| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Wet op het
consumentenkrediet (Wck)
BESLUIT
KREDIETVERGOEDING
Tekst zoals deze geldt op
21 januari 2012
|
|
|
BESLUIT van 16 oktober 1991, houdende regels ter
uitvoering van artikel 35 van de Wet op het consumentenkrediet
WIJ BEATRIX,
bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Op de
voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 6 mei 1991,
nr. 91041078 WJA/W, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van
Financiën;
Gelet op de artikelen 35, 50, derde lid, en 64
van de Wet op het consumentenkrediet (Stb. 1990, 395);
Gehoord de Adviescommissie consumentenkrediet;
De Raad van State gehoord (advies van 26
september 1991, nr. W10.91.0236);
Gezien het nader rapport van de
Staatssecretaris van Economische Zaken van 7 oktober 1991, nr. 91088192
WJA/W, uitgebracht in overeenstemming met Onze Minister van Financiën;
Hebben
goedgevonden en verstaan:
Hoofdstuk I. Algemene bepalingen
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. wet: de Wet op het consumentenkrediet (Stb. 1990, 395);
b. betalingstermijn: het tijdvak dat ligt tussen:
1°. het tijdstip waarop ter uitvoering van een
krediettransactie door de kredietgever een geldsom ter
beschikking wordt gesteld onderscheidenlijk met het verschaffen
van het genot van een zaak of het verlenen van een dienst een
aanvang wordt gemaakt en het tijdstip waarop de kredietnemer de
eerste betaling moet hebben gedaan, dan wel
2°. twee opeenvolgende tijdstippen waarop de kredietnemer
ter uitvoering van een krediettransactie een betaling moet
hebben gedaan;
c. termijnbedrag: het bedrag van een betaling die de kredietnemer
aan het einde van een betalingstermijn moet hebben gedaan;
d. betalingsregeling: de regeling van de hoogte van de
termijnbedragen, alsmede de lengte en, bij niet-doorlopend krediet,
het aantal van de betalingstermijnen, welke in het kader van een
krediettransactie van toepassing is;
e. kredietvergoedingspercentage per betalingstermijn: de
kredietvergoeding die over een betalingstermijn in rekening wordt
gebracht, uitgedrukt in een percentage van het uitstaand saldo aan
het begin van die betalingstermijn;
f. vaste kredietvergoeding: kredietvergoeding ten aanzien waarvan
bij het aangaan van de krediettransactie is overeengekomen dat het
kredietvergoedingspercentage per betalingstermijn gedurende de
looptijd gelijk blijft;
g. variabele kredietvergoeding: kredietvergoeding ten aanzien
waarvan bij het aangaan van de krediettransactie is overeengekomen
dat het kredietvergoedingspercentage per betalingstermijn gedurende
de looptijd kan worden gewijzigd;
h. kredietvergoeding bij regelmatige afwikkeling: de in artikel
34, onder a, van de wet bedoelde vorm van kredietvergoeding;
i. vertragingsvergoeding: de in artikel 34, onder b, van de wet
bedoelde vorm van kredietvergoeding.
Artikel 2
Voor de toepassing van dit besluit wordt een bij een
krediettransactie in maanden, kwartalen of jaren uitgedrukte
betalingstermijn beschouwd als een gedurende de looptijd gelijk
blijvende betalingstermijn, indien dit in een tot de krediettransactie
behorende overeenkomst uitdrukkelijk is overeengekomen.
Artikel 3
Kredietvergoeding over een bepaald tijdvak mag niet eerder in
rekening worden gebracht dan nadat de laatste dag van dat tijdvak is
verstreken.
Hoofdstuk II. Ten hoogste toegelaten kredietvergoeding bij
regelmatige afwikkeling
Afdeling 1. Ten hoogste toegelaten effectieve
kredietvergoedingspercentages op jaarbasis
Artikel 4
Voor de berekening van de ten hoogste toegelaten kredietvergoeding
bij regelmatige afwikkeling geldt de wettelijke rente verhoogd met 12
procentpunten als het ten hoogste toegelaten effectieve
kredietvergoedingspercentage op jaarbasis.
Artikel 5 [Vervallen per 14-04-2000]
Afdeling 2. Berekening van de ten hoogste toegelaten
kredietvergoeding bij regelmatige afwikkeling
Artikel 6
1.De ten hoogste toegelaten kredietvergoeding per betalingstermijn
bij regelmatige afwikkeling van doorlopende krediettransacties met een
variabele kredietvergoeding, waarbij:
a. de betalingstermijn gedurende de looptijd gelijk blijft, of
b. de eerste of de laatste betalingstermijn dan wel die beide
betalingstermijnen afwijkt respectievelijk afwijken van de overige
betalingstermijnen, die gedurende de looptijd gelijk blijven,
wordt, onverminderd het bepaalde in het tweede en derde lid,
berekend als volgt:
KVt= Rt. im,
waarbij:

.In deze formules is:
KVt: de ten hoogste toegelaten kredietvergoeding over de
betalingstermijn met volgnummer t;
Rt: het uitstaand saldo aan het begin van de betalingstermijn met
volgnummer t dan wel, indien het uitstaand saldo als gevolg van
achterstallige betalingen hoger is dan de kredietlimiet: de
kredietlimiet;
im: het honderdste deel van het ten hoogste toegelaten
kredietvergoedingspercentage per betalingstermijn;
i: het honderdste deel van het ingevolge afdeling 1 ten hoogste
toegelaten effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis;
m: het aantal betalingstermijnen per jaar.
2.Indien bij een krediettransactie als bedoeld in het eerste lid
een betaling of het opnemen van een geldsom door de kredietnemer dan
wel het verschaffen van het genot van een zaak of het verlenen van een
dienst aan de kredietnemer, plaatsvinden op een ander tijdstip dan
waarop ingevolge de betalingsregeling uiterlijk een termijnbedrag
dient te worden voldaan, wordt de ten hoogste toegelaten
kredietvergoeding ter zake van de betalingstermijn waarbinnen deze
gebeurtenissen plaatsvinden, op dagbasis berekend, waarbij de ten
hoogste toegelaten kredietvergoeding per dag wordt berekend op de in
artikel 10 aangegeven wijze.
3.In het geval, bedoeld in het eerste lid, onder b, wordt de ten
hoogste toegelaten kredietvergoeding ter zake van de afwijkende
betalingstermijnen op dagbasis berekend, waarbij de ten hoogste
toegelaten kredietvergoeding per dag wordt berekend op de in artikel
10 aangegeven wijze.
Artikel 7
1.De ten hoogste toegelaten totale kredietvergoeding bij
regelmatige afwikkeling van niet-doorlopende krediettransacties met
een vaste kredietvergoeding, waarbij:
a. de betalingstermijn en het termijnbedrag gedurende de
looptijd gelijk blijven, of
b. de betalingstermijn gedurende de looptijd gelijk blijft en
het eerste of het laatste termijnbedrag afwijkt van de overige
termijnbedragen, die gedurende de looptijd gelijk blijven, voor
zover deze afwijking een gevolg is van afrondingen, wordt berekend
als volgt:
TKV = n . T - K,
waarbij:

en

In deze formules is:
TKV: de ten hoogste toegelaten totale kredietvergoeding;
n: het totale aantal betalingstermijnen;
T: het termijnbedrag dat geldt indien het ten hoogste toegelaten
kredietvergoedingspercentage per betalingstermijn wordt gehanteerd;
K: de kredietsom;
im: het honderdste deel van het ten hoogste toegelaten
kredietvergoedingspercentage per betalingstermijn;
i: het honderdste deel van het ingevolge afdeling 1 ten hoogste
toegelaten effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis;
m: het aantal betalingstermijnen per jaar.
2.De ten hoogste toegelaten totale kredietvergoeding bij
regelmatige afwikkeling van niet-doorlopende krediettransacties met
een vaste kredietvergoeding, waarbij de eerste betalingstermijn
afwijkt van de overige betalingstermijnen, voor zover deze afwijking
tot gevolg heeft dat het eerste of het laatste termijnbedrag afwijkt
van de overige termijnbedragen, terwijl die overige betalingstermijnen
en termijnbedragen gedurende de looptijd gelijk blijven, wordt
berekend als de som van:
a. de ten hoogste toegelaten totale kredietvergoeding, berekend
op de in het eerste lid aangegeven wijze, met dien verstande dat
voor de omschrijving van "n" wordt gelezen: het totale
aantal gelijk blijvende betalingstermijnen, en
b. de ter zake van de afwijkende betalingstermijn op dagbasis
berekende ten hoogste toegelaten kredietvergoeding, berekend op de
in artikel 10 aangegeven wijze.
Artikel 8
1.De ten hoogste toegelaten kredietvergoeding per betalingstermijn
bij regelmatige afwikkeling van andere dan de in het tweede lid
alsmede de artikelen 6 en 7 bedoelde krediettransacties wordt berekend
als volgt:
KVt= Rt . imt,
waarbij:

In deze formules is:
KVt: de ten hoogste toegelaten kredietvergoeding over de
betalingstermijn met volgnummer t;
Rt: het uitstaand saldo aan het begin van de betalingstermijn met
volgnummer t dan wel,
1°. indien bij een doorlopende krediettransactie het uitstaand
saldo als gevolg van achterstallige betalingen hoger is dan de
kredietlimiet: de kredietlimiet;
2°. indien bij een niet-doorlopende krediettransactie de
kredietnemer achterstallig is: het uitstaand saldo dat zou bestaan
indien de kredietnemer niet achterstallig zou zijn;
imt: het honderdste deel van het ten hoogste toegelaten
kredietvergoedingspercentage per betalingstermijn met volgnummer t;
i: het honderdste deel van het ingevolge afdeling 1 ten hoogste
toegelaten effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis;
mt: een periode die gelijk is aan een jaar, uitgedrukt in eenheden
van een betalingstermijn met volgnummer t.
2.De ten hoogste toegelaten kredietvergoeding bij regelmatige
afwikkeling van doorlopende krediettransacties waarvoor geen
betalingsregeling van toepassing is wordt berekend op dagbasis.
Daarbij wordt de ten hoogste toegelaten kredietvergoeding per dag
berekend op de in artikel 10 aangegeven wijze.
Artikel 9
1.Indien op een tijdstip na het aangaan van de krediettransactie de
betalingsregeling bij nadere overeenkomst wordt gewijzigd, wordt de
kredietvergoeding bij regelmatige afwikkeling over de laatste
betalingstermijn voor dat tijdstip respectievelijk over de eerste
betalingstermijn na dat tijdstip op dagbasis berekend, indien die
betalingstermijn afwijkt van de overige betalingstermijnen voor
respectievelijk na dat tijdstip. Daarbij wordt de ten hoogste
toegelaten kredietvergoeding per dag berekend op de in artikel 10
aangegeven wijze.
2.Indien de betalingsregeling na de wijziging voldoet aan de
omschrijving van artikel 7, eerste lid, aanhef en onder a of b, dan
wel tweede lid, aanhef, wordt de ten hoogste toegelaten
kredietvergoeding per betalingstermijn bij regelmatige afwikkeling na
dat tijdstip niettemin berekend op de in artikel 8, eerste lid,
aangegeven wijze. De aldus berekende ten hoogste toegelaten
kredietvergoeding treedt in de plaats van de ten hoogste toegelaten
kredietvergoeding die nog in rekening zou kunnen worden gebracht
indien de betalingsregeling niet zou zijn gewijzigd.
Artikel 10
De ten hoogste toegelaten kredietvergoeding per dag bij regelmatige
afwikkeling wordt berekend als volgt:

In deze formule is:
KVd: de ten hoogste toegelaten kredietvergoeding over dag d;
Rd: het uitstaand saldo aan het begin van dag d, dan wel:
1°. indien het gaat om de toepassing van artikel 6, tweede lid,
of artikel 8, eerste lid, en het uitstaand saldo als gevolg van
achterstallige betalingen hoger is dan de kredietlimiet: de
kredietlimiet;
2°. indien het gaat om de toepassing van artikel 7, tweede lid,
onder b, en de kredietnemer achterstallig is: het uitstaand saldo
dat aan het begin van dag d zou bestaan als de kredietnemer niet
achterstallig zou zijn;
i: het honderdste deel van het ingevolge afdeling 1 ten hoogste
toegelaten effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis;
q: het aantal dagen van de maand waarvan dag d deel uitmaakt.
Hoofdstuk III. Ten hoogste toegelaten vertragingsvergoeding
Artikel 11
De ten hoogste toegelaten vertragingsvergoeding wordt op dagbasis
berekend. De ten hoogste toegelaten vertragingsvergoeding per dag wordt
berekend als volgt:

In deze formule is:
VVd: de ten hoogste toegelaten vertragingsvergoeding over dag d;
Ad: het bedrag in de betaling waarvan de kredietnemer aan het begin
van dag d achterstallig is dan wel, indien het een krediettransactie als
bedoeld in artikel 6 betreft, het deel van het uitstaand saldo dat op
dag d de kredietlimiet te boven gaat als gevolg van achterstallige
betalingen;
r: het honderdste deel van het in het kader van de krediettransactie
overeengekomen effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis;
q: het aantal dagen van de maand waarvan dag d deel uitmaakt.
Hoofdstuk IV [Vervallen per 02-06-2011]
Artikel 12 [Vervallen per 02-06-2011]
Artikel 13 [Vervallen per 02-06-2011]
Artikel 14 [Vervallen per 02-06-2011]
Hoofdstuk V. Slotbepalingen
Artikel 15
Ten aanzien van krediettransacties aangegaan voor de wijziging van
het aantal procentpunten waarmee de wettelijke rente, op grond
vanartikel 4, mag worden verhoogd voor de berekening van de ten hoogste
toegelaten kredietvergoeding bij regelmatige afwikkeling, is het ten
hoogste toegelaten effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis
van voor die wijziging van toepassing, mits de krediettransactie binnen
12 maanden na die wijziging wordt beëindigd en het uitstaand saldo
vanaf die wijziging afloopt.
Artikel 16
Indien gedurende de looptijd van een krediettransactie de wettelijke
rente wijzigt, is ten aanzien van de berekening van de ten hoogste
toegelaten kredietvergoeding bij regelmatige afwikkeling het ten hoogste
toegelaten effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis van
toepassing dat gold op het tijdstip waarop:
a. de krediettransactie is aangegaan, indien het betreft vaste
kredietvergoeding;
b. de hoogte van de kredietvergoeding laatstelijk is gewijzigd,
indien het betreft variabele kredietvergoeding.
Artikel 16a
1. Deartikelen 4 tot en met 10 en 15 zijn niet van toepassing
wanneer het jaarlijks kostenpercentage, bedoeld in artikel 1 van het
Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft ten hoogste de
wettelijke rente verhoogd met 12 procentpunten bedraagt.
2. Indien het eerste lid van toepassing is, wordt in artikel 16 in
plaats van "effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis"gelezen:
jaarlijks kostenpercentage.
Artikel 17
Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in
werking treedt.
Artikel 18
Dit besluit kan worden aangehaald als: Besluit kredietvergoeding.
Lasten en bevelen dat dit besluit met
daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal
worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de
Raad van State.
's-Gravenhage, 16 oktober 1991
BEATRIX
De Staatssecretaris van Economische Zaken,
Y.C.M.T. van Rooy
Uitgegeven de veertiende november 1991
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
|
|
|