Artikel 1
Eigen taak notaris
Artikel 2
Ook indien een opdrachtgever anders zou verlangen, blijft de notaris
gehouden de werkzaamheden te verrichten die hij in verband met de
opdracht als notaris behoort te verrichten. Dit geldt ook wanneer door
derden al werkzaamheden zijn verricht.
Onderzoeksplicht registergoederen e.d.
Artikel 3
1.Bij de levering van registergoederen en de vestiging daarop van
beperkte rechten stelt de notaris een zodanig onderzoek in dat over de
rechtstoestand van het registergoed zo min mogelijk onzekerheid
bestaat. Hij vermeldt de gegevens die voor de rechtstoestand van
belang zijn in de akte. De notaris draagt bij de levering van een
registergoed zoveel mogelijk zorg dat de verkoper de koopsom ontvangt
en het verkochte door de koper wordt verkregen overeenkomstig de
gemaakte afspraken voor wat betreft de vrije en onbezwaarde levering.
2.Eenzelfde verplichting als in het eerste lid rust op de notaris
bij de levering van aandelen op naam en bij de vestiging en levering
van beperkte rechten op die aandelen.
Voorlichting; dienstweigering
Artikel 4
1.De notaris is gehouden alle partijen bij de rechtshandeling
waarvoor zijn tussenkomst is ingeroepen voor te lichten met betrekking
tot de gevolgen van de handeling, voor zover de wet of de gewoonte dit
van hem verlangt.
2.Onder andere gegronde redenen van dienstweigering als bedoeld in
artikel 21 lid 2 Wet op het notarisambt werd begrepen dat de notaris
weet of vermoedt dat misbruik wordt gemaakt van juridische onkunde of
feitelijk overwicht. Wanneer de omstandigheden daar aanleiding toe
geven is de notaris gehouden dienaangaande een onderzoek in te
stellen.
3.Onder andere gegronde redenen van dienstweigering als bedoeld in
artikel 21 lid 2 Wet op het notarisambt wordt begrepen dat de notaris
de belangen van partijen niet meer kan behartigen op een wijze die een
behoorlijk notaris betaamt.
Inhoud akte; dienstweigering
Artikel 5
Onder andere gegronde redenen van dienstweigering als bedoeld in
artikel 21 lid 2 Wet op het notarisambt wordt begrepen dat de notaris
weet of vermoedt dat de inhoud van de akte waarvoor zijn tussenkomst is
ingeroepen in strijd is met de waarheid of wanneer de in de akte
vermelde door partijen in acht te nemen formaliteiten van de
rechtshandeling niet in acht zijn genomen. De notaris is gehouden
dienaangaande een onderzoek in ie stellen voor zover de wet of de
gewoonte dit van hem verlangt.
Vaststelling feiten; dienstweigering
Artikel 6
Onder andere gegronde redenen van dienstweigering als bedoeld in
artikel 21 lid 2 Wet op het notarisambt wordt begrepen dat de notaris
verzocht wordt mee te werken aan een vaststellen van feiten dal niet
past bij zijn ambtsuitoefening.
De notaris verleent zijn medewerking al dan met neergelegd in een
proces-verbaalakte aan het vaststellen van feiten alleen wanneer voor
dit vaststellen geen bijzondere deskundigheid is vereist en de feiten
door de notaris met een redelijke mate van zekerheid kunnen worden
vastgesteld.
Geen ontslag geheimhoudingsplicht; doorbreking
Artikel 7
1.
2.Indien de notaris een ernstig vermoeden heeft van het beramen of
plegen van een misdrijf dat een ernstige inbreuk op de rechtsorde
oplevert en de notaris bovendien aanwijzingen heeft dat het gaat om
een misdrijf beraamd of gepleegd in georganiseerd verband, dan kunnen
de eer en het aanzien van het notariaat meebrengen dat de notaris van
zijn vermoeden melding maakt. De melding dient te geschieden aan de
Centrale Recherche Inlichtingendienst te Den Haag.
Ontvangst contanten
Artikel 8
De notaris neemt in geen geval meer in contanten in ontvangst dan het
bedrag dat door het bestuur bij reglement zal worden vastgesteld.
Afwikkeling onverdeeldheid
Artikel 9
1.De notaris die opdracht krijgt tot afwikkeling van een
onverdeeldheid kan niet partijadviseur van de opdrachtgever(s) zijn,
maar moet de belangen behartigen van allen die bij de onverdeeldheid
zijn betrokken.
2.Indien meer notarissen een dergelijke opdracht krijgen wordt de
onverdeeldheid met inachtneming van het vorige lid afgewikkeld door de
notaris die de opdracht heeft ontvangen van hen die voor meer dan de
helft in de onverdeeldheid gerechtigd zijn. Doet dit geval zich niet
voor, dan wel wanneer daartoe door de deelgerechtigden wordt besloten,
dienen de notarissen de onverdeeldheid gezamenlijk, aldus af te
wikkelen.
Dienstverlening
Artikel 10
1.De notaris dient er voor te zorgen, dat zijn kantoor alle
gebruikelijke notariële diensten kan bieden.
2.De notaris licht cliënten tijdig en duidelijk voor over de
financiële consequenties van zijn inschakeling. De notaris mag de
kosten van zijn werkzaamheden niet brengen ten laste van een ander(e)
(deel van de) opdracht of een andere opdrachtgever.
3.De notaris mag in verband met de in lid 1 genoemde verplichting
niet voor een of meer diensten een onredelijk hoge vergoeding vragen
waardoor in feite van die diensten moet worden afgezien.
4.De notaris wijst de cliënt - waar van toepassing - op het
maximumtarief als bedoeld in artikel 56 Wet op het notarisambt, tenzij
er goede gronden zijn om aan te nemen dat deze niet voor maximering
van het tarief in aanmerking komt.
Kantoor en medewerkers
Artikel 11
De notaris dient er voor te zorgen dat de inrichting en de
organisatie van zijn kantoor voldoen aan de eisen van een goede
praktijkuitoefening. Hij ziet er op toe dat zijn medewerkers over de
bekwaamheid beschikken die is vereist voor het verrichten van de aan hen
opgedragen werkzaamheden.
Onafhankelijkheid; verbod provisie e.d.
Artikel 12
1.De notaris dient er voor te zorgen dat hij zijn onafhankelijke
ambtsuitoefening zodanig handhaaft dat hij in financieël opzicht niet
afhankelijk wordt van een bepaalde opdrachtgever, tussenpersoon of
adviseur.
2.De notaris mag voor het verkrijgen van opdrachten aan derden geen
financiële of andere op geld waardeerbare tegemoetkoming geven.
3.Het is de notaris evenmin toegestaan vergoedingen te bedingen of
te aanvaarden die afhankelijk zijn van de uitkomst van zijn arbeid.
Verbod handel en actieve belegging
Artikel 13 [Vervallen per 01-05-2006]
Verzekeringsplicht
Artikel 14
De notaris moet voldoende verzekerd zijn tegen vermogensschaden als
gevolg van aansprakelijkheid, ongeacht uit welken hoofde deze
aansprakelijkheid kan ontstaan, en tegen risico's in de persoonlijke en
de zakelijke sfeer, zoals ziekte, brand en diefstal.
Voldoen aan financiële en andere verplichtingen
Artikel 15
Vermelding opdrachtgever
Artikel 16
De notaris draagt er zorg voor dat in de jaarstukken melding wordt
gemaakt van de in dat jaar aanvaarde, dat wel nog lopende opdrachten
voor projecten waarbij één opdrachtgever, tussenpersoon of adviseur is
betrokken waarvan het wegvallen voor de kantoorvoering meer dan
marginale gevolgen kan hebben.
Collegiale verhoudingen
Artikel 17
1.De notaris dient zich jegens zijn beroepsgenoot als een goede
collega te gedragen.
2.Indien het de notaris blijkt dat een andere notaris is benaderd
voor werkzaamheden die reeds aan hem waren opgedragen en indien zijn
declaratie nog niet is voldaan, dan zal hij, ondanks zijn
retentierecht op tot zijn dossier behorende stukken, deze - in
origineel dan wel in kopie - aan de opvolgend notaris afgeven onder
door de voorzitter van het bestuur van de ring te stellen voorwaarden.
Keuze van de notaris
Artikel 18
1.De notaris dient zoveel mogelijk te voorkomen dat de vrijheid van
notariskeuze onnodig wordt beperkt.
2.De notaris die in een nalatenschap optreedt als executeur kan
niet zonder instemming van de erfgenamen optreden als boedelnotaris.
Verhouding notaris-kantoorgenoten
Artikel 19
1.De notaris dient te voorkomen dat hij in een zaak die hij als
notaris behandelt voor twee of meer partijen, een kantoorgenoot
optreedt ten behoeve van één of meer van de partijen, tenzij alle
betrokkenen - de notaris en de kantoorgenoot daaronder begrepen - met
dit optreden instemmen.
2.De notaris dient te voorkomen dat in een zaak die hij als
partijadviseur behandelt, een kantoorgenoot optreedt ten behoeve van
een andere partij, tenzij alle berokkenen de notaris en de
kantoorgenoten daaronder begrepen met dit advies instemmen.
3.Indien in een situatie als bedoeld in de leden 1 en 2 alsnog een
niet aanstonds overbrugbaar belangenconflict tussen partijen is
ontgaan of dreigt te ontslaan, zal de kantoorgenoot zich moeten
terugtrekken. Trad de notaris op als partijadviseur dan zal ook hij
zich, naast zijn kantoorgenoot, moeten terugtrekken.
Artikel 20
1.De notaris dient te voorkomen dat in een zaak die hij als notaris
behandelt voor twee of meer partijen en waarin een niet aanstonds
overbrugbaar belangenconflict is ontstaan of dreigt te ontstaan, een
kantoorgenoot in dat conflict voor één of enkele van de partijen
gaat optreden.
2.De notaris dient te voorkomen dat in een zaak die hij als
partijadviseur behandelt en waarin tussen de betrokken partijen een
niet aanstonds overbrugbaar belangenconflict is ontstaan of dreigt ie
ontstaan, een kantoorgenoot in dat conflict gaat optreden voor een
andere partij.
Artikel 21
Wanneer naar aanleiding van een door de notaris behandelde zaak of
gegeven advies een conflict ontstaat over het handelen of nalaten van de
notaris dient de notaris te voorkomen dat een kantoorgenoot voor een
andere partij bij het geschil optreedt.
Artikel 22
1.De notaris passeert geen akten bij de totstandkoming waarvan hij
of een kantoorgenoot als partijadviseur van een van partijen betrokken
is geweest, tenzij alle betrokkenen daarmee instemmen. De notaris
trekt zich alsnog terug zodra er een niet aanstonds overbrugbaar
belangenconflict is ontstaan of dreigt te ontstaan.
2.De notaris passeert geen akten waarbij de kantoorgenoot diens
echtgenoot of geregistreerde partner direct of indirect mede als
partij is betrokken, tenzij alle betrokkenen daarmee instemmen.
Samenwerkingsverband met notaris of kandidaat-notaris
Artikel 23
1.De notaris kan een samenwerkingsverband aangaan met een andere
notaris of met een kandidaat-notaris, de uitoefening van de praktijk
dient onder gemeenschappelijke naam te geschieden.
2.De notaris dient bij de uitoefening van zijn praktijk duidelijk
te maken dat hij deel uitmaakt van een samenwerkingsverband. Indien
notarissen of kandidaat-notarissen die geen deel uitmaken van een
dergelijk samenwerkingsverband de praktijkuitoefening presenteren
onder een gemeenschappelijke naam of op andere wijze suggereren van
een samenwerkingsverband deel uit te maken, worden zij voor de
toepassing van deze verordening geacht tot een samenwerkingsverband te
behoren.
3.De gemeenschappelijke naam van het samenwerkingsverband mag niet
bevatten de naam of namen van een of meer natuurlijke personen, tenzij
zij aan het samenwerkingsverband deelnemen of hebben deelgenomen.
Toegestaan is tevens het gebruik van de naam of de namen van
natuurlijke personen waaronder al een samenwerkingsverband bestond,
voordat het in een nieuw samenwerkingsverband opging. Een door het
samenwerkingsverband gebruikte naam mag geen verwarring wekken.
4.De notaris dient te voorkomen dat ten onrechte de suggestie wordt
gewekt dat hij van een samenwerkingsverband deel uitmaakt.
Naar buiten optreden
Artikel 24
1.De notaris draagt zorg bij het naar buiten optreden voor een
juiste en volledige presentatie van het kantoor.
2.Indien sprake is van een samenwerkingsverband als bedoeld in
artikel 23 dan moet bij het naar buiten optreden blijken wie de
deelnemens aan het samenwerkingsverband zijn, tenzij het een
samenwerkingsverband betreft met een kandidaat-notaris.
3.Wanneer een samenwerkingsverband bestaat tussen een notaris en
een kandidaat-notaris dragen zij er bij hun optreden naar buiten zorg
voor dat geen onzekerheid beslaat over ieders hoedanigheid.
4.Indien in een samenwerkingsverband notarissen samenwerken die in
verschillende plaatsen gevestigd zijn, dient dit bij het naar buiten
optreden kenbaar te zijn.
Optreden als partijadviseur
Artikel 25
De notaris die naar buiten optreedt als partijadviseur maakt jegens
derden tijdig kenbaar dat hij in die hoedanigheid optreedt.
Publiciteit
Artikel 26 [Vervallen per 17-02-2011]
Artikel 27 [Vervallen per 17-02-2011]
Artikel 28 [Vervallen per 17-02-2011]
Artikel 29 [Vervallen per 17-02-2011]
Artikel 30 [Vervallen per 17-02-2011]
Artikel 31 [Vervallen per 17-02-2011]
Notaris en kandidaat-notaris
Artikel 32
Onder notaris in deze verordening wordt ook verstaan de
kandidaat-notaris, tenzij uit de aard van de bepaling anders
voortvloeit.
Bevoegdheid nadere regelgeving bestuur KNB
Artikel 33
Het bestuur van de KNB is bevoegd om met betrekking tot de in deze
verordening behandelde onderwerpen nadere regels te geven. Over het
ontwerp daarvan wordt de ledenraad geraadpleegd.
De regels worden zo spoedig mogelijk na vaststelling ter kennis van
het ministerie van Justitie gebracht.
Slotbepalingen
Artikel 34
Deze verordening wordt aangehaald als Verordening beroeps- en
gedragsregels.
Artikel 35
Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 oktober 2000 of
zoveel later als de termijn van tien dagen na publicatie in de Staatscourant
als bedoeld in artikel 91 lid 2 Wet op het notarisambt is verstreken.
Utrecht, 21 juni 2000.