St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Wet op de medische keuringen

 

BESLUIT  AANSTELLINGSKEURINGEN

Tekst zoals deze geldt op 20 januari 2012

 

  
 

 

 
BESLUIT van 23 november 2001 tot regeling van de aanstellingskeuringen

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op voordracht van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.F. Hoogervorst, mede namens Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 4 juli 2001, kenmerk AV/RV/2001/40324;
     Gelet op de artikelen 9 en 14, tweede lid, van de Wet op de medische keuringen;
     De Raad van State gehoord (advies van 3 augustus 2001, nr. W12.01.0306/IV);
     Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.F. Hoogervorst, uitgebracht mede namens Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 14 november 2001, Directie Arbeidsverhoudingen, nr. AV/RV/2001/40324;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

§ 1. Algemene bepalingen

Begripsbepaling

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder

a. arbodienst: de arbodienst, bedoeld in de Arbeidsomstandighedenwet;

b. deskundige persoon: een persoon als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet die belast is met de taken, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdeel c, van die wet.

c. wet: de Wet op de medische keuringen.

Toepasselijkheid

Artikel 2

Dit besluit is van toepassing op een keuring als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, onder 1° en 2°, van de wet.

§ 2. De aanstellingskeuring

Artikel 3

1. Keuringen worden slechts verricht indien aan de vervulling van de functie, waarop de arbeidsverhouding of aanstelling in openbare dienst betrekking heeft, en de daarbij behorende taken bijzondere eisen op het punt van de medische geschiktheid moeten worden gesteld, waaronder wordt begrepen de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de keurling en van derden bij de uitvoering van de desbetreffende arbeid, terwijl de risico's voor de gezondheid en veiligheid niet met gangbare maatregelen, overeenkomstig de stand der wetenschap en professionele dienstverlening, kunnen worden gereduceerd.

2. De keuringvrager legt de eisen, bedoeld in het eerste lid, schriftelijk vast. Alvorens hij deze eisen alsmede het doel van de keuring, de vragen welke ten aanzien van de gezondheid zullen worden gesteld, en de medische onderzoeken welke mogen worden verricht, schriftelijk vastlegt, vraagt hij daarover en over de rechtmatigheid van de keuring schriftelijk advies aan een deskundige persoon of een arbodienst.

Artikel 4

Bij elke werving voor een functie waarvoor een keuring als bedoeld in artikel 3, eerste lid, zal worden verricht, wordt het verrichten van die keuring vermeld.

Artikel 5

Onverminderd artikel 8, tweede lid, van de wet stelt de keuringvrager de keurling tijdig voor de aanvang van de keuring desgevraagd het advies van de deskundige persoon of de arbodienst ter beschikking en informeert hij de keurling over de mogelijkheid om een klacht in te dienen bij de commissie klachtenbehandeling aanstellingskeuringen, bedoeld in artikel 3 van het Besluit klachtenbehandeling aanstellingskeuringen.

§ 3. Slotbepalingen

Evaluatie

Artikel 6

Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zendt in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport binnen drie jaar na inwerkingtreding van dit besluit aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van dit besluit in de praktijk.

Inwerkingtreding

Artikel 7

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Citeertitel

Artikel 8

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit aanstellingskeuringen.

 

 

     Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

 

's-Gravenhage, 23 november 2001

 

BEATRIX

 

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J.F. Hoogervorst

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E. Borst-Eilers

 

Uitgegeven de dertiende december 2001
De Minister van Justitie,
A.H. Korthals

 

 

 

 

    
 

x

   

home | de wet | alle wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x