a. ondernemingen toebehorende aan een natuurlijk persoon of
Europese economische samenwerkingsverbanden: € 3,22;
b. verenigingen of stichtingen die een onderneming drijven: €
6,44;
c. vennootschappen onder firma, maatschappen en rederijen: €
6,44;
d. commanditaire vennootschappen: € 9,66;
e. coöperaties, Europese coöperatieve vennootschappen en
onderlinge waarborgmaatschappijen met een aantal werkzame personen
tot 50: € 9,66;
f. naamloze vennootschappen, Europese naamloze vennootschappen
en besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid met een
aantal werkzame personen tot 50: € 9,66;
g. vennootschappen en rechtspersonen opgericht naar het recht
van een ander land dan Nederland met een aantal werkzame personen
tot 50: € 9,66;
h. naamloze vennootschappen, Europese naamloze vennootschappen
en besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid met een
aantal werkzame personen van 50 tot 250: € 25,76;
i. coöperaties, Europese coöperatieve vennootschappen en
onderlinge waarborgmaatschappijen met een aantal werkzame personen
van 50 tot 250: € 25,76;
j. vennootschappen en rechtspersonen opgericht naar het recht
van een ander land dan Nederland met een aantal werkzame personen
van 50 tot 250: € 25,76;
k. coöperaties, Europese coöperatieve vennootschappen en
onderlinge waarborgmaatschappijen met een aantal werkzame personen
van 250 of meer: € 64,40;
l. naamloze vennootschappen, Europese naamloze vennootschappen
en besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid met een
aantal werkzame personen van 250 of meer: € 64,40;
m. vennootschappen en rechtspersonen opgericht naar het recht
van een ander land dan Nederland met een aantal werkzame personen
van 250 of meer: € 64,40;
n. publiekrechtelijke rechtspersonen die een onderneming
drijven: € 6,44;
o. kerkgenootschappen die een onderneming drijven: € 3,22;
p. overige rechtspersonen die een onderneming drijven: €
6,44;
q. rechtspersonen die geen onderneming drijven: € 0,–.