| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Wet
Justitie-subsidies
BESLUIT
SUBSIDIE BEWINDVOERDER SCHULDSANERING
Tekst zoals deze geldt op
22 januari 2012
|
|
|
BESLUIT van 6 februari 2001, houdende regels omtrent
het verstrekken van subsidies aan bewindvoerders in verband met de Wet
schuldsanering natuurlijke personen (Besluit subsidie bewindvoerder
schuldsanering)
WIJ BEATRIX,
bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Op voordracht
van Onze Minister van Justitie van 14 november 2000, nr. 5063010/00/6;
Gelet op de artikelen 48c en 48d
van de Wet Justitie-subsidies;
De Raad van State gehoord (advies van 8
december 2000, nr. W03.00.0524/I);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van
Justitie van 31 januari 2001, nr 5074887/01/06;
Hebben
goedgevonden en verstaan;
Hoofdstuk I. Algemene Bepalingen
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. Onze Minister: Onze Minister van Justitie;
b. raad: de raad voor rechtsbijstand;
c. bewindvoerder: de door de rechtbank op grond van artikel 287,
derde lid, Faillissementswet benoemde natuurlijke persoon of
rechtspersoon;
d. bewindvoerderssubsidie: de subsidie ten behoeve van het
optreden, bedoeld inartikel 48c, eerste lid, onderdeel a van de Wet
Justitie-subsidies;
e. ondersteuningssubsidie: de subsidie ten behoeve van de
activiteiten, bedoeld in artikel 48c, eerste lid, onderdeel b van de
Wet Justitie-subsidies;
f. een zaak: een door de bewindvoerder af te wikkelen
schuldsaneringsboedel.
Artikel 2
1. Het bestuur van de raad verstrekt namens Onze Minister subsidie.
2. Onze Minister kan jaarlijks een subsidieplafond vaststellen. Het
bestuur van de raad kan beleidsregels vaststellen omtrent de verdeling
en de uitvoering daarvan.
3. De door Onze Minister verstrekte jaarlijkse subsidie aan het
bestuur van de raad bestaat uit het jaarlijkse totaal van de door het
bestuur van de raad te verstrekken bewindvoerders- en
ondersteuningssubsidies en de vergoeding aan het bestuur van de raad
voor de uitvoering van de wet.
4. Bij ministeriλle regeling kunnen nadere regels worden gesteld
omtrent de onderwerpen genoemd in artikel 42a, eerste lid, van de Wet
op de rechtsbijstand.
5. Titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht is van
overeenkomstige toepassing op de door Onze Minister verstrekte
jaarlijkse subsidie aan het bestuur van de raad.
Artikel 3
1. Het bestuur van de raad verleent subsidie aan bewindvoerders die
voldoen aan door het bestuur van de raad vast te stellen beleidsregels
met betrekking tot deskundigheid, onafhankelijkheid, continuiteit, en
inrichting en omvang van de organisatie.
2. Het bestuur van de raad stelt aan de rechtbanken ten minste
eenmaal per jaar een actuele opgave ter beschikking van personen die
naar zijn oordeel geschikt zijn om voor de bewindvoering in aanmerking
te komen.
3. Het bestuur van de raad verstrekt de subsidie aan de
bewindvoerder of aan de werkgever bij wie de bewindvoerder zijn
werkzaamheden in dienstbetrekking vervult.
Hoofdstuk II. Bewindvoerderssubsidie en bevoorschotting
Artikel 4
1. De bewindvoerderssubsidie wordt verstrekt naar de stand van de
zaak ten tijde van de benoeming tot bewindvoerder en bedraagt per
afgewikkelde zaak, inclusief de door de bewindvoerder verschuldigde
BTW, en onverminderd de aanspraak op een salaris uit hoofde van het
Besluit salaris bewindvoerder:
a. Indien de schulden niet in belangrijke mate voortvloeien uit
beroeps- of bedrijfsmatige werkzaamheden: 1.022.
b. Indien de schulden in belangrijke mate voortvloeien uit
beroeps- of bedrijfsmatige werkzaamheden: 2.266.
2. Indien de in het eerste lid bedoelde subsidie onevenredig hoog
zou zijn in verhouding tot de verrichte werkzaamheden, en indien de
voorlopige toepassing van de schuldsaneringsregeling natuurlijke
personen wordt uitgesproken, kan het bestuur van de raad een lager
bedrag vaststellen dan de bedragen, bedoeld in het eerste lid, maar
niet lager dan 448 per afgewikkelde zaak inclusief de door de
bewindvoerder verschuldigde BTW.
3. Indien sprake is van een gemeenschap van goederen ten aanzien
waarvan voor meer dan een persoon de schuldsaneringsregeling
natuurlijke personen van toepassing is verklaard, wordt de in het
eerste lid bedoelde subsidie verhoogd met de volgende toeslag,
inclusief de door de bewindvoerder verschuldigde BTW:
a. Indien de schulden niet in belangrijke mate voortvloeien uit
beroeps- of bedrijfsmatige werkzaamheden: 205.
b. Indien de schulden in belangrijke mate voortvloeien uit
beroeps- of bedrijfsmatige werkzaamheden: 450.
4. De subsidie, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, wordt
jaarlijks door Onze Minister aangepast overeenkomstig het voor dat
jaar vastgestelde percentage voor de bijdrage in de kosten van de
arbeidsvoorwaardenontwikkeling aan niet VWS-gebonden gepremieerde en
gesubsidieerde sectoren. Het basisbedrag wordt afgerond op hele
euro's.
5. De aanpassing, bedoeld in het vierde lid, vindt plaats met
ingang van de eerste dag van de maand volgend op de datum waarop deze
is vastgesteld, tenzij Onze Minister een andere datum van
inwerkingtreding vaststelt.
6. De subsidie, bedoeld in het eerste lid, wordt verhoogd met een
toeslag van 187, inclusief de door de bewindvoerder verschuldigde
BTW, voor porto- en overige kosten die voortvloeien uit de taak van de
bewindvoerder om belanghebbenden op de hoogte te houden van het
verloop van een schuldsaneringsprocedure. Deze toeslag bedraagt
216 indien de toeslag, bedoeld in het derde lid, wordt toegekend.
7. De door de bewindvoerder in het kader van een zaak gemaakte
noodzakelijke reiskosten, die niet uit de boedel kunnen worden
voldaan, worden op aanvraag, en binnen door het bestuur van de raad te
stellen nadere regels, door het bestuur van de raad vergoed.
Artikel 5
1. Het bestuur van de raad verleent een voorschot voor de krachtens
dit besluit te verstrekken subsidie.
2. Het bestuur van de raad stelt nadere regels vast omtrent de
fasering van de voorschotverlening bedoeld in het eerste lid.
Hoofdstuk III. Ondersteuningssubsidie
Artikel 6
1. De ondersteuningssubsidie kan bestaan uit de centrale
financiering van activiteiten waarvan de bewindvoerder gebruik kan
maken.
2. Het bestuur van de raad kan aan de bewindvoerder of zijn
werkgever of werkgeversorganisatie een ondersteuningssubsidie
verstrekken.
Hoofdstuk IV. Verplichtingen bewindvoerder
Artikel 7
1. De bewindvoerder is verplicht zich voldoende in te spannen een
akkoord na te streven, een zaak zorgvuldig te behandelen, een goed
beleid en beheer te voeren en, onverminderd zijn wettelijke
verplichtingen uit hoofde van zijn taakvervulling als bewindvoerder,
alle verplichtingen die het bestuur van de raad op grond van dit
besluit aan de subsidie verbindt, na te leven.
2. De bewindvoerder dient te vermijden dat zijn vrijheid en
onafhankelijkheid bij de uitoefening van zijn werkzaamheden in gevaar
zouden kunnen komen.
3. De bewindvoerder die tekortschiet in zijn wettelijke
verplichtingen, waaronder die op grond van het eerste of het tweede
lid, kan door het bestuur van de raad een aanspraak op subsidie geheel
of gedeeltelijk worden ontzegd. Het bestuur van de raad hoort bij
toepassing van de artikelen 4:46, 4:48 of 4:49 van de Algemene wet
bestuursrechtde betrokken rechter-commissaris.
Artikel 8
1.Overdracht van een zaak heeft geen invloed op de hoogte van de
subsidie.
2.De subsidie wordt betaald aan de bewindvoerder die de zaak
afwikkelt, met inachtneming van een verrekening met het voorschot van
artikel 5.
Hoofdstuk V. Slotbepalingen
Artikel 9
1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum
van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en
werkt terug tot en met 1 december 2000.
2. Het bestuur van de raad kan een compensatieregeling treffen voor
bewindvoerders die zijn benoemd onder het tijdelijk subsidiebesluit
bewindvoerder schuldsanering in tenminste vijfentwintig zaken.
Artikel 10
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit subsidie bewindvoerder
schuldsanering.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de
daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal
worden geplaatst.
's-Gravenhage, 6 februari 2001
BEATRIX
De Minister van Justitie,
A.H. Korthals
Uitgegeven de twintigste februari 2001
De Minister van Justitie,
A.H. Korthals
|
|
|