| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Wet verontreiniging
oppervlaktewateren (WVOW)
AANWIJZINGSBESCHIKKING
TOEZICHTHOUDENDE AMBTENAREN WET VERONTREINIGING
OPPERVLAKTEWATEREN
Tekst zoals deze geldt op
7 juni 2008
Vervallen
m.i.v. 12 november 2008
|
|
|
De Minister van
Verkeer en Waterstaat;
Overwegende dat de Beschikking van 9 februari
1990, nr. R 51641, Hoofddirectie van de Waterstaat, waarbij ambtenaren
van de Rijkswaterstaat werden belast met het toezicht op de naleving van
het bij of krachtens de Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Stb.
1992, 628) bepaalde of bevolene, wijziging behoeft in verband met
wijziging van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren;
Gelet op artikel 25 van de Wet verontreiniging
oppervlaktewateren juncto artikel 18.4 van de Wet milieubeheer (Stb.
1992, 551);
Besluit:
Onder intrekking van de beschikking van
9 februari 1990, nr. R 51641, aan te wijzen als ambtenaren belast met
het toezicht op de naleving van het bij of krachtens de Wet
verontreiniging oppervlaktewateren bepaalde of bevolene de ambtenaren
van de Rijkswaterstaat, werkzaam bij:
I. De regionale directies:
a. De functionarissen die daadwerkelijk belast zijn met de
handhaving van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren;
b. De functionarissen die daadwerkelijk belast zijn met de
behandeling van aanvragen om vergunning op grond van de Wet
verontreiniging oppervlaktewateren;
c. De bemanning van vaartuigen, luchtvaartuigen en kunstwerken;
d. De hoofden en medewerkers van dienstkringen en
scheepvaartdiensten, belast met het feitelijk beheer van wateren.
II. De dienst RIZA:
a. de laboranten;
b. het hoofd en de medewerkers van de afdeling heffing en
handhaving;
De beschikking wordt geplaatst in de Staatscourant
en treedt in werking met ingang van de dag volgend op die der
bekendmaking.
De Minister voornoemd,
namens deze,
de directeur-generaal van de Rijkswaterstaat,
H.R. van Woerden, I.D.-G.
|
|
|