| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Wet overdracht taken
OGB
UITVOERINGSREGELING
OVERDRACHT TAKEN OGB
Tekst zoals deze geldt op
27 januari 2012
|
|
|
De Staatssecretaris
van Financiën;
Gelet op artikel III, tweede lid, van de Wet
overdracht taken OGB (Stb. 1990, 549);
Besluit:
Artikel 1
1. Met ingang van 1 januari 1993 worden
de taken en bevoegdheden ter zake van de heffing en de invordering van
een belastingaanslag in de gemeentelijke onroerendgoedbelastingen ten
aanzien waarvan het aanslagbiljet is verzonden door de
rijksbelastingdienst, overgedragen aan de gemeente die de aanslag heeft
vastgesteld, tenzij in overleg tussen de ontvanger der rijksbelastingen
en de gemeente een eerdere of latere datum wordt overeengekomen. Met
betrekking tot bepaalde categorieën belastingaanslagen kan tevens
worden overeengekomen dat in de vorige volzin bedoelde taken en
bevoegdheden niet worden overgedragen.
2. Van de in het eerste lid bedoelde overdracht doet de ontvanger
der rijksbelastingen schriftelijk mededeling aan de belanghebbenden.
Artikel 2
Met ingang van het tijdstip van overdracht geldt voor zoveel nodig
dat de werkzaamheden die met betrekking tot een aanslag zijn verricht
door de in de Invorderingswet 1990 (Stb. 221) genoemde functionarissen,
geacht worden te zijn verricht door de voor dezen in de plaats tredende
colleges en functionarissen als bedoeld in artikel 281, tweede lid, van
de gemeentewet (Stb. 1931, 89).
Artikel 3
1. De invorderingswerkzaamheden met
betrekking tot een belastingaanslag ten aanzien waarvan de invordering
is overgedragen, vinden plaats met toepassing van de regels die gelden
met betrekking tot de invordering van belasting door de gemeente.
2. Indien in de belastingverordening van de gemeente niet is
voorzien in het berekenen van invorderingsrente in andere gevallen dan
uitstel van betaling is, in afwijking van het eerste lid en van artikel
LVIII van de Invoeringswet Invorderingswet 1990 (Stb. 222),
a. met betrekking tot een betaling op een belastingaanslag ten
aanzien waarvan de invordering is overgedragen, de gemeente bevoegd
tot het tijdstip waarop de invordering is overgedragen
invorderingsrente te berekenen op de voet van de Invorderingswet 1990;
b. met betrekking tot een terugbetaling op een belastingaanslag ten
aanzien waarvan de invordering is overgedragen, de gemeente verplicht
invorderingsrente te vergoeden op de voet van de Invorderingswet 1990.
Artikel 4
Met betrekking tot een vermindering met een dagtekening na 31
december 1992 van een belastingaanslag ten aanzien waarvan het
aanslagbiljet door de rijksbelastingdienst is verzonden en waarop geen
te betalen bedrag meer open staat, worden de taken en bevoegdheden ter
zake van de heffing en de invordering uitgeoefend door de gemeente en
zijn de artikelen 2 en 3 van deze regeling van overeenkomstige
toepassing.
Artikel 4a
In afwijking in zoverre van het bepaalde in de artikelen 6a en 7 van
de Eerste uitvoeringsregeling gemeentelijke onroerendezaakbelastingen
vindt met betrekking tot de boekingsperiode welke aanvangt met het
belastingjaar 1991 de in genoemde artikelen bedoelde verrekening plaats
op 25 maart 1993 naar de stand per 31 december 1992. Eveneens op 25
maart 1993 vindt naar de stand per 31 december 1992 verrekening plaats
van het verschil tussen de som van de bedragen van de tot en met 31
december 1992 in kohieren opgenomen aanslagen en navorderingsaanslagen
ter zake van belastingen van onroerende zaken en de som van de tot en
met 31 december 1992 door de rijksbelastingdienst ter zake van die
belastingen feitelijk ontvangen bedragen.
Artikel 5
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari
1992.
2. Zij kan worden aangehaald als: Uitvoeringsregeling overdracht
taken OGB.
De Staatssecretaris van Financiën,
M.J.J. van Amelsvoort.
|
|
|