsmiddel F
7080,
2. heeft glad afgewerkte ankers
en kluizen als het schip is voorzien van kluisankers,
3. heeft een beschermingssysteem
tegen corrosie dat geen offeranodes bevat, zoals opgedrukte
stroom, als een beschermingssysteem tegen corrosie wordt
gebruikt, en
4. heeft een kunststof of stalen
buikdenning, als een buikdenning wordt toegepast,
b. bestaande uit: een metalen of
kunststof romp van het binnenvaartschip, (eventueel) een
milieuvriendelijke antifouling, (eventueel) een beschermingssysteem
tegen corrosie en (eventueel) een buikdenning.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten
hoogste€ 500.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Een kunststof of stalen
buikdenning voor een bestaand binnenvaartschip kan apart gemeld worden
onder E 7103.
F 1040
Productiesysteem voor algen
a. bestemd voor: het produceren van
algen, waarbij de geproduceerde algen worden ingezet als grondstof
voor het kweken van vis, schaal- of schelpdieren of het produceren
van hoogwaardige grondstoffen voor ondermeer bestrijdingsmiddelen,
voedingsmiddelen, cosmetica of farmaceutica, waarbij het restproduct
eventueel een energietoepassing krijgt,
b. bestaande uit: (eventueel) een
bioreactor, (eventueel) een open zee-systeem, (eventueel) een
doseersysteem, (eventueel) een behandelingseenheid voor recirculatie
of hergebruik van de voedingsoplossing, (eventueel) een oogstsysteem
en (eventueel) apparatuur voor verwerking tot grondstof.
F 1041
Vergistingsinstallatie met algenreactor
a. bestemd voor: het vergisten van
organische reststromen en/of mest, waarbij:
– het digestaat en de
geproduceerde CO2 als voeding dienen voor een algenreactor,
– de geproduceerde algen worden
ingezet als (grondstof voor) veevoer, biobrandstof of voor
hoogwaardigere toepassingen, en
– het restproduct eventueel een
energietoepassing krijgt,
b. bestaande uit: een vergister, een
productiesysteem voor algen, (eventueel)
mestvoorbewerkingsapparatuur, (eventueel) een doseersysteem,
(eventueel) een behandelingseenheid voor recirculatie of hergebruik
van de voedingsoplossing, (eventueel) een oogstsysteem, (eventueel)
apparatuur voor verwerking tot grondstof, (eventueel) een gasmotor,
(eventueel) een generator en (eventueel) biogasopwerkingsapparatuur.
A 1042
Algen-,wieren- of eendenkroossysteem
a. bestemd voor: het verwerken van
afvalwater of dierlijke mest door biologische afbraak door algen,
wieren of eendenkroos, waarbij de algen, wieren of het eendenkroos
geoogst worden,
b. bestaande uit: (eventueel)
voorscheidingsapparatuur, een vloeistofdicht bassin, een schoepenrad
of een pomp, een continu meetsysteem en oogstapparatuur.
F 1043
Kroosverwijderinstallatie
a. bestemd voor: het verwijderen van
kroos uit watergangen door een automatisch werkend en drijvend
apparaat, waarbij het verwijderde kroos wordt verwerkt tot veevoer
of een ander hoogwaardig product en waarbij het restproduct
eventueel een energietoepassing krijgt,
b. bestaande uit: een schoepenwiel,
drijvers, een motor, (eventueel) zonnepanelen, (eventueel) een accu
en een transportband.
B 1044
Productieapparatuur voor zilte teelt
a. bestemd voor: het telen van zilte
gewassen zonder dat gebruik gemaakt wordt van bestrijdingsmiddelen
en andere chemische toevoegingen, en waarbij de zilte teelt is
toegestaan volgens de vigerende milieuvergunning of
omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1,
eerste lid, onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
productieapparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is voor de teelt
van zilte gewassen.
B 1050
Werf voor het uitsluitend
milieuvriendelijk demonteren van zeeschepen,-platforms of
binnenvaartschepen
a. bestemd voor: het selectief en
milieuvriendelijk demonteren van zeeschepen, zeeplatforms en
eventueel binnenvaartschepen door een werf die gecertificeerd is
volgens ISO 14001:2004 en waarbij alle milieubelastende
verontreinigingen conform ISO- en/of NEN-normen worden verwijderd
b. bestaande uit:
demontage-apparatuur, straalapparatuur, een hydraulische staalpers,
apparatuur voor brandpreventie, stoomheaters voor zware olie, een
ballastwaterbehandelingsinstallatie, opslagtanks voor vrijkomende
vloeistoffen, een reinigingsinstallatie voor vloeistoftanks, een
asbestverwijderingsinstallatie, een asbestdecontaminatie-eenheid met
stoffilterinstallatie, een verschrottingsinstallatie, een
rookgasbehandelingssysteem en vloeistofdichte vloeren.
F 1060
Gewichtsbesparende funderingspaal
a. bestemd voor: het funderen van
gebouwen of kunstwerken met een betonnen heipaal die:
– voldoet aan BRL 2352 van 1
december 2008, en
– is voorzien van een
gewichtsbesparend element waardoor de heipaal ten minste 20%
lichter is dan een conventionele betonpaal,
b. bestaande uit: een betonnen
heipaal met een gewichtsbesparend element, (eventueel) een
warmtewisselend element en (eventueel) een aansluiting op
betonkernactiverend systeem.
F 1070
Houtmodificatie-installatie
a. bestemd voor: het chemisch of
thermisch modificeren van hout waardoor de duurzaamheid van het hout
wordt verhoogd zonder toepassing van houtverduurzamingsmiddelen door
een installatie die voldoet aan de eisen van de BRL 0605 van 31
maart 2003 ‘Gemodificeerd Hout’,
b. bestaande uit: een
houtmodificatie-installatie.
A 1080
Rijsimulator
a. bestemd voor: het lesgeven in
rijvaardigheid door autorijscholen met een rijsimulator,
b. bestaande uit: een rijsimulator,
bedieningsmiddelen, LCD-projectoren en een computer.
B 1087
Kas voor milieuvriendelijke productie met
Milieukeur
a. bestemd voor: het
milieuvriendelijk produceren van gewassen of producten in een kas
volgens de eisen van Milieukeur en waarvan,
– is vastgesteld dat de kas
voldoet aan de eisen van Milieukeur, wat blijkt uit een
certificaat Milieukeur dat is afgegeven door de daartoe bevoegde
instantie, en
– voor een nieuw op te richten
opstand van een glastuinbouwbedrijf als bedoeld in het Besluit
glastuinbouw door het bevoegde gezag voor de opstand een
(ontwerp)besluit omgevingsvergunning voor bouwen is afgegeven
dat rechtsgeldig is ten tijde van de melding,
b. bestaande uit: een kas (kasdek en
gevels), teelttechnische en klimaattechnische voorzieningen,
exclusief assimilatiebelichting, cyclische belichting,
bedrijfsruimte(n), scherminstallaties en voorzieningen voor het
opslaan of produceren van CO2, elektriciteit of warmte.
Toelichting: Informatie over Milieukeur
kan worden gevonden op www.smk.nl.
Het (ontwerp)besluit omgevingsvergunning
voor bouwen dat voor nieuw op te richten glasopstanden is vereist, moet
door het bevoegd gezag zijn afgegeven voordat de melding wordt gedaan.
Het afgegeven besluit hoeft niet onherroepelijk te zijn. Een eventuele
bezwaar- en beroepsprocedure hoeft niet te worden afgewacht.
B 1088
Kas voor biologische teelt
a. bestemd voor: het bedrijfsmatig
telen van gewassen in een kas volgens de voorschriften van het
Landbouwkwaliteitsbesluit 2007, wat blijkt uit een door Skal
afgegeven certificaat Biologische Productie Nederland, en waarvan
voor een nieuw op te richten opstand van een glastuinbouwbedrijf als
bedoeld in het Besluit glastuinbouw door het bevoegde gezag voor de
opstand een (ontwerp)besluit omgevingsvergunning voor bouwen is
afgegeven dat rechtsgeldig is ten tijde van de melding,
b. bestaande uit: een kas (kasdek en
gevels), teelttechnische of klimaattechnische voorzieningen,
exclusief assimilatiebelichting, cyclische belichting,
bedrijfsruimte(n), scherminstallaties en voorzieningen voor het
opslaan en produceren van CO2, elektriciteit of warmte.
Toelichting: Informatie over het
Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 kan worden gevonden op www.skal.nl.
Het (ontwerp)besluit omgevingsvergunning
voor bouwen dat voor nieuw op te richten glasopstanden is vereist, moet
door het bevoegd gezag zijn afgegeven voordat de melding wordt gedaan.
Het afgegeven besluit hoeft niet onherroepelijk te zijn. Een eventuele
bezwaar- en beroepsprocedure hoeft niet te worden afgewacht.
F 1089
Groen Label Kas voor biologische teelt
a. bestemd voor: het bedrijfsmatig
telen van gewassen in een kas volgens de voorschriften van het
Landbouwkwaliteitsbesluit 2007, wat blijkt uit een door Skal
afgegeven certificaat Biologische Productie Nederland, en
– waarvan is vastgesteld dat de
kas voldoet aan de eisen van het Certificatieschema Groen Label
Kas 9 (GLK9), met een minimumniveau van 85 punten voor
extensieve teelt en 115 punten voor intensieve teelt. Dat
voldaan wordt aan de eisen van het Certificatieschema Groen
Label Kas 9 (GLK9) blijkt uit een (voorlopig) certificaat GLK9
dat voor de meldingsdatum is afgegeven door een door de Raad
voor Accreditatie hiervoor geaccrediteerde organisatie,
– waarbij voor alle kassen die
onder de criteria voor extensieve teelt worden gecertificeerd
bij definitieve oplevering moet worden aangetoond dat het totale
energieverbruik op basis van ten minste 1 jaar teelt minder is
geweest dan 25 kubieke meter aardgasequivalenten per vierkante
meter per jaar. De tuinder toont dit aan door na 1 jaar teelt
het werkelijke energiegebruik van het voorgaande jaar te laten
controleren op basis van facturen en meetgegevens en de gegevens
in het energiecertificaat,
– waarvan voor een nieuw op te
richten opstand van een glastuinbouwbedrijf als bedoeld in het
Besluit glastuinbouw door het bevoegde gezag voor de opstand een
(ontwerp)besluit omgevingsvergunning voor bouwen is afgegeven
dat rechtsgeldig is ten tijde van de aanmelding, en
– waarbij binnen drie jaar na
afgifte van het voorlopig certificaat een definitief certificaat
wordt overgelegd dan wel binnen vier jaar een definitief
certificaat wordt overgelegd volgens de dan vigerende maatlat
Groen Label Kas en de bijbehorende criteria,
beoordelingsrichtlijnen en aanvullende besluiten,
b. bestaande uit: een kas (kasdek en
gevels), teelttechnische of klimaattechnische voorzieningen,
exclusief assimilatiebelichting, cyclische belichting,
bedrijfsruimte(n), scherminstallaties en voorzieningen voor het
opslaan en produceren van CO2, elektriciteit of warmte.
Toelichting: Informatie over het
Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 kan worden gevonden op www.skal.nl. Het
(ontwerp)besluit omgevingsvergunning voor bouwen dat voor nieuw op te
richten glasopstanden is vereist, moet door het bevoegd gezag zijn
afgegeven voordat de melding wordt gedaan. Het afgegeven besluit hoeft
niet onherroepelijk te zijn. Een eventuele bezwaar- en beroepsprocedure
hoeft niet te worden afgewacht.
Het Certificatieschema Groen Label Kas 9
(GLK9), ligt ter inzage in de bibliotheek van het Ministerie van
Infrastructuur en Milieu. Het certificatieschema is ook te downloaden
via www.groenlabelkas.nl.
A 1090
Groen Label Kas
a. bestemd voor: het bedrijfsmatig
telen van gewassen in een Groen Label Kas,
– waarvan is vastgesteld dat de
kas voldoet aan de eisen van het Certificatieschema Groen Label
Kas 9 (GLK9), met een minimumniveau van 85 punten voor
extensieve teelt en 115 punten voor intensieve teelt. Dat
voldaan wordt aan de eisen van het Certificatieschema Groen
Label Kas 9 (GLK9) blijkt uit een te overleggen voorlopig
certificaat GLK9 dat voor meldingsdatum is afgegeven door een
door de Raad van Accreditatie hiervoor geaccrediteerde
organisatie,
– waarbij voor alle kassen die
onder de criteria voor extensieve teelt worden gecertificeerd
bij definitieve oplevering moet worden aangetoond dat het totale
energieverbruik op basis van ten minste 1 jaar teelt minder is
geweest dan 25 kubieke meter aardgasequivalenten per vierkante
meter per jaar. De tuinder toont dit aan door na 1 jaar teelt
het werkelijke energiegebruik van het voorgaande jaar te laten
controleren op basis van facturen en meetgegevens en de gegevens
in het energiecertificaat,
– voor een nieuw op te richten
opstand van een glastuinbouwbedrijf als bedoeld in het Besluit
glastuinbouw door het bevoegde gezag voor de opstand een
(ontwerp)besluit omgevingsvergunning voor bouwen is afgegeven
dat rechtsgeldig is ten tijde van de melding,
– waarbij binnen drie jaar na
afgifte van het voorlopig certificaat een definitief certificaat
wordt overlegd, dan wel binnen vier jaar een definitief
certificaat wordt overlegd volgens de dan vigerende maatlat
Groen Label Kas en de bijbehorende criteria,
beoordelingsrichtlijnen en aanvullende besluiten,
b. bestaande uit: een kas (kasdek en
gevels) en teelttechnische en klimaattechnische voorzieningen.
De investering in de Groen Label Kas
komt ten hoogste voor het volgende bedrag per vierkante meter
gecertificeerd teeltoppervlak in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen:
|
Gewasgroep |
€ per vierkante
meter intensieve teelt |
€ per vierkante
meter extensieve teelt |
|
Groenten |
110 |
120 |
|
Bloemen |
170 |
145 |
|
Potplanten |
190 |
160 |
|
Uitgangsmateriaal |
230 |
160 |
Toelichting: Het (ontwerp)besluit
omgevingsvergunning voor bouwen dat voor nieuw op te richten
glasopstanden is vereist, moet door het bevoegd gezag zijn afgegeven
voordat de melding wordt gedaan. Het afgegeven besluit hoeft niet
onherroepelijk te zijn. Een eventuele bezwaar- en beroepsprocedure hoeft
niet te worden afgewacht.
Het Certificatieschema Groen Label Kas 9
(GLK9) ligt ter inzage in de bibliotheek van het Ministerie van
Infrastructuur en Milieu. Het certificatieschema is ook te downloaden
via www.groenlabelkas.nl.
F 1091
Groen Label Kas met duurzame viskwekerij
a. bestemd voor: het gecombineerd
bedrijfsmatig telen van gewassen en kweken van vis, waarbij
uitwisseling van water, warmte en CO2plaatsvindt en waarvan is
vastgesteld dat,
– de kas voldoet aan de eisen
van bedrijfsmiddel A 1090, en
– de viskwekerij voldoet aan de
eisen van bedrijfsmiddel F 7048,
b. bestaande uit: een kas (kasdek en
gevels), een viskwekerij, teelttechnische en klimaattechnische
voorzieningen, exclusief assimilatiebelichting, cyclische
belichting, een bedrijfsruimte, de ruimten bedoeld voor het
personeel, scherminstallaties en voorzieningen voor het opslaan of
produceren van CO2, elektriciteit of warmte.
B 1098
Stal voor milieuvriendelijke productie
met Milieukeur
a. bestemd voor: het
milieuvriendelijk houden van dieren in een stal volgens de eisen van
Milieukeur en waarvan is vastgesteld dat de stal voldoet aan de
eisen van Milieukeur, wat blijkt uit een certificaat Milieukeur dat
is afgegeven door de daartoe bevoegde instantie,
b. bestaande uit: besloten ruimten
waarin dieren worden gehuisvest, een stalinrichting,
klimaattechnische en voertechnische systemen,
ammoniakemissiereducerende systemen en een mestafvoer en -opslag,
waarbij onder een besloten ruimte wordt verstaan een binnenruimte of
een gedeeltelijk omsloten overdekte buitenruimte als bedoeld in
hoofdstuk 2 van NEN 2580:2007.
Toelichting: Informatie over Milieukeur
kan worden gevonden op www.smk.nl.
A 1099
Proefstal
a. bestemd voor: het houden van
dieren in een stalsysteem waarvoor een bijzondere emissiefactor is
vastgesteld als bedoeld in artikel 3 van de Regeling ammoniak en
veehouderij en waarbij wordt voldaan aan de meetverplichtingen
bedoeld in die regeling,
b. bestaande uit: een besloten ruimte
waarin dieren worden gehuisvest, een stalinrichting,
klimaattechnische en voertechnische systemen, ammoniakreducerende
systemen, mestafvoer en -opslag en een hygiënesluis, exclusief
ruimten en onderdelen bedoeld voor personeel, het verzamelen,
verwerken en het opslaan van de (eind)producten, waarbij onder een
besloten ruimte wordt verstaan een binnenruimte of een gedeeltelijk
omsloten overdekte buitenruimte als bedoeld in hoofdstuk 2 van NEN
2580:2007.
Toelichting: Meer informatie over de
proefstalregeling kan worden gevonden op www.agentschapnl.nl/rav.
A 1101
Stal voor biologische veehouderij met
vermindering van de ammoniakemissie
a. bestemd voor: het houden van vee
in een bedrijf dat dierlijke landbouwproducten produceert volgens de
voorschriften van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007, wat blijkt uit
een door Skal afgegeven certificaat Biologische Productie Nederland,
en waarbij in de stal eenzelfde emissiearme staltechniek wordt
toegepast als in een huisvestingssysteem dat is opgenomen in bijlage
1 van de Regeling ammoniak en veehouderij of waarvoor een bijzondere
emissiefactor is vastgesteld als bedoeld in artikel 3 van de
Regeling ammoniak en veehouderij,
b. bestaande uit: besloten ruimten
waarin dieren worden gehuisvest, een stalinrichting,
klimaattechnische en voertechnische systemen,
ammoniakemissiereducerende systemen en een mestafvoer- en opslag,
waarbij onder een besloten ruimte wordt verstaan een binnenruimte of
een gedeeltelijk omsloten overdekte buitenruimte als bedoeld in
hoofdstuk 2 van NEN 2580:2007.
Toelichting: Informatie over het
Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 kan worden gevonden op www.skal.nl.
A 1103
Duurzame melkveestal
a. bestemd voor: het houden van
melkvee in een stal waarvan is vastgesteld dat de stal voldoet aan
de eisen van de Maatlat Duurzame Veehouderij en Aquacultuur 3,
onderdeel MDV 6 – melkveestallen, wat blijkt uit een
stal(ontwerp)certificaat MDV 6 dat voor de meldingsdatum is
afgegeven door een door de Raad voor Accreditatie hiervoor
geaccrediteerde organisatie, en waarbij binnen twee jaar na afgifte
van het stalontwerpcertificaat een stalcertificaat wordt overgelegd,
dan wel binnen drie jaar een stalcertificaat wordt overgelegd
volgens de dan vigerende Maatlat Duurzame Veehouderij en Aquacultuur
en de bijbehorende criteria, beoordelingsrichtlijnen en aanvullende
besluiten,
b. bestaande uit: besloten ruimten
waarin dieren worden gehuisvest, een stalinrichting,
klimaattechnische en voertechnische systemen,
ammoniakemissiereducerende systemen en een mestafvoer en -opslag,
waarbij onder een besloten ruimte wordt verstaan een binnenruimte of
een gedeeltelijk omsloten overdekte buitenruimte als bedoeld in
hoofdstuk 2 van NEN 2580:2007.
De investering in een duurzame
melkveestal komt ten hoogste voor het volgende bedrag per
gecertificeerde dierplaats in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen:
|
0–3 punten extra: |
€ 4.400 per dierplaats |
|
4–10 punten extra: |
€ 4.800 per dierplaats |
|
> 10 punten extra: |
€ 5.200 per dierplaats. |
Toelichting: Het certificatieschema
Maatlat Duurzame Veehouderij en Aquacultuur ligt ter inzage in de
bibliotheek van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het
certificatieschema is ook te downloaden via www.smk.nl. Op deze site
vindt u tevens de vigerende criteria, beoordelingsrichtlijnen en
aanvullende besluiten.
De investeringen in jongvee-ruimten mogen
worden gebruikt ter onderbouwing van het maximum bedrag tot een maximum
van eenzelfde aantal jongveeplaatsen als het aantal melkveeplaatsen
waarvoor is gecertificeerd.
A 1104
Duurzame vleeskalverenstal
a. bestemd voor: het houden van
vleeskalveren in een stal waarvan is vastgesteld dat de stal voldoet
aan de eisen van de Maatlat Duurzame Veehouderij en Aquacultuur 3,
onderdeel MDV 6 – vleeskalverstallen, wat blijkt uit een
stal(ontwerp)certificaat MDV 6 dat voor de meldingsdatum is
afgegeven door een door de Raad voor Accreditatie hiervoor
geaccrediteerde organisatie, en waarbij binnen twee jaar na afgifte
van het stalontwerpcertificaat een stalcertificaat wordt overgelegd
dan wel binnen drie jaar een stalcertificaat wordt overgelegd
volgens de dan vigerende Maatlat Duurzame Veehouderij en de
bijbehorende criteria, beoordelingsrichtlijnen en aanvullende
besluiten,
b. bestaande uit: besloten ruimten
waarin dieren worden gehuisvest, een stalinrichting,
klimaattechnische en voertechnische systemen,
ammoniakemissiereducerende systemen en een mestafvoer en -opslag,
waarbij onder een besloten ruimte wordt verstaan een binnenruimte of
een gedeeltelijk omsloten overdekte buitenruimte als bedoeld in
hoofdstuk 2 van NEN 2580:2007.
Toelichting: Het certificatieschema
Maatlat Duurzame Veehouderij ligt ter inzage in de bibliotheek van het
Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het certificatieschema is ook
te downloaden via www.smk.nl. Op deze site vindt u tevens de vigerende
criteria, beoordelingsrichtlijnen en aanvullende besluiten.
A 1113
Duurzame varkensstal
a. bestemd voor: het houden van
varkens in een stal waarvan is vastgesteld dat de stal voldoet aan
de eisen van de Maatlat Duurzame Veehouderij en Aquacultuur 3,
onderdeel MDV 6 – varkensstallen, wat blijkt uit een
stal(ontwerp)certificaat MDV 6 dat voor de meldingsdatum is
afgegeven door een door de Raad voor Accreditatie hiervoor
geaccrediteerde organisatie, en waarbij binnen twee jaar na afgifte
van het stalontwerpcertificaat een stalcertificaat wordt overgelegd,
dan wel binnen drie jaar een stalcertificaat wordt overgelegd
volgens de dan vigerende Maatlat Duurzame Veehouderij en Aquacultuur
en de bijbehorende criteria, beoordelingsrichtlijnen en aanvullende
besluiten,
b. bestaande uit: besloten ruimten
waarin dieren worden gehuisvest, een stalinrichting,
klimaattechnische en voertechnische systemen,
ammoniakemissiereducerende systemen en een mestafvoer en -opslag,
waarbij onder een besloten ruimte wordt verstaan een binnenruimte of
een gedeeltelijk omsloten overdekte buitenruimte als bedoeld in
hoofdstuk 2 van NEN 2580:2007.
De investering in een duurzame
varkensstal komt ten hoogste voor het volgende bedrag per
gecertificeerde dierplaats in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen:
|
Vleesvarkens |
|
|
0–5 punten extra: |
€ 400 per dierplaats |
|
6–10 punten extra: |
€ 450 per dierplaats |
|
>10 punten extra: |
€ 500 per dierplaats |
|
Gespeende biggen |
|
|
0–1 punten extra: |
€ 200 per dierplaats |
|
2–5 punten extra: |
€ 215 per dierplaats |
|
> 5 punten extra: |
€ 225 per dierplaats |
|
Guste en dragende zeugen |
|
|
0–1 punten extra: |
€ 1.000 per dierplaats |
|
2–3 punten extra: |
€ 1.200 per dierplaats |
|
> 3 punten extra: |
€ 1.400 per dierplaats |
|
Kraamzeugen |
|
|
0–3 punten extra: |
€ 2.500 per dierplaats |
|
4–6 punten extra: |
€ 3.000 per dierplaats |
|
> 6 punten extra: |
€ 3.500 per dierplaats |
|
Dekberen |
|
|
≥ 0 punten extra: |
€ 3.400 per dierplaats. |
Toelichting: Het certificatieschema
Maatlat Duurzame Veehouderij en Aquacultuur ligt ter inzage in de
bibliotheek van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het
certificatieschema is ook te downloaden via www.smk.nl. Op deze site
vindt u tevens de vigerende criteria, beoordelingsrichtlijnen en
aanvullende besluiten.
A 1122
Duurzame konijnen-, eenden- of
kalkoenenstal
a. bestemd voor: het houden van
konijnen, eenden of kalkoenen in een stal waarvan is vastgesteld dat
de stal voldoet aan de eisen van de Maatlat Duurzame Veehouderij en
Aquacultuur 3, onderdeel MDV 6 – konijnenstallen of
pluimveestallen, onderdeel eenden- of kalkoenenstal, wat blijkt uit
een stal(ontwerp)certificaat MDV 6 dat voor de meldingsdatum is
afgegeven door een door de Raad voor Accreditatie hiervoor
geaccrediteerde organisatie, en waarbij binnen twee jaar na afgifte
van het stalontwerpcertificaat een stalcertificaat wordt overgelegd
dan wel binnen drie jaar een stalcertificaat wordt overgelegd
volgens de dan vigerende Maatlat Duurzame Veehouderij en de
bijbehorende criteria, beoordelingsrichtlijnen en aanvullende
besluiten,
b. bestaande uit: besloten ruimten
waarin dieren worden gehuisvest, een stalinrichting,
klimaattechnische en voertechnische systemen,
ammoniakemissiereducerende systemen en een mestafvoer en -opslag,
waarbij onder een besloten ruimte wordt verstaan een binnenruimte of
een gedeeltelijk omsloten overdekte buitenruimte als bedoeld in
hoofdstuk 2 van NEN 2580:2007.
Toelichting: Het certificatieschema
Maatlat Duurzame Veehouderij ligt ter inzage in de bibliotheek van het
Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het certificatieschema is ook
te downloaden via www.smk.nl. Op deze site vindt u tevens de vigerende
criteria, beoordelingsrichtlijnen en aanvullende besluiten.
A 1123
Duurzame pluimveestal
a. bestemd voor: het houden van
pluimvee, niet zijnde eenden of kalkoenen, in een stal waarvan is
vastgesteld dat de stal voldoet aan de eisen van de Maatlat Duurzame
Veehouderij en Aquacultuur 3, onderdeel MDV 6 –pluimveestallen,
wat blijkt uit een stal(ontwerp)certificaat MDV 6 dat voor de
meldingsdatum is afgegeven door een door de Raad voor Accreditatie
hiervoor geaccrediteerde organisatie, en waarbij binnen twee jaar na
afgifte van het stalontwerpcertificaat een stalcertificaat wordt
overgelegd, dan wel binnen drie jaar een stalcertificaat wordt
overgelegd volgens de dan vigerende Maatlat Duurzame Veehouderij en
Aquacultuur en de bijbehorende criteria, beoordelingsrichtlijnen en
aanvullende besluiten,
b. bestaande uit: besloten ruimten
waarin dieren worden gehuisvest, een stalinrichting,
klimaattechnische en voertechnische systemen,
ammoniakemissiereducerende systemen en een mestafvoer en -opslag,
waarbij onder een besloten ruimte wordt verstaan een binnenruimte of
een gedeeltelijk omsloten overdekte buitenruimte als bedoeld in
hoofdstuk 2 van NEN 2580:2007.
De investering in een duurzame
pluimveestal komt ten hoogste voor het volgende bedrag per
gecertificeerde dierplaats in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen:
|
Opfok legouderdieren en leghennen |
|
|
0–4 punten extra: |
€ 18,50 per dierplaats |
|
5–10 punten extra: |
€ 21,50 per dierplaats |
|
>10 punten extra: |
€ 22,50 per dierplaats |
|
Productie legouderdieren en
leghennen |
|
|
0–8 punten extra: |
€ 25,00 per dierplaats |
|
9–12 punten extra: |
€ 28,00 per dierplaats |
|
> 12 punten extra: |
€ 31,50 per dierplaats |
|
Opfok vleeskuikenouderdieren |
|
|
0–4 punten extra: |
€ 23,25 per dierplaats |
|
5–10 punten extra: |
€ 27,00 per dierplaats |
|
> 10 punten extra: |
€ 29,00 per dierplaats |
|
Productie vleeskuikenouderdieren |
|
|
0–4 punten extra: |
€ 45,50 per dierplaats |
|
5–10 punten extra: |
€ 51,50 per dierplaats |
|
> 10 punten extra: |
€ 54,00 per dierplaats |
|
Vleeskuikens |
|
|
0–3 punten extra: |
€ 14,00 per dierplaats |
|
4–6 punten extra: |
€ 15,50 per dierplaats |
|
> 6 punten extra: |
€ 17,50 per dierplaats. |
Toelichting: Het certificatieschema
Maatlat Duurzame Veehouderij en Aquacultuur ligt ter inzage in de
bibliotheek van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het
certificatieschema is ook te downloaden via www.smk.nl. Op deze site
vindt u tevens de vigerende criteria, beoordelingsrichtlijnen en
aanvullende besluiten.
A 1140
Milieuvriendelijk product met certificaat
a. zijnde: een product dat voldoet
aan de eisen van één van de onderstaande keurmerken. Dit wordt
aangetoond door een certificaat, met het juiste niveau, afgegeven
door de daartoe bevoegde instantie.
– Cradle-to-Cradle, niveau Gold
(zie www.cradletocradle.nl),
– DUBOkeur (zie www.dubokeur.nl),
– Europees Ecolabel (zie
www.smk.nl),
– Milieukeur, niet zijnde
glastuinbouwproducten en vee (zie www.smk.nl), of
– Nordic Ecolabel (zie
www.nordic-ecolabel.org),
b. bestaande uit: een product dat
voldoet aan de duurzaamheidseisen van het betreffende keurmerk,
exclusief gebouwen en, in geval van nieuwbouw of renovatie,
gebouwgebonden apparatuur en appendages.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de Algemene bepalingen (paragraaf 1 van de Milieulijst).
Wij adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen
worden gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te
bellen voor overleg.
Producten zijn niet altijd
bedrijfsmiddelen in fiscale zin. Alleen bedrijfsmiddelen die worden
geactiveerd komen in aanmerking. Bijvoorbeeld gebruiksgoederen vallen
hier niet onder. Vraag in geval van twijfel de Belastingtelefoon
(0800-0543).
Dit bedrijfsmiddel betreft producten. De
productieapparatuur hiervoor kan in aanmerking komen onder F 1147, A
1148 of B 1149. Investeringen in gebouwen voor milieuvriendelijke
dienstverlening of productie kunnen worden gemeld onder B 1026.
F 1147
Apparatuur of civieltechnische werken
voor zeer duurzame dienstverlening of productie
a. bestemd voor: het verlenen van
duurzame diensten of het uitsluitend produceren van duurzame
producten volgens de eisen van één van de onderstaande keurmerken.
Dit wordt aangetoond door een certificaat, met het juiste niveau,
afgegeven door de daartoe bevoegde instantie.
– Cradle-to-Cradle, niveau
Silver (zie www.cradletocradle.nl),
– CO2-prestatieladder, niveau 5
voor een kleine onderneming in de zin van het Europese
Milieusteunkader, waarbij in geval van energiebesparing ook een
ander milieuvoordeel wordt behaald (zie www.skao.nl),
– Green Globe (zie
www.greenglobe.nl),
– Green Key, niveau goud (zie
www.greenkey.nl), of
– MVO-prestatieladder, niveau 5
(zie www.mvoprestatieladder.nl),
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur of civieltechnische werken, die bijdragen aan de
duurzaamheidseisen van het betreffende keurmerk, exclusief gebouwen
en, in geval van nieuwbouw of renovatie, gebouwgebonden apparatuur
en appendages.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
De gehele investering die nodig is om bij
te dragen aan de duurzaamheidseisen en daarmee een certificaat (op het
juiste niveau) te verkrijgen en te behouden kan worden gemeld.
Voorbeeld: bij waterbesparing komen alle kosten in aanmerking, die
technisch noodzakelijk zijn voor de waterbesparing en daar uitsluitend
dienstbaar aan zijn. Een waterbesparende sproeikop en het leidingwerk
naar deze sproeikop mogen worden gemeld. Het leidingwerk waaraan ook
niet-waterbesparende maatregelen gekoppeld zijn mag niet worden gemeld.
Investeringen in grootschalige renovatie
van een gebouw of een nieuw gebouw voor milieuvriendelijke
dienstverlening of productie kunnen worden gemeld onder B 1026.
Milieuvriendelijke producten met een certificaat kunnen in aanmerking
komen onder A 1140.
A 1148
Apparatuur of civieltechnische werken
voor verregaande duurzame dienstverlening of productie
a. bestemd voor: het verlenen van
duurzame diensten of het uitsluitend produceren van duurzame
producten volgens de eisen van één van de onderstaande keurmerken.
Dit wordt aangetoond door een certificaat, met het juiste niveau,
afgegeven door de daartoe bevoegde instantie.
– Barometer in beheer bij SMK,
niveau goud (zie www.smk.nl),
– Blauwe Vlag betreffende het
onderdeel ‘verduurzaming van de jachthaven’, zoals genoemd
in de criteria voor jachthavens van Blauwe Vlag (zie
www.blauwevlag.nl),
– CO2-prestatieladder, niveau 4
voor een kleine onderneming en niveau 5 voor een onderneming die
geen kleine onderneming is in de zin van het Europese
Milieusteunkader, waarbij in geval van energiebesparing ook een
ander milieuvoordeel wordt behaald (zie www.skao.nl),
– DUBOkeur (zie www.dubokeur.nl),
– Europees Ecolabel (zie
www.smk.nl),
– Green Key, niveau zilver (zie
www.greenkey.nl),
– Milieukeur, niet zijnde
glastuinbouwproducten en vee (zie www.smk.nl), of
– MVO-prestatieladder, niveau 4
(zie www.mvoprestatieladder.nl),
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur of civieltechnische werken, die bijdragen aan de
duurzaamheidseisen van het betreffende keurmerk, exclusief gebouwen
en, in geval van nieuwbouw of renovatie, gebouwgebonden apparatuur
en appendages.
Toelichting: zie onder F 1147.
B 1149
Apparatuur of civieltechnische werken
voor verdergaande duurzame dienstverlening of productie
a. bestemd voor: het verlenen van
duurzame diensten of het uitsluitend produceren van duurzame
producten volgens de eisen van één van de onderstaande keurmerken.
Dit wordt aangetoond door een certificaat, met het juiste niveau,
afgegeven door de daartoe bevoegde instantie.
– Barometer in beheer bij SMK,
niveau zilver (zie www.smk.nl),
– CO2-prestatieladder, niveau 3
voor een kleine onderneming en niveau 4 voor een onderneming die
niet een kleine onderneming is in de zin van het Europese
Milieusteunkader, waarbij in geval van energiebesparing ook een
ander milieuvoordeel wordt behaald (zie www.skao.nl),
– Green Key, niveau brons (zie
www.greenkey.nl), of
– MVO-prestatieladder, niveau 3
(zie www.mvoprestatieladder.nl),
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur of civieltechnische werken, die bijdragen aan de
duurzaamheidseisen van het betreffende keurmerk, exclusief gebouwen
en, in geval van nieuwbouw of renovatie, gebouwgebonden apparatuur
en appendages.
Toelichting: zie onder F 1147.
E 1150
Apparatuur of civieltechnische werken
voor duurzame dienstverlening of productie
a. bestemd voor: het verlenen van
duurzame diensten of het uitsluitend produceren van duurzame
producten volgens de eisen van één van de onderstaande keurmerken.
Dit wordt aangetoond door een certificaat, met juiste niveau,
afgegeven door de daartoe bevoegde instantie.
– Barometer in beheer bij SMK,
niveau brons (zie www.smk.nl),
– CO2-prestatieladder, niveau 2
voor een kleine onderneming en niveau 3 voor een onderneming die
niet een kleine onderneming is in de zin van het Europese
Milieusteunkader, waarbij in geval van energiebesparing ook een
ander milieuvoordeel wordt behaald (zie www.skao.nl),
– ‘Erkend Duurzaam’ van
Bovag (zie www.bovag.nl), of
– MVO-prestatieladder, niveau 2
voor een klein bedrijf in de zin van het Europese
Milieusteunkader (zie www.mvoprestatieladder.nl),
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur of civieltechnische werken, die bijdragen aan de
duurzaamheidseisen van het betreffende keurmerk, exclusief gebouwen
en, in geval van nieuwbouw of renovatie, gebouwgebonden apparatuur
en appendages.
Toelichting: zie onder F 1147.
A 1160
Waterhydraulisch systeem
a. bestemd voor: het overbrengen van
kracht met een hydraulisch systeem, waarbij water als
hydrauliekvloeistof wordt toegepast. Aan het water mogen geen
stoffen worden toegevoegd, anders dan vriespuntverlagende middelen
bij systemen die beneden het vriespunt opereren,
b. bestaande uit: een hydrauliekpomp,
besturings- en regelkleppen, een waterhydraulische hydromotor en een
cilinder.
C 1170
Visvriendelijk en geluidarm
waterkrachtsysteem
a. bestemd voor: het opwekken van
energie door een niet-axiale rotor met watergesmeerde magnetische of
kunststof lagers,
b. bestaande uit: een
waterkrachtsysteem.
A 1190
Windgekoelde condensor
a. bestemd voor: het condenseren van
koudemiddel in een koelinstallatie door buitenlucht zonder gebruik
te maken van ventilatoren of spuiwater,
b. bestaande uit: een windgekoelde
condensor.
A 1210
Gesloten beitsinstallatie voor
roestvrijstalen producten
a. bestemd voor: het beitsen van
roestvrijstalen producten voor herstel van de passieve
chroomoxidehuid door in een afgesloten ruimte het product te
besproeien met een beitsvloeistof zonder oxiderend zuur, waarbij de
gebruikte beitsvloeistof en het spoelwater worden opgevangen en
gerecirculeerd,
b. bestaande uit: een gesloten
beitsinstallatie, een laadsysteem en een recirculatiesysteem.
F 1220
Driedimensionaal lasergraveerapparaat
voor stempels
a. bestemd voor: het vervaardigen van
stempels door de stempels driedimensionaal te graveren met een
laser, voor:
– het slaan van metalen
voorwerpen zoals munten en penningen, waarbij de stempels niet
gehard of verchroomd worden, of
– het drukken van
waardepapieren,
b. bestaande uit: laserapparatuur,
een optiek en opto-mechanica.
F 1230
Textielverfmachine op basis van CO2
a. bestemd voor: het waterloos verven
van textiel met superkritisch CO2, waarbij de gebruikte kleurstoffen
hergebruikt kunnen worden,
b. bestaande uit: een
droogverfinstallatie en een doseringseenheid voor superkritische
CO2.
F 1240
Software voor duurzame
productontwikkeling
a. bestemd voor: het, door een kleine
of middelgrote onderneming (KMO) in de zin van het Europese
Milieusteunkader, verduurzamen van producten op basis van
ontwerpsoftware, die ten minste 4 van de volgende milieuparameters
inzichtelijk maakt:
– fosfaatemissie,
– SOx-emissie,
– NOx-emissie,
– CO2-emissie,
– watergebruik,
– energieverbruik, of
– hergebruik van materialen of
componenten,
b. bestaande uit: ontwerpsoftware.
F 2030
CO2-of N2-vulstation voor
transportkoeling
a. bestemd voor: het afleveren van
vloeibare CO2 of stikstof als koelmiddel van cryogene
koelinstallaties van vrachtwagens of vaartuigen voor transport van
goederen,
b. bestaande uit: afleverkast of
-zuil, pomp, bufferopslag en card reader.
Toelichting: Installaties voor het vullen
van stationaire installaties met CO2 of stikstof komen niet in
aanmerking.
F 2040
Waterstofafleverstation
a. bestemd voor: het afleveren van
gasvormige waterstof als motorbrandstof voor voertuigen, waarbij de
waterstof in gasvorm wordt geleverd aan het afleverstation,
b. bestaande uit: een afleverzuil,
compressoren, een bufferopslag en (eventueel) een lokale
waterstofzuiveringseenheid.
F 2041
Oplaadpunt voor elektrische voer- of
vaartuigen
a. bestemd voor: het laden van accu’s
van voer- of vaartuigen, die een elektromotor als hoofdmotor hebben,
aan het elektriciteitsnet of een brandstofcel via een openbaar
stroomafnamepunt of een stroomafnamepunt bij een fietsenstalling of
een parkeerplaats,
b. bestaande uit: een oplaadsysteem,
(eventueel) een meetsysteem, (eventueel) een betaalsysteem,
(eventueel) een lockerkast met een stroomafnamepunt per locker,
(eventueel) zonnepaneel en (eventueel) een stekkerherkenningssysteem.
Toelichting: Onder voertuig wordt hier
ook verstaan fiets of bromfiets.
F 2043
Accuwisselstation
a. bestemd voor: het volautomatisch
verwisselen van accu’s van elektrische auto’s,
b. bestaande uit: een
accuwisselstation en (eventueel) accu's.
B 2045
Afleverstation voor hoge blend
biobrandstoffen
a. bestemd voor: het afleveren van de
biobrandstoffen B30, B100, E85, E95, biomethanol of PPO als
motorbrandstof voor voertuigen,
b. bestaande uit: een afleverzuil en
een bufferopslag voor biobrandstof.
F 2050
Aardgasaflever-of aardgasvulpunt
a. bestemd voor: het afleveren van
aardgas als motorbrandstof voor voer- of vaartuigen, door een
installatie die, voor zover van toepassing, voldoet aan de eisen
gesteld in de PGS 25: 2009, en waarbij ten minste de helft van de
afleverpunten van de afleverkast- of zuil wordt gebruikt voor het
afleveren van aardgas, waarbij onder aardgas ook wordt verstaan CNG,
LNG en biogas dat tot aardgaskwaliteit of beter is opgewerkt,
b. bestaande uit: een afleverkast of
-zuil, een compressor, een bufferopslag, (eventueel) een droger en
(eventueel) een betaalsysteem, waarbij de compressor, (eventueel)
een bufferopslag, droger en betaalsysteem alleen in aanmerking komen
voor de milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving
milieu-investeringen voor zover deze worden gebruikt voor het
opslaan, afleveren en betalen van aardgas.
Toelichting: PGS staat voor
Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen.
A 2055
Brandstofreinigingssysteem
a. bestemd voor: het reinigen van in
een tank opslagen brandstof, waarbij water en bezinksel wordt
verwijderd, bij:
1. een tankstation voor de
verkoop van brandstoffen;
2. een thuistankinstallatie, waar
per jaar vanuit de tank minder dan 100.000 liter wordt
afgeleverd,
b. bestaande uit: een
ontwateringseenheid, een pomp, een grof- en een fijnfilter.
F 2061
Onbemand, geautomatiseerd systeem voor
het stallen en verhuren van fietsen
a. bestemd voor: het onbemand,
automatisch uitgeven en innemen van verhuurfietsen of betaald
stallen van fietsen, ten behoeve van voor- en natransport van
reizigers,
b. bestaande uit: een inname- en
uitgiftesysteem, een elektronisch pasleessysteem, een
registratiesysteem, (eventueel) een accu-oplaadpunt, (eventueel) een
transportmechanisme en (eventueel) een locatiezuil.
Toelichting: Computergestuurde kluizen,
boxen en standaarden met slotsysteem voor fietsen komen ook in
aanmerking voor milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
F 2069
Koolwaterstofemissiereducerende techniek
(ten minste 75% vermindering)
a. bestemd voor: het verminderen van
de emissie van koolwaterstoffen uit de rookgassen van stationaire
gas- of dieselmotoren, waarbij de koolwaterstofemissie met ten
minste 75% wordt gereduceerd, en waarbij de emissie van
koolwaterstoffen ten hoogste 1.200 milligram per normaal kubieke
meter (3% O2) bedraagt,
b. bestaande uit:
koolwaterstofemissiereducerende apparatuur of aanpassing van een
bestaande motor en (eventueel) een roetfilter.
A 2070
Koolwaterstofemissiereducerende techniek
(ten minste 50% vermindering)
a. bestemd voor: het verminderen van
de emissie van koolwaterstoffen uit de rookgassen van stationaire
gas- of dieselmotoren, waarbij de koolwaterstofemissie met ten
minste 50% wordt gereduceerd, en waarbij de emissie van
koolwaterstoffen ten hoogste 1.200 milligram per normaal kubieke
meter (3% O2) bedraagt,
b. bestaande uit:
koolwaterstofemissiereducerende apparatuur of aanpassing van een
bestaande motor en (eventueel) een roetfilter.
F 2101
Ontgassingsinstallatie voor
transportcontainers
a. bestemd voor: het ontgassen van
transportcontainers door afzuiging van lucht gevolgd door
behandeling van de afgezogen lucht, ter voorkoming van emissie van
ontsmettingsgassen of andere luchtverontreinigende stoffen naar de
buitenlucht,
b. bestaande uit: een
afzuiginstallatie, een filterinstallatie, gasdetectieapparatuur en
(eventueel) gasnabehandelingsapparatuur.
B 2120
Luchtemissiebeperkende voorziening voor
een bestaande stookinstallatie
a. bestemd voor: het verminderen van
luchtzijdige emissies van een stookinstallatie die vóór 1 april
2010 in gebruik is genomen door toepassing van een nageschakelde
techniek, waardoor de emissie van NOx, SO2, totaal stof of CxHy
voldoet aan de emissiegrenswaarden gesteld in paragraaf 2.1 van het
Besluit emissie-eisen middelgrote stookinstallaties (BEMS),
b. bestaande uit: emissiebeperkende
nageschakelde techniek en (eventueel) aanpassing van een bestaande
stookinstallatie.
Toelichting: Informatie over het Besluit
emissie-eisen middelgrote stookinstallaties (BEMS) kunt u vinden op
www.infomil.nl. Technieken die emissies verder verminderen dan vereist
is volgens het BEMS kunt u vinden in hoofdstuk 2, 3 en 4 van de
Milieulijst, waarbij veelal een hoger financieel voordeel verkregen kan
worden.
F 2130
Oxyfuel-verbrandingsinstallatie
a. bestemd voor: het verbranden van
brandstoffen met zuivere zuurstof, met uitzondering van toepassingen
in de be- en verwerking van metalen, metaalverbindingen en glas,
b. bestaande uit: een
gasscheidingsinstallatie en (aanpassingen aan) een
verbrandingsinstallatie.
A 2131
Selectieve katalytische
reductie-installatie (SCR)
a. bestemd voor: het door chemische
reductie omzetten van stikstofoxiden in afgassen van de onderstaande
installaties:
– een industriële proces- of
verbrandingsinstallatie, waardoor de NOx-emissie lager is dan 50
milligram per normaal kubieke meter (bij 3% O2), gemeten volgens
de Regeling meetmethoden emissie-eisen stookinstallaties
milieubeheer A,
– motoren van een zeeschip
waarbij een NOx-verwijderingsrendement van ten minste 85% wordt
bereikt of
– een industriële proces- of
verbrandingsinstallatie op de BES-eilanden, Curaçao, Sint
Maarten of Aruba, waarbij een NOx-verwijderingsrendement van ten
minste 85% wordt bereikt,
b. bestaande uit: een katalysator en
een ammoniak- of ureuminjectiesysteem.
Toelichting: Een Stoom- en Gasturbine
(STEG) wordt gezien als een verbrandingsinstallatie en kan onder deze
code worden gemeld. Een SCR-installatie op een binnenvaartschip kan
worden gemeld onder F 2133.
A 2132
Selectieve non-katalytische
reductie-installatie (SNCR)
a. bestemd voor: het omzetten van NOx
in afgassen van installaties met injectie van ureum of ammoniak door
een reductie-installatie met een NOx-verwijderingsrendement van ten
minste 85%, waardoor de NOx-emissie lager is dan 50 milligram per
normaal kubieke meter (bij 3% O2), gemeten volgens de Regeling
meetmethoden emissie-eisen stookinstallaties milieubeheer A,
b. bestaande uit: een ammoniak- of
ureuminjectiesysteem.
F 2133
NOx-reductiesysteem voor een
binnenvaartschip
a. bestemd voor: het verwijderen van
NOx uit de afgassen van binnenvaartschepen door het uitrusten van de
dieselmotoren met een NOx-reductiesysteem (retrofit) zoals een
SCR-katalysator en waarbij,
– de NOx-uitstoot niet meer
bedraagt dan 2 gram per kilowattuur voor nieuwe motoren en 3
gram per kilowattuur voor bestaande motoren, en
– de NOx-uitstoot kan worden
aangetoond met een NOx-meetrapport waarbij de NOx-metingen
uitgevoerd zijn conform ISO 8178:1994,
b. bestaande uit: een
NOx-reductiesysteem en (eventueel) NOxmeetrapport.
Toelichting: Dieselmotoren op een
binnenvaartschip die in aanmerking kunnen komen zijn
voortstuwingsmotoren, boegschroeven, aggregaten en (beladings-)pompen.
SCR-installaties voor motoren van een zeeschip kunnen worden gemeld
onder A 2131. Roetfilters kunnen geplaatst worden in combinatie met
SCR-katalysatoren (retrofitinstallaties) zoals genoemd in F 2133.
Roetfilters voor een binnenvaartschip kunnen worden gemeld onder code A
4086.
Dit bedrijfsmiddel kan bijdragen aan het
behalen van een Green Award-certificaat. Zie www.greenaward.org voor de
voorwaarden.
A 2138
Verwarmingsketel met geïntegreerde
low-NOx-brander < 30 milligram per normaalkubieke meter
a. bestemd voor: het verwarmen van
water met een ketel met een geïntegreerde brander, waarbij de
rookgassen niet meer dan 30 milligram NOx per normaal kubieke meter
(bij 3% O2) bevatten, gemeten volgens Scope 6 van de
SCIOS-certificatieregeling, uitgave oktober 2009, waarbij géén
correctie van de meetwaarden voor de meetonzekerheid wordt
toegepast,
b. bestaande uit: een ketel met een
geïntegreerde brander.
A 2139
Verwarmingsketel met
low-NOx-voorzetbrander < 40 milligram per normaalkubieke meter
a. bestemd voor: het verwarmen van
water of het produceren van lagedrukstoom (ten hoogste 5 bar en ten
hoogste 110 °C) met een combinatie van een ketel en een
voorzetbrander, waarbij de rookgassen niet meer dan 40 milligram NOx
per normaal kubieke meter (bij 3% O2) bevatten, gemeten volgens
Scope 6 van de SCIOS-certificatieregeling, uitgave oktober 2009,
waarbij géén correctie van de meetwaarden voor de meetonzekerheid
wordt toegepast,
b. bestaande uit: een voorzetbrander
en een ketel.
B 2140
Verwarmingsketel met low-NOx-brander voor
stoom of thermische olie < 60 milligram per normaalkubieke meter
a. bestemd voor: het produceren van
hogedrukstoom (ten minste 5 bar) of het verwarmen van thermische
olie met een combinatie van een ketel en een brander, waarbij de
rookgassen niet meer dan 60 milligram NOx per normaal kubieke meter
(bij 3% O2) bevatten, gemeten volgens Scope 6 van de
SCIOS-certificatieregeling, uitgave oktober 2009, waarbij géén
correctie van de meetwaarden voor de meetonzekerheid wordt
toegepast,
b. bestaande uit: een brander en een
ketel.
F 2152
Gekoelde dubbeldek trailer
a. bestemd voor: het gekoeld
transport van goederen, met uitzondering van het vervoer van levende
dieren, met een trailer voorzien van een dubbele laadvloer ter
vergroting van het te beladen oppervlak in de trailer, waarbij de
koelinstallatie een cryogene koelinstallatie is of door de
vrachtwagenmotor is aangedreven,
b. bestaande uit: een dubbeldek
trailer en een koelinstallatie.
F 2154
Vouwkisten voor bulktransport van
bloembollen
a. bestemd voor: het in bulk
vervoeren van bloembollen in kisten die invouwbaar zijn, zodat deze
ten minste 75% minder ruimte innemen als de kisten leeg
getransporteerd worden,
b. bestaande uit: een
transportbesparende vouwkist.
F 2160
Noodstroomvoorziening met
brandstofcelsysteem
a. bestemd voor: het, bij uitval van
de primaire stroomvoorziening, garanderen van de stroomvoorziening
met een brandstofcelsysteem, waarbij de ingezette brandstof direct
wordt omgezet in elektrische energie,
b. bestaande uit: een (systeem van)
brandstofcel(len) en (eventueel) een elektriciteitsomzetter.
A 2171
Benuttingssysteem voor CO2 van derden
binnen de glastuinbouw
a. bestemd voor: het toepassen van
CO2 van derden voor CO2-bemesting in een tuinbouwkas,
b. bestaande uit: een verdeelstation,
een aansluiting op een CO2-distributiesysteem, (eventueel) een
compressor, (eventueel) een drukreduceerstation en (eventueel) een
rookgasreiniging.
F 2180
Gesloten plasmareinigingssysteem op basis
van NF3(vervanging)
a. bestemd voor: het intern reinigen
van procesapparatuur voor het produceren van halfgeleiders of
zonnecellen met NF3 in een gesloten systeem, ter vervanging van een
bestaand reinigingsproces op basis van C2F6,
b. bestaande uit: gesloten
plasmareinigingssysteem.
F 2181
SF6-vrij hoog- of
middenspanningsschakelsysteem (vervanging)
a. bestemd voor: het doorschakelen
van hoog- en middenspanning in een transformatorstation, waarbij
bestaande SF6-bevattende schakelsystemen worden vervangen door
gevacumeerde of gekoelde schakelsystemen die geen SF6 bevatten,
b. bestaande uit: een vacuüm last-
of vermogensschakelaar of een gekoelde last- of vermogensschakelaar.
B 2182
Transformator met plantaardige olie
a. bestemd voor: het omzetten van
hoogspanning naar laagspanning door een transformator die is
geïsoleerd met uitsluitend plantaardige olie,
b. bestaande uit: een transformator.
F 2210
Walstroominstallatie op de kade
a. bestemd voor: het leveren van
walstroom aan schepen, niet zijnde pleziervaartuigen, zodat de eigen
generatoren niet gebruikt worden als de schepen aan de kade liggen,
b. bestaande uit: een walstroomkast
met één of meerdere aansluitpunten, (eventueel) een aan de
walstroomkast gekoppeld betalingssysteem, (eventueel) een omvormer
naar 60 Hertz en transformatorstation(s).
F 2211
Walstroomaansluiting aan boord van het
schip
a. bestemd voor: het gebruik maken
van aangeboden walstroom aan boord van een schip, niet zijnde een
pleziervaartuig, zodat de eigen generator niet gebruikt wordt als
het schip aan de kade ligt,
b. bestaande uit: aansluitpunt(en),
aanpassing van het elektrische systeem aan boord en een verlengkabel
om een verbinding tussen het schip en de walstroomkast te kunnen
maken.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten
hoogste€ 7.500 van het investeringsbedrag in aanmerking voor de
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen. Deze aftopping geldt niet voor
walstroomaansluitingen aan boord van zeegaande schepen.
Toelichting: Dit bedrijfsmiddel kan
bijdragen aan het behalen van een Green Award-certificaat. Zie
www.greenaward.org voor de voorwaarden.
F 3000
VOS-emissiereducerende technieken binnen
de metaalindustrie
a. bestemd voor: het voorkomen,
terugwinnen of beperken van de emissie van vluchtige organische
stoffen (VOS) bij het reinigen, lijmen of coaten van metalen
waarbij:
1. voor een bedrijf dat niet
onder het Oplosmiddelenbesluit valt, maar wel onder het
Activiteitenbesluit (type B) en aan de eisen van het
Activiteitenbesluit voldoet, een vermindering van het
VOS-verbruik (in kilogram per jaar) wordt behaald van ten minste
30% ten opzichte van de bestaande situatie, berekend op basis
van de oplosmiddelenboekhouding conform het Activiteitenbesluit
en ten minste twee van de volgende technieken worden toegepast:
1a. een reinigings- of
ontvettingsinstallatie als bedoeld in bedrijfsmiddel A 3080,
1b. een microgolfdroger of
infrarood- of UV-belichtings- of elektronenstraaleenheid als
bedoeld in bedrijfsmiddel F 3161,
1c. een opbrenginstallatie
voor oplosmiddelvrije lak als bedoeld in bedrijfsmiddel F
3162,
1d. een dubbele mechanische
asafdichting als bedoeld in bedrijfsmiddel F 6140,
1e. een terugwininstallatie
voor waterverdunbare verf, lak, inkt of lijm als bedoeld in
bedrijfsmiddel F 8300,
1f. een aftapinstallatie als
bedoeld in bedrijfsmiddel F 8301,
1g. een gesloten wasautomaat
voor verfgereedschap als bedoeld in bedrijfsmiddel A 9341,
1h. een gesloten
reinigingsinstallatie zonder vluchtige organische stoffen
(VOS) als bedoeld in bedrijfsmiddel A 9342, of
1i. één of meer andere
technieken met vergelijkbare milieuwinst als onder 1a tot en
met 1h genoemd, of
2. voor een bedrijf dat onder het
Oplosmiddelenbesluit valt en daarnaast eventueel ook onder het
Activiteitenbesluit valt, waarbij:
– een totale VOS emissie
(in kilogram per jaar) wordt behaald die ten minste 30%
lager is dan de beoogde emissie, bepaald volgens toetsing
aan regime 1, door toepassing van ten minste twee technieken
zoals omschreven in de codes genoemd onder punt 1a tot en
met 1i, of
– de concentratie VOS in
het afgas (in milligram C of VOS per normaal kubieke meter)
ten minste 30% lager is dan de afgaseis in het
Oplosmiddelenbesluit of ten minste 30% lager is dan de eis
voor diffuse emissie in het Oplosmiddelenbesluit, bepaald
volgens toetsing aan regime 2, waarbij het bedrijf aan de
eisen van het Oplosmiddelenbesluit voldoet en ten minste 2
van de volgende technieken worden toegepast:
2a. de technieken zoals
genoemd onder 1a tot en met 1h,
2b. een biologisch
luchtfilter voor vluchtige organische stoffen als bedoeld in
bedrijfsmiddel B 3051,
2c. een gas-en dampadsorber
met regeneratie als bedoeld in bedrijfsmiddel B 3054,
2d. een (katalytische)
oxidatie-installatie voor luchtreiniging als bedoeld in
bedrijfsmiddel B 4052, of
2e. één of meer andere
technieken met vergelijkbare milieuwinst als onder 2a tot en
met 2d genoemd,
b. bestaande uit:
VOS-emissiereducerende apparatuur.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
Met een bedrijf dat onder het
Oplosmiddelenbesluit valt, zoals genoemd bij punt 2, wordt bedoeld een
bedrijf dat bijvoorbeeld bij activiteit 8, overige coatingsprocessen
zoals genoemd in het Oplosmiddelenbesluit, een verbruiksdrempel van meer
5 ton VOS per jaar overschrijdt.
Bij punt 2, het tweede gedachtestreepje
wordt gesproken over ten minste 30% lager dan de eis voor diffuse
emissie. Voor bijvoorbeeld activiteit 8, overige coatingsprocessen zoals
genoemd in het Oplosmiddelenbesluit, wordt hiermee ten minste 30% van
20% bedoeld. Dit komt overeen met een vermindering van de diffuse
emissie met ten minste 14%.
B 3040
Emissiearme houtkachel met een vermogen
< 50 kiloWatt
a. bestemd voor: het verwarmen van
water met een houtkachel, met een vermogen van ten hoogste 50
kiloWatt, in combinatie met een nageschakelde techniek, zoals een
elektrostatisch of schuimkeramisch filter, om gasvormige
verontreinigingen in de rookgassen te verwijderen,
b. bestaande uit: een houtkachel met
een nageschakelde luchtemissiebeperkende techniek.
Het bedrijfsmiddel komt voor 50% van
het investeringsbedrag in aanmerking voor de
milieu-investeringsaftrek.
B 3051
Biologisch luchtfilter voor vluchtige
organische stoffen
a. bestemd voor: de microbiologische
afbraak van vluchtige organische stoffen uit afgassen,
b. bestaande uit: een bak of vat met
biomassa op dragermateriaal, een ventilator, (eventueel) een
filterbevochtigingsinstallatie, (eventueel) een
afgasbevochtigingsinstallatie, (eventueel) een demister en
(eventueel) een afgassenkoelinstallatie.
B 3054
Gas-en dampadsorber met regeneratie
a. bestemd voor:
– het verwijderen van vluchtige
organische stoffen, geurstoffen en dampen uit afgassen door
adsorptie, gevolgd door regeneratie van het adsorptiemiddel en
terugwinning of vernietiging van de vluchtige organische
stoffen, of
– het verwijderen van zware
metalen uit afgassen door adsorptie, gevolgd door regeneratie
van het adsorptiemiddel en terugwinning van de metalen,
b. bestaande uit: een adsorber en een
regeneratie-eenheid.
F 3056
Ontgassingsinstallatie voor scheepstanks
a. bestemd voor: het ontgassen van
scheepstanks die gebruikt zijn voor het vervoer van vluchtige
koolwaterstoffen, waarbij de afgevangen gassen worden gereinigd en
de koolwaterstoffen worden teruggewonnen of vernietigd,
b. bestaande uit: een
ontgassingsinstallatie en een luchtreinigingsinstallatie.
Toelichting: Onder deze code valt ook een
ontgassingsinstallatie aan boord van een schip of op een ponton.
A 3057
Reinigingsinstallatie voor scheepstanks
a. bestemd voor: het na het lossen,
verwijderen van benzeen, tolueen, styreen, gechloreerde
koolwaterstoffen en/of brandstoffen uit scheepstanks door lucht in
de scheepstank af te zuigen en te wassen, waarbij het wasmedium de
achtergebleven damp opneemt en binnen de reguliere afvalkanalen
wordt verwerkt,
b. bestaande uit: een
afzuiginstallatie, een gaswasser, en (eventueel) een buffertank.
B 3060
Biogaswasser
a. bestemd voor: het verwijderen van
gasvormige verontreinigingen uit afgassen die niet afkomstig zijn
van afval- of slibverbrandingsinstallaties of stallen, door een
biologische gaswasinstallatie, waarbij er geen sprake is van het
opwaarderen van gas, zoals biogas of stortgas, tot een hoogwaardiger
brandstof,
b. bestaande uit: biomassa op
dragermateriaal, een tank, (eventueel) een ventilator, (eventueel)
een druppelvanger, (eventueel) een chemicaliëndoseerinstallatie en
(eventueel) een wasvloeistofbehandelingssysteem.
F 3061
Gaswasser voor een aluminiumsmelterij
a. bestemd voor: het ontzwavelen van
afgassen van een aluminiumsmelterij door het oplossen van de
verontreinigende stoffen in een vloeistof,
b. bestaande uit: een gaswasser.
A 3063
Plasma-omzetter voor gasvormige
verontreinigingen
a. bestemd voor: het in een
niet-thermisch plasmaveld ontleden van gasvormige verontreinigingen
in ruimtelucht, niet bestemd voor productie, of afgassen of andere
naar buiten af te voeren lucht, waarbij de verontreinigingen worden
omgezet in onschadelijke stoffen of uiteenvallen in hun elementaire
componenten,
b. bestaande uit: een
hoogspanningsbron, een reactiekamer, een besturingssysteem en
(eventueel) een katalysator.
Toelichting: Apparatuur voor de reiniging
van lucht door oxidatie kan gemeld worden onder code B 4052.
B 3070
Oxidatiebed voor zuivering van lucht
a. bestemd voor: het biologisch
reinigen van lucht of het gelijktijdig in één reactor biologisch
reinigen van lucht en afvalwater, niet afkomstig van afval- of
slibverwerkingsinstallaties, waarbij het verwijderingsrendement voor
geurstoffen in de lucht ten minste 90% bedraagt,
b. bestaande uit: een oxidatiebed.
A 3080
Reinigings-of ontvettingsinstallatie
a. bestemd voor: het ontvetten en
reinigen van metalen (half-)producten door een installatie waarin
uitsluitend reinigingsmiddelen zonder vluchtige organische
oplosmiddelen worden gebruikt, en waarbij het gebruikte
reinigingsmiddel wordt gerecirculeerd,
b. bestaande uit: een ontvettings- en
reinigingsinstallatie, pompen, (eventueel) een verwarmingssysteem,
(eventueel) een drooginstallatie en (eventueel) een water-of
badreinigingsinstallatie.
Toelichting: Ook poederontvetting of
reiniging met superkritische CO2komen in aanmerking voor de
milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
F 3131
Ontzwavelingsinstallatie
a. bestemd voor: het ontzwavelen van
afgassen die niet afkomstig zijn van afval-of
slibverbrandingsinstallaties, raffinaderijen of petrochemische
installaties, door een installatie met een
zwavelverwijderingsrendement van ten minste 95%, waarbij elementair
zwavel of zwavelverbindingen als zwavelzuur of zwaveligzuur worden
gevormd en nuttig worden toegepast,
b. bestaande uit: (eventueel)
wastorens, (eventueel) een concentratieverhogingsstap of indikker,
(eventueel) reactoren, (eventueel) een membraaninstallatie,
(eventueel) een neutralisatie-installatie, (eventueel) een
oxidatiereactor, (eventueel) een chemicaliëndosering en (eventueel)
een condensatie-eenheid, waarbij de apparatuur voor de productie of
nuttige toepassing van zwavel of zwavelverbindingen niet in
aanmerking komt voor de milieu-investeringsaftrek en de willekeurige
afschrijving milieu-investeringen.
F 3150
Textielreinigingssysteem met CO2
a. bestemd voor: het reinigen van
textiel met CO2,
b. bestaande uit: een
reinigingsinstallatie, een toevoereenheid, een mengsysteem, een pomp
en een opslagsysteem voor CO2.
F 3151
Natreinigingssysteem
a. bestemd voor: het reinigen van
bovenkleding door een nat proces op basis van water in plaats van
perchloorethyleen, waarbij de gereinigde bovenkleding met een
gasgestookte roterende droger wordt gedroogd,
b. bestaande uit: een
reinigingsmachine, een droger en (eventueel) een vormdroger.
E 3153
Gesloten textielreinigingsmachine met
halogeenvrije oplosmiddelen
a. bestemd voor: het reinigen van
niet-natwasbaar textiel in een gesloten textielreinigingsmachine ter
vervanging van een bestaande PER-reinigingsmachine,
– die in één cyclus textiel
reinigt en droogt,
– die reinigt met
niet-toxische, halogeenvrije oplosmiddelen van klasse A III met
een vlampunt boven 55°C en die lichter zijn dan water,
– die voorzien is van een
droogsysteem op basis van een warmtepomp,
– waarin het oplosmiddel wordt
teruggewonnen in een emissievrij destillatiesysteem, en
– waarbij de bestaande
PER-reinigingsmachine wordt verwijderd,
b. bestaande uit: een
computergestuurde textielreinigingsmachine, een warmtepomp,
elektronische droogcontrole, een koelcompressor, een waterafscheider,
een overvulbeveiliging van het destillatie- en residuvat en een
emissievrij vul- en uitruimsysteem.
F 3161
Microgolfdroger of infrarood- of
UV-belichtings- of elektronenstraaleenheid
a. bestemd voor: het doen uitharden
van lakken, verven of lijmen door microgolven of infrarood- of
UV-belichting of versnelde elektronen,
b. bestaande uit: een microgolfdroger
of infrarood- of UV-lampen of elektronenstraaleenheid en (eventueel)
een afzuiging, exclusief het doorvoersysteem.
F 3162
Opbrenginstallatie voor oplosmiddelvrije
lak
a. bestemd voor: het opbrengen van
lakken die uitharden onder invloed van microgolven of infrarood- of
UV-licht of versnelde elektronen,
b. bestaande uit: een
lakopbrenginstallatie, (eventueel) een lakterugwinningsinstallatie,
een microgolfdroger of infrarood- of UV-lampen of een
elektronenstraaleenheid en (eventueel) een in de laklijn opgenomen
schuurmachine, exclusief de spuitcabine en het transportsysteem.
A 3180
Vlamloze thermische naverbrander voor
afgassen
a. bestemd voor: het naverbranden van
vluchtige organische stoffen en aromatische koolwaterstoffen
afgassen met behulp van een keramisch bed dat wordt verhit, waarbij:
– het afgas niet direct in
contact staat met de open vlam van de brander(s),
– de NOx-emissie niet meer
bedraagt dan 10 milligram per nominaal kubieke meter (11% O2),
en
– het netto energieverbruik
niet meer bedraagt dan 75 kilojoule per nominaal kubieke meter
afgas,
b. bestaande uit: een vlamloze
thermische naverbrander.
A 3211
Druktorens voor waterloze offset
a. bestemd voor: het bedrukken van
materiaal zoals papier, karton, textiel of kunststof door een
offsetdrukmachine die waterloze inkten verbruikt,
b. bestaande uit: druktorens en
(eventueel) een droogeenheid.
F 4000
Apparatuur voor procesgeïntegreerde
vermindering van stofontwikkeling
a. bestemd voor: het met ten minste
80% verminderen van het ontstaan van stof, al dan niet in combinatie
met het verwijderen van andere milieuschadelijke componenten,
tijdens een industrieel productieproces door aanpassing of
vervanging van het betreffende productieproces, waarbij:
– de reststofemissie naar de
buitenlucht niet meer bedraagt dan 5 milligram stof per normaal
kubieke meter,
– de aard en de functie van het
proces en het product nagenoeg dezelfde blijven,
– de vermindering van de
stofontwikkeling gerealiseerd wordt ten opzichte van de
bestaande situatie,
– in de berekening van de
vermindering van stofemissie het effect van eventueel
nageschakelde techniek (bijvoorbeeld een doekfilter) buiten
beschouwing wordt gelaten,
– eventuele wijzigingen van de
productiecapaciteit in de berekening van besparing worden
verrekend, en
– eventuele
end-of-pipe-toepassingen en investeringen in uitbreiding van de
productiecapaciteit niet in aanmerking komen,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is om het ontstaan van stof
te beperken of te voorkomen.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
De aanpassing of vervanging van het
productieproces voorkomt dat stof of een groot deel daarvan ontstaat
tijdens tussenstappen of aan het eind van het proces.
F 4001
Apparatuur voor vermindering van
stofemissie tijdens niet-reguliere bedrijfsvoering
a. bestemd voor: het afscheiden van
stof uit afgas of luchtstroom tijdens niet-reguliere bedrijfsvoering
(bijvoorbeeld tijdens een storing) door een vast opgestelde
ontstoffingsinstallatie, waarbij de stofemissie naar de buitenlucht
niet meer dan 20 milligram stof per normaal kubieke meter bevat,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is om de emissie van stof te
verminderen tijdens niet-reguliere bedrijfsvoering.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
Met niet-reguliere bedrijfsvoering wordt
bedoeld: storingen, onderhoud aan de (reinigings)technieken en opstarten
en stoppen van installaties of processen. Bedrijfsmiddelen die de
stofemissie tijdens niet-reguliere bedrijfsvoering kunnen beperken zijn
bijvoorbeeld twee parallel geschakelde stoffilters waarbij in geval van
uitval van één van de twee filters toch sprake is van ontstoffing.
C 4003
Apparatuur voor procesgeïntegreerde
vermindering van geurstoffen
a. bestemd voor: het met ten minste
90% verminderen van de uitstoot van stoom en daarmee samenhangende
geurstoffen, al dan niet in combinatie met andere milieuschadelijke
componenten, door aanpassing of vervanging van een productieproces
middels een gesloten systeem waarbij:
– de aard en de functie van het
proces en het product nagenoeg dezelfde blijven,
– de vermindering van de
geurstoffen gerealiseerd wordt ten opzichte van de bestaande
situatie,
– in de berekening van de
vermindering van geuremissie het effect van eventueel
nageschakelde techniek buiten beschouwing wordt gelaten,
– eventuele wijzigingen van de
productiecapaciteit in de berekening van besparing worden
verrekend,
– de besparing wordt berekend
ten opzichte van het gehele investeringsbedrag dat met de
aanpassing of vervanging is gemoeid, en
– eventuele
end-of-pipe-toepassingen en investeringen in uitbreiding van de
productiecapaciteit niet in aanmerking komen,
b. bestaande uit: apparatuur die
aantoonbaar noodzakelijk is om de vermindering van de geurstoffen te
bereiken en (eventueel) een condensorvat.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
E 4051
Luchtreinigingsinstallatie op basis van
elektrostatische en centrifugale krachten
a. bestemd voor: het door
elektrostatische en centrifugale krachten verwijderen van pathogenen,
geur en stof in afgassen afkomstig van de industrie, waarbij in
geval van ontstoffing de reststofemissie niet meer dan 1 milligram
stof per normaal kubieke meter bedraagt,
b. bestaande uit: een
luchtzuiveringsinstallatie, (eventueel) een (katalytische)
oxidatie-eenheid, (eventueel) een UV-lamp en (eventueel) een ozon-
of zuurstofradicaalgenerator.
B 4052
(Katalytische) Oxidatie-installatie voor
luchtreiniging
a. bestemd voor: het (al dan niet
katalytisch) oxideren met waterstofperoxide, zuurstofradicalen, ozon
of UV-bestraling,
– van pathogenen, geur- of
koolwaterstoffen in naar buiten te blazen luchtstromen, of
– voor desinfectie van
ruimtelucht bij industriële toepassingen als alternatief voor
het gebruik van chemicaliën,
b. bestaande uit: een
oxidatie-installatie, (eventueel) doseer- of injectieapparatuur,
(eventueel) een waterstofperoxidewasser, (eventueel) een wastoren,
(eventueel) een katalysator, (eventueel) een ozongenerator,
(eventueel) een restozonabsorber of -vernietiger en (eventueel) een
zuurstofradicaalgenerator.
Toelichting: Apparatuur voor de reiniging
van lucht met niet-thermische plasma kan gemeld worden onder code A
3063.
F 4070
Filtrerende stofafscheider voorafgegaan
door puntgerichte afzuiging
a. bestemd voor: het verwijderen van
stofdeeltjes uit een afgas of luchtstroom waarbij:
– puntgericht afgezogen lucht
van stof wordt ontdaan met een vast opgestelde filtrerende
stofafscheider, waardoor de lucht die naar buiten wordt
afgevoerd niet meer dan 1 milligram stof per normaal kubieke
meter bevat, voor zover deze restemissie niet verplicht is
volgens de Arbeidsomstandighedenwet, en
– de aanschaf van de
ontstoffingsinstallatie ten minste € 10.000 bedraagt,
b. bestaande uit: een filtrerende
stofafscheider, een ventilator en (eventueel) apparatuur benodigd om
de condities van de te reinigen gassen aan te passen voor
stofafscheiding op basis van filtratie.
Toelichting: Arboverplichtingen zoals
genoemd in dit bedrijfsmiddel gelden bijvoorbeeld als gefilterde lucht
gedeeltelijk of geheel wordt gerecirculeerd in de bedrijfsruimte.
A 4071
Filtrerende stofafscheider voorafgegaan
door ruimtelijke afzuiging
a. bestemd voor: het verwijderen van
stofdeeltjes uit een afgas of luchtstroom waarbij:
– ruimtelijk afgezogen lucht
van stof wordt ontdaan met een filtrerende stofafscheider,
waardoor de lucht die naar buiten wordt afgevoerd niet meer dan
1 milligram stof per normaal kubieke meter bevat, voor zover
deze restemissie niet verplicht is volgens
Arbeidsomstandighedenwet, en
– de aanschaf van de
ontstoffingsinstallatie ten minste € 10.000 bedraagt,
b. bestaande uit: een filtrerende
stofafscheider, een ventilator en (eventueel) apparatuur benodigd om
de condities van de te reinigen gassen aan te passen voor
stofafscheiding op basis van filtratie.
Toelichting: Arboverplichtingen zoals
genoemd in dit bedrijfsmiddel gelden bijvoorbeeld als gefilterde lucht
gedeeltelijk of geheel wordt gerecirculeerd in de bedrijfsruimte.
A 4072
Niet-filtrerende ontstoffingsinstallatie
a. bestemd voor: het verwijderen van
stofdeeltjes uit een afgas- of luchtstroom, al dan niet in
combinatie met andere milieuschadelijke componenten, met een
niet-filtrerende stofafscheider, waarbij aantoonbaar kan worden
gemaakt dat scheidingsrendementen worden behaald van ten minste
99,5% voor PM10 en ten minste 70% voor PM5,
b. bestaande uit: een
niet-filtrerende stofafscheider, (eventueel) een ventilator en
(eventueel) een systeem voor het terugvoeren van de grondstof.
F 4073
Stofemissiereducerende technieken voor
pluimveestallen
a. bestemd voor: het verminderen van
de emissie van stof van een pluimveestal zonder
stal(ontwerp)certificaat MDV 5 of 6, door toepassing van één of
meer technieken die als zodanig zijn aangemerkt in de op grond van
artikel 66, aanhef en onder c, van de Regeling beoordeling
luchtkwaliteit 2007 gepubliceerde lijst van emissiefactoren fijnstof
voor veehouderij zoals gepubliceerd op www.overheid.nl, voor zover
deze voorziening niet wettelijk verplicht is,
b. bestaande uit:
stofemissiereducerende technieken.
Toelichting: De lijst van emissiefactoren
vindt u op http://wetten.overheid.nl/BWBR0022817/geldigheidsdatum_19-10-2011.
D 4074
Meertraps-ontstoffingsinstallatie voor
sinterfabriek
a. bestemd voor: het verwijderen van
stofdeeltjes en schadelijke gassen uit de afgassen van een
sinterfabriek, waarbij gebruik wordt gemaakt van ten minste twee
afzonderlijke scheidingssystemen, waaronder een filtrerende
afscheider, waardoor de stofemissie naar de buitenlucht ten hoogste
10 milligram stof per normaal kubieke meter bedraagt,
b. bestaande uit: een
meertraps-ontstoffingsinstallatie, (eventueel) een
doseerinstallatie, (eventueel) een reactor en (eventueel) een
wastoren.
E 4075
Stofvrij doseersysteem voor poeders of
granulaten
a. bestemd voor: het stofvrij doseren
van poeders of vrijstromende vaste stoffen in continu- of
batchprocessen binnen de chemische of levensmiddelenindustrie
waarbij:
– de dosering onder het
vloeistofniveau plaatsvindt waarbij door een optimale vermenging
geen stof vrijkomt, of
– het doseersysteem gesloten is
en voorzien van een zelfreinigend luchtfilter waardoor de lucht
die ontsnapt niet meer dan 2 milligram per normaal kubieke meter
bevat,
b. bestaande uit: een gesloten
doseersysteem, (eventueel) een (geïntegreerd) luchtfilter,
(eventueel) een doseerschroef, (eventueel) een weeginrichting,
(eventueel) een voorafgaand gesloten transportsysteem op basis van
onderdruk, (eventueel) een vacuümpomp en (eventueel) een
ontvangsthopper (al dan niet met procesconditionerende technieken).
A 4085
Gesloten roetfilter voor een
niet-gekentekend voer- of werktuig
a. bestemd voor: het verwijderen van
roetdeeltjes uit de uitlaatgassen van vast opgestelde dieselmotoren
en mobiele werktuigen voor grondverzet, landbouw en wegenbouw met
een roetfilter:
– dat niet in aanmerking komt
voor de Subsidieregeling Roetfilters Mobiele Werktuigen,
– met een
verwijderingsrendement van ten minste 90%,
– dat voldoet aan de eisen van
TRGS 554 of dat staat op de roetfilterlijst van VERT (Verminderung
der Emissionen von Real-Dieselmotoren im Tunnelbau) of BAFU (Bundesambt
für Umwelt) of op de typegoedkeuingslijst van de RDW
(Rijksdienst voor het Wegverkeer),
– waarvoor geen verplichting
geldt volgens of krachtens de Arbeidsomstandighedenwet, en
– waarbij het filter niet is
voorzien van een bypass-voorziening voor als het filter vol is,
b. bestaande uit: een gesloten
roetfilter.
Toelichting: De roetfilterlijsten van
VERT en BAFU zijn te vinden op www.vert-certification.eu en
www.bafu.admin.ch.
A 4086
Gesloten roetfilter voor een
binnenvaartschip
a. bestemd voor: het verwijderen van
roetdeeltjes, eventueel in combinatie met andere schadelijke
luchtverontreinigingen, uit de rookgassen van binnenvaartschepen,
met een gesloten roetfilter dat voldoet aan de eisen van TRGS 554 of
dat staat op de roetfilterlijst van VERT (Verminderung der
Emissionen von Real-Dieselmotoren im Tunnelbau) of BAFU (Bundesambt
für Umwelt), en dat voorzien is van een:
– actief regeneratiesysteem, of
– passief regeneratiesysteem in
combinatie met een SCR-katalysator,
b. bestaande uit: een gesloten
roetfilter en een actief of passief regeneratiesysteem.
Toelichting: Roetfilters kunnen geplaatst
worden in combinatie met SCR-katalysatoren (retrofitintstallaties) zoals
genoemd in F 2133. De roetfilterlijsten van VERT en BAFU zijn te vinden
op www.vert-certification.eu en www.bafu.admin.ch.
Dit bedrijfsmiddel kan bijdragen aan het
behalen van een Green Award-certificaat. Zie www.greenaward.org voor de
voorwaarden.
F 4089
Snuffelpalen voor stofdetectie en
-registratie
a. bestemd voor: het continu optisch
online detecteren, registreren en terugrekenen van stofemissies tot
bedrijfsemissies rondom op- en overslagen met een verwachte fijn
stof emissie van ten minste 25 ton per jaar, om de stofemissie te
beheren en te minimaliseren,
b. bestaande uit:
stofdetectieapparatuur op basis van een optische techniek en
registratieapparatuur.
B 4090
Watermist/microschuim-ontstoffing
a. bestemd voor: het beperken van
stofverspreiding bij sorteerlijnen, puinbreek-en
recyclinginstallaties en bij op- en overslagen van stortgoed of
bulkgoederen, door bevochtiging of afdekken van het stortgoed met
zeer fijn verneveld water al dan niet voorzien van volledig
biologisch afbreekbare toevoegingen die de ontstoffing bevorderen of
de stofdeeltjes afdekken,
b. bestaande uit: (eventueel) een
watervernevelingssysteem, (eventueel) een bindmiddelvoorraadvat,
(eventueel) een mengsysteem en (eventueel) een
schuimtoedieningssysteem.
A 4092
Gesloten beladingssysteem
a. bestemd voor: het met een
sluitkegel, een opblaasbare band of een stofrok verminderen van
stofemissies door filtering van de uittredende lucht, bij het laden
of lossen van vrachtwagens of schepen, waarbij de verbinding op
onderdruk wordt gehouden bij toepassing van een sluitkegel of een
stofrok,
b. bestaande uit: een beladingsbalg
met een sluitkegel, een opblaasbare band of een stofrok, een
filteraansluiting of een geïntegreerd stoffilter en (eventueel) een
ventilator.
A 4093
Mobiele lostrechter
a. bestemd voor: het lossen van
bulkgoederen in een mobiele lostrechter die de grijper van de
loskraan geheel kan omvatten en die is voorzien van onderafzuiging
en een filter met uitblaasopeningen in de losinrichting zodanig dat
het verwaaien van stof wordt voorkomen,
b. bestaande uit: een lostrechter,
een filter en afzuigventilatoren.
A 4094
Flexibel klepsysteem voor overslag van
bulkgoederen
a. bestemd voor: het verminderen van
stofemissies bij overslag van bulkgoederen door afdekking van de
stortbunker of -trechter met een flexibel klepsysteem, waardoor het
af te zuigen luchtvolume met ten minste 70% wordt verminderd en
waarbij onder de flexibele kleppen onderdruk wordt gehandhaafd,
b. bestaande uit: flexibele kleppen
en vacuümpompen.
F 4095
Gesloten transportband
a. bestemd voor: het stofvrij
transporteren van bulkgoederen door een transportsysteem waarbij het
bulkgoed volledig wordt omsloten door een transportband van flexibel
materiaal, die in een pijpvorm wordt dichtgevouwen,
b. bestaande uit: een flexibele
transportband, (eventueel) een ophanging, (eventueel)
bandondersteuning, aandrijving en een los- en laadsysteem, exclusief
het opslagsysteem.
B 4096
Wrijvingsarme en stofemissiebeperkende
transportband
a. bestemd voor: het verminderen van
stofemissies bij het transporteren van bulkgoederen door een
transportband die in een trog in een gesloten omkasting loopt,
waarbij door het in stand houden van een luchtfilm tussen de trog en
de transportband de wrijving wordt geminimaliseerd,
b. bestaande uit: gesloten
trogsecties, een aandrijving, een transportband, een spaninrichting
en een luchtvoorziening, exclusief het opslagsysteem.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten hoogste
20% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de
milieu-investeringsaftrek.
F 4098
Gesloten op- of overslag van kolen of
andere niet-agrarische droge bulkgoederen
a. bestemd voor: het ter beperking
van de verspreiding van stofdeeltjes naar de buitenlucht op- of
overslaan van kolen, erts, mineralen, stofvormend afval of biomassa
niet voor dierlijke consumptie, in een gesloten opslagruimte
voorzien van ontstoffingsinstallatie, waarbij:
– de capaciteit
bulkgoederenopslag ten minste 10 ton bedraagt,
– de bulkgoederen vallen onder
de stuifklasse S4 en S5 zoals genoemd in de Nederlandse
Emissierichtlijn lucht (NeR),
– in geval van een opslagruimte
of loods sprake is van bronafzuigpunten,
– de luchtstroom die eventueel
naar buiten wordt afgevoerd van stof wordt ontdaan waardoor de
luchtstroom minder dan 5 milligram stof per normaal kubieke
meter bevat, en
– het laden, lossen of
transport van de bulkgoederen volledig gesloten plaatsvindt,
b. bestaande uit: een gesloten
opslag, loods of silo, een ontstoffingsinstallatie, (eventueel) een
mechanisch en afgesloten systeem voor het vullen en legen van de
gesloten opslag, en (eventueel) een brandveiligheidssysteem ter
beperking van het broeirisico.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten
hoogste € 4.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
F 4099
Gesloten overkapping van een puinbreker
a. bestemd voor: het beperken van
verspreiding van geluid alsmede stofdeeltjes naar de buitenlucht
door het breken van puin met een vast opgestelde puinbreker en het
aanverwante puintransport onder een gesloten overkapping te laten
plaatsvinden, waarbij de luchtstroom die naar buiten wordt afgevoerd
van stof wordt ontdaan waardoor de luchtstroom minder dan 5
milligram stof per normaal kubieke meter bevat,
b. bestaande uit: een gesloten
overkapping of loods met geluidwerende voorzieningen en een
ontstoffingsinstallatie.
A 4102
Lasergraveersysteem voor natuursteen
a. bestemd voor: het stofvrij
aanbrengen van afbeeldingen en tekst op natuursteen met een
CO2-laserstraal,
b. bestaande uit: een
lasergraveerinstallatie, een besturingssysteem en een
afzuiginstallatie.
B 4110
Platenkoeler,-droger of -warmtewisselaar
voor indirect halogeenvrij koelen, drogen of verwarmen in de kunstmest-
en voedingsmiddelenindustrie
a. bestemd voor: het indirect koelen,
drogen of verwarmen van vrijstromende vaste stoffen in de kunstmest-
en voedingsmiddelenindustrie, waardoor het ontstaan van stof, al dan
niet in combinatie met andere gasvormige verontreinigingen, wordt
voorkomen of geminimaliseerd, en waarbij het energieverbruik niet
groter is dan bij toepassing van een directe koel-, droog- of
verwarmingstechniek en in geval van koeling uitsluitend
halogeenvrije koelmiddelen worden gebruikt,
b. bestaande uit: een platenkoeler,
-droger of-warmtewisselaar.
Toelichting: Bij een indirect systeem
komen het medium en het te koelen, te drogen of te verwarmen product
niet met elkaar in contact. Het indirect koelen, drogen of verwarmen van
vloeistoffen komt niet in aanmerking.
A 4130
Roestvrijstalen dipkoeltank voor
schaaldieren op een vissersschip
a. bestemd voor: het aan boord van
een vissersschip conserveren van schaaldieren door een vast
opgesteld, luchtdicht afsluitbaar roestvrijstalen vat, waarin SC-20
als conserveringsmiddel wordt gebruikt, ter vervanging van
dipkoeling met natriumbisulfiet of een derivaat daarvan,
b. bestaande uit: luchtdicht
afsluitbaar roestvrijstalen vat.
F 4140
Alkalizoutvrije vulcanisatie-installatie
(ombouw of vervanging)
a. bestemd voor: het vulcaniseren van
rubber met waterstofperoxide, waardoor het vulcaniseren met
alkalizouten wordt vermeden, door aanpassing of vervanging van een
bestaande installatie,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
een vulcanisatie-installatie.
B 4141
Gesloten malsysteem voor
kunstharsverwerking
a. bestemd voor: het verwerken van
kunstharsen in een gesloten mal voorzien van een vacuüminjectie- of
overdruksysteem ter vermijding van styreenemissies,
b. bestaande uit: een vacuüm- of
persinstallatie, een gesloten malsysteem, injectie-apparatuur en
(eventueel) een oven.
B 4150
Regeleenheid elektrodynamisch remmen
a. bestemd voor: het geluidarm remmen
van een diesellocomotief in het snelheidsgebied tot 30 kilometer per
uur,
b. bestaande uit: een elektronische
regeleenheid voor dynamisch remmen.
B 4151
Geluidsreducerend smeersysteem voor tram-
en treinstellen of rangeerterreinen
a. bestemd voor: het verminderen van
rem- of frictiegeluid van tram- of treinstellen of afremsystemen op
rangeerterreinen door het op de wielen of rails aanbrengen van een
microfilm van water of biologisch afbreekbaar, niet-toxisch
smeervet,
b. bestaande uit: een smeersysteem.
C 4155
Geluidsreducerende voorzieningen voor
lichte propellervliegtuigen
a. bestemd voor: het terugbrengen van
het brongeluidsniveau van een licht propellervliegtuig door
aanpassing van het vliegtuig of vervanging door een nieuw vliegtuig,
waarbij:
1. voor vliegtuigen met een ten
hoogste toegelaten startmassa M van 5.700 kilogram of minder het
ten hoogste toegelaten geluidsniveau gemeten volgens ICAO, annex
16 van 7 oktober 2004, hoofdstuk 6 niet meer mag bedragen dan:
|
M [in kilogram] |
geluidsniveau [in
dB(A)] |
|
5.700 tot 1.500 |
76 |
|
1.500 tot 600 |
64 + (M-600)/75 |
|
600 of minder |
64 |
2. voor vliegtuigen met een
maximaal toegelaten startmassa M van 8.618 kilogram of minder
het maximaal toegelaten geluidsniveau gemeten volgens ICAO,
annex 16 van 7 oktober 2004, hoofdstuk 10 niet meer mag bedragen
dan:
|
M [in kilogram] |
geluidsniveau [in
dB(A)] |
|
8.618 tot 1.325 |
80 |
|
1.325 tot 618 |
68 + (M-618)*12/707 |
|
618 of minder |
68 |
b. bestaande uit: (eventueel) een
geluiddemper op de uitlaat, (eventueel) een drie-of meerbladige
propeller en (eventueel) aandrijfeenheden waarbij het maximum (start-)
vermogen wordt bereikt bij een propellertoerental kleiner dan of
gelijk aan 2.200 rpm.
Het bedrijfsmiddel, ingeval van een
nieuw vliegtuig, komt voor ten hoogste€ 37.000 van het
investeringsbedrag in aanmerking voor willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: ICAO staat voor
International Civil Aviation Organization.
B 4161
Geluidarme opbouw voor gekoelde bakwagen,
trekker, oplegger, aanhanger of bestelwagen
a. bestemd voor: het verminderen van
piekniveau's tijdens het laden en lossen in de bebouwde omgeving
door het aanbrengen van geluidarme voorzieningen op een bakwagen,
trekker, oplegger, aanhanger of bestelwagen, waarbij:
– de aanwezige motor ten minste
voldoet aan de Euro 5-eisen,
– het geluidsdrukniveau LpA(7,5m)
ten hoogste 60 dB(A) bedraagt gemeten volgens de Meetmethode
voor piekgeluiden bij laden en lossen, rapport DGT-RPT-020131
van 11 november 2002 opgesteld door TNO, en
– de koelinstallatie een
cryogene koelinstallatie is of door de vrachtwagenmotor
aangedreven,
b. bestaande uit: een bakwagen,
trekker, oplegger, aanhanger of bestelwagen met een geluidarme
vloer, geluidarme wanden, een geluidarme laadklep, (eventueel) een
geluidarme topklep, (eventueel) een geluidarme roldeur, (eventueel)
een geluidarme zijdeur, een koelinstallatie en (eventueel) een
achteruitrijdpiepje.
A 4162
Motorgeluidreducerende voorzieningen voor
een bakwagen, trekker of bestelwagen
a. bestemd voor: het stiller maken
van een conventionele bakwagen, trekker of bestelwagen, voorzien van
een motor die ten minste aan de Euro 5-eisen voldoet, tijdens het
laden en lossen in de bebouwde omgeving door:
– een aanpassing in het
motormanagementsysteem (silent-mode),
– een elektronisch geregelde
ventilatorkoppeling,
– een grotere uitlaaddemper die
op commando gedempt kan worden en afblaasdempers voor het
luchtdrukremsysteem, en
– waarbij het geluidsdrukniveau
LpA(7,5m) ten hoogste 72 dB(A) bedraagt gemeten volgens de
Meetmethode voor piekgeluiden bij laden en lossen van 7 mei 2008
(referentienummer 008.16348/01.01) opgesteld door TNO,
b. bestaande uit: bovenstaande
voorzieningen voor vermindering van het motorgeluid.
B 4170
Geluidarm bedrijfsterrein
a. bestemd voor: het verlagen van het
geluid(druk)niveau van een bedrijfsterrein met 3 dB(A) ten opzichte
van de wettelijke verplichting, door een bedrijf dat reeds voldoet
aan de vigerende geluideisen,
b. bestaande uit: geluidarme
technieken en isolatiemateriaal, exclusief (aanpassingen aan)
mobiele machines en transportmiddelen.
Toelichting: Voorbeelden van geluidarme
technieken zijn het aanpassen van rijroutes op het bedrijfsterrein, het
treffen van voorzieningen aan bedrijfsgebouwen die de weerkaatsing van
het geluid verminderen, dempen van puntbronnen en toepassing van
geluidarme, vast opgestelde ventilatoren en aggregaten.
F 4180
Afvoersysteem voor vocht uit de kas
tijdens lichtscherming in de nanacht
a. bestemd voor: het afvoeren van
vocht uit de kas tijdens de lichtscherming in de nanacht, zodanig
dat de lichtschermen ook in de nanacht geheel gesloten blijven en
warmte in de kas wordt opgeslagen,
b. bestaande uit: een systeem voor
het afvoeren van vocht uit de kas in de nanacht en (eventueel)
apparatuur voor het geschikt maken van teruggewonnen condenswater
als gietwater, exclusief natte koeltorens.
F 4181
Lichtvervuilingbeperkende
buitenverlichting
a1. bestemd voor: het ’s avonds en
’s nachts verminderen van lichtvervuiling door aanpassing of
vervanging van bestaande verstorende lichtbronnen in de open lucht
door energiezuinige lichtbronnen (bij voorkeur Led-lampen) met
dezelfde of lagere lichtintensiteit als de vervangen lichtbronnen
met een installatielabel van ten minste niveau B conform de
aanbeveling ‘handleiding energielabeling openbare verlichting 2010’
van de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde (NSVV), in
lichtverstrooiingsbeperkende armaturen, waarbij indien mogelijk
gebruik gemaakt wordt van windenergie, zonne-energie of
aanwezigheidssensoren,
b1. bestaande uit: buitenverlichting
in lichtverstrooiingsbeperkende armaturen, (eventueel)
Led-markeringen, (eventueel) een windturbine of zonnepaneel,
(eventueel) een regelunit en aanwezigheidssensoren, of
a2. bestemd voor: het 's avonds
verlichten van sport- of recreatieterreinen door Led-verlichting in
lichtverstrooiingsbeperkende armaturen met een specifieke
lichtstroom van ten minste 84 lumen per Watt gemeten conform
LM-79-08,
b2. bestaande uit: Led-lampen in
lichtverstrooiingsbeperkende armaturen.
Toelichting: Voor meer informatie over
milieuvriendelijke verlichting, waaronder de Richtlijn Openbare
Verlichting 2011 en het Handboek Licht-Donker, zie www.nsvv.nl en
www.agentschapnl.nl/openbareverlichting.
C 5040
Luchtmatras of zeil voor voorstuwing van
een zeeschip
a. bestemd voor: het voortbewegen van
een zeeschip door met een luchtmatras of zeil gebruik te maken van
windenergie, voor zover het zeeschip niet wordt ingezet voor de
recreatievaart,
b. bestaande uit: een luchtmatras of
zeiltuigage, een lanceer- of hijsinrichting, een strijkinrichting en
een regeleenheid.
F 5050
Brandstofcelsysteem voor mobiele
werktuigen en transportmiddelen
a. bestemd voor: het in een mobiel
werktuig of een transportmiddel opwekken van elektrische energie met
een vermogen van ten hoogste 1.000 kiloWatt waarbij de brandstof
rechtstreeks wordt omgezet in elektrische energie, die bijvoorbeeld
wordt gebruikt voor de aandrijving van transportmiddelen of in
verkeersinformatiewagens,
b. bestaande uit: een systeem
bestaande uit één of meer brandstofcellen en (eventueel) een
elektrisch aandrijfsysteem.
F 5060
Elektro-,hybride- of gasmotor voor
vaartuigen
a. bestemd voor: het voortstuwen van
vaartuigen die voor de voortstuwing voorzien zijn van:
1. uitsluitend een elektromotor,
2. uitsluitend een LPG- of
aardgasmotor, of
3. een elektromotor als
hoofdmotor in combinatie met een verbrandingsmotor (hybride),
waarbij onder aardgas ook wordt verstaan biogas dat tot
aardgaskwaliteit of beter is opgewerkt,
b. bestaande uit: motor(en),
(eventueel) een gastank, (eventueel) accu's en (eventueel) een
oplaadstation.
Toelichting: Dit bedrijfsmiddel kan
bijdragen aan het behalen van een Green Award-certificaat. Zie
www.greenaward.org voor de voorwaarden.
F 5069
Fiets met overkapping en
trapondersteuning
a. bestemd voor: het vervoer van
personen of goederen over de openbare weg of op bedrijfsterreinen in
de open lucht met een fiets,
– die is voorzien van
elektrische trapondersteuning,
– die is voorzien van een
carrosserie of overkapping van niet-flexibel materiaal, die ten
minste de berijder overdekt, en
– waarbij de elektrische
energie is opgeslagen in één of meer lithiumhoudende accu's,
b. bestaande uit: fiets met
overkapping en trapondersteuning, (eventueel) oplaadstation,
(eventueel) een extra lithiumhoudende wisselaccu, (eventueel) een
vast aan het voertuig verbonden zonnepaneel.
F 5070
Elektrisch aangedreven voertuig
a. bestemd voor: vervoer over de
openbare weg of op bedrijfsterreinen in de open lucht met een
voertuig voorzien van een elektromotor, eventueel in combinatie met
een verbrandingsmotor, dat is voorzien van een stekker en een
oplaadvoorziening waarmee de lithiumhoudende accu opgeladen kan
worden (plug-in hybride), niet zijnde een fiets, bromfiets, een
snorfiets, een tram of een metro, en die voldoet aan de volgende
eis:
– voor een voertuig met
kenteken een CO2-uitstoot van minder dan 50 gram per kilometer,
of
– voor een voertuig zonder
kenteken een actieradius van ten minste 50 kilometer op een
volle accu,
b. bestaande uit: een voertuig en
(eventueel) een vast aan het voertuig verbonden zonnepaneel.
Toelichting: Onder code F 5070 kunnen
worden gemeld alle volledig elektrische personen- en bedrijfsauto’s en
zogenoemde plug-in hybridepersonen- en bedrijfsauto’s waarvan de
CO2-uitstoot minder is dan 50 gram per kilometer. Hybride of plug-in
hybridevoertuigen die niet voldoen aan de eisen van F 5070 kunnen wat
personenauto’s betreft onder C 5076 worden gemeld.
B 5071
Elektrisch aangedreven brom- of snorfiets
met lithiumhoudende accu
a. bestemd voor: het vervoer over de
openbare weg of op bedrijfsterreinen in de open lucht, met een brom-
of snorfiets, voorzien van een elektromotor als hoofdmotor, waarbij
de elektrische energie, waarmee de elektromotor wordt aangedreven,
is opgeslagen in één of meer lithiumhoudende accu’s,
b. bestaande uit: een elektrisch
aangedreven bromfiets of snorfiets met één of meer lithiumhoudende
accu’s, (eventueel) een oplaadstation, (eventueel) een extra
lithiumhoudende wisselaccu en (eventueel) een vast aan het voertuig
verbonden zonnepaneel.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten
hoogste 50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek.
A 5073
Lithiumhoudende accu voor elektrische
vervoermiddelen of mobiele werktuigen
a. bestemd voor: het voorzien in de
energiebehoefte van:
1. een elektrische auto als
bedoeld in bedrijfsmiddel F 5070,
2. een elektrische brom- of
snorfiets als bedoeld in B 5071, of
3. een mobiel werktuig met een
elektromotor als hoofdmotor,die is voorzien van één of meer
lithiumhoudende accu's en een vaste bestuurderszitplaats,
b. bestaande uit: lithiumhoudende
accu en (eventueel) snellaadsysteem.
B 5075
Vrachtwagen of bus met hybride
aandrijving
a. bestemd voor: het vervoer van
goederen of personen over de openbare weg door een voertuig voorzien
van een elektromotor als hoofdmotor in combinatie met een
verbrandingsmotor (hybride), dat in geval van een bus voorzien van
meer dan 8 passagiersplaatsen buiten de bestuurder, en waarvoor geen
subsidie is of wordt verkregen op grond van het subsidieprogramma
Truck van de Toekomst,
b. bestaande uit: een hybride autobus
of vrachtwagen.
C 5076
Zeer zuinige personenauto
a. bestemd voor: het bedrijfsmatig
vervoeren van één of meer personen over de openbare weg met een
personenauto met een CO2-uitstoot van niet meer dan:
– 91 gram per kilometer bij een
personenauto die wordt aangedreven door een motor met
compressieontsteking (een dieselmotor), of
– 102 gram per kilometer bij
een personenauto die niet wordt aangedreven door een motor met
compressieontsteking (anders dan een dieselmotor),
b. bestaande uit: personenauto.
Toelichting: Bedrijven die auto's met een
benzinemotor of met een hybride aandrijving aanschaffen kunnen hun
investering hieronder melden als de CO2-uitstoot per kilometer lager of
gelijk is dan 102 gram. Plug-in hybrides waarvan de CO2-uitstoot minder
is dan 50 gram per kilometer en elektrische voertuigen kunnen worden
gemeld onder F 5070.
F 5077
Locomotief met elektrische of hybride
aandrijving
a. bestemd voor: het bedrijfsmatig
vervoeren van goederen met een locomotief, die is voorzien van een
elektromotor als hoofdmotor, die in staat is alleen op het
lithiumhoudende batterijpakket te rijden, eventueel in combinatie
met een dieselaggregaat, en die eventueel is voorzien van een
ingebouwd elektronisch systeem voor rijden op beveiligde baanvakken,
b. bestaande uit: een locomotief.
C 5079
Aardgasauto voor zakelijk vervoer
a. bestemd voor: het vervoer van
goederen of personen over de openbare weg met een voertuig, niet
zijnde een vrachtwagen, met een aardgasmotor als hoofdmotor, waarbij
onder aardgas ook wordt verstaan biogas dat tot aardgaskwaliteit of
beter is opgewerkt,
b. bestaande uit: een door een
aardgasmotor aangedreven voertuig.
Toelichting: Aardgasaflever-of
aardgasvulpunten kunnen worden gemeld onder F 2050.
A 5080
Systeem voor adaptieve cruise control
voor vrachtverkeer
a. bestemd voor: het bij vervoer van
goederen met een vrachtwagen automatisch constant houden van de
snelheid, dan wel automatisch aanpassen van de snelheid, zodat de
afstand tot de voorligger gelijk blijft, waardoor het
brandstofverbruik wordt verminderd,
b. bestaande uit: een systeem voor
adaptieve cruise control.
B 5090
Mobiele machine voor heiwerkzaamheden
a. bestemd voor: het plaatsen van
funderingspalen door,
1. een emissiearm heiblok,
waarbij:
– brandstof onder hoge druk
gereguleerd wordt ingespoten op basis van de
bodemgesteldheid, en waarbij verse lucht onder druk in de
verbrandingskamer wordt gebracht voor het koelen en spoelen,
– het powerpack is voorzien
van een dieselmotor dat ten minste voldoet aan de eisen van
fase IIIa als bedoeld in het Besluit typegoedkeuring
luchtverontreiniging trekkers en motoren voor mobiele
machines, en
– olieresten uit de
afgassen van het heiblok worden verwijderd middels een
scheidingstechniek, of
2. een hydraulische boorstelling
voor het boren van gaten voor funderingspalen, waarvan het
hydraulische systeem is gevuld met biologisch afbreekbare,
niet-toxisch olie conform Europees Ecolabel, af fabriek of
waarbij de oliekwaliteit wordt gewaarborgd door een meerjarig
onderhoudscontract of zorgsysteem,
b. bestaande uit: een emissiearm
heiblok inclusief bijbehorend powerpack of een hydraulische
boorstelling inclusief boorkast en avegaarboor.
Toelichting: Voor informatie over
emissies van de dieselverbrandingsmotor en bio-olie voor duurzaam
gebruik zie punt 5 en 6 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de
Milieulijst). Meer informatie over bio-olie vindt u ook op
www.biosmeermiddelen.nl.
B 5091
Geluidbalgenset voor een hydrohamer
a. bestemd voor: geluidarm heien met
een hydrohamer, voorzien van een geluidbalgenset,
b. bestaande uit: een geluidbalgenset.
A 5100
Mobiele machine voor (wegen)bouw,
grondverzet of op- en overslag
a. bestemd voor: het verrichten van
werkzaamheden in de (wegen)bouw, het grondverzet of de op- en
overslag in de open lucht door één van de volgende zelfrijdende,
mobiele machines:
– een knikdumper,
– een laadschop,
– een graafmachine met een
bovenwagen die een zwenkbeweging van meer dan 360° kan
uitvoeren, en die aan de voorzijde is uitgerust met een bak,
sloopschaar, zeef, vergruizer of palenkraker,
– een telescoop- of mobiele
torenkraan, die is toegelaten op de openbare weg, of
– een puinbreker voor het
breken van steen- en betonpuin tot granulaat, en
die voor de aandrijving is voorzien
van:
1. een elektromotor als
hoofdmotor, waarbij de elektrische energie waarmee de
elektromotor wordt aangedreven, is opgeslagen in één of meer
lithiumhoudende accu's, of afkomstig is van het
elektriciteitsnet,
2. een elektromotor als
hoofdmotor in combinatie met een verbrandingsmotor (hybride) en
waarvan het eventueel aanwezige hydraulische systeem is gevuld
met bio-olie voor duurzaam gebruik of is voorzien van tweezijdig
elektronisch slangbreukbeveiligingssysteem, of
3. een aardgas- of
dieselverbrandingsmotor, waarbij onder aardgas ook wordt
verstaan biogas dat tot aardgaskwaliteit of beter is opgewerkt,
en
3a. waarbij de emissies van
de dieselverbrandingsmotor de grenswaarden van fase IIIa
niet overschrijden voor motoren met een constant toerental
of fase IIIb niet overschrijden voor motoren met een
variabel toerental,
3b. waarvan het eventueel
aanwezige hydraulische systeem is gevuld met bio-olie voor
duurzaam gebruik of is voorzien is van tweezijdig
elektronisch slangbreukbeveiligingssysteem, en
3c. waarbij de mobiele
machine voldoet aan een geluidsvermogensniveau in dB(A) van
ten hoogste:
– 100 voor een laadschop
met een vermogen van ten hoogste 66 kiloWatt,
– 80+11logP voor een
laadschop met een vermogen groter dan 66 kiloWatt,
– 82+9logP voor een
graafmachine,
– 100 voor een
telescoopkraan met een vermogen van ten hoogste 55 kiloWatt,
– 81+11logP voor een
telescoopkraan met een vermogen groter dan 55 kiloWatt,
– 96 voor een torenkraan,
of
– 84+11logP voor een
puinbreker,
b. bestaande uit: een zelfrijdende
knikdumper, een zelfrijdende laadschop of een zelfrijdende
graafmachine en (eventueel) een geïntegreerde maai-harkcombinatie
voor het ecologisch schoonmaken van sloten, of een zelfrijdende
telescoop- of mobiele torenkraan of een autolaadkraan of een mobiele
puinbreker voorzien van een toevoermond met (eventueel) een
trilgoot, (eventueel) een voorzeef, (eventueel) transportbanden,
(eventueel) een magneetband en (eventueel) een oplaadstation.
Toelichting: P is het vermogen in
kiloWatt, bepaald volgens de Regeling geluidemissie buitenmaterieel. Met
een tweezijdig elektronisch slangbreukbeveiligingssysteem wordt een
systeem bedoeld dat de olie-uitstroom stopt naar beide zijden van de
breuk: de cilinderzijde en bedieningsklepzijde.
Voor informatie over emissies van de
dieselverbrandingsmotor en bio-olie voor duurzaam gebruik zie punt 5 en
6 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Meer informatie
over bio-olie vindt u ook op www.biosmeermiddelen.nl.
A 5110
Mobiele machine voor onderhoud van de
openbare ruimte of bedrijfsterreinen
a. bestemd voor: het verrichten van
onderhoudswerkzaamheden in de openbare ruimte of bedrijfsterreinen
door één van de volgende mobiele machines:
– een zelfrijdende
veeg(zuig)machine,
– een zelfrijdende
kolkenzuiger,
– een zelfrijdende
vuilniswagen,
– een houtversnipperaar, of
– een zelfrijdende gazonmaaier
met vaste bestuurderszitplaats, met een maaibreedte van ten
minste 70 centimeter voor het maaien van gazons, sportvelden en
sportbanen, en
1. waarbij de zelfrijdende veeg-
of veegzuigmachine is voorzien van een ontstoffingsinstallatie
waardoor de uitgeblazen lucht van fijn stof wordt ontdaan met
een verwijderingsrendement van ten minste 95% voor PM5 en ten
minste 97% voor PM10,
2. waarbij voor de mobiele
machine geldt dat die is voorzien van een elektromotor als
hoofdmotor, waarbij de elektrische energie waarmee de
elektromotor wordt aangedreven, is opgeslagen in één of meer
lithiumhoudende accu's, en waarbij de houtversnipperaar voldoet
aan de onder 5 genoemde geluidseis, of
3. die is voorzien van een
elektromotor als hoofdmotor in combinatie met een
verbrandingsmotor (hybride), waarvan het eventueel aanwezige
hydraulische systeem is gevuld met bio-olie voor duurzaam
gebruik en waarbij de houtversnipperaar voldoet aan de onder 5
genoemde geluidseis, of
4. die is voorzien van een
aardgasmotor, waarbij onder aardgas ook wordt verstaan biogas
dat tot aardgaskwaliteit of beter is opgewerkt, en waarvan het
eventueel aanwezige hydraulische systeem is gevuld met bio-olie
voor duurzaam gebruik en waarbij de mobiele machine voldoet aan
de onder 5 genoemde van toepassing zijnde geluidseis, of
5. waarbij de houtversnipperaar
is voorzien van een benzine- of dieselverbrandingsmotor en het
eventueel aanwezige hydraulische systeem is gevuld met bio-olie
voor duurzaam gebruik, en waarbij de houtversnipperaar voldoet
aan de onderstaand genoemde geluidseis, en
waarbij als hierboven gesproken wordt
over een geluidseis, de mobiele machine voldoet aan een
geluidsvermogensniveau in dB(A) van ten hoogste:
– 98 voor de kolkenzuiger,
– 96 voor de huisvuil- of
vuilniswagen,
– 86 plus 11log P voor de
houtversnipperaar met een invoerdiameter groter dan 50, maar
kleiner dan of gelijk aan 200 mm,
– 114 voor de houtversnipperaar
met een invoerdiameter groter dan 200 mm,
– 97 voor maaiers met een
maaibreedte van ten minste 70 centimeter en ten hoogste 120
centimeter, of
– 102 voor maaiers met een
maaibreedte van meer dan 120 centimeter,
b. bestaande uit: een
veeg(zuig)machine, kolkenzuiger, huisvuilwagen, vuilniswagen,
houtversnipperaar of gazonmaaier en (eventueel) een oplaadstation.
Toelichting: P is het vermogen in
kiloWatt, bepaald volgens de Regeling geluidemissie buitenmaterieel.
Voor informatie over bio-olie voor duurzaam gebruik zie punt 6 van de
puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Meer informatie over
bio-olie vindt u ook op www.biosmeermiddelen.nl.
B 5120
Mobiele schonings- of
tarrascheidingsinstallatie
a. bestemd voor: het verrichten van
werkzaamheden door één van de volgende mobiele, zelfrijdende of
getrokken landbouwmachines, waarvan het eventueel aanwezige
hydraulische systeem is gevuld met bio-olie voor duurzaam gebruik:
– een schoningsinstallatie voor
het wassen van plantaardige producten waarbij plantaardige
delen, zand en slib worden afgescheiden en het spoelwater wordt
hergebruikt,
– een natte
scheidingsinstallatie voor bollen en knollen voor het
verwijderen van tarra van bollen en knollen door natte scheiding
met tegenstroom en wervelbed, waarbij de tarra op de rooiakker
achterblijft en het gebruikte water of op de rooiakker
achterblijft of wordt hergebruikt,
– een rooimachine met een
tarrareinigingsinstallatie voor het rooien van bieten, wortels,
bollen of andere knollen, waarbij aanhangende aarde en zand
worden verwijderd met ten minste drie verschillende
reinigingstechnieken waarvan ten minste twee van de volgende:
1. een zeefketting,
2. axiaalrollen,
3. een sterrenbed,
4. ten minste 3 borstels,
5. een wrijfband, of
6. reinigingszonnen
(verschillende typen zonnen tellen als verschillende
technieken), of
– een rooimachine met een
tarrareinigingsinstallatie voor het rooien van prei waarbij
aanhangende aarde en zand worden verwijderd met een klop- of
schudsysteem, waarbij loof of wortels op de akker worden
verwijderd met een afsnijdinrichting en pelrollen en waarbij de
preibox automatisch wordt gevuld, en
waarbij voor olie voor mobiele
schonings- of tarrascheidingsinstallaties naast Europees Ecolabel
ook een Blauer Engel-certificaat voldoet,
b. bestaande uit: een mobiele droge
of natte tarrascheidingsinstallatie voor bollen en knollen, een
mobiele schoningsinstallatie voor plantaardige producten of een
rooimachine met tarrareinigingsinstallatie en (eventueel)
waterzuiveringsapparatuur.
Toelichting: Voor informatie over
bio-olie voor duurzaam gebruik zie punt 6 van de puntenlijst (paragraaf
1 van de Milieulijst). Meer informatie over bio-olie vindt u ook op
www.biosmeermiddelen.nl.
B 5125
Ombouw naar bio-olie voor duurzaam
gebruik van de mobiele machines in het wagenpark
a. bestemd voor: het integraal
toepassen van bio-olie voor duurzaam gebruik waarbij het hydraulisch
systeem van bestaande mobiele machines in het wagenpark gevuld wordt
met olie conform Europees Ecolabel, waarbij:
– de kwaliteit van de
hydrauliekolie wordt gewaarborgd en aantoonbaar is door een
meerjarig onderhoudscontract of een zorgsysteem, en
– voor olie voor schonings- of
tarrascheidingsinstallaties en emissiearme land-, tuin-, en
bosbouwmachines als genoemd in bedrijfsmiddel B 5120,
respectievelijk bedrijfsmiddel B 5130 naast Europees Ecolabel
ook een Blauer Engel-certificaat voldoet,
b. bestaande uit: voorzieningen voor
en aanpassingen aan het wagenpark, die aantoonbaar noodzakelijk zijn
voor ombouw van mobiele machines voor toepassing van bio-olie voor
duurzaam gebruik.
Toelichting: Voor informatie over
bio-olie voor duurzaam gebruik zie punt 6 van de puntenlijst (paragraaf
1 van de Milieulijst). Meer informatie over bio-olie vindt u ook op
www.biosmeermiddelen.nl.
B 5130
Emissiearme land-, tuin-, of
bosbouwmachine
a. bestemd voor: het verrichten van
werkzaamheden in de land-, tuin- of bosbouw met een landbouwtrekker
of een andere zelfrijdende machine, niet zijnde een spuitmachine, en
die voor de aandrijving is voorzien van:
1. een elektromotor als
hoofdmotor in combinatie met een verbrandingsmotor (hybride),
2. een aardgasmotor, waarbij
onder aardgas ook wordt verstaan biogas dat tot aardgaskwaliteit
of beter is opgewerkt, of
3. een dieselmotor, waarbij de
emissies van de dieselmotor de grenswaarden van fase IIIa voor
motoren met constant toerental, of fase IIIb voor variabel
toerental niet overschrijden, en
3a. waarvan het eventueel
aanwezige hydraulische systeem is gevuld met bio-olie voor
duurzaam gebruik of is voorzien van een tweezijdig
elektronisch slangbreukbeveiligingssysteem, of
3b. in geval van een trekker,
de machine voldoet aan een geluidsdrukniveau LpA(7,5m) van
ten hoogste 59+11logP, of
3c. de trekker is voorzien
van een stroomaansluiting voor elektrische aandrijving van
werktuigen,
– waarbij onder werkzaamheden
in de land- tuin- en bosbouw wordt verstaan het zaaien, planten,
bemesten, verzorgen, rooien of oogsten van landbouwproducten,het
voeren van vee, het maaien en reinigen van sloten en bermen en
het onderhoud van natuurterreinen, en
– waarbij voor olie voor
emissiearme land-, tuin-, en bosbouwmachines naast Europees
Ecolabel ook een Blauer Engel-certificaat voldoet,
b. bestaande uit: een landbouwtrekker
of een andere zelfrijdende land-, tuin of bosbouwmachine,
(eventueel) preiboxen en (eventueel) een geïntegreerde
maai-harkcombinatie voor het ecologisch schoonmaken van sloten.
Toelichting: P is het vermogen in
kiloWatt, bepaald volgens richtlijn ECE-R24. Voor informatie over
emissies van de dieselverbrandingsmotor en bio-olie voor duurzaam
gebruik zie punt 5 en 6 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de
Milieulijst). Meer informatie over bio-olie vindt u ook op
www.biosmeermiddelen.nl.
B 5170
Geluid-en emissiearm mobiel aggregaat,
compressor of pomp
a. bestemd voor: het verrichten van
werkzaamheden door één van de volgende mobiele, niet-vast
opgestelde, door een verbrandingsmotor aangedreven machines:
– een stroomaggregaat voor het
afgeven van stroom voor laswerk of arbeidsvermogen, voorzien van
een generator met een op rotatie berustende werking,
– een motorpomp voor oppompen
van water, of
– een compressor voor het
samenpersen en verplaatsen van lucht met een capaciteit van ten
hoogste 30 kubieke meter per minuut, niet zijnde een
vacuümpomp, en
die voor de aandrijving is voorzien
van:
1. een aardgasmotor, waarbij
onder aardgas ook wordt verstaan biogas dat tot aardgaskwaliteit
of beter is opgewerkt, of
2. een dieselmotor, en waarbij:
2a. de emissies van de
dieselmotor de grenswaarden van fase IIIa voor motoren met
constant toerental niet overschrijden, en
2b. de machine voldoet aan
een geluidsvermogensniveau in dB(A) van ten hoogste:
– 87+logPel voor een
stroomaggregaat,
– 92 voor een motorpomp, of
– 94+2logP voor een
compressor,
b. bestaande uit: een geluid- en
emissiearm mobiel stroomaggregaat, compressor of motorpomp.
Toelichting: P is het vermogen in
kiloWatt, bepaald volgens de Regeling geluidemissie buitenmaterieel. Pel
is het elektrisch vermogen in kVA. Voor informatie over emissies van de
dieselverbrandingsmotor zie punt 5 van de puntenlijst (paragraaf 1 van
de Milieulijst).
A 5200
Mobiele machine voor hefwerkzaamheden
a. bestemd voor: het verrichten van
hefwerkzaamheden door een van de volgende zelfrijdende, mobiele
machines:
– een vorkheftruck voor het
heffen en verplaatsen van goederen, die is voorzien van een
vaste bestuurderszitplaats,
– een telescooplader of
verreiker op wielen,
– een hoogwerker, of
– een autolaadkraan die vast op
een voertuig is gemonteerd en voorzien is van een eigen
aandrijving voor het laden en lossen van vracht, en
die voor de aandrijving is voorzien
van:
1. een elektromotor als
hoofdmotor, waarbij de elektrische energie, waarmee de
elektromotor wordt aangedreven, is opgeslagen in één of meer
lithiumhoudende accu's,
2. een brandstofcelsysteem voor
het in een mobiel werktuig of een transportmiddel opwekken van
elektrische energie waarbij de brandstof rechtstreeks wordt
omgezet in elektrische energie, die wordt gebruikt voor de
aandrijving,
3. een elektromotor in combinatie
met een verbrandingsmotor (hybride), waarvan het eventueel
aanwezige hydraulische systeem is gevuld met bio-olie voor
duurzaam gebruik, of
4. een aardgas- of dieselmotor
met een geïnstalleerd vermogen groter dan 25 kiloWatt waarbij
de emissies van de dieselmotor de grenswaarden van fase IIIa
voor motoren met een constant toerental, of de grenswaarden van
fase IIIb voor een variabel toerental niet overschrijden,
waarvan het eventueel aanwezige hydraulische systeem is gevuld
met bio-olie voor duurzaam gebruik en waarbij de mobiele machine
voldoet aan een geluidsvermogensniveau in dB(A) van ten hoogste:
– 100 voor een vorkheftruck
of autolaadkraan, of
– 82+11logP voor een
telescooplader of verreiker op wielen met een vermogen
groter dan 25 kiloWatt, en
waarbij onder aardgas ook wordt
verstaan biogas dat tot aardgaskwaliteit of beter is opgewerkt,
b. bestaande uit: een vorkheftruck,
een zelfrijdende telescooplader, een verrreiker, een hoogwerker of
een autolaadkraan voorzien van eigen aandrijving, (eventueel) een
elektrohydraulische pomp, (eventueel) een wisselaccu en (eventueel)
een oplaadstation.
Toelichting: P is het vermogen in
kiloWatt, bepaald volgens de Regeling geluidemissie buitenmaterieel.
Voor informatie over emissies van de dieselverbrandingsmotor en bio-olie
voor duurzaam gebruik zie punt 5 en 6 van de puntenlijst (paragraaf 1
van de Milieulijst). Meer informatie over bio-olie vindt u ook op
www.biosmeermiddelen.nl.
F 6050
Gasdetectieapparatuur bij grote opslagen
van toxische gassen
a. bestemd voor: het met ten minste
twee sensoren vroegtijdig detecteren van lekken bij opslagen van
toxische gassen, zoals ammoniak of chloor, groter dan 5 normaal
kubieke meter, met activering van een systeem dat het ontsnappen van
de gassen tegengaat of met automatische doormelding naar een
alarmcentrale, voor zover dit niet wettelijk verplicht is,
b. bestaande uit: early warning
gasdetectieapparatuur, (eventueel) apparatuur voor doormelding naar
een alarmcentrale en (eventueel) een noodopslagtank die aantoonbaar
geen deel uitmaakt van de normale bedrijfsvoering.
F 6060
Branddetectiesysteem in
chemicaliënopslagen tot 10 ton
a. bestemd voor: het vroegtijdig
detecteren van brand in chemicaliënopslagruimten met een
opslagcapaciteit van minder dan 10 ton, met activering van een
blussysteem of met automatische doormelding naar een alarmcentrale,
voor zover het systeem niet wettelijk verplicht is of vanuit een
brandconcept noodzakelijk is,
b. bestaande uit: detectieapparatuur,
(eventueel) een automatisch brandblussysteem en (eventueel)
apparatuur voor doormelding naar een alarmcentrale.
Toelichting: Branddetectiesystemen bij
vuurwerkopslagen komen niet in aanmerking voor milieu-investeringsaftrek
en de willekeurige afschrijving milieu-investeringen. Vuurwerkopslagen
worden niet aangemerkt als chemicaliënopslagen.
F 6061
Lichtschuimblusinstallatie voor
chemicaliënopslagen
a. bestemd voor: het bij brand vol
schuimen van de opslagruimte bij installaties waarbij op grond van
PGS 15:2005 voldoen aan beschermingsniveau 1 niet verplicht is,
b. bestaande uit:
lichtschuimgeneratoren.
Toelichting: PGS staat voor
Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen.
A 6062
Halogeenvrij gekoelde bulkopslag van LPG
of toxische gassen (ombouw of vervanging)
a. bestemd voor: het bij calamiteiten
verminderen van de uitstroom van LPG of toxische gassen uit
bulkopslagtanks door omschakeling van drukopslag naar gekoelde
opslag met een passend halogeenvrij koelsysteem, voor zover dit niet
wettelijk verplicht is,
b. bestaande uit: een (verdampings-)
koelsysteem.
A 6063
Halogeenvrij gekoeld bulktransport van
LPG en toxische gassen per binnenvaartschip
a. bestemd voor: het bij calamiteiten
verminderen van de uitstroom van LPG of toxische gassen uit
bulktransporttanks van een binnenvaartschip door omschakeling van
drukopslag naar gekoelde opslag met een passend halogeenvrij
koelsysteem,
b. bestaande uit: een (verdampings-)
koelsysteem.
A 6064
Halogeenvrij gekoeld bulktransport van
LPG of toxische gassen per tankcontainer of tankwagen
a. bestemd voor: het bij calamiteiten
verminderen van de uitstroom van LPG of toxische gassen uit
bulktransporttanks van een tankwagen of een tankcontainer door
omschakeling van drukopslag naar gekoelde opslag met een passend
halogeenvrij koelsysteem,
b. bestaande uit: een (verdampings-)
koelsysteem.
A 6065
Halogeenvrije gekoelde verlading van LPG
of toxische gassen
a. bestemd voor: het bij calamiteiten
verminderen van de uitstroom van LPG of toxische gassen bij
verladingsinstallaties door gekoeld verladen of verpompen, waarbij
wordt gekoeld met een passend halogeenvrij koelsysteem, eventueel
gevolgd door opwarming tot de gewenste transporttemperatuur door
middel van verdamping,
b. bestaande uit: een (verdampings-)
koelsysteem en een verdampingseenheid.
A 6067
Warmtebestendige tankondersteuning voor
lading met hoge temperatuur (ombouw)
a. bestemd voor: het ondersteunen van
tanks met een vloeibare lading met een temperatuur van ten hoogste
250 ºC op een bestaand binnenvaartschip waarbij de
niet-warmtebestendige ondersteuning van de tanks wordt vervangen
door een gelaagde en drukvaste tankondersteuning waarmee
temperatuurverschillen tussen de lading en het water wordt
opgevangen conform de eisen van de ADNR en die is gecertificeerd
door een erkend classificatiebureau,
b. bestaande uit: een gelaagde en
drukvaste ondersteuningsconstructie.
Toelichting: ADNR staat voor Accord
Européen relatif au Transport International des Marchandises
Dangereuses par voie de Navigation du Rhin.
A 6068
Automatisch noodbesturingssysteem voor
een binnenvaartschip
a. bestemd voor: het voorkomen van
aanvaringen van binnenvaartschepen, doordat bij uitval van het
primaire besturingssysteem binnen 5 seconden automatisch, zonder
handmatige handelingen, een noodbesturingssysteem wordt
ingeschakeld,
b. bestaande uit: een automatisch
noodbesturingssysteem.
A 6070
Aanvaringsbestendige binnenvaarttanker
voor ammoniak of LPG
a. bestemd voor: het uitsluitend
vervoeren van LPG of ammoniak over binnenwateren in een
dubbelwandige binnenvaartschip, dat voorzien is van een
waarschuwingssysteem bij het manoeuvreren van het schip,
b. bestaande uit: dubbelwandige
(roestvrij) stalen wanden en tanks en een waarschuwingssysteem bij
het manoeuvreren.
A 6071
Hittewerende coating van transporttank
voor brandbaar gas
a. bestemd voor: het verminderen van
de kans op het bezwijken van de tankwand van een transporttank voor
brandbaar gas op een schip, een treinwagon, een tankcontainer of een
tankwagen, niet zijnde een LPG-tankwagen, door warmtestraling bij
brand door de wand van de transporttank van een hittewerende coating
te voorzien,
b. bestaande uit: een hittewerende
coating.
A 6072
Deluge-sprinklersysteem voor losplaatsen
van LPG-tankwagens bij tankstations
a. bestemd voor: het bestrijden van
beginnende branden en het voorkomen van explosies bij het lossen van
LPG-tankwagens bij een tankstation door vroegtijdig en automatisch
blussen van de brand en koelen van de tankwagen, voor zover het
sprinklersysteem niet wettelijk verplicht is,
b. bestaande uit: een
sprinklernetwerk, een delugeklep, een waterreservoir en een
branddetectiesysteem dat de delugeklep bedient.
A 6073
Laad-en losapparatuur voor
modaliteitsverschuiving vervoer gevaarlijke stoffen
a. bestemd voor: het verminderen van
het risico van een zwaar ongeval door het omschakelen van bestaand
transport van gevaarlijke stoffen over weg of spoor naar transport
per binnenvaartschip,
b. bestaande uit: laad- en
losvoorzieningen en (eventueel) kadefaciliteiten die noodzakelijk
zijn om vervoer via een binnenvaartschip mogelijk te maken.
A 6080
Tweede omhulling voor een proces- of
verladingsinstallatie
a. bestemd voor: het voorkomen van
het in de buitenlucht komen van incidentele emissies van toxische
gassen uit een chemische procesinstallatie of een
verladingsinstallatie, voor zover de tweede omhulling niet wettelijk
verplicht is. De uitsluitend daartoe bestemde constructie is in
overeenstemming met de eisen betreffende arbeidsveiligheid, externe
veiligheid en rampenbestrijding, wat blijkt uit een verklaring
opgesteld door een onafhankelijke deskundige dan wel het bevoegde
gezag,
b. bestaande uit: een constructie die
als een tweede omhulling de proces- of verladingsinstallatie omsluit
zodanig dat er geen toxisch gas naar buiten kan treden, exclusief de
gasopvang- en neutralisatie-installatie.
B 6091
Verplaatsbaar tijdelijk opslagreservoir
a. bestemd voor: het in het geval van
calamiteiten tijdelijk opslaan van bodembedreigende stoffen, niet
zijnde rioolwater, in een verplaatsbaar tijdelijk opslagreservoir op
een locatie niet zijnde een op- en overslagplaats met een capaciteit
van meer dan 10 ton,
b. bestaande uit: een verplaatsbare
opslagzak, (eventueel) een haspel en (eventueel) een haspelwagen.
B 6092
Noodopslagvoorziening voor rioolwater
a. bestemd voor: de tijdelijke
berging van rioolwater in bergingszakken of-slurven ter voorkoming
van riooloverstort,
b. bestaande uit: bergingszakken of
-slurven en (eventueel) apparatuur voor lokale zuivering voorafgaand
aan lozing of infiltratie.
A 6094
Uitklapbare waterkering
a. bestemd voor: het voorkomen van
overstromingen of de verspreiding van verontreinigd blus-, afval- of
regenwater bij calamiteiten, door een uitklapbare waterkerende
constructie, die buiten gebruik ter plaatse ondergronds is
opgeslagen,
b. bestaande uit: een stalen
uitklapbare damwand, een betonnen goot en afdekplaten.
B 6100
Overstromingsbestendige olie/water-afscheider
a. bestemd voor: het afscheiden van
lichte minerale olie uit afvalwater door een mechanische afscheider
met een coalescentie- of platenpakket, zonder gebruikmaking van
olieabsorberend materiaal of chemicaliëndosering, waarbij het
effluent ten hoogste 5 milligram minerale olie per liter water
bevat, en die bij overstromingen geen olie lekt,
b. bestaande uit: een
overstromingsbestendige coalescerende afscheider of
overstromingsbestendige afscheider met een platenpakket, een
mechanisme dat voorkomt dat er olie lekt tijdens een overstroming,
een vlotter, een waarschuwingssysteem en (eventueel) een
sedimentatie-eenheid of slibvangput.
Toelichting: Alleen
overstromingsbestendige olie-afscheiders voorzien van een platen- of
coalescentiepakket komen in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek
en de willekeurige afschrijving milieu-investeringen.
F 6111
Ingeterpte of ondergrondse dubbelwandige
tanks en leidingen voor bodembedreigende vloeistoffen
a. bestemd voor: het ter voorkoming
van bodemverontreiniging buiten grondwaterbeschermingsgebieden in
dubbelwandige tanks ondergronds of ingeterpt opslaan en/of in
dubbelwandige leidingen ondergronds transporteren van
niet-explosieve vloeistoffen die volgens de Nederlandse Richtlijn
Bodembescherming bedrijfsmatige activiteiten als bodembedreigend
worden aangemerkt,
b. bestaande uit: dubbelwandige tanks
en/of dubbelwandige leidingen en (eventueel) een lekdetectiesysteem.
F 6140
Dubbele mechanische asafdichting
a. bestemd voor: het verminderen van
lek- en verdampingsverliezen van vluchtige organische stoffen langs
roterende assen van machines, door een dubbele mechanische
afdichting die voldoet aan ISO 21049:2004, categorie 3, arrangement
3,
b. bestaande uit: een dubbele
mechanische asafdichting.
F 7000
Biodiversiteitversterkende apparatuur of
werken
a. bestemd voor: het op land door
apparatuur, landschapselementen, bouwkundige of civieltechnische
werken versterken van gebiedseigen biodiversiteitsfactoren,
b. bestaande uit: apparatuur,
landschapselementen, bouwkundige of civieltechnische werken die
aantoonbaar noodzakelijk zijn voor versterking van de gebiedseigen
biodiversiteit.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten
hoogste € 1.000.000 van het investeringsbedrag in aanmerking voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
Andere in de Milieulijst genoemde
bedrijfsmiddelen komen niet in aanmerking voor deze code.
Bedrijfsmiddelen die uitgesloten zijn volgens de Wet IB komen niet in
aanmerking.Landschapselementen kunnen bijvoorbeeld veedrinkpoelen,
houtwallen, hagen en bomen zijn, die als element homogeen in het
gebiedseigen landschap opgenomen zijn.
Informatie over gebiedseigen elementen
zijn onder andere te vinden op de volgende websites: www.spade.nl,
www.landschapsbeheer.nl en www.nederlandscultuurlandschap.nl.
F 7010
Natuurvriendelijke voorzieningen in de
bebouwde omgeving
a. bestemd voor: het versterken van
biodiversiteit en verbeteren van leefomgeving voor dieren door
toepassing van ten minste twee maatregelen aan een gebouw en in de
directe omgeving daarvan, op basis van de checklist
'Natuurvriendelijke maatregelen in de bebouwde omgeving' van de
Vogelbescherming, waarbij:
– ten minste één van de
maatregelen tevens ten goede komt aan het milieucompartiment
lucht, water of bodem, en
– het aangeschafte hout dat
verwerkt wordt in het gebouw voldoet aan de eisen van TPAC (Timber
Procurement Assessment Committee) en de aannemer(s) in het bezit
is (zijn) van een Keurhout-chain-of-custody-certificaat of een‘Chain
of Custody’-certificaat van een certificatiesysteem dat door
TPAC is goedgekeurd,
b. bestaande uit: voorzieningen die
aantoonbaar noodzakelijk zijn om de gekozen maatregelen uit de
checklist 'Natuurvriendelijke maatregelen in de bebouwde omgeving'
te realiseren, exclusief investeringen in woningen.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
De checklist 'Natuurvriendelijke
maatregelen in de bebouwde omgeving' kunt u vinden op
www.vogelbescherming.nl/checklist. Een lijst van goedgekeurde
houtcertificatiesystemen vindt u op www.tpac.smk.nl of
www.inkoopduurzaamhout.nl. Informatie over Keurhout is te vinden op
www.keurhout.nl.
B 7020
Natuurspeelplek in en bij de bebouwde
omgeving
a. bestemd voor: het stimuleren van
spelen van kinderen in en in de directe nabijheid van de bebouwde
omgeving door middel van begroeiing en natuurlijke speelelementen
volgens artikel c-1 van het Warenwetbesluit Attractie en
Speeltoestellen,
b. bestaande uit: een
natuurspeelplek.
B 7021
Natuurzwemvijver
a. bestemd voor: het stimuleren van
natuurrecreatie en lokale biodiversiteit door een openbare of
commerciële zwemvijver met een helofytenfilter, waarbij het
zwemwater wordt gerecirculeerd en géén gebruik wordt gemaakt van
chemische desinfectie, waarbij de vijver eventueel gebruikt wordt
als blusvijver,
b. bestaande uit: een zwemvijver, een
helofytenfilter en (eventueel) aansluiting op een warmte-/koudebron.
B 7030
Geluidarme scheepsschroef
a. bestemd voor: het verminderen van
trillings- en cavitatiegeluid bij schepen door het gebruik van een
vervormbare kunststof scheepsschroef,
b. bestaande uit: een kunststof
schroef.
F 7039
Onderwatergeluidschade beperkende
apparatuur
a. bestemd voor: het in real time
voorkomen van gedragsverstoring of gehoorschade bij zeezoogdieren
door het monitoren van de aanwezigheid van zeezoogdieren, het meten
van door de mens veroorzaakt onderwatergeluid en het op basis
hiervan nemen van geluidbeperkende maatregelen,
b. bestaande uit:
onderwatergeluidmonitoringssysteem, zeezoogdiermonitoringssysteem en
geluidbeperkende voorzieningen.
F 7040
Akoestische afschrikkingsapparatuur aan
visnetten
a. bestemd voor: het ter vermijding
van bijvangst verdrijven van walvisachtigen door aan visnetten
bevestigde apparatuur die ultrasoon geluid produceert met een
variabele pulssnelheid, voor zover die visnetten niet genoemd zijn
in bijlage I van EG-verordening 812/2004,
b. bestaande uit: akoestische
afschrikkingsapparatuur.
F 7041
Verjagingsapparatuur voor vogels en
vleermuizen bij windmolens
a. bestemd voor: het verjagen en
eventueel monitoren van vogels en vleermuizen bij windmolens ter
voorkoming en vermindering van letsel bij deze diersoorten, waarbij
plaatsing en uitvoering van de verjagings- en eventueel
monitoringsapparatuur plaatsvindt in samenwerking met een relevante
en erkende onderzoeksorganisatie,
b. bestaande uit:
verjagingsapparatuur, (eventueel) monitoringsapparatuur, (eventueel)
aanpassingen aan de windmolen.
F 7048
Duurzame viskwekerij
a. bestemd voor: het kweken van vis
in een viskwekerij, die voldoet aan de Maatlat Duurzame Veehouderij
en Aquacultuur 3, onderdeel MDA 3 –viskwekerijen, wat blijkt uit
een (ontwerp)certificaat MDA 3 dat voor de meldingsdatum is
afgegeven door een door de Raad voor Accreditatie hiervoor
geaccrediteerde organisatie, en waarbij binnen twee jaar na afgifte
van het voorlopige certificaat een definitief certificaat wordt
overlegd, dan wel binnen drie jaar een definitief certificaat wordt
overlegd volgens de dan vigerende Maatlat Duurzame Veehouderij en
Aquacultuur en de bijbehorende criteria, beoordelingsrichtlijnen en
aanvullende besluiten,
b. bestaande uit: een viskwekerij,
exclusief de ruimten bedoeld voor het personeel.
Toelichting: Het certificatieschema
Maatlat Duurzame Veehouderij en Aquacultuur ligt ter inzage in de
Bibliotheek van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het
certificatieschema is ook te downloaden via www.smk.nl. Op deze site
vindt u tevens vigerende criteria, beoordelingsrichtlijnen en
aanvullende besluiten.
F 7049
Duurzame pootviskwekerij
a. bestemd voor: het opkweken van
pootvis in een viskwekerij, die voldoet aan de eisen van de Maatlat
Duurzame Veehouderij en Aquacultuur 3, onderdeel MDA 3 –
viskwekerijen en de bijbehorende criteria, beoordelingsrichtlijnen
en aanvullende besluiten, en waarbij pootvis verkregen wordt van
gekweekte ouderdieren,
b. bestaande uit:een viskwekerij,
exclusief de ruimten bedoeld voor het personeel.
Toelichting: Het certificatieschema
Maatlat Duurzame Veehouderij en Aquacultuur ligt ter inzage in de
Bibliotheek van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het
certificatieschema is ook te downloaden via www.smk.nl. Op deze site
vindt u tevens vigerende criteria, beoordelingsrichtlijnen en
aanvullende besluiten.
F 7051
Visgeleidingssysteem
a. bestemd voor:
1. het voorkomen van beschadiging
of sterfte van vissen bij de inname van koel- of proceswater, of
2. het opheffen van bestaande
kunstmatige barrières zoals veroorzaakt door stuwen en
waterkrachtcentrales bij de migratie van vis,
b. bestaande uit: een vistrap en/of
visgeleidingssysteem en/of een visbypass-systeem.
F 7052
Mosselhangcultuur ter vervanging van
bodemberoerende mosselvisserij
a. bestemd voor: het kweken van
mosselen (niet zijnde het invangen van mosselzaad) in Nederlandse
wateren met uitsluitend kunstmatige hechtingssubstraten, ter
vervanging van bodemberoerende mosselvisserij, waarbij de
mosselvisinstallatie op het schip permanent wordt verwijderd en
wordt vervangen door een oogstvoorziening voor de mosselhangcultuur
of waarbij het schip met mosselvisinstallatie wordt vervangen door
een schip dat uitsluitend geschikt is voor de oogst van
mosselhangculturen,
b. bestaande uit: een
hechtingssubstraat, drijvers, een verankering en een
oogstvoorziening.
E 7053
Mosselzaadinvanginstallatie
a. bestemd voor: het invangen van
mosselzaad in Nederlandse wateren met uitsluitend kunstmatige
hechtingssubstraten, waarbij de bodemberoerende mosselzaadinvang
vervangen wordt door een nieuwe mosselzaadinvanginstallatie,
b. bestaande uit: een
mosselzaadinvanginstallatie bestaande uit een hechtingssubstraat,
drijvers, een verankering en een oogstvoorziening.
Voor dit bedrijfsmiddel komen alleen
de volgende kosten in aanmerking voor milieu-investeringsaftrek en
willekeurige afschrijving milieu-investeringen:
– kosten voor aanschaf van een
oogstvoorziening,
– materiaalkosten voor de
nieuwe mosselzaadinvanginstallatie, en
– kosten van arbeid en
vaardagen op basis van een met de Belastingdienst afgestemd
percentage van de materiaalkosten.
Toelichting: Met de Producenteorganisatie
en Belastingdienst is een kostenformat afgestemd. U kunt alleen
investeringen melden die in dit kostenformat worden genoemd. U vindt dit
format op www.agentschapnl.nl/miavamil.
F 7054
Schaal-en schelpdierbroedinstallatie
a. bestemd voor: het broeden en
opkweken van gebiedseigen schaal- en schelpdieren als kokkel, oester
of mosselzaad uit ouderdieren in een nagenoeg gesloten
waterrecirculatiesysteem met een maximum verversingsgraad van 0,5%
van het dagelijks debiet, waarbij het verstrekte voer gekweekt
wordt,
b. bestaande uit: een
broedinstallatie en een voerkweeksysteem.
F 7055
Schaal-of schelpdierkwekerij
a. bestemd voor: het kweken van
schelp- of schaaldieren in een nagenoeg gesloten
waterrecirculatiesysteem met een verversing van ten hoogste 0,5% van
het dagelijks debiet, waarbij de juveniele schelp- of schaaldieren
worden verkregen van gekweekte ouderdieren en waarbij het verstrekte
voer gekweekt wordt of afkomstig is van een MSC-gecertificeerde
bron,
b. bestaande uit: kweekbassins,
filtratie- en zuiveringsunit(s), recirculatievoorzieningen en een
voerkweeksysteem.
Toelichting: MSC staat voor Marine
Stewardship Council. MSC is een internationaal keurmerk voor duurzame
visserij. Meer informatie vindt u op www.msc.org.
B 7057
Zegenvisinstallatie op een bestaand
visserijschip
a. bestemd voor: het verminderen van
bijvangst en schade aan de bodem door het gebruik van Deense of
Schotse zegennetten of soortgelijk vistuig op een bestaand
visserijschip, waarbij de bestaande boomkorinstallatie wordt
verwijderd. Dat met het betreffende schip met Deense of Schotse
zegennetten of soortgelijk vistuig wordt gevist en niet meer met
boomkor, blijkt uit het vigerend speciaal visdocument dat de
Minister van Economie, Landbouw en Innovatie voor het schip heeft
afgegeven,
b. bestaande uit: (aanpassing van de)
sleepinstallatie voor zegennetten of soortgelijk vistuig,
zegennetten of soortgelijk vistuig, scheerborden en het verwijderen
van de boomkorinstallatie, exclusief pulskorvisinstallatie en
hydrorig-vleugelinstallatie.
Toelichting: Investeringen in een
pulskorvisinstallatie en een hydrorig-vleugelinstallatie kunnen worden
gemeld voor energie-investeringsaftrek.
F 7059
Overlevingsbak voor bijvangst in de
aalvisserij met verbeterde terugvoer
a. bestemd voor: het ter verhoging
van de overlevingskans van bijvangst in de aalvisserij, opvangen en
automatisch sorteren van de bijvangst in een overlevingsbak die door
de Minister van Economie, Landbouw en Innovatie is goedgekeurd, en
waarbij de terugvoer van bijvangst plaatsvindt door een diep in het
water stekende buis,
b. bestaande uit: een opvangbak met
sorteervoorziening en een terugvoersysteem.
F 7060
Infiltratiesysteem
a1. bestemd voor: het bufferen en
infiltreren van regenwater in een geperforeerde container, waarbij
het regenwater na verblijf in deze container infiltreert in de
bodem,
b1. bestaande uit: een geperforeerde
container en (eventueel) geotextiel, of
a2. bestemd voor: het transporteren
van regenwater naar een infiltratiesysteem en/of infiltreren van
regenwater met geperforeerde leidingen,
b2. bestaande uit: geperforeerde
leidingen en (eventueel) geotextiel, of
a3. bestemd voor: het bufferen en
infiltreren van regenwater in een wadi,
b3. bestaande uit: een wadi.
F 7061
Collectieve regenwateropslagplas voor de
glastuinbouw
a. bestemd voor: het collectief
opslaan van regenwater voor gebruik als gietwater in de glastuinbouw
in een in het landschap ingepaste plas voorzien van gebiedseigen
beplanting, waarvan:
– de oevers voorzien zijn van
een natuurlijke oeverbescherming en niet verhoogd zijn,
– de voorzieningen voor de
regenwatertoevoer en de wateronttrekking ondergronds zijn
aangelegd, en
– de opslagcapaciteit ten
minste 2.000 kubieke meter per hectare glasoppervlak bedraagt,
b. bestaande uit: een
regenwateropslagplas en hoofdtransportleidingen.
F 7062
Grondwaterpeilgestuurde drainage
a. bestemd voor: het reguleren van de
afvoer van water in drainagesystemen in de landbouw door opvang in
een verzamelput met verstelbare overstort, waardoor verdroging, te
natte landbouwgrond en afspoeling van meststoffen wordt voorkomen,
b. bestaande uit: een verzameldrain
en verzamelput met verstelbare overstort waarmee de grondwaterstand
in hoogte geregeld kan worden..
F 7063
Voorziening voor het bufferen en
vertraagd afvoeren van regenwater
a. bestemd voor: het tijdens hevige
regenval opvangen en bufferen van regenwater afkomstig van
bedrijfsterreinen en bedrijfsgebouwen, niet zijnde kassen, waarbij
ten minste 50 liter regenwater per vierkante meter opvangoppervlak
kan worden gebufferd, en waarbij het regenwater nuttig wordt
toegepast of vertraagd wordt afgevoerd met een afvoersnelheid van
ten hoogste 0,36 liter per uur per vierkante meter opvangoppervlak,
b. bestaande uit: een
wateropslagvoorziening, (eventueel) een verzwaarde dakconstructie,
(eventueel) geotextiel en (eventueel) leidingwerk voor nuttige
toepassing.
Toelichting: Bufferen en infiltreren van
regenwater kan worden gemeld onder code F 7060.
A 7064
Verplaatsbaar sportveld met
regenwaterbuffering
a. bestemd voor: een sportveld
voorzien van een onderlaag van geperforeerde containers voor het
bufferen, infiltreren en eventueel gebruiken van regenwater, zodanig
dat het gehele sportveld verplaatsbaar is,
b. bestaande uit: een geperforeerde
container, geotextiel, een rubberen tussenlaag en (eventueel)
kunstgraslaag.
F 7070
Vegetatiedak
a. bestemd voor: het afdekken en
isoleren van een dakconstructie van een bedrijfsgebouw door een
pakket van waterbufferende lagen met vegetatie ter voorkoming van
overlast of overbelasting van het riool door regenwater, ter
zuivering van de buitenlucht en/of ter bevordering van broed- en
foerageergelegenheid voor dieren,
b. bestaande uit: een waterkerende
folie, een teeltlaag, (eventueel) een drainagelaag, (eventueel) een
kunstmatige bevloeiing en verankering, (eventueel) constructieve
aanpassingen bij bestaande daken en (eventueel) nestelvoorzieningen.
F 7071
Gevelbegroeiingssysteem
a. bestemd voor: het isoleren van de
buitenmuren van een bedrijfsgebouw door een vegetatielaag ter
zuivering van de buitenlucht en/of ter bevordering van broed- en
foerageermogelijkheden van dieren,
b. bestaande uit: een frame met
gevelbeschermende laag en substraat, (eventueel) constructieve
aanpassingen bij bestaande muren, (eventueel) irrigatieleidingwerk
en (eventueel) nestelvoorzieningen.
F 7080
Milieuvriendelijk beschermingssysteem
voor scheepshuiden
a. bestemd voor: het beschermen van
de scheepshuid tegen corrosie en aangroei door een initiële
antifouling-bedekking, die biocidevrij, kopervrij en niet-toxisch
voor waterorganismen is, waarbij de PEC/PNEC-ratio voor ten minste 2
voor het ecosysteem maatgevende waterorganismen bepaald volgens de
Regeling gewasbescherming en biociden, niet meer dan 1 bedraagt,
b. bestaande uit: een borstelbare
harde coating of een 'non-stick' zachte coating, waarbij moet worden
aangetoond met een certificaat of een meetrapport dat het
beschermingssysteem geen biociden, koper of andere voor
waterorganismen toxische stoffen bevat.
Toelichting: PEC en PNEC uit richtlijn
nr. 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998
betreffende het op de markt brengen van biociden (PbEG L 123) staan voor
Predicted Environmental Concentration en Predicted No Effect
Concentration.
A 7090
Gesloten grijswatersysteem voor een schip
a. bestemd voor: het opvangen en
hergebruiken van grijswater op een schip in een gesloten systeem ter
voorkoming van ongezuiverde lozingen op het oppervlaktewater,
b. bestaande uit: een vuilwater
buffertank, een zuiveringsinstallatie, een slibopvangvoorziening,
een drukvat, een secundair waterleidingnet en een pomp.
Toelichting: Dit bedrijfsmiddel kan
bijdragen aan het behalen van een Green Award-certificaat. Zie
www.greenaward.org voor de voorwaarden.
B 7091
Waterzuiveringsinstallatie voor vaar-,
vlieg- en voertuigen
a. bestemd voor: het zuiveren en
eventueel hergebruiken van aan boord van een vaar-, vlieg- of
voertuig ontstaan afvalwater van huishoudelijke aard of hiermee
vergelijkbaar, door een vast opgestelde niet-chemische of
biologische afvalwaterzuiveringsinstallatie, voor zover dit niet
wettelijk verplicht is,
b. bestaande uit: een
waterzuiveringsinstallatie, een opslagtank en (eventueel) een
hergebruiksysteem.
F 7092
Ballastwatermanagementsysteem
a. bestemd voor: het voorkomen van de
verspreiding van ecologieverstorende deeltjes, sedimenten of
organismen door ballastwater van een zeegaand schip door een
installatie, die
– goedgekeurd is door de IMO,
– voldoet aan de
IMO-richtlijnen voor ballastwater, en
– niet verplicht is volgens
richtlijn D-2 van de Ballastwater Conventie,
b. bestaande uit: een
ballastwatermanagementsysteem.
Toelichting: IMO staat voor International
Maritime Organization.
B 7093
Havenontvangstinstallatie bij jachthavens
a. bestemd voor: het innemen van
grijswater, bilgewater of blackwater bij een jachthaven, voor zover
de installatie niet verplicht is volgens wetgeving:
1. met een inzamelstation met ten
minste één lekvrij en geurvrij aansluitpunt per 4 ligplaatsen
aan de aanlegsteigers ter plaatse van de ligplaatsen, of
2. met ten minste één
inzamelstation bij een jachthaven met niet meer dan 50
ligplaatsen voor niet-open pleziervaartuigen,
b. bestaande uit: tanks, pompen,
leidingen en (eventueel) een olie/vetafscheider.
B 7094
Opslagtank voor huishoudelijk afvalwater
van schepen
a. bestemd voor: de opslag van
huishoudelijk afvalwater aan boord van een binnenvaart-, een
passagiers- of een hotelschip, met minder dan 50 passagiers of
hotelgasten,
b. bestaande uit: een opslagtank en
een koppeling voor walafgifte, waarbij een opslagtank aan boord van
een recreatievaartuig, als bedoeld in de Wet op de
pleziervaartuigen, niet in aanmerking komt voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving.
A 7096
Sedimentatie-installatie
a. bestemd voor: het door bezinking
verwijderen van verontreinigingen uit water dat vrijkomt bij het
reinigen van schepen en waarbij de reststromen worden hergebruikt of
anderszins nuttig toegepast,
b. bestaande uit: een
sedimentatiebak, een pomp, (eventueel) een slibruimer en (eventueel)
een drijflaagafscheider.
A 7100
Hennegat-of
schroefaskokerafdichtingsinstallatie
a. bestemd voor: het afdichten van de
hennegat- of de schroefaskoker van een schip door:
1. een watergesmeerde
afdichtingsinstallatie, of
2. een met biologisch afbreekbare
olie of vet gevulde afdichtingsinstallatie, waarbij de druk op
de afdichtingen constant blijft en niet meer bedraagt dan 0,4
bar,
b. bestaande uit: lagerbussen en
afdichtingsinstallatie, exclusief de schroef en de roeras.
Toelichting: Voor informatie over
bio-olie en -vet zie punt 6 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de
Milieulijst). Meer informatie over bio-olie en -vet vindt u ook op
www.biosmeermiddelen.nl. Dit bedrijfsmiddel kan bijdragen aan het
behalen van een Green Award-certificaat. Zie www.greenaward.org voor de
voorwaarden.
E 7103
Stalen of kunststof buikdenning
(aanpassing bestaand binnenvaartschip)
a. bestemd voor: het voorkomen van
het ontstaan van afval bij het transport van goederen met een
binnenvaartschip, door het aanbrengen van een stalen of kunststof
buikdenning met afdichting tussen vloer en wand, in de bestaande
laadruimte van een bestaand binnenvaartschip, waarin nog geen stalen
of kunststof buikdenning is aangebracht,
b. bestaande uit: een gesloten stalen
of kunststof buikdenning.
Toelichting: Een buikdenning komt bij
verlenging van een bestaand schip alleen in aanmerking voor de
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen, voor zover de buikdenning wordt aangebracht in het
bestaande deel van het schip.
A 7110
Spoorwisselsegment zonder smering
a. bestemd voor: het zonder smering
laten functioneren van spoorwissels door oplichting van de tong door
het spoorwisselsegment,
b. bestaande uit: metalen
onderplaten, spoorwisselsegmenten en (eventueel) stempelveren.
A 7120
UV-gewasbeschermingsinstallatie
a. bestemd voor: het doden van
plantpathogenen in grasvelden of land- en tuinbouwgewassen door
behandeling met UV-licht, ter beperking van het gebruik van
chemische bestrijdingsmiddelen,
b. bestaande uit: een zelfrijdende,
hangende of getrokken gewasbeschermingsinstallatie, UV-lampen,
voeding en meet- en regelapparatuur, exclusief het trekkend voertuig
of de rail.
A 7130
Luisdicht insectengaas
a. bestemd voor: het vrij van
insecten en dergelijke telen of opkweken van gewassen, ter beperking
van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen,
b. bestaande uit: luisdicht gaas,
(eventueel) ondersteuningsmateriaal en (eventueel) een toegangssluis
met dubbele deur.
Toelichting: Dit bedrijfsmiddel heeft ook
betrekking op het aanbrengen van insectengaas in bestaande (Groen Label)
kassen.
A 7140
GPS-nauwkeurig buienverwachtingssysteem
a. bestemd voor: het doen van
plantenziektenkundig relevante waarnemingen van klimatologische aard
op een land- of tuinbouwbedrijf,
b. bestaande uit: een GPS-nauwkeurig
buienverwachtingssysteem, lichtsensoren, temperatuursensoren, een
elektronische verwerkings- en registratie-installatie, een
sturingsinstallatie en (eventueel) plantsensoren.
F 7141
Spuitmachine voor plaatsspecifiek
toedienen van gewasbeschermings- of loofdodingsmiddelen met
driftbeperkend of middelbesparend systeem
a. bestemd voor: het zodanig
toedienen van gewasbeschermings- of loofdodingsmiddelen aan
landbouwgewassen dat rekening wordt gehouden met de plaatselijke
omstandigheden door meting van de in het gewas aanwezige onkruiddruk
en/of ziektedruk, waarbij:
– de verkregen gegevens via
elektronische koppeling in een GPS/GIS systeem met een afwijking
van ten hoogste 10 centimeter worden vastgelegd,
– vervolgens op basis van de
vastgelegde gegevens (taakkaarten) de optimale hoeveelheid door
een regeleenheid wordt bepaald,
– de spuitinstallatie door een
regeleenheid (taakkaarten) per sectie onafhankelijk het middel
aan het gewas toedient, en
– ten minste één van de
onderstaande driftbeperkende of middelbesparende technieken is
toegepast:
1. een
luchtondersteuningssysteem in combinatie met verlaagde
spuitboom, waarbij de dopafstand tussen het gewas en de
spuitdoppen niet meer dan 30 centimeter bedraagt en waarbij
de afstand tussen de spuitdoppen niet meer dan 25 centimeter
is,
2. een
luchtondersteuningssysteem waarbij een
luchtuitstroomsnelheid wordt bereikt van meer dan 30 meter
per seconde,
3. een sleepdoeksysteem,
4. een pulserende verneveling
waarbij de druk aan de spuitmond tot ten minste 200 bar kan
oplopen, of
5. een automatische vul- en
spoelfunctie waarbij bij het reinigen of vullen van de
spuitinstallatie de secties automatisch worden gesloten
zodat er geen spuitvloeistof wordt verspoten maar het
spoelwater wordt opgevangen in de middelentank,
b. bestaande uit: een spuitmachine,
(eventueel) meetapparatuur met GPS/GIS koppeling, een GPS/GIS
systeem, een regeleenheid voor optimale dosering, (eventueel) een
ISObus 11783-systeem, (eventueel) een automatisch
sectie-afsluitingssysteem met GPS/GIS koppeling, een autopilot
systeem, een aansluiting op GPS/GIS, een aanpassingssysteem en/of
stuursysteem voor de spuitinstallatie, een plantherkenningssysteem,
onkruidsensoren, een driftbeperkend systeem en een middelbesparend
systeem.
Toelichting: Investeringen in alleen een
middelbesparend of driftbeperkend systeem of alleen een GPS/GIS systeem
komen niet in aanmerking. Een afzonderlijk GPS/GIS systeem kan worden
gemeld onder E 7145.
A 7142
Apparatuur voor plaatsspecifiek verzorgen
van landbouwgewassen
a. bestemd voor: het schoffelen of
zodanig toedienen van meststoffen, gewasbeschermings- of
loofdodingsmiddelen, dat rekening wordt gehouden met de plaatselijke
omstandigheden door meting van de in de grond aanwezige voorraad
meststoffen, of de in het gewas aanwezige onkruid-of ziektedruk,
waarbij:
– de verkregen gegevens via
elektronische koppeling in een GPS/GIS-systeem met een afwijking
van ten hoogste 10 centimeter worden vastgelegd,
– vervolgens op basis van de
vastgelegde gegevens (taakkaarten) de optimale hoeveelheid door
een regeleenheid wordt bepaald,
– ingeval van een
spuitinstallatie door een regeleenheid (taakkaarten) per sectie
onafhankelijk het middel of de mest aan het gewas wordt
toegediend, en
– ingeval van
bemestingseenheden van kunstmeststrooiers:
1. door een regeleenheid
(taakkaarten gebaseerd op grondmonsters) plaatsspecifiek
meer of minder mest wordt toegediend aan het gewas, of
2. overlap grotendeels
voorkomen wordt doordat de strooier voorzien is van een
automatische variabele werkbreedte (taakkaarten gebaseerd op
grondmonsters zijn in dit geval niet nodig),
b. bestaande uit: een schoffel- of
spuitmachine of bemestingsapparatuur, meetapparatuur met GPS/GIS-koppeling,
een GPS/GIS-systeem, een regeleenheid voor optimale dosering,
sensoren, een plantherkenningssysteem, (eventueel) een ISObus
11783-systeem, (eventueel) een automatisch sectieafsluitingssysteem
met GPS/GIS-koppeling, een autopilot systeem, (eventueel)
schoffelapparatuur, (eventueel) spuitmachine en (eventueel)
bemestingsapparatuur.
Toelichting: Investeringen in alleen een
middelbesparend of driftbeperkend systeem of alleen een GPS/GIS systeem
komen niet in aanmerking. Een afzonderlijk GPS/GIS systeem kan worden
gemeld onder E 7145.
A 7143
Monitoringssysteem voor plantactiviteit
a. bestemd voor: het waarnemen van
plantactiviteit bij een land- of tuinbouwbedrijf, waarop direct
gestuurd wordt door de procescomputer bij het toedienen van water,
meststoffen en/of gewasbeschermingsmiddelen,
b. bestaande uit: een
plantactiviteitssensor, een elektronisch verwerkings- en
registratiesysteem, (eventueel) andere plantsensoren, (eventueel)
een infraroodcamera voor meting van de gewastemperatuur en
(eventueel) een fotosynthesemeter, exclusief de procescomputer.
B 7144
Plaatsspecifieke spuitmachine voor de
volle grondteelt
a. bestemd voor: het, ter voorkoming
van ziekten in teelten in de volle grond, plaatsspecifiek bestrijden
en voorkomen van onkruidgroei of het plaatsspecifiek toedienen van
gewasbeschermingsmiddel aan de plant, waarbij sensoren detecteren
waar de plant of het onkruid staat, waarop de spuitdoppen worden
aangestuurd en waardoor alleen middel wordt toegediend waar het
onkruid of de plant staat,
b. bestaande uit: een spuitmachine,
sensoren, spuitdoppen, een computer, een regeleenheid en een
sensorbesturing van de spuitboom.
Het bedrijfsmiddel komt voor ten hoogste
50% van het investeringsbedrag in aanmerking voor de
milieu-investeringsaftrek.
E 7145
GPS/GIS systeem voor precisielandbouw
a. bestemd voor: het recht rijden in
land- of akkerbouwgewassen ter voorkoming van overlap, waarbij het
GPS/GIS systeem een afwijking heeft van ten hoogste 10 centimeter,
b. bestaande uit: een GPS/GIS systeem
en een bedieningsterminal.
Toelichting: Plaatsspecifieke
landbouwapparatuur met of zonder een driftbeperkend of middelbesparend
systeem op basis van een GPS/GIS systeem kan worden gemeld onder F 7141
of A 7142.
B 7150
Insectenzuiger voor teelt in de
buitenlucht
a. bestemd voor: het opzuigen en
vernietigen van insecten in teeltgewassen, niet zijnde asperges,
door grote zuigmonden, nadat de insecten gedwongen zijn op te
vliegen door een luchtstroom in het gewas te blazen, ter voorkoming
van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen tegen plagen en
insecten in open teelten,
b. bestaande uit: getrokken machine
welke insecten in gewassen opzuigt.
Toelichting: Dit bedrijfsmiddel komt
alleen in aanmerking indien het wordt toegepast bij open teelt van
gewassen ofwel teelt in de buitenlucht.
A 7160
Doseereenheid voor de vloeibare fractie
van mest
a. bestemd voor: het gelijktijdig met
het zaaien, poten, planten, frezen, schoffelen of aanaarden
gedoseerd toedienen van de vloeibare fractie die rest na de
verwerking van dierlijke meststoffen, in de grond vlakbij het zaad,
de knol of het plantje,
b. bestaande uit: een geheel van een
volume-regeleenheid, een tank, een zuigslang, een verdeelstuk,
doseerslangen, een aangepaste injectiekouter of -tand en een
slangenpompset of een membraan-, een centrifugaal- of een
tandwielpomp, waarbij sleepslangdoseersystemen, sleepslang- en
zodenbemesters niet in aanmerking komen voor de
milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
A 7162
Fertigatiesysteem
a. bestemd voor: het gereguleerd
doseren van water en meststoffen aan gewassen in de volle grondteelt
ter voorkoming van uitspoeling,
b. bestaande uit:
vochtmeetapparatuur, (eventueel) een lichtmeter, (eventueel)
apparatuur voor het bepalen van het mineralengehalte, een
regeleenheid en een waterafgiftesysteem.
A 7170
Mechanische onkruidbestrijdingsmachine
met plantherkenningssysteem of onkruidsensoren
a. bestemd voor: het mechanisch
bestrijden van onkruid tussen de rijen van het gewas met behulp van
een plantherkenningssysteem of onkruidsensoren,
b. bestaande uit: een mechanische
onkruidbestrijdingmachine met onkruidsensoren of een
plantherkenningssysteem, (eventueel) een autopilotsysteem en
(eventueel) een klaverdoorzaaimodule.
A 7171
Plaatsspecifieke
onkruidbestrijdingsapparatuur met heet water voor (half-)verhardingen
a. bestemd voor: het plaatsspecifiek
bestrijden en voorkomen van onkruidgroei op (half-)verhardingen door
onder een druk van ten hoogste 3 bar water met een temperatuur van
ten minste 95°C toe te dienen waarbij,
– met behulp van optische
sensoren onkruid wordt gedetecteerd en daarop de spuitdoppen
worden aangestuurd,
– de afstand tussen de
spuitdoppen en het onkruid niet meer dan 25 cm bedraagt, en
– de afstand tussen de
spuitdoppen niet meer dan 10 cm bedraagt,
b. bestaande uit: een
onkruidbestrijdingmachine met onkruidsensoren, spuitdoppen, een
computer, een regeleenheid, een sensorbesturing van de spuitboom en
buffervaten.
A 7172
Aardappellooftrekker
a. bestemd voor: het mechanisch
verwijderen van aardappelloof door een looftrekker met een
werkbreedte van ten minste 1,5 meter,
b. bestaande uit: een
aardappellooftrekker, (eventueel) een aardappelhaarwortelsnijmachine
en (eventueel) een rijafhankelijke elektronische diepteregeling.
B 7173
Aardappelloofbrander
a. bestemd voor: het thermisch
verwijderen van aardappelloof,
b. bestaande uit: een
aardappelloofbrander en (eventueel) een
aardappelhaarwortelsnijmachine.
B 7174
Brander voor loofverwijdering
a. bestemd voor: het bestrijden van
onkruid en ziektekiemen door vuur of warmtestraling,
b. bestaande uit: een gasfles, een
gasbrander en edelstaalreflectoren, een draagbok en een
gascontainer.
A 7175
Intrarijwieder
a. bestemd voor: het mechanisch en/of
pneumatisch bestrijden van onkruid zowel tussen als in de rijen van
het gewas,
b. bestaande uit: een intrarijwieder
met een mechanisch en/of pneumatisch onkruidbestrijdingssysteem,
(eventueel) onkruidsensoren en (eventueel) een
plantherkenningssysteem.
A 7176
Onkruidbestrijdingsapparatuur met heet
water voor (half-)verhardingen of spoorbanen
a. bestemd voor: het bestrijden van
onkruid op (half-)verhardingen of spoorbanen met water met een
temperatuur van ten minste 95 °C door een machine die uitgerust is
met een warmtewisselaar en waarvan de emissies ten minste voldoen
aan de EURO 4-normen,
b. bestaande uit: een
onkruidbestrijdingmachine met heet water systeem, warmtewisselaar
voor het koken van het water, roetfilter, brander, ketels,
spuitdoppen, een computer, een regeleenheid, besturing van de
spuitboom en buffervaten.
A 7180
Heetwaterinstallatie voor
fruitbehandeling
a. bestemd voor: het uitsluitend met
water bestrijden van vruchtrot bij hardfruit, zonder gebruik te
maken van chemische toevoegingen, door het fruit voor bewaring
enkele minuten in aanraking te brengen met water met een temperatuur
van circa 50 °C,
b. bestaande uit: een watertank, een
verwarmingselement en regelapparatuur.
A 7187
Boomgaardspuitmachine met variabele
luchtondersteuning
a. bestemd voor: het in horizontale
richting bespuiten van boomgaarden met een spuitmachine die het
gewasbeschermingsmiddel in de vorm van grote druppels het gewas
inblaast en die,
1. ten minste drie rijen in één
werkgang behandelt en is uitgerust met een variabel
luchtondersteuningssysteem dat de juiste uitblaasrichting en
-snelheid bepaalt op basis van door sensoren gemeten
windrichting en windsnelheid,
2. ten minste 2 rijen in één
werkgang behandelt en is uitgerust met een
luchtondersteuningssysteem, reflectieschermen en een
recirculatiesysteem voor het gewasbeschermingsmiddel dat
opgevangen wordt door de reflectieschermen, of
3. ten minste 95% driftreductie
realiseert,
b. bestaande uit: een watertank, een
blower, chassis, een drukpomp, venturidoppen of sensoren voor het
bepalen van windrichting en -snelheid of reflectieschermen en een
recirculatiesysteem voor het gewasbeschermingsmiddel.
B 7188
Mastspuit voor (laan-)bomenteelt
a. bestemd voor: het ter plaatse van
de bladeren toedienen van gewasbeschermingsmiddel aan bomen door een
spuitmachine voorzien van een ventilator, driftarme spuitdoppen,
groensensoren en een mast die ten minste 5 meter hoog is,
b. bestaande uit: een spuitmachine,
een ventilator, driftarme spuitdoppen, groensensoren en een
spuitmast.
F 7190
Verwijderingsinstallatie voor zware
metalen uit kunstmest
a. bestemd voor: het verwijderen van
zware metalen uit kunstmest tijdens of na de productie, zodat de
geproduceerde kunstmest in totaal minder dan 0,1 milligram per
kilogram aan zware metalen bevat,
b. bestaande uit: een
metaalverwijderingsinstallatie,waarbij door een onafhankelijk
meetinstituut of laboratorium dient te zijn aangetoond dat de
installatie kunstmest produceert met een dergelijke lage
concentratie.
A 7200
Mobiele verbrandingsoven voor verdelging
van eikenprocessierupsen
a. bestemd voor: het met een mobiel
werktuig verwijderen en verwerken van (resten van)
eikenprocessierupsen door opzuiging van de rupsen direct gevolgd
door vernietiging ter plaatse in een oven,
b. bestaande uit: een zuigeenheid,
een toevoersysteem, een oven, een brander en een rookgasbehandeling.
A 7210
Teeltsysteem voor vollegrondsgewassen in
de open lucht
a. bestemd voor: het in de open lucht
in teeltgoten telen van gewassen, die normaliter geteelt worden in
de vollegrond, waarbij nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen niet
uitspoelen naar het grond- en oppervlaktewater,
b. bestaande uit: een teeltsysteem,
een water- en mestgiftsysteem, (eventueel) een
waterrecirculatiesysteem en (eventueel) een regen- en/of
drainwateropvang.
Toelichting: Onder A 7210 komen alleen
teeltsystemen in de open lucht in aanmerking. Teeltsystemen onder glas
komen niet in aanmerking.
A 7220
Voorzieningen ter voorkoming van
verontreinigingen door erfafspoeling bij agrarische bedrijven
a. bestemd voor: het tegengaan van
verontreinigingen door erfafspoelwater bij agrarische bedrijven
zonder stal(ontwerp)certificaat MDV 5 of 6 door ten minste één van
de volgende investeringen:
1. een opvangput zonder overstort
voor perssappen bij kuilvoerplaatsen waarbij geen ongezuiverde
lozing op het oppervlaktewater plaatsvindt,
2. een overkapping voor
voeropslagen,
3. compartimentering van het erf,
waardoor een volledige scheiding tussen afvalwater en schoon
hemelwater wordt bereikt, of
4. een veegmachine met opvangbak
en een veegbreedte van ten minste 120 centimeter, voor het
bezemschoon maken van het erf,
b. bestaande uit: een opvangput of
een overkapping voor een voeropslag of (her)inrichting van het erf
of een veegmachine met opvangbak.
Toelichting: Investeringen door MDV 5 of
6 gecertificeerde bedrijven zijn uitgesloten onder deze code. Deze
bedrijven kunnen investeringen ter voorkoming van erfafspoeling melden
onder de codes voor duurzame stallen.
B 8000
Apparatuur voor vermindering van
grondstoffengebruik voor verpakkingen (ombouw of vervanging)
a. bestemd voor: het verminderen van
het gebruik van verpakkingsmaterialen door lager materiaalverbruik,
– door aanpassing of vervanging
van bestaande apparatuur,
– waarbij de vermindering wordt
gerealiseerd ten opzichte van de bestaande situatie,
– waarbij de vermindering van
het grondstoffenverbruik ten minste 20 gram per jaar per
geïnvesteerde euro bedraagt, en
– waarbij geen sprake is van de
uitbreiding van productiecapaciteit,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is om de vermindering te
bereiken.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
A 8001
Terugwinningsinstallatie voor
grondstoffen uit restafval
a. bestemd voor:
1. het terugwinnen van
kunststoffen en metalen uit huishoudelijk restafval, niet zijnde
grof-huishoudelijk restafval (zijnde een deel van het afval dat
valt onder sectorplan 1 van het Landelijk afvalbeheerplan 2009–2021)
of met huishoudelijk restafval vergelijkbaar afval van
bedrijven, ongescheiden procesonafhankelijk industrieel afval en
ongescheiden niet-specifiek ziekenhuisafval (zijnde het afval
dat valt onder sectorplan 2 van het Landelijk afvalbeheerplan
2009–2021), waarbij de teruggewonnen stoffen nuttig worden
toegepast,
2. het terugwinnen van
grondstoffen uit de restfractie die resteert na het verkleinen
van samengestelde producten in installaties die in hoofdzaak
autowrakken, welvaartschroot (afgedankte elektrische- en
elektronische apparatuur, fietsen, kinderwagens, meubilair) en
lichtere delen van industrieel metaalschroot shredderen, en
waaruit vervolgens ferro- en non-ferro metalen zijn afgescheiden
(shredderafval; sectorplan 27 van het Landelijk afvalbeheerplan
2009–2021),
3. het terugwinnen van non-ferro
metalen uit slakken van afvalverbrandingsinstallaties,
4. het scheiden van de natte
fractie en kunststoffen uit luiers en ander
incontinentiemateriaal,
5. het gescheiden inzamelen van
kunststof verpakkingen, waarbij degene die de
kunststofverpakking levert, wordt beloond door bijvoorbeeld een
spaarsysteem of geld, of
6. het terugwinnen van
grondstoffen, niet zijnde stortgas, uit een stortplaats, en
waarbij voor bovengenoemde stromen
geldt dat:
– de verwerking van de ingaande
stroom als geheel voldoet aan de minimumstandaard, zoals
beschreven in het Landelijk afvalbeheersplan 2009–2021, en
waarbij voor alle bovengenoemde
stromen, met uitzondering van stroom 6, geldt dat:
– van de ingaande (gemengde)
stroom geen deelstromen of residuen worden gestort,en
waarbij voor alle bovengenoemde
stromen, met uitzondering van stroom 1, de natte fractie van stroom
4 en stroom 6, geldt dat:
– de genoemde deelstroom wordt
teruggebracht tot een grondstof die wordt ingezet in (nagenoeg)
dezelfde of hoogwaardiger toepassing als de toepassing waaruit
zij wordt teruggewonnen (geen downcycling, eventueel upcycling),
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is voor de terugwinning van
grondstoffen.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de Algemene bepalingen (paragraaf 1 van de Milieulijst).
Wij adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen
worden gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te
bellen voor overleg. De voorwaarden waaronder uw investering kan
voldoen, bevestigen wij desgewenst schriftelijk.
A 8002
Waterbesparende installatie voor grote
ondernemingen (ten minste 250 liter per jaar per geïnvesteerde euro)
a. bestemd voor: het verminderen van
de inname van water voor gebruik zoals koel-,spoel- of proceswater
met ten minste 250 liter per jaar per geïnvesteerde euro door
aanpassing of vervanging van een bestaand proces door een grote
onderneming, waarbij:
– de aard en de functie van het
proces en het product nagenoeg dezelfde blijven,
– de besparing gerealiseerd
wordt ten opzichte van de bestaande situatie,
– eventuele wijzigingen van de
productiecapaciteit in de berekening van besparing worden
verrekend,
– de besparing wordt berekend
ten opzichte van het gehele investeringsbedrag dat met de
aanpassing of vervanging is gemoeid, en
– de onderneming geen kleine of
middelgrote onderneming (KMO) is in de zin van het Europese
Milieusteunkader,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is om de waterbesparing te
bereiken, waarbij investeringen in uitbreiding van de
productiecapaciteit niet in aanmerking komen voor de
milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
A 8003
Waterbesparende installatie voor kleine
en middelgrote ondernemingen (ten minste 50 liter per jaar per
geïnvesteerde euro)
a. bestemd voor: het verminderen van
de inname van water voor gebruik zoals koel-,spoel- of proceswater
met ten minste 50 liter per jaar per geïnvesteerde euro door
aanpassing of vervanging van een bestaand proces door een kleine of
middelgrote onderneming, waarbij:
– de aard en de functie van het
proces en het product nagenoeg dezelfde blijven,
– de besparing gerealiseerd
wordt ten opzichte van de bestaande situatie,
– eventuele wijzigingen van de
productiecapaciteit in de berekening van besparing worden
verrekend,
– de besparing wordt berekend
ten opzichte van het gehele investeringsbedrag dat met de
aanpassing of vervanging is gemoeid, en
– de onderneming een kleine of
middelgrote onderneming (KMO) is in de zin van het Europese
Milieusteunkader,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is om de waterbesparing te
bereiken, waarbij investeringen in uitbreiding van de
productiecapaciteit niet in aanmerking komen voor de
milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
A 8004
Installatie voor het tegengaan van
kalkaanslag en bio-fouling
a. bestemd voor: het tegengaan van
kalkaanslag of bio-fouling in koelwatersystemen, afvalwatersystemen
of inpandige leidingen ter vervanging van een bestaande reinigings-
of spoeltechniek, waarbij:
– het chemicaliënverbruik voor
ontkalking en ontsmetting met ten minste 75% (op gewichtsbasis)
wordt gereduceerd,
– de vermindering wordt
gerealiseerd ten opzichte van de bestaande situatie,
– deze installatie geen (of
zeer beperkte) effecten heeft op andere milieucompartimenten,
b. bestaande uit: een ontsmettende of
ontkalkende installatie en eventueel aanpassing van het leidingwerk.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
F 8005
Mestverwerkingsinstallatie met
terugwinning van fosfaat en stikstof
a. bestemd voor: het verwerken van
mest, waarbij:
– fosfaat-en stikstofhoudende
concentraten uit de mest worden gescheiden en nuttig toegepast,
– de waterige fractie wordt
hergebruikt of geloosd op het oppervlaktewater of het riool, en
– geen covergistingsproducten
worden toegevoegd als er een mestvergistingsinstallatie wordt
toegepast,
b. bestaande uit: apparatuur voor het
verwerken van mest.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
Alleen scheiding van mest door
bijvoorbeeld een schroefpers of een decanter is niet voldoende om in
aanmerking te komen. Ook na vergisting is een nageschakelde techniek
voor verdere verwerking van de mest nodig om in aanmerking te komen.
Onder de dunne fractie wordt het stikstofhoudend concentraat verstaan.
De waterige fractie behoort niet tot de dunne fractie. De waterige
fractie is na verwerking getest en moet loosbaar zijn op het
oppervlaktewater of op het riool. De dikke fractie is het fosfaathoudend
concentraat.
F 8006
Terugwinningsinstallatie voor fosfaten
uit afvalwater, urine of zuiveringsslib
a. bestemd voor: het terugwinnen van
fosfaten uit:
1. afvalwater,
2. urine, of
3. slib dat ontstaat bij het
zuiveren van afvalwater, en
waarbij het terug gewonnen fosfaat
nuttig wordt toegepast,
b. bestaande uit: apparatuur
noodzakelijk voor het terugwinnen van fosfaat, waarbij investeringen
in apparatuur voor het opwerken van het fosfaat niet in aanmerking
komen voor milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
F 8007
Terugwinningsinstallatie voor fosfaat uit
slibverbrandingsas
a. bestemd voor: het terugwinnen van
fosfaat uit de as die overblijft na het verbranden van
zuiveringsslib afkomstig van communale of industriële biologische
waterzuiveringsinstallaties, waarbij de fosfaat wordt gebruikt voor
de productie van fosfor of kunstmest,
b. bestaande uit: opslagvaten, silo’s,
reactoren en meet- en regelsystemen.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
B 8008
Terugwinningsinstallatie voor
grondstoffen uit afvalwater
a. bestemd voor: het ten opzichte van
de bestaande situatie terugwinnen van één of meer in het
afvalwater aanwezige stoffen met een terugwinrendement van ten
minste 25% (op gewichtsbasis) per stof, waarbij:
– deze stof(fen) nuttig worden
toegepast,
– het terugwinrendement wordt
berekend ten opzichte van de bestaande situatie,
– eventuele wijzigingen in de
productiecapaciteit in de berekening van de besparing worden
verrekend,
– deze installatie geen (of
zeer beperkte) effecten heeft op andere milieucompartimenten, en
– investeringen in uitbreiding
van de productiecapaciteit niet in aanmerking komen,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is voor het afscheiden en
opwerken van de terug te winnen stoffen uit de afvalwaterstroom.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
A 8009
Apparatuur ter vermindering van de mate
van vervuiling in het afvalwater
a. bestemd voor: het verminderen van
de totale hoeveelheid in het afvalwater aanwezige schadelijke
stoffen door aanpassing of vervanging van een bestaand proces,
waarbij:
– de aard en de functie van het
proces en het product nagenoeg hetzelfde blijven,
– de totale hoeveelheid van
stoffen genoemd op de prioritaire stoffenlijst zoals vastgelegd
in beschikking nr. 2455/2001/EG en Bijlage II bij het Besluit
kwaliteitseisen en monitoring water 2009 met ten minste 20%
wordt verminderd ten opzichte van de bestaande situatie,
– de vermindering van deze
hoeveelheden gerealiseerd wordt door het voorkomen van
waterverontreiniging en niet door waterzuivering, en
– eventuele wijzigingen in de
productiecapaciteit in de berekening van de besparing worden
verrekend,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is voor de vermindering van
de hoeveelheden schadelijke stoffen in het afvalwater, waarbij
end-of-pipe toepassingen en investeringen in uitbreiding van de
productiecapaciteit niet in aanmerking komen voor de
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
A 8010
Water-en grondstoffenbesparende
installatie
a. bestemd voor: het verminderen van
de inname van water en het verbruik van andere grondstoffen door
aanpassing of vervanging van een bestaand proces, waarbij:
– de waterinname vermindert met
ten minste 50 liter per jaar per geïnvesteerde euro,
– de inkoop van ten minste
één grondstof vermindert met 30%,
– de besparing wordt
gerealiseerd ten opzichte van de bestaande situatie,
– de grondstofbesparing niet
wordt gerealiseerd door vervanging door een andere grondstof,
– het product nagenoeg
hetzelfde blijft,
– eventuele wijzigingen in de
productiecapaciteit in de berekening van besparing worden
verrekend, en
– end-of-pipe toepassingen en
investeringen in uitbreiding van de productiecapaciteit niet in
aanmerking komen,
b. bestaande uit: (aanpassing van)
apparatuur die aantoonbaar noodzakelijk is om de water- en
grondstoffenbesparing te realiseren.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
B 8011
Verwerkingsinstallatie voor
zuiveringsslib bij afvalverwerkende bedrijven
a. bestemd voor: het verwerken, niet
zijnde vergisten, van slib dat ontstaat bij het zuiveren van
afvalwater, waarbij:
– de hoeveelheid reststoffen
(in kg droge stof) die moet worden afgevoerd, verbrand, gestort
of gecomposteerd met ten minste 70% wordt verminderd,
– de besparing gerealiseerd
wordt ten opzichte van de bestaande situatie, en
– eventuele wijzigingen in
aanbod van slib in de berekening van de besparing worden
verrekend,
b. bestaande uit:
slibverwerkingsinstallatie, exclusief apparatuur voor
slibontwatering.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
A 8012
Verwerkingsinstallatie voor industrieel
zuiveringsslib op de eigen inrichting
a. bestemd voor: het op de eigen
inrichting verwerken van industrieel zuiveringsslib, waarbij:
– de hoeveelheid reststoffen
(in kg droge stof) die moet worden afgevoerd, verbrand, gestort
of gecomposteerd met ten minste 70% wordt verminderd,
– de besparing gerealiseerd
wordt ten opzichte van de bestaande situatie,
– eventuele wijzigingen van de
productiecapaciteit in de berekening van de besparing worden
verrekend, en
– het vrijkomende biogas nuttig
wordt gebruikt, als de besparing wordt gerealiseerd door slib-
of covergisting,
b. bestaande uit:
slibverwerkingsinstallatie, exclusief apparatuur voor
slibontwatering.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
B 8014
Apparatuur voor grondstoffenhergebruik
binnen de ketenprojecten van LAP2 of de grondstoffenrotonde
a. bestemd voor: het terugbrengen van
afval tot een grondstof die wordt ingezet in (nagenoeg) dezelfde of
hoogwaardiger toepassing als de toepassing waaruit zij wordt
teruggewonnen (geen downcycling, eventueel upcycling) waarbij :
– in geval van de verwerking
van gemengde stromen de bewerking niet leidt tot te storten
stromen. Daarbij mogen er geen negatieve gevolgen zijn voor de
verwerking van de overige deelstromen; die moeten even
hoogwaardig verwerkt kunnen blijven worden als zonder het
betreffende initiatief (geen afwenteling van milieudruk), en
– de investering plaatsvindt in
één van de volgende, in het Landelijk afvalbeheerplan 2009–2021
(LAP2) of de grondstoffenrotonde aangemerkte ketens: textiel,
papier en karton, bouw- en sloopafval, aluminium, pvc, grof
huishoudelijk afval en voedsel, fosfaat, kunststof en
elektronica,
b. bestaande uit: apparatuur die
technisch noodzakelijk voor en uitsluitend dienstbaar aan het
terugwinnen van de oorspronkelijke grondstof(fen) is.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de Algemene bepalingen (paragraaf 1 van de Milieulijst).
Wij adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen
worden gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te
bellen voor overleg.
Omdat met dit bedrijfsmiddel grondstoffen
worden teruggewonnen met economische waarde, behoeft de
meerkostenberekening op basis van het Europese Milieusteunkader extra
aandacht. De voorwaarden waaronder uw investering kan voldoen,
bevestigen wij desgewenst schriftelijk.
F 8020
Nieuwe apparatuur vervaardigd van
hergebruikte onderdelen
a. bestemd voor: nieuwe apparatuur,
die aantoonbaar voor ten minste 50% (op gewichtsbasis) is opgebouwd
uit hergebruikte onderdelen die uit de markt zijn teruggenomen of
ingezameld, waarbij onder hergebruikte onderdelen niet wordt
gerekend het gebruik van gerecyclede materialen (er moet sprake zijn
van producthergebruik),
b. bestaande uit: apparatuur, waarbij
occasions die zijn gereviseerd of anderszins opgeknapt niet in
aanmerking komen voor de milieu-investeringsaftrek en willekeurige
afschrijving.
Toelichting: Dit is een zogenoemd
generiek bedrijfsmiddel. Voor informatie over generieke bedrijfsmiddelen
zie punt 7 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de Milieulijst). Wij
adviseren u gezien de eisen die aan generieke bedrijfsmiddelen worden
gesteld, voorafgaand aan een melding de MIA\Vamil-helpdesk te bellen
voor overleg.
A 8040
Camerapen voor driedimensionale
gebitsopnames
a. bestemd voor: het maken van
opnames van het gebit of delen daarvan met een camerapen, waarbij de
opnames worden verwerkt tot een digitaal driedimensionaal beeld,
b. bestaande uit: een camerapen, een
computer, een beeldscherm en software, waarbij slechts één
computer, beeldscherm en software behorende bij de camerapen in
aanmerking komen voor de milieu-investeringsaftrek en de
willekeurige afschrijving milieu-investeringen.
A 8041
Digitaal systeem voor tandheelkundige
mond- of afdrukscanning
a. bestemd voor: het ter voorkoming
van gipsafdrukken intra- of extraoraal scannen van tandheelkundige
preparaties of het op basis van deze scans frezen van tandtechnisch
kroon- en brugwerk,
b. bestaande uit: een scanner of een
freessysteem en software, waarbij apparatuur die alleen gebruikt
wordt voor diagnostische doeleinden niet in aanmerking komt voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
F 8051
Rekfoliewikkelmachine
a. bestemd voor: het verpakken van
producten op een pallet door een folie aan te brengen met een
wikkelaar voorzien van een voorrekmodule met een vaste
voorrekinstelling, waarbij:
– de folie ten minste 300% (1
meter wordt 4 meter) wordt voorgerekt,
– ten hoogste een versmalling
van 13% van de folie optreedt, en
– voor de machine een
verklaring is afgegeven door een door de Raad voor Accreditatie
erkende organisatie waaruit blijkt dat aan bovengenoemde eisen
is voldaan,
b. bestaande uit: een stalen frame,
een draaitafel met folie-afroller en een voorrekmodule.
Toelichting: Een verklaring van de
producent of leverancier van de rekfoliewikkelmachine is niet voldoende.
Er moet een verklaring worden overgelegd van een erkend en onafhankelijk
instituut.
F 8060
Reinigingsinstallatie op basis van
koolzuur- of ijskorrels
a. bestemd voor: het door het onder
hoge druk opbrengen van koolzuur- of ijskorrels reinigen van
(gevel)oppervlakken, machineonderdelen, halffabricaten of producten,
b. bestaande uit: een straalunit,
straalnozzles, (eventueel) een afzuiginstallatie, een
(droog)ijsproductie-installatie, (eventueel) een buffer en
waterzuiveringsapparatuur voor het ontstane afvalwater, exclusief
het transportsysteem.
F 8070
Pyrolyse-installatie voor hergebruik van
afvalstoffen
a. bestemd voor: het onder
zuurstofarme of zuurstofloze omstandigheden thermisch ontleden van
afvalstoffen, waarbij vrijkomende vaste, vloeibare of gasvormige
reactieproducten worden toegepast als:
1. grondstof bij het verwerken
van afvalstoffen waarvoor de minimumstandaard zoals beschreven
in het Landelijk afvalbeheerplan 2009–2021 nuttige toepassing
met als hoofdgebruik brandstof niet toestaat, of
2. grondstof of brandstof die bij
inzet het gebruik van fossiele energiedragers verdringt in de
andere gevallen, mits dit de minimumstandaard in het Landelijk
afvalbeheerplan 2009–2021 voor de te verwerken afvalstof tot
grondstof of brandstof te boven gaat,
b. bestaande uit: een pyrolysereactor,
(eventueel) een vergasser, (eventueel) een naverbrander, (eventueel)
een smeltinstallatie, afgas- of rookgasreinigingssysteem,
(eventueel) een toe- en afvoersysteem, (eventueel) een
afvalvoorbewerkingsinstallatie, (eventueel) een
CO2-afvanginstallatie en (eventueel) energieopwekkingsinstallatie,
exclusief voorzieningen voor het opwekken van energie voor derden.
A 8071
Installatie voor het vervaardigen van
bouwstoffen uit afvalstromen
a. bestemd voor: het vervaardigen van
producten die voldoen aan de eisen van het Besluit Bodemkwaliteit
uit baggerslib, boorslib, grondreinigingsresiduen,
rookgasreinigingsresiduen, verontreinigde grond, (bodem- of vlieg)as
en/of zuiveringsslib door het aan elkaar hechten van de deeltjes,
b. bestaande uit: een menger,
doseerapparatuur, droogapparatuur, een verhardingsinstallatie, een
korrelvormings- of pelleteer- of vormgevingsinstallatie, een
rookgasreinigingsinstallatie, een transportsysteem tussen de
installatieonderdelen en (eventueel) een oxidatie-/sinteroven.
A 8072
Stofemissievrije denatureringsinstallatie
voor asbesthoudend afval en/of asbesthoudende grond
a. bestemd voor: het stofemissievrij
denatureren van asbesthoudend afval en/of asbesthoudende grond door
de asbestresten bij lage temperatuur (lager dan 250 °C) met behulp
van natronloog af te breken, waarbij de silicaathoudende filterkoek
wordt gebruikt als bouwstof of als toeslagstof in de bouw en voldoet
aan het Besluit Bodemkwaliteit,
b. bestaande uit: een
stofemissievrije afvalverkleiningsinstallatie, (eventueel) een
scheidingsinstallatie, een verwarmings- en koelsysteem, een
natronloogdoseerinstallatie, een filterinstallatie en een
behandelingsinstallatie voor filterkoek.
A 8074
Thermische denatureringsinstallatie voor
asbestcementproducten
a. bestemd voor: het thermisch
denatureren van asbestcementproducten door de kristallijne
asbeststructuur via verhitting geheel om te zetten in een amorfe
silicaatstructuur, waarbij het resultaat wordt gebruikt als bouwstof
of als toeslagstof in de bouw en voldoet aan het Besluit
Bodemkwaliteit,
b. bestaande uit: een tunneloven of
een verrijdbare stolpoven, een brandersysteem, naverbranders,
(eventueel) keramische filters, (eventueel) een onderdrukruimte voor
controle en reparatie verpakkingen, (eventueel) een
transportinstallatie en (eventueel) een breekinstallatie voor
nabehandeling van het product.
A 8075
Smeltinstallatie voor verwerking van
(gevaarlijke) afvalstromen
a. bestemd voor: het verwerken van
(gevaarlijke) afvalstromen bij zodanige temperatuur (1.300–1.500°C),
dat de minerale delen smelten tot een vloeibare slak en de
organische delen volledig vergassen tot synthesegas, waarbij de
vrijkomende vaste, vloeibare of gasvormige reactieproducten worden
toegepast als grondstof of als brandstof die bij inzet het gebruik
van fossiele energiedragers verdringt, mits bij zowel grondstof als
brandstof de toepassing ten minste overeenkomt met de
minimumstandaard uit het Landelijk afvalbeheerplan 2009–2021 voor
de te verwerken afvalstof,
b. bestaande uit: een
smeltinrichting, een afvalvoorbewerkingsinstallatie, een
afgasreinigingsinstallatie, een waterzuiveringsinstallatie,
(eventueel) een energieopwekkingsinstallatie, exclusief
voorzieningen voor het opwekken van energie voor derden.
A 8076
Wasinstallatie voor AVI-bodemas
a. bestemd voor: het wassen en
eventueel verder bewerken van AVI-bodemas tot een bouwstof, niet
zijnde een IBC-bouwstof zoals genoemd in het besluit Bodemkwaliteit,
waarbij reststromen worden opgewerkt en hergebruikt of anderszins
nuttig toegepast en waarbij ten hoogste 10% van de ingaande stroom
uit niet be- of verwerkbaar restafval bestaat,
b. bestaande uit:
verwerkingsinstallatie voor AVI-bodemas en (eventueel) installatie
voor het versneld verouderen van AVI-bodemas.
A 8090
Standtijdverlengingssysteem voor olie
a. bestemd voor: het zuiveren van
hydraulische-, smeer- of systeemolie in een oliereinigingseenheid,
die gekoppeld is aan het systeem waarin de olie wordt gebruikt en
waarbij de olie vervolgens wordt hergebruikt in datzelfde systeem,
b. bestaande uit: een
oliereinigingseenheid, een recirculatieleiding, (eventueel) een
buffervat en (eventueel) een koeleenheid.
A 8100
Smeeroliesysteem voor benzine- of
dieselmotoren
a. bestemd voor: continue verversing
en suppletie van smeerolie van benzine- of dieselmotoren zodanig dat
de periodieke algehele olieverversing achterwege kan blijven,
b. bestaande uit: een
smeeroliesuppletietank, (eventueel) een continue oliepeilmeting,
meet- en regeleenheid en een doseringseenheid inclusief bijbehorende
leidingen en appendages.
A 8101
Automatisch smeersysteem
a. bestemd voor: het automatisch
smeren van transportmiddelen en (mobiele) werktuigen, waarmee wordt
gewerkt boven een niet-vloeistofdichte ondergrond, met smeerolie of
-vet dat biologisch afbreekbaar en niet-toxisch is,
b. bestaande uit: een pomp met vet-
of oliereservoir, een elektronische regeleenheid en een
doseereenheid.
Toelichting: Voor informatie over
bio-olie en -vet zie punt 6 van de puntenlijst (paragraaf 1 van de
Milieulijst). Meer informatie over bio-olie en -vet vindt u ook op
www.biosmeermiddelen.nl.
F 8110
Membraanfiltratie-installatie voor
scheiding van processtromen ter vervanging van kieselguhrfiltratie
a. bestemd voor: het scheiden van
processtromen door membraanfiltratie ter vervanging van
kiezelguhrfiltratie, waarbij het bestaande
kiezelguhrfiltratiesysteem wordt verwijderd,
b. bestaande uit: een
membraanfiltratie-installatie.
F 8120
Hoog rendement destillatiesysteem voor
laboratoria
a. bestemd voor: het zuiveren en
recyclen van verontreinigde oplosmiddelen uit laboratoria, door
volautomatische destillatie met een 'spinning band' kolom, waarbij
het gebruikte koelwater wordt hergebruikt,
b. bestaande uit: een
destillatiesysteem.
F 8130
Infrarood productiebakoven
a. bestemd voor: het op industriële
schaal in één bewerking garen en kleuren van etenswaren met
infraroodverhitting als enige warmtebron, zonder dat daarbij gebruik
wordt gemaakt van bakolie,
b. bestaande uit: een
productiebakoven.
A 8132
Versvetafscheider
a. bestemd voor: het afscheiden van
vers vet door een scheidingscentrifuge, waarbij vet, water en slib
direct na het ontstaan van het afvalwater in een continue stroom van
elkaar worden gescheiden, en waarna het vet wordt hergebruikt of
anderszins nuttig toegepast,
b. bestaande uit: een centrifugale
versvetafscheider.
Toelichting: Het vet dient direct na het
ontstaan van het vettige afvalwater door een centrifuge afgescheiden te
worden. Gewone vetafscheiders scheiden het vet op basis van de
zwaartekracht en komen niet in aanmerking voor de
milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
A 8148
Waterbesparend toilet
a. bestemd voor: het opvangen van
urine en fecaliën in een toilet in een openbare ruimte of een
bedrijfsruimte, waarbij het toilet na gebruik wordt doorgespoeld met
ten hoogste 4 liter water per spoeling,
b. bestaande uit: een waterbesparend
toilet en (eventueel) apparatuur ter voorkoming van verstopping.
F 8149
Toilet met urinescheiding
a. bestemd voor: het gescheiden
opvangen van urine en fecaliën in een toilet, waarbij de opgevangen
urine separaat wordt opgeslagen en verwerkt, en waarbij niet meer
dan 4 liter water per spoeling wordt verbruikt,
b. bestaande uit: een toilet met
urinescheiding, een inpandig urineafvoersysteem en een
urine-opslagtank en (eventueel) apparatuur ter voorkoming van
verstopping.
A 8150
Grijswater-recyclinginstallatie
a. bestemd voor: het hergebruiken van
eigen zwembad- of douche- of gezuiverd afvalwater voor
toiletspoeling of klimaatbeheersing,
b. bestaande uit: een grijswatertank,
een secundair waterleidingnet, een drukvat, een automatische
omschakelaar en een filtratie-eenheid.
F 8151
Decentrale sanitatie-installatie
a. bestemd voor: het bij kantoren,
zorginstellingen of woningen zuiveren van afvalwaterstromen van
huishoudelijke aard of hiermee vergelijkbaar, waarbij:
1. scheiding van
afvalwaterstromen aan de bron plaatsvindt en na bewerking of
zuivering van het afvalwater grondstoffen worden teruggewonnen
die vervolgens worden hergebruikt of anderszins nuttig
toegepast, of
2. geneesmiddelresten in het
afvalwater onschadelijk worden gemaakt,
b. bestaande uit: een samenstel van
geschakelde technieken.
F 8162
Voorziening voor gecontroleerde
regenwateropslag op platte daken
a. bestemd voor: het afdekken en
isoleren van horizontale dakconstructies van gebouwen met een
absorberende mat voorzien van overstortvoorziening, ter verlenging
van de levensduur van de dakbedekking en ter vermindering van
wateroverlast of overbelasting van het riool door regenval,
b. bestaande uit: waterabsorberende
dakmaterialen, een sensorgecontroleerde afsluitklep, (eventueel) een
overstortvoorziening, (eventueel) een retourpomp en (eventueel) een
zonnecollector in waterlaag.
Toelichting: Voorzieningen voor het
bufferen en vertraagd afvoeren van regenwater kunnen worden gemeld onder
F 7063.
B 8165
Watergenerator voor offshore, vaar- of
voertuigen
a. bestemd voor: onder atmosferische
druk uit de omgevingslucht genereren van water met
drinkwaterkwaliteit in de offshore of aan boord van een vaar-of
voertuig,
b. bestaande uit: een watergenerator.
A 8170
Regenwaterinstallatie
a. bestemd voor: het gebruik van
regenwater voor spoelen, koelen of andere niet-drinkwaterdoeleinden
in de gebouwde omgeving, industrie of land-en tuinbouw, met
uitzondering van de glastuinbouw, ter vermijding van het gebruik van
drinkwater,
b. bestaande uit: een
regenwateropslag, (eventueel) een waterzuiveringsinstallatie, en
(eventueel) fotovoltaïsch systeem voor de energie die de
regenwaterinstallatie verbruikt, exclusief dakgoten, regenpijpen,
regenwaterafvoerpijpen en eindapparatuur waarmee het regenwater
wordt toegepast.
A 8171
Ondergrondse wateropslagvoorziening
a. bestemd voor: het individueel of
collectief ondergronds opslaan van regenwater of regenwater en
recirculatiewater voor gebruik als gietwater in de glastuinbouw met
een totale opslagcapaciteit van ten minste 1.000 kubieke meter per
hectare glasoppervlak,
b. bestaande uit: een ondergrondse
wateropslagvoorziening, exclusief de pompen, leidingen, het kasdek
en de goten.
G 8180
Cascadesysteem voor waterbesparing
a. bestemd voor: het doorleveren van
water met als doel water te besparen op een bedrijventerrein,
waarbij het afvalwater van een bedrijf nuttig wordt toegepast door
een ander bedrijf of andere bedrijven op dat bedrijventerrein,
b. bestaande uit: leidingwerk,
buffer(s), pompen en (eventueel) filter(s).
B 8210
Wasinstallatie voor zeefzand en granulaat
a. bestemd voor: de natte reiniging
van zeefzand en granulaat afkomstig van bouw-en sloopafval voor
hergebruik,
b. bestaande uit: een invoersysteem,
een wasstraat, een slibbehandelingsinstallatie en een
waterbehandelingsinstallatie.
F 8222
Toevoerinstallatie voor
betonpuingranulaat, breek- of zeefzand bij betoncentrales
a. bestemd voor: het doseren van
betonpuingranulaat of breekzand of zeefzand bij de productie van
beton waardoor minder primaire grondstoffen nodig zijn,
b. bestaande uit: een
toevoerinstallatie, opslagvoorzieningen voor betonpuingranulaat,
(eventueel) een breker, (eventueel) een sorteerinrichting,
(eventueel) toevoerbanden en (eventueel) een regeleenheid.
F 8223
Installatie voor hergebruik van zaagstof
a. bestemd voor: het scheiden van
zaagstof dat vrijkomt bij het zagen van beton-of cementproducten of
natuursteen, in water en zaagresten met hergebruik van afgescheiden
producten en water,
b. bestaande uit:
scheidingsapparatuur, opvangbakken en een pomp.
F 8230
Recyclinginstallatie voor bitumineus
afval
a. bestemd voor: het verwerken van
bitumineus afval door verkleining tot maalgoed of korrels die nuttig
worden toegepast,
b. bestaande uit: (eventueel)
voorscheidingsapparatuur, (eventueel) wasapparatuur, (eventueel) een
shredder of maalmolen, (eventueel) een drooginstallatie, (eventueel)
een mengschroef of smelthomogenisator, (eventueel) een
smeltzuiveringsinstallatie, (eventueel) een extruder of agglomerator,
transportbanden, (eventueel) een menginstallatie en (eventueel) een
granulator.
B 8231
Schuimbitumenmachine
a. bestemd voor: het in één
werkgang renoveren van een rijbaan door frezen van het oude wegdek
en het gelijktijdig mengen van de vrijgekomen materialen met
bitumenschuim (hete bitumen gemengd met circa 2% water),
b. bestaande uit: een mobiele frees-
en bitumenschuiminstallatie.
B 8232
Thermische scheidingsinstallatie
bitumineus afval
a. bestemd voor: het thermisch
scheiden van bitumenhoudend bouw- en sloopafval en productie-afval
uit het fabricageproces van dakrollen, waarbij de bitumen als
vloeibare fractie beschikbaar komt voor hergebruik of andere nuttige
toepassing,
b. bestaande uit: thermische
scheidingsinstallatie, toe- en afvoersysteem, (eventueel)
rookgasreinigingsinstallatie, (eventueel)
afvalvoorbewerkingsinstallatie.
F 8233
Recyclinginstallatie voor bitumen
dakbedekking bij asfaltcentrales
a. bestemd voor: het doseren van
bitumineus dakbedekkingmateriaal in een asfaltcentrale voor
hergebruik van bitumen in asfalt,
b. bestaande uit: een
doseerinstallatie, een overdekte opslagvoorziening, (eventueel) een
verkleiningsinstallatie, (eventueel) een sorteerinrichting,
(eventueel) een afscheidingsinstallatie voor verontreinigingen,
(eventueel) toevoerbanden en (eventueel) een regeleenheid.
F 8240
Recyclinginstallatie voor gips
a. bestemd voor: het doseren van gips
uit bouw- en sloopafval aan het primaire gipsproces waardoor
primaire grondstoffen bespaard worden,
b. bestaande uit: een
doseerinstallatie, opslagvoorzieningen voor secundair materiaal,
(eventueel) een shredder of maalmolen, (eventueel) een
afscheidingsinstallatie voor verontreinigingen en (eventueel) een
toevoersysteem.
A 8250
Accucel productie-eenheid
a. bestemd voor: het vervaardigen van
nieuwe accu/batterijpacks met gebruik van uitsluitend bestaande
batterijbehuizingen,
b. bestaande uit: een
assemblagemachine.
A 8251
Regeneratiestation voor loodzuuraccu's
a. bestemd voor: het door middel van
rimpelstroom verlengen van de levensduur van loodzuuraccu's,
b. bestaande uit: een
regeneratiestation.
F 8260
Apparatuur voor hergebruik van
regeneratiechemicaliën
a. bestemd voor: het hergebruiken van
regeneratiechemicaliën die ontstaan bij ontzouten en/of ontharden
van waterstromen,
b. bestaande uit: een reactietank,
(eventueel) buffertanks, (eventueel) nabehandelingapparatuur en
(eventueel) doseerinrichtingen.
A 8270
Armatuur voor vluchtweg- en
oriëntatieverlichting met ultracondensatoren (aanpassing bestaande
situatie)
a. bestemd voor: bewegwijzering en
verlichting van vluchtwegen en nooduitgangen tijdens stroomuitval of
calamiteiten, waarbij de bestaande vluchtweg-en
oriëntatieverlichting wordt vervangen door led-verlichting waarbij
de benodigde stroom wordt opgeslagen in ultracondensatoren,
b. bestaande uit: led-verlichting met
ultracondensatoren.
B 8280
Rasterwalsreinigingsinstallatie
a. bestemd voor: het stofvrij
reinigen van rasterwalsen van drukmachines door het onder hoge druk
opbrengen van bicarbonaatkorrels ter voorkoming van het verbruik van
chemische reinigingsmiddelen en spoelwater,
b. bestaande uit: een straaleenheid,
straalnozzles, een straalkabinet en een afzuiginstallatie.
A 8290
Hogesnelheid thermische spuitinstallatie
voor metallische deklagen
a. bestemd voor: het aanbrengen van
metallische deklagen (metallische coatings) op voorwerpen,
b. bestaande uit: een spuitpistool,
een lucht/watergekoeld spuitstuk, een gasvolume- en
drukregelinstallatie, (eventueel) een geluidsdichte cabine,
(eventueel) een afzuiginstallatie, (eventueel) een
werkstukmanipulator, (eventueel) een robot en (eventueel) een
luchtreinigingsinstallatie.
F 8291
Poederterugwininstallatie voor
poederspuitcabines
a. bestemd voor: het terugwinnen van
poederstof afkomstig uit overspray in poederspuitinstallaties voor
het coaten van houten, mdf, hdf of kunststoffen voorwerpen,
b. bestaande uit: patroonfilters of
een cycloon, een ventilator en een afzuigsysteem.
A 8292
Installatie voor het aanbrengen van een
keramische deklaag
a. bestemd voor: het aanbrengen van
een keramische deklaag op lichtmetalen oppervlakken, halffabricaten
of producten, door plasmaontlading in een elektrolyt,
b. bestaande uit: een elektrolytbad
en een plasmaontladingseenheid.
F 8300
Terugwininstallatie voor waterverdunbare
verf, lak, inkt of lijm
a. bestemd voor: het terugwinnen voor
hergebruik van waterverdunbare verf, lak, inkt of lijm uit
spoelwater door verdamping,
b. bestaande uit: een
terugwininstallatie en (eventueel) een opvangvoorziening voor
gereinigd spoelwater.
F 8301
Aftapinstallatie
a. bestemd voor: het met gesloten
containers gebruiken van verf, lak, inkt of olie waardoor geen
verpakkingsafval ontstaat en waarbij de geleverde containers worden
teruggeleverd aan de leverancier,
b. bestaande uit: een
aftapinstallatie, een mengbuis, aansluitstukken en een pomp.
F 8310
Verwerkingsinstallatie voor kunstgras
a. bestemd voor: het verwerken van
afgevoerd kunstgras, waarbij het teruggewonnen kunststof en zand
wordt hergebruikt of anderszins nuttig toegepast,
b. bestaande uit: een
verkleiningsinstallatie, (eventueel) een scheidingsinstallatie,
(eventueel) een sorteerinstallatie, (eventueel) een wasinstallatie
en (eventueel) een droger.
F 8320
Recyclinginstallatie voor
polystyreenhardschuim
a. bestemd voor: het verdichten van
resten polystyreenhardschuim zonder gebruik te maken van
blaasmiddelen, gevolgd door omzetting in schoon granulaat of
halffabricaat,
b. bestaande uit: een agglomerator of
een verdichtingsinstallatie, een extruder en een filter.
F 8321
Recyclinginstallatie voor
glasvezelversterkt kunststof
a. bestemd voor: het terugwinnen van
glasvezelversterkte kunststof door verkleinen en eventueel zeven,
waarbij de teruggewonnen componenten worden hergebruikt of
anderszins nuttig toegepast,
b. bestaande uit: een
verkleiningsinstallatie, (eventueel) een zeefinstallatie,
(eventueel) een windzifter en (eventueel) een transportvoorziening.
F 8322
Scheidingsinstallatie voor
kunststofrecycling
a. bestemd voor: het scheiden,
reinigen en eventueel verkleinen van kunststofafval voor recycling,
b. bestaande uit:
scheidingsapparatuur, een wassysteem, een droger, (eventueel) een
shredder of maalmolen, (eventueel) een wervelbed en (eventueel) een
zigzag zifter.
F 8323
Kunststofproductie-installatie voor
kunststofrecycling
a. bestemd voor: het verwerken van
kunststofafval, niet afkomstig van de eigen installatie, tot
producten of halffabricaten, door een bedrijf dat kunststofafval
verwerkt, waarbij het bedrijf ten hoogste 5% nieuwe kunststof (virgin
material) bijmengt,
b. bestaande uit: een extruder of
spuitgietmachine of een pers- of intrusie-installatie, (eventueel)
een was- en drooginstallatie, (eventueel) een mengschroef of
smelthomogenisator, (eventueel) een smeltzuiveringsinstallatie,
(eventueel) een compoundeerinstallatie, (eventueel) een accumulator
en (eventueel) een spuitkop of matrijs.
A 8349
Mobiele grondontsmettingsmachine
a. bestemd voor: het met een mobiele
machine ontsmetten van grond in de glastuinbouw door hete
luchtinjectie tijdens het omspitten van de grond,
b. bestaande uit: een zelfrijdende
spitmachine met luchtverhitter.
B 8361
Plantrobot met volledig gecontroleerde
toediening van bodemfungiciden
a. bestemd voor: het tijdens één
handeling gecontroleerd behandelen van de onderkant van perspotten
met een bodemfungicide en het beplanten van deze perspotten,
b. bestaande uit: een plantrobot met
spuiteenheid voor bodemfungiciden.
B 8362
Potafdekinstallatie
a. bestemd voor: het in de boom-,
vaste planten- of sierteelt tegengaan van de groei van onkruid in de
potten, door het machinaal strooien van een afdeklaag bestaande uit
los organisch materiaal op de bovenzijde van het substraat,
b. bestaande uit: een elevator, een
doseersysteem, transportbanden en een trilsysteem.
B 8380
Rijenbemestingseenheid
a1. bestemd voor: de rijenbemesting
in de teelt van boomkwekerijgewassen in de vollegrond,
b1. bestaande uit: een voorraadbak,
een mechanische of hydraulische aandrijving, een strooi-inrichting
en een verdeelmechanisme, of
a2. bestemd voor: nauwkeurige
rijenbemesting van teelt in de vollegrond, waarbij geen meststoffen
op de paden worden afgegeven,
b2. bestaande uit: een voorraadbak,
een mechanische, pneumatische of hydraulische aandrijving en een
strooi-inrichting met zijwaarts begrensde uitstroomopeningen of een
kunstmestgiftsysteem direct in de rij onder de planten, waarbij
sleepslang- en zodenbemesters niet in aanmerking komen voor
milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
A 8400
Mechanische coatingslijn voor het coaten
van bloembollen of knollen
a. bestemd voor: het coaten en
vervolgens drogen van bloembollen of knollen, waarbij deze worden
behandeld met een biologisch afbreekbare, niet-toxische coating die
de bloembollen of knollen beschermt en de stofwisseling remt,
waarbij de overtollige coating wordt opgevangen en hergebruikt,
b. bestaande uit: invoerstation,
dompelinstallatie, luchtmessen, afvuleenheid, afdruip-en coating
terugwinningscarrousel, kistvulverpakkingsstation, coatingsvoorraad
en doseringseenheid, pompen en elektromotoren.
A 8410
Toedieningssysteem voor
gewasbeschermingsmiddelen of meststoffen tijdens het zaaien
a. bestemd voor: het tijdens het
zaaien van zaden in trays of perspotten toedienen van
gewasbeschermingsmiddelen of meststoffen exact op de plek waar het
zaad wordt gezaaid, waarbij gebruik gemaakt wordt van een op het
tray-of perspottenformaat afgestemde spuitboom met zeer nauwkeurige
elektromagnetische ventielen,
b. bestaande uit: een spuitboom,
elektromagnetische ventielen, een dripeenheid, een
besturingseenheid, een mengeenheid, voorraadvat(-en) en een
magneetgekoppelde circulatiepomp, exclusief de zaaimachine en de
zaailijn.
B 8420
Systeem voor bollenbroei op stromend
water
a. bestemd voor: het broeien van
bollen op stromend water met een eb- en vloedsysteem, waarbij geen
potgrond wordt gebruikt en waarbij het water wordt gerecirculeerd,
b. bestaande uit: broeicontainers
voor eb- en vloedsysteem, een eb- en vloedsysteem, een
waterrecirculatiesysteem, een waterontsmettingsinstallatie en een
waterbroeicontainerwasser of -ontsmetter, exclusief
containertransportsystemen.
B 8430
Permanente afdekinstallatie voor
kuilvoerplaatsen
a. bestemd voor: het afdekken van
kuilvoer met een mechanisch op- en afrolbaar permanent dekkleed
voorzien van kanalen die met water gevuld worden om het kuilvoer aan
te drukken,
b. bestaande uit: een dekkleed met
waterslurven en een afdekmachine.
F 8450
Hoge druk pasteurisatie-installatie voor
conservering van verse levensmiddelen
a. bestemd voor: het gedurende enkele
minuten onder hoge druk (400–600 MPa) pasteuriseren van verse
levensmiddelen bij kamertemperatuur waardoor de houdbaarheid
verlengd wordt,
b. bestaande uit: een hoge drukvat,
een juk, een systeem om het vat op druk te brengen, een systeem voor
het laden en lossen en een regeleenheid.
Toelichting: Deze conserveringstechniek
wordt ook High Pressure Processing (HPP) genoemd.
F 8470
Heteluchtbehandelingsinstallatie
a. bestemd voor: het thermisch
bestrijden van houtaantastende insecten en schimmels waarbij de kern
van hout of muurwerk gedurende ten minste 1 uur wordt opgewarmd tot
ten minste 55 °C, ter vervanging van behandeling met
bestrijdingsmiddelen,
b. bestaande uit: een
verwarmingssysteem, een uitblaaseenheid, sensoren en een
besturingssysteem.
B 9096
Saneringssysteem voor gestimuleerde
afbraak in de bodem
a. bestemd voor: het in situ saneren
van bodem- of grondwaterverontreiniging door het activeren van
aërobe of anaërobe microbiologische processen in de bodem door
injectie van lucht, voedingsstoffen of elektronendonoren,
b. bestaande uit: injectie- of
doseerapparatuur, injectie- en onttrekkingsfilters, een
elektronische monitorings- en regeleenheid en (eventueel) een
bio-actieve toplaag.
A 9097
Saneringssysteem voor verdergaande
gestimuleerde afbraak in de bodem
a. bestemd voor: het in situ saneren
van bodem- of grondwaterverontreiniging door het activeren van
aërobe en anaërobe microbiologische processen in de bodem door
injectie van micro-organismen in combinatie met (verrijkt)
dragergas, voedingsstoffen of elektronendonoren,
b. bestaande uit: injectie- of
doseerapparatuur, injectie- en onttrekkingsfilters, (eventueel) een
elektronische monitorings- en regeleenheid, (eventueel)
zuurstofverrijkingsapparatuur.
B 9098
Saneringssysteem voor gestimuleerde
vastlegging in de bodem
a. bestemd voor: het in situ saneren
van bodem- of grondwaterverontreiniging door het door injectie van
voedingsstoffen of sulfaat, doen neerslaan van metaalsulfiden in de
bodem en daarmee immobiliseren van de verontreiniging,
b. bestaande uit: injectie- of
doseerapparatuur, injectie- en onttrekkingsfilters en (eventueel)
een elektronische monitorings- en regeleenheid.
A 9099
Saneringssysteem voor verdergaande
gestimuleerde vastlegging in de bodem
a. bestemd voor: het in situ saneren
van bodem- of grondwaterverontreiniging door het door injectie van
micro-organismen in combinatie met voedingsstoffen of sulfaat, doen
neerslaan van metaalsulfiden in de bodem en daarmee immobiliseren
van de verontreiniging,
b. bestaande uit: injectie- of
doseerapparatuur, injectie- en onttrekkingsfilters en (eventueel)
een elektronische monitorings- en regeleenheid.
B 9101
Systeem voor nuttig gebruik van
saneringswater in processen
a. bestemd voor: het winnen en als
koel- of proceswater aanwenden van verontreinigd grondwater in de
zin van de Wet bodembescherming, waarbij het water geloosd wordt op
het riool of het oppervlaktewater,
b. bestaande uit: onttrekkingsfilters,
leidingwerk, een pomp, (eventueel) een warmtewisselaar, (eventueel)
een elektronische monitorings en regeleenheid en (eventueel) een
zuiveringswerk voor de aanwending van het saneringswater, waarbij
het zuiveringswerk om te lozen niet in aanmerking komt voor de
milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
Toelichting: Het zuiveringswerk dat nodig
is om aanwending van het saneringswater mogelijk te maken, komt wel in
aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek en de willekeurige
afschrijving milieu-investeringen.
A 9102
Grondwaterbeheerssysteem met duurzame
energievoorziening
a. bestemd voor: het beheersen van
grondwater met verontreinigingen in de zin van de Wet
bodembescherming, die op de betreffende locatie aantoonbaar niet
gesaneerd kunnen worden en waarbij de energievoorziening van de
beheersing ten behoeve van de exploitatiefase voor ten minste 75%
ter plaatse wordt opgewekt uit duurzame energiebronnen,
b. bestaande uit: onttrekkings- en
infiltratiefilters, leidingwerk, (eventueel) overige apparatuur ten
behoeve van beheersing van de verontreiniging en (eventueel) een
elektronische monitorings- en regeleenheid, exclusief de duurzame
energievoorziening.
Toelichting: Duurzame
energievoorzieningen komen mogelijk in aanmerking voor de
energie-investeringsaftrek of de regeling Stimulering Duurzame
Energieproductie.
F 9103
Saneringssysteem met nuttig gebruik van
saneringswater voor koude-warmte opslag
a. bestemd voor: het saneren van
verontreinigd grondwater in de zin van de Wet bodembescherming,
waarbij het verontreinigd grondwater nuttig gebruikt wordt voor een
open koude-warmteopslagsysteem voor energievoorziening en waarbij
tevens sprake is van zuivering van het te infiltreren grondwater met
een zuiveringswerk,
b. bestaande uit: onttrekkings- en
infiltratiefilters, leidingwerk, een pomp, (eventueel) een
warmtewisselaar, (eventueel) een elektronische monitorings- en
regeleenheid en (eventueel) een zuiveringswerk voor het te
infiltreren grondwater.
Toelichting: Investeringen in een
koude-warmteopslagsysteem of aanverwante installaties, die niet
gekoppeld zijn aan grondwatersaneringsactiviteiten komen mogelijk in
aanmerking voor de energie-investeringsaftrek.
B 9104
Systeem voor nuttig gebruik van
saneringswater voor koude-warmte opslag
a. bestemd voor: het nuttig gebruik
van verontreinigd grondwater in de zin van de Wet bodembescherming
voor een open koude-warmteopslagsysteem voor energievoorziening en
waarbij de verontreinigingsvlek aantoonbaar geohydrologisch beheerst
wordt,
b. bestaande uit: onttrekkings-en
infiltratiefilters, leidingwerk, een pomp, (eventueel) een
warmtewisselaar en (eventueel) een elektronische monitorings- en
regeleenheid.
Toelichting: Investeringen in een
koude-warmteopslagsysteem of aanverwante installaties, die niet
gekoppeld zijn aan grondwatersaneringsactiviteiten komen mogelijk in
aanmerking voor de energie-investeringsaftrek.
B 9105
Directe chemische oxidatie-installatie
voor bodemsanering
a. bestemd voor: het in situ oxideren
van bodemverontreiniging door het gericht inbrengen van oxidanten in
de bodem, waardoor de bodemverontreiniging chemisch wordt
gereduceerd tot onschadelijke componenten,
b. bestaande uit: injectie-of
doseerapparatuur, injectie- en onttrekkingsfilters en (eventueel)
een elektronische monitorings- en regeleenheid.
B 9106
Stoomstripsysteem voor bodemsanering
a. bestemd voor: het in situ saneren
van bodem- of grondwaterverontreiniging, waarbij de vervuiling door
het in de bodem brengen van stoom wordt gemobiliseerd of afgebroken,
b. bestaande uit: injectie-of
doseerapparatuur, injectie- en onttrekkingsfilters en (eventueel)
een elektronische monitorings- en regeleenheid.
B 9107
Reactief scherm voor bodemsanering
a. bestemd voor: het ondergronds
beheersen van verontreiniging van bodem of grondwater, waarbij de
verontreiniging door een in de bodem aangelegd reactief scherm wordt
geleid en hierin wordt afgebroken of vastgelegd,
b. bestaande uit: reactief materiaal
of infiltratiefilters, een poort, (eventueel) een impermeabele wand
en (eventueel) een elektronische monitorings- en regeleenheid.
A 9109
Onderzuigapparatuur voor sanering of
verlaging van bodems
a. bestemd voor: het saneren of
verlagen van droge of natte bodems door onderzuigen, waarbij
minimale roering van de toplaag plaatsvindt,
b. bestaande uit: een pomp, een
zuiglans (inclusief ladder) of een zuigmes, een
procescontrolesysteem, leidingwerk en (eventueel) een
wateropslagtank, waarbij het draag- en vervoermiddel (ponton of
hydraulische kraan) niet in aanmerking komt voor
milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving
milieu-investeringen.
B 9114
Baggerspeciereinigingssysteem voor (an)organische
verontreinigingen
a. bestemd voor: het stimuleren van
de biologische afbraak van organische stoffen in baggerspecie in een
installatie of een civiel-technisch werk, waarbij de uitgeloogde
anorganische stoffen in groenafval, dat niet geschikt is voor
compostering, worden vastgelegd en de gereinigde baggerspecie nuttig
wordt toegepast,
b. bestaande uit: een
depotconstructie met vloeistofdichte onderafsluiting, een
groenfilter, een waterdoseersysteem en (eventueel) een waterbuffer.
A 9121
Moerasbed-of helofytenfilter
a. bestemd voor: het zuiveren van
oppervlaktewater met een drijvend of vast filtersysteem samengesteld
uit bodemmateriaal en waterzuiverende beplanting, al dan niet
opgenomen in een natuurvriendelijke oever zijnde een glooiende oever
met, bij voorkeur gebiedseigen, begroeiing,
b. bestaande uit: een filtersysteem,
(eventueel) apparatuur voor het opwekken van elektriciteit uit
zonne-energie, (eventueel) een pomp en exclusief terrassen,
beschoeiingen, kunstobjecten en reclameuitingen.
Toelichting: Moerasbed- of
helofytenfilters die gebruikt worden voor het zuiveren van afvalwater of
effluent komen niet in aanmerking.
B 9130
Bioreactor met verminderde slibretentie
voor stikstofverwijdering
a. bestemd voor: de biologische
behandeling van stikstofrijk afvalwater waarbij nitrificatie en
denitrificatie plaatsvindt zonder nitraatvorming,
b. bestaande uit: een bioreactor, een
(lamellen)afscheider, een chemicaliëndosering, een compressor, een
beluchtingsinstallatie, een menger, een koolstofbrondosering en
(eventueel) een warmtewisselaar, exclusief voorzuiveringstechnieken
en voorzieningen voor het beschermen van apparatuur tegen
weersinvloeden.
B 9131
Aërobe membraanbioreactor
a. bestemd voor: het aëroob zuiveren
of recyclen van spoel- of afvalwaterstromen in een aërobe
biologische zuiveringsinstallatie onder gelijktijdige verwijdering
van gezuiverd water via membraantechnologie,
b. bestaande uit: een biologische
waterzuiveringsinstallatie, een membraanfiltratie-eenheid en
(eventueel) een recirculatieleiding, exclusief
voorzuiveringstechnieken en voorzieningen voor het beschermen van
apparatuur tegen weersinvloeden.
B 9163
Aërobe korrelslibreactor
a. bestemd voor: het aëroob omzetten
van verontreinigingen in afvalwaterstromen door bacteriën die in
agglomeraten groeien en stabiele granules vormen, waardoor de
scheiding van gezuiverd water en korrels in de reactor zelf
plaatsvindt en separate nabezinking wordt vermeden,
b. bestaande uit: een reactor met
aëroob korrelslib en (eventueel) een voorbehandelingseenheid,
exclusief voorzuiveringstechnieken en voorzieningen voor het
beschermen van apparatuur tegen weersinvloeden.
B 9170
Anaërobe reactor voor gelijktijdige
verwijdering van metalen en zwavel
a. bestemd voor: het biologisch onder
anaërobe omstandigheden verwijderen van metalen uit afvalwater
onder gelijktijdige verwijdering van sulfide, sulfaat of organische
zwavelverbindingen,
b. bestaande uit: een anaërobe
reactor, een reactor waarin de metalen neerslaan en (eventueel)
terugwinapparatuur voor de verwijderde metalen, exclusief
voorzuiveringstechnieken en voorzieningen voor het beschermen van
apparatuur tegen weersinvloeden.
A 9180
Anaërobe waterbehandelingsinstallatie
a. bestemd voor: de omzetting van
verontreinigingen in afvalwaterstromen niet afkomstig uit de
voedingsmiddelen- en biobrandstoffenindustrie door anaërobe
micro-organismen, al dan niet in een membraanbioreactor, waarbij het
vrijkomende biogas nuttig wordt toegepast,
b. bestaande uit: een bioreactor,
(eventueel) een verzuringsreactor, (eventueel)
membraanfiltratie-eenheid, (eventueel) apparatuur voor het opwerken
van grondstoffen (niet zijnde biogas) voor hergebruik en (eventueel)
een biogasopslag, exclusief apparatuur ter aanwending en behandeling
van het vrijkomende biogas, voorzuiveringstechnieken en
voorzieningen voor het beschermen van apparatuur tegen
weersinvloeden.
A 9200
Chloorbleekloogvrije
ontsmettingsinstallatie voor apparatuur en processen
a. bestemd voor: het ter plaatse door
elektrolyse bereiden van een desinfectiemiddel uit water en zout,
waarbij geen chloorbleekloog wordt gevormd, voor:
1. het ontsmetten van medische
apparatuur, ter bestrijding van de MRSA-bacterie, of
2. het ontsmetten van
procesinstallaties of oppervlakken die worden gebruikt bij de
bereiding van voedsel of dranken,
b. bestaande uit: een installatie
voor het ter plaatse bereiden en toepassen van het desinfectiemiddel.
A 9201
Chloorbleekloogvrije
ontsmettingsinstallatie voor stallen of kassen
a. bestemd voor: het ter plaatse door
elektrolyse bereiden van een desinfectiemiddel uit water en zout,
waarbij geen chloorbleekloog wordt gevormd, voor:
1. het ontsmetten van stallen ter
vervanging van formalineverneveling, of
2. het bestrijden van ziekten en
plagen in de glastuinbouw, ter vervanging van het gebruik van
andere chemische gewasbeschermingsmiddelen,
b. bestaande uit: een installatie
voor het ter plaatse bereiden en toepassen van het desinfectiemiddel.
B 9220
(Katalytische) Oxidatiereactor voor
waterreiniging
a. bestemd voor: het al dan niet
katalytisch oxideren met waterstofperoxide, zuurstofradicalen, ozon
of UV-bestraling van,
1. hormoonverstorende stoffen of
antibiotica in afvalwater uit de medische sector of de
geneesmiddelenindustrie, of
2. Legionella in inpandige
waterleidingen,
b. bestaande uit: oxidatiereactor(en)
met apparatuur voor het genereren van oxidatoren, (eventueel)
doseer- of injectieapparatuur, (eventueel) een restozonvernietiger,
(eventueel) een recirculatietank, (eventueel) een recirculatiepomp,
(eventueel) een biologisch actief koolfilter en exclusief
voorzuiveringsapparatuur.
B 9221
Natte thermische oxidatie van slib onder
hoge druk
a. bestemd voor: het nat oxideren van
slib, eventueel in combinatie met andere reststromen mits de
verwerking van deze reststromen ten minste gelijkwaardig is aan de
minimumstandaard die het Landelijk afvalbeheerplan 2009–2021
voorschrijft, onder een druk van ten minste 100 bar en een
temperatuur van ten minste 180°C, waarbij alleen kleine
onschadelijke moleculaire verbindingen en zuiver water overblijven
en waarbij de anorganische bestanddelen nuttig worden toegepast,
b. bestaande uit: een
oxidatiereactor, een verwarmingseenheid, een warmtewisselaar en
compressie-apparatuur, exclusief ontwateringseenheid en
nageschakelde waterzuiveringsinstallatie.
B 9240
Destillatie-installatie met
damprecompressie
a. bestemd voor: het destilleren van
vloeibare afvalstoffen, waarbij de damp door thermisch of mechanisch
bewerkstelligde drukverhoging condenseert bij een hogere temperatuur
dan het atmosferische kookpunt, waardoor de condensatiewarmte kan
worden benut,
b. bestaande uit: een
destillatiekolom met een thermische of mechanische
damprecompressie-eenheid.
B 9270
(Waterzuiverings-)installatie voor
chemisch verontreinigd spuiwater uit de fruit- of witlofteelt
a. bestemd voor: het tegengaan van de
emissie van chemische verontreinigingen, zoals meststoffen en
bestrijdingsmiddelen, afkomstig uit de fruit- of witlofteelt, via
drainwaterlozing of spoelwaterlozing naar het oppervlaktewater, voor
zover daarvoor geen wettelijke verplichting bestaat,
b. bestaande uit: apparatuur ter
voorkoming van emissie van chemische verontreinigingen of een
waterzuiveringseenheid.
A 9271
Installatie voor het verminderen van
gewasbeschermingsmiddelen in te lozen drainwater uit de glastuinbouw
a. bestemd voor: het tegengaan van de
emissie van gewasbeschermingsmiddelen afkomstig uit de glastuinbouw
via drainwaterwaterlozing,
b. bestaande uit: een installatie
voor het zuiveren van te lozen drainwater of voor het anders
toedienen of afvangen van gewasbeschermingsmiddelen in de kas en
(eventueel) een geavanceerde debietmeter.
F 9272
Voorziening voor het voorkomen van de
lozing van drainwater van de glastuinbouw (aanpassing bestaande
situatie)
a. bestemd voor: het voorkomen van
lozing van drainwater als gevolg van het telen van gewassen in een
glastuinbouwkas, ten opzichte van de bestaande situatie waarin
drainwaterlozing wel plaatsvindt,
b. bestaande uit: (eventueel)
waterzuiveringsapparatuur, (eventueel) een installatie voor
aanpassing van de water- of meststoffenhuishouding in de kas,
(eventueel) een debietmeter en (eventueel) een silo voor de opslag
van drainwater.
F 9273
Apparatuur voor het verminderen van de
hoeveelheid opgepompt grondwater voor gebruik als gietwater in de
glastuinbouw (aanpassing bestaande situatie)
a. bestemd voor: het verminderen van
de hoeveelheid opgepompt grondwater voor de productie van gietwater
voor gebruik in de glastuinbouw met ten minste 45 procent ten
opzichte van de bestaande situatie, waarbij:
– eventuele wijzigingen in de
teeltcapaciteit van de kas in de berekening van de besparing
worden meegenomen,
– de vermindering wordt
gerealiseerd door bijvoorbeeld terugwinnen van water en
grondstoffen uit brijn of de vergroting van regenwatergebruik,
en
– er geen brijn meer in de
bodem wordt gebracht,
b. bestaande uit: apparatuur voor het
terugwinnen van water en grondstoffen uit brijn, een silo en een
regenwateropslagvoorziening.
B 9291
Olieverwerkend geotextiel
a. bestemd voor: het afvangen en
afbreken van lichte minerale olie uit afstromend of percolerend
regenwater op een bedrijfsterrein door in de bodem of onder de
verharding aangebracht waterdoorlatend geotextiel, waarbij de
minerale deeltjes in het geotextiel worden gefixeerd waarna de in de
bodem aanwezige micro-organismen de deeltjes afbreken,
b. bestaande uit: olieverwerkend
geotextiel.
A 9304
Glasversnipperaar voor horecabedrijven
a. bestemd voor: het op locatie
granuleren van glasafval (non-return glas) van een horecabedrijf,
waardoor het afval compact kan worden afgevoerd door of aangeboden
aan een afvalverwerkend bedrijf,
b. bestaande uit: glasversnipperaar.
B 9305
Zelfpersende afvalcontainer op
zonne-energie
a. bestemd voor: het buiten inzamelen
van afval in een afvalbak waarin het afval wordt verdicht door een
pers die op fotovoltaïsche energie werkt,
b. bestaande uit: een afvalbak, een
pers en zonnecellen.
A 9309<
|