|
BESLUIT van 12 september 2007, houdende implementatie
van Richtlijn nr. 2004/25/EG van het Europees Parlement en de Raad van
de Europese Unie van 21 april 2004 betreffende het openbaar overnamebod
(PbEU L 142) en houdende modernisering van de regels met
betrekking tot het openbaar overnamebod (Besluit openbare biedingen
Wft)
WIJ BEATRIX,
bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Op voordracht
van Onze Minister van Financiën van 20 april 2006, FM 2006-00982;
Gelet op Richtlijn nr. 2004/25/EG van het
Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 21 april 2004
betreffende het openbaar overnamebod (PbEU L 142) en de artikelen
1:40, vijfde lid, 1:81, eerste en tweede lid, 5:56, zesde lid, 5:59,
vierde lid, 5:71, tweede lid, 5:76, tweede lid, 5:80a, derde en
vierde lid, en 5:80b, vijfde lid, van de Wet op het financieel
toezicht;
De Raad van State gehoord (advies d.d. 29 mei
2006, nr. W06.06.0124/IV);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van
Financiën van 6 september 2007, FM 2006-01349;
Hebben
goedgevonden en verstaan:
Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. wet: Wet op het financieel toezicht;
b. volledig bod: openbaar bod dat de geboden prijs of
ruilverhouding vermeldt en dat strekt tot verwerving van alle
effecten van de doelvennootschap van dezelfde categorie of klasse,
niet zijnde een verplicht bod;
c. partieel bod: openbaar bod dat de geboden prijs of
ruilverhouding vermeldt en dat strekt tot verwerving van minder dan
30 procent van de stemrechten in de algemene vergadering van
aandeelhouders van de doelvennootschap;
d. tenderbod: openbaar bod waarbij de bieder de rechthebbenden
van effecten van de doelvennootschap uitnodigt om die effecten tegen
een door de rechthebbenden te bepalen tegenprestatie aan de bieder
aan te bieden en dat strekt tot verwerving van minder dan 30 procent
van de stemrechten in de algemene vergadering van aandeelhouders van
de doelvennootschap;
e. verplicht bod: openbaar bod dat op grond van artikel 5:70,
eerste lid van de wet, wordt uitgebracht of dient te worden
uitgebracht of een openbaar bod dat op grond van het recht van een
andere lidstaat wordt uitgebracht of dient te worden uitgebracht en
terzake waarvan de Autoriteit Financiële Markten op grond van
artikel 5:74, tweede lid, van de wet het biedingsbericht kan
goedkeuren.
Artikel 2
1. De artikelen 3 tot en met 10, 12 tot en met 17, 19, 21 en 23
tot en met 26 zijn van toepassing op openbare biedingen op effecten
terzake waarvan de Autoriteit Financiële Markten op grond van artikel
5:74, tweede lid, van de wet, het biedingsbericht kan goedkeuren.
2. De artikelen 18, 20, 22 en 27 zijn van toepassing op openbare
biedingen op effecten van een doelvennootschap die zetel heeft in
Nederland welke zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde
markt in Nederland of in een andere lidstaat.
Artikel 3
1. Een openbaar bod is, onder gelijke voorwaarden, gericht tot
alle rechthebbenden van effecten van eenzelfde categorie of klasse.
2. De bieder kan van het openbaar bod uitsluiten effecten van de
desbetreffende categorie of klasse die op het tijdstip van de
aankondiging van het bod nog niet waren toegelaten tot de handel op de
desbetreffende gereglementeerde markt.
Artikel 4
1. Indien ingevolge dit besluit een openbare mededeling is
vereist wordt deze openbare mededeling onverwijld en overeenkomstig
het bij of krachtens artikel 5:59, eerste lid, tweede en derde volzin,
van de wet bepaalde gedaan. Artikel 5:59, tweede, derde en achtste
lid, van de wet en artikel 12, 13 en 14 van het Besluit Marktmisbruik
Wft zijn van overeenkomstige toepassing.
2. Indien op grond van artikel 5:59, eerste lid, van de wet,
informatie openbaar is gemaakt kan een op grond van dit besluit vereiste
openbare mededeling omtrent dezelfde informatie achterwege blijven.
3. Een bieder van wie geen door hem uitgegeven of aangeboden
financiële instrumenten met zijn instemming zijn toegelaten tot de
handel op een gereglementeerde markt in Nederland, doet een openbare
mededeling over informatie als bedoeld in artikel 5:53, eerste lid, van
de wet voor zover die rechtstreeks op hem betrekking heeft of verband
houdt met het voorgenomen, aangekondigde of uitgebrachte openbaar bod.
4. Ter zake van het uitstellen van de openbaarmaking van
informatie als bedoeld in artikel 5, eerste lid, 6, eerste lid, 7,
eerste, tweede of vierde lid, 10, derde lid, 15, tweede lid of 17,
eerste lid, bestaat geen rechtmatig belang als bedoeld in artikel 5:59,
derde lid, onder a, van de wet.
Hoofdstuk 2. Algemene bepalingen omtrent openbare biedingen
§ 2.1. Aankondigen van een openbaar bod
Artikel 5
1. Een bieder en een doelvennootschap kondigen, ieder voor
zover het hem of haar aangaat, een openbaar bod, niet zijnde een
verplicht bod, aan door middel van een openbare mededeling, uiterlijk
zodra tussen de bieder en de doelvennootschap, al dan niet
voorwaardelijke, overeenstemming is bereikt over het uit te brengen
openbaar bod. De mededeling bevat de namen van de bieder en de
doelvennootschap en, voor zover van toepassing, de voorgenomen prijs
of ruilverhouding en de op dat moment reeds vastgestelde voorwaarden
waarvan de verplichting tot het uitbrengen of nakomen van het openbaar
bod afhankelijk zal worden gesteld.
2. Een openbaar bod, niet zijnde een verplicht bod, is
aangekondigd, indien een bieder zonder, al dan niet voorwaardelijke,
overeenstemming te hebben bereikt, concrete informatie over de inhoud
van het voorgenomen openbaar bod openbaar heeft gemaakt. Indien de
bieder de naam van de vennootschap waarop het voorgenomen openbaar bod
betrekking heeft, noemt in combinatie met:
a. een voorgenomen prijs of ruilverhouding; of
b. een concreet omschreven voorgenomen tijdschema voor het verloop
van het voorgenomen openbaar bod,
is in ieder geval voor de toepassing van dit lid concrete informatie
openbaar gemaakt.
3. Een verplicht bod is aangekondigd, indien:
a. een aankondiging als bedoeld in artikel 5:70, eerste lid, van de
wet is gedaan;
b. een door de ondernemingskamer van het gerechtshof te Amsterdam
getroffen maatregel als bedoeld in artikel 5:73, eerste lid, van de
wet, onherroepelijk is geworden; of
c. naar het recht van een andere lidstaat vaststaat dat een
openbaar bod verplicht dient te worden uitgebracht en daarover door de
doelvennootschap een openbare mededeling is gedaan op grond van
artikel 5:59, eerste lid, van de wet.
4. Tussen het tijdstip waarop een openbaar bod is aangekondigd en
het tijdstip waarop het is uitgebracht of waarop een openbare mededeling
is gedaan omtrent het niet indienen van een aanvraag tot goedkeuring van
het biedingsbericht, doen de bieder en de doelvennootschap, ieder met
betrekking tot door henzelf verrichte transacties, met uitzondering van
in regelmatig verkeer op markten in financiële instrumenten verrichte
transacties, aan de Autoriteit Financiële Markten melding van verrichte
transacties in de effecten waarop het openbaar bod betrekking heeft of
de effecten die in ruil worden aangeboden, dan wel van met betrekking
tot die transacties gesloten overeenkomsten. In de melding wordt
mededeling gedaan van de hoeveelheid en categorie of klasse van deze
effecten, de daarvoor geldende voorwaarden, waaronder de prijs of
ruilverhouding, en de omvang van de bestaande onderlinge rechtstreekse
of middellijke kapitaaldeelnemingen.
5. De melding, bedoeld in het vierde lid, wordt telkens
onverwijld gedaan nadat de betrokken transactie of overeenkomst is
verricht onderscheidenlijk tot stand is gekomen, met dien verstande dat
ten hoogste één keer per dag een melding hoeft te worden gedaan. De
melding kan achterwege blijven, indien de bieder of de doelvennootschap
de transactie reeds heeft gemeld overeenkomstig artikel 5:38, 5:40 of
5:60, eerste lid, van de wet.
Artikel 6
1. Indien de voorgenomen prijs of ruilverhouding of, in geval
van een partieel bod of een tenderbod, het voorgenomen percentage of
aantal van de effecten tot de verkrijging waarvan het openbaar bod
strekt, na aankondiging definitief is vastgesteld of gewijzigd, doen
de bieder en de doelvennootschap, ieder voor zover het hem of haar
aangaat, een openbare mededeling hierover, onder vermelding van deze
prijs of ruilverhouding of dit percentage of aantal.
2. Indien door een doelvennootschap na aankondiging van een
openbaar bod effecten worden uitgegeven of rechten tot het nemen of
verkrijgen van door de doelvennootschap uit te geven effecten worden
toegekend, doet de doelvennootschap een openbare mededeling hierover,
onder vermelding van de naam van degene die de bedoelde effecten of
rechten verwerft, voorzover deze naam bij haar bekend is, het nominale
bedrag daarvan en de prijs of uitgiftekoers. De eerste volzin is van
toepassing tot en met het tijdstip waarop overeenkomstig artikel 16 een
openbare mededeling wordt gedaan over de gestanddoening of de
niet-gestanddoening van het openbaar bod, dan wel waarop overeenkomstig
artikel 7, eerste lid, een openbare mededeling wordt gedaan over het
niet indienen van een aanvraag tot goedkeuring van het biedingsbericht.
Artikel 7
1. De bieder doet binnen vier weken na de aankondiging van het
bod een openbare mededeling, inhoudende dat:
a. hij binnen een door hem te bepalen en te noemen periode een
aanvraag tot goedkeuring van het biedingsbericht indient bij de
Autoriteit Financiële Markten; of
b. hij geen aanvraag tot goedkeuring van het biedingsbericht zal
indienen.
2. Ingeval van een verplicht bod, doet de bieder, in afwijking
van het eerste lid, binnen vier weken na de aankondiging van het bod een
openbare mededeling inhoudende dat hij binnen een door hem te bepalen en
te noemen periode een aanvraag tot goedkeuring van het biedingsbericht
indient bij de Autoriteit Financiële Markten.
3. De in het eerste lid, onderdeel a, en in het tweede lid
bedoelde door de bieder te bepalen en te benoemen periode bedraagt,
gerekend vanaf de aankondiging van het bod, ten hoogste 12 weken.
4. De bieder draagt er zorg voor dat hij uiterlijk op het
tijdstip van indiening van de aanvraag tot goedkeuring van het
biedingsbericht, bedoeld in het eerste en tweede lid, een vergoeding in
geld kan opbrengen of alle redelijke maatregelen heeft getroffen om
enige andere vorm van vergoeding te kunnen verstrekken om het bod
gestand te kunnen doen. Wanneer de bieder de genoemde vergoeding kan
opbrengen of de genoemde maatregelen heeft getroffen, doet hij een
openbare mededeling hierover.
5. Indien de bieder in verband met de vergoeding, bedoeld in het
vorige lid, een algemene vergadering van aandeelhouders dient te houden,
wordt deze vergadering ten minste zeven werkdagen voor het einde van de
aanmeldingstermijn gehouden. In de mededeling, bedoeld in het vorige
lid, omschrijft de bieder nauwkeurig op welke wijze door hem zorg wordt
gedragen voor het kunnen opbrengen van de vergoeding of welke
maatregelen door hem zijn getroffen om enige andere vorm van vergoeding
te kunnen verstrekken.
§ 2.2. Goedkeuring van een biedingsbericht
Artikel 8
1. De Autoriteit Financiële Markten keurt het biedingsbericht
goed, indien in het biedingsbericht alle gegevens zijn opgenomen die
voor een redelijk geïnformeerde en zorgvuldig handelende persoon van
belang zijn voor het vormen van een verantwoord oordeel over het
openbaar bod, waaronder:
a. in geval van een volledig bod, de gegevens, bedoeld in de
bijlagen A en B;
b. in geval van een partieel bod, de gegevens, bedoeld in de
bijlagen A en C;
c. in geval van een tenderbod, de gegevens, bedoeld in de bijlagen
A en D; of
d. in geval van een verplicht bod, de gegevens, bedoeld in de
bijlagen A en E; en
de gegevens niet met elkaar in strijd zijn of in tegenspraak zijn met
andere bij de Autoriteit Financiële Markten aanwezige informatie
omtrent de doelvennootschap of de bieder, en in een voor een redelijk
geïnformeerde en zorgvuldig handelende persoon begrijpelijke vorm
worden gepresenteerd.
2. Indien een bod uitsluitend of mede strekt tot overneming van
effecten in ruil voor door de bieder of door een andere vennootschap dan
de bieder uitgegeven effecten, keurt de Autoriteit Financiële Markten
het biedingsbericht goed, indien het naast de toepasselijke gegevens,
bedoeld in het eerste lid, de in bijlage F opgenomen gegevens bevat en
de gegevens niet met elkaar in strijd zijn of in tegenspraak zijn met
andere bij de Autoriteit Financiële Markten aanwezige informatie
omtrent de doelvennootschap of de bieder en worden gepresenteerd in een
vorm die voor een redelijk geïnformeerde en zorgvuldig handelende
persoon begrijpelijk is.
Artikel 9
1. Indien de Autoriteit Financiële Markten het biedingsbericht
heeft goedgekeurd, verstrekt zij op verzoek van de bieder aan de
toezichthoudende instantie van een andere lidstaat waar de
desbetreffende effecten tot de handel op een gereglementeerde markt
zijn toegelaten, een verklaring dat het biedingsbericht is opgesteld
in overeenstemming met richtlijn nr. 2004/25/EG van het Europees
Parlement en de Raad van de Europese Unie van 21 april 2004
betreffende het openbaar overnamebod (PbEU L 142), alsmede een
afschrift van het goedgekeurde biedingsbericht.
2. De Autoriteit Financiële Markten verstrekt de verklaring,
bedoeld in het eerste lid, en het afschrift van het goedgekeurde
biedingsbericht binnen drie werkdagen na ontvangst van het verzoek.
Indien het verzoek wordt gedaan voordat goedkeuring is verleend,
verstrekt de Autoriteit Financiële Markten de verklaring binnen een
werkdag nadat de goedkeuring is verleend.
§ 2.3. Uitbrengen van een openbaar bod
Artikel 10
1. De bieder brengt zijn bod uit door het goedgekeurde
biedingsbericht algemeen verkrijgbaar te stellen door middel van:
a. een bekendmaking in een landelijk verspreid dagblad;
b. een drukwerk dat kosteloos kan worden verkregen ten kantore van
de houder van iedere gereglementeerde markt waar de effecten waarop
het openbaar bod wordt gedaan, tot de handel zijn toegelaten;
c. plaatsing op zijn website of op die van de doelvennootschap;
d. plaatsing op de website van de houder van iedere
gereglementeerde markt waar de effecten tot de handel zijn toegelaten;
of
e. plaatsing op de website van de Autoriteit Financiële Markten,
indien deze mogelijkheid wordt geboden.
2. Indien het biedingsbericht op andere wijze dan als bedoeld in
het eerste lid, aanhef en onderdeel b, algemeen verkrijgbaar is gesteld,
verstrekt de bieder aan een ieder die daarom verzoekt kosteloos een
afschrift van het biedingsbericht.
3. De bieder doet een openbare mededeling over het algemeen
verkrijgbaar stellen van het biedingsbericht, onder vermelding van de
vindplaats.
4. De bieder stelt onverwijld na de algemeenverkrijgbaarstelling
van het biedingsbericht de vertegenwoordigers van haar werknemers of,
bij ontstentenis van die vertegenwoordigers, de werknemers zelf van het
openbaar bod in kennis, onder gelijktijdige terbeschikkingstelling van
het biedingsbericht.
Artikel 11
1. Indien een bieder voornemens is een openbaar bod uit te
brengen op effecten welke zijn toegelaten tot de handel op een in
Nederland gelegen of functionerende gereglementeerde markt en de
Autoriteit Financiële Markten niet ingevolge artikel 5:74, tweede
lid, van de wet bevoegd is tot goedkeuring van een biedingsbericht,
zendt de bieder voorafgaand aan het uitbrengen van het bod een door de
toezichthoudende instantie van een andere lidstaat goedgekeurd
biedingsbericht toe aan de Autoriteit Financiële Markten.
2. Terzake van een openbaar bod als bedoeld in het eerste lid kan
de Autoriteit Financiële Markten de bieder door het geven van een
aanwijzing verplichten aanvullende informatie in het biedingsbericht of
in een aanvullend document op te nemen, indien die informatie specifiek
is voor de Nederlandse financiële markten en betrekking heeft op de
formaliteiten die moeten worden vervuld om het openbaar bod te
aanvaarden of om de tegenprestatie te ontvangen die bij de
gestanddoening van het openbaar bod verschuldigd is, dan wel betrekking
heeft op voorschriften van belastingrecht die van toepassing zullen zijn
op de tegenprestatie die aan de houders van effecten wordt geboden. De
Autoriteit Financiële Markten besluit hiertoe uiterlijk vijf werkdagen
na ontvangst van het biedingsbericht.
3. Indien het biedingsbericht, bedoeld in het eerste lid, is
opgesteld in een andere dan de Nederlandse of de Engelse taal kan de
Autoriteit Financiële Markten de bieder door het geven van een
aanwijzing verplichten een Nederlandse vertaling algemeen verkrijgbaar
te stellen overeenkomstig het bepaalde in artikel 10. Indien het
biedingsbericht is opgesteld in de Engelse taal kan de Autoriteit
Financiële Markten de bieder door het geven van een aanwijzing
verplichten een Nederlandse samenvatting, die ten minste een verwijzing
bevat naar het onderliggende biedingsbericht en de gegevens bedoeld in
de onderdelen 4, 5, 6, 9, en 10 van paragraaf 1 van bijlage A. De
vertaling wordt algemeen verkrijgbaar gesteld overeenkomstig artikel 10.
Artikel 12
1. De bieder deelt de voorwaarden waarvan hij de nakoming van
het openbaar bod afhankelijk stelt, uiterlijk gelijktijdig met het
uitbrengen van het bod openbaar mede. Deze voorwaarden maken onderdeel
uit van het openbaar bod.
2. De bieder stelt de verplichting tot nakoming niet afhankelijk
van een voorwaarde waarvan de vervulling afhankelijk is van zijn wil.
3. Zodra is komen vast te staan dat een door de bieder gestelde
voorwaarde niet wordt vervuld, doet de bieder een openbare mededeling
hierover, alsmede over zijn beslissing of op grond van het niet
vervullen van de voorwaarde het openbaar bod vervalt.
Artikel 13
1. Tussen het tijdstip waarop het openbaar bod is uitgebracht
en het tijdstip waarop een openbare mededeling is gedaan omtrent de
gestanddoening, doen de bieder en de doelvennootschap, met betrekking
tot de door henzelf verrichte transacties, met uitzondering van in
regelmatig verkeer op de markten in financiële instrumenten verrichte
transacties, een openbare mededeling over transacties in de effecten
waarop het openbaar bod betrekking heeft of of de effecten die in ruil
worden aangeboden, dan wel van met betrekking tot die transacties
gesloten overeenkomsten. In de melding wordt mededeling gedaan van de
hoeveelheid en categorie of klasse van deze effecten, de daarvoor
geldende voorwaarden, waaronder de prijs of ruilverhouding, en de
omvang van de bestaande onderlinge rechtstreekse of middellijke
kapitaaldeelnemingen.
2. De openbare mededeling, bedoeld in het eerste lid, wordt
telkens onverwijld gedaan nadat de betrokken transactie tot stand is
gekomen, met dien verstande dat ten hoogste één keer per dag een
openbare mededeling behoeft te worden gedaan. Het op de hoogte stellen
van de Autoriteit Financiële Markten, overeenkomstig artikel 5:59,
eerste lid, derde volzin, van de wet, kan achterwege blijven, indien de
bieder of de doelvennootschap een door hem verrichte transactie in
effecten reeds heeft gemeld overeenkomstig artikel 5:38, 5:40 of 5:60,
eerste lid, van de wet.
§ 2.4. Aanmelding van effecten
Artikel 14
1. De bieder die een openbaar bod uitbrengt, stelt een
aanmeldingstermijn.
2. De aanmeldingstermijn vangt niet eerder aan dan op de eerste
werkdag volgend op het uitbrengen van het openbaar bod.
3. De aanmeldingstermijn van een volledig bod of een verplicht
bod is, gerekend van de dag waarop de gelegenheid tot aanmelding is
opengesteld tot en met de dag waarop de gelegenheid tot aanmelding wordt
gesloten, niet korter dan vier weken.
4. De aanmeldingstermijn van een partieel bod of een tenderbod
is, gerekend vanaf de dag waarop de gelegenheid tot aanmelding is
opengesteld tot en met de dag waarop de gelegenheid tot aanmelding wordt
gesloten, niet korter dan twee weken.
5. De aanmeldingstermijn is niet langer dan tien weken, gerekend
van de dag waarop de gelegenheid tot aanmelding is opengesteld tot en
met de dag waarop de gelegenheid tot aanmelding wordt gesloten.
Artikel 15
1. De bieder kan de aanmeldingstermijn eenmaal verlengen. De
verlenging bedraagt, onverminderd het tweede lid, ten minste twee
weken en niet meer dan tien weken, gerekend vanaf de einddatum van de
oorspronkelijke termijn.
2. De bieder kan uiterlijk op de derde werkdag na het einde van
de oorspronkelijke termijn besluiten tot verlenging van de
aanmeldingstermijn en doet na dit besluit een openbare mededeling
hierover, onder vermelding van de einddatum van de aldus verlengde
termijn.
3. Rechthebbenden van effecten die vóór het einde van de
oorspronkelijke termijn hun effecten hebben aangemeld kunnen tijdens de
verlengingsperiode deze aanmelding herroepen.
4. De bieder kan gedurende de, al dan niet overeenkomstig het
eerste of het derde lid verlengde, aanmeldingstermijn de geboden prijs
eenmaal verhogen. De bieder doet een openbare mededeling over de
verhoging van de geboden prijs.
5. Indien voor het tijdstip waarop de aanmeldingstermijn eindigt
door een derde een openbaar bod op dezelfde categorie of klasse van
effecten wordt aangekondigd of uitgebracht, kan de bieder de, al dan
niet verlengde, aanmeldingstermijn verlengen tot het einde van de
aanmeldingstermijn van dat openbaar bod.
6. Indien een verzoek als bedoeld in artikel 5:80b van de wet is
gedaan wordt de, al dan niet verlengde, aanmeldingstermijn opgeschort
tot en met het tijdstip waarop de beslissing van de ondernemingskamer
uitvoerbaar bij voorraad is verklaard of, indien de beslissing niet
uitvoerbaar bij voorraad wordt verklaard, tot en met het tijdstip waarop
deze onherroepelijk is geworden.
7. Rechthebbenden van effecten die hun effecten hebben aangemeld
voordat een verzoekschrift is ingediend, houdende een verzoek als
bedoeld in artikel 5:80b van de wet, kunnen indien het verzoek is
toegewezen deze aanmelding herroepen, nadat de beslissing van de
ondernemingskamer uitvoerbaar bij voorraad is verklaard of
onherroepelijk is geworden en voor het einde van de aanmeldingstermijn.
§ 2.5. Gestanddoening
Artikel 16
1. De bieder doet uiterlijk op de derde werkdag na het einde
van de aanmeldingstermijn een openbare mededeling of hij het openbaar
bod gestand doet. Indien de bieder het bod niet gestand doet, deelt
hij de reden hiervan openbaar mede.
2. De bieder vermeldt de totale waarde, het aantal en het daarbij
behorende percentage van de ingevolge het openbaar bod aangemelde
effecten, alsmede het totale aantal en het corresponderende percentage
van effecten dat na de aanmeldingstermijn in zijn bezit is.
3. De bieder kan het openbaar bod gestand doen indien effecten
tot een geringer bedrag, aantal of percentage zijn aangemeld dan het
bedrag, aantal onderscheidenlijk percentage van welker aanbieding binnen
de aanmeldingstermijn hij zijn verplichting tot gestanddoening van het
bod afhankelijk stelde.
Artikel 17
1. De bieder kan binnen drie werkdagen na gestanddoening van
het openbaar bod aan de rechthebbenden van de effecten waarop het
openbaar bod betrekking had en die hun effecten niet hebben aangemeld
de mogelijkheid geven om deze effecten aan te bieden tegen dezelfde
voorwaarden die golden voor het gestand gedane openbaar bod. De bieder
doet hierover een openbare mededeling waarin ten minste wordt vermeld:
a. de reden waarom de bieder overgaat tot het geven van deze
mogelijkheid;
b. de termijn waarbinnen de effecten aangemeld kunnen worden; en
c. dat het oorspronkelijke biedingsbericht van toepassing is.
2. De in het eerste lid, onder b, bedoelde termijn vangt aan op
de eerste werkdag volgend op die van de openbare mededeling, bedoeld in
de aanhef van het eerste lid, en is niet langer dan twee weken.
3. Gedurende de in het eerste lid, onder b, bedoelde termijn is
artikel 13 van overeenkomstige toepassing.
4. De bieder doet uiterlijk op de derde werkdag na het einde van
de in het eerste lid, onder b, bedoelde termijn een openbare mededeling
over het aantal en het percentage van de effecten dat aangeboden is
binnen deze termijn en het totale aantal en het totale percentage van de
effecten dat in zijn bezit is.
Hoofdstuk 3. Bijzondere bepalingen voor een volledig bod, een
partieel bod, een tenderbod en een verplicht bod
§ 3.1. Een volledig bod
Artikel 18
1. De doelvennootschap met zetel in Nederland waarop een
volledig bod is uitgebracht roept haar aandeelhouders op voor een na
de openbare mededeling van de verkrijgbaarstelling van het
biedingsbericht en ten minste zes werkdagen voor het einde van de
aanmeldingstermijn te houden algemene vergadering van aandeelhouders
ter bespreking van het uitgebrachte openbaar bod.
2. De doelvennootschap stelt uiterlijk vier werkdagen voor de in
het eerste lid bedoelde vergadering een bericht voor haar aandeelhouders
algemeen verkrijgbaar dat ten minste de in bijlage G bedoelde informatie
inhoudt.
3. Over de algemeenverkrijgbaarstelling van het bericht, bedoeld
in het tweede lid, doet de doelvennootschap een openbare mededeling.
4. Indien voor het einde van de aanmeldingstermijn door een derde
een openbaar bod op dezelfde effecten wordt uitgebracht, behoeft de
doelvennootschap niet opnieuw toepassing te geven aan het eerste tot en
met het derde lid, maar doet zij een openbare mededeling van haar
standpunt met betrekking tot het door de derde uitgebrachte openbaar
bod.
Artikel 19
De bieder betaalt, indien hij het volledig bod gestand doet, steeds
voor alle ingevolge dat volledig bod aangemelde effecten een vergoeding
welke overeenkomt met de in het biedingsbericht genoemde vergoeding, die
al dan niet is verhoogd op grond van artikel 15, vierde lid, of de
hoogste door hem betaalde vergoeding in verband met een transactie als
bedoeld in artikel 5, vierde lid of 13, eerste lid, met uitzondering van
in regelmatig verkeer op markten in financiële instrumenten tot stand
gekomen transacties.
§ 3.2. Een partieel bod
Artikel 20
1. De doelvennootschap met zetel in Nederland waarop een
partieel bod is uitgebracht stelt uiterlijk vier werkdagen voor het
einde van de aanmeldingstermijn een bericht voor haar aandeelhouders
verkrijgbaar dat ten minste de in bijlage G bedoelde informatie
inhoudt.
2. Artikel 18, derde en vierde lid, is van overeenkomstige
toepassing.
Artikel 21
1. Indien de bieder na verkrijging van de naar aanleiding van
het partieel bod aangeboden effecten direct of indirect ten minste
over 30 procent van de stemrechten in de algemene vergadering van
aandeelhouders van de doelvennootschap zal beschikken, doet hij zijn
partieel bod gestand met hantering van een non-discriminatoire
systematiek, waarbij ten hoogste 30 procent minus één stem van de
stemrechten kan worden verkregen. Bij ministeriële regeling kunnen
regels worden gesteld omtrent de systematiek van gestanddoening.
2. Artikel 19 is van overeenkomstige toepassing.
§ 3.3. Een tenderbod
Artikel 22
1. De doelvennootschap met zetel in Nederland waarop een
tenderbod is uitgebracht stelt, uiterlijk vier werkdagen voor het
einde van de aanmeldingstermijn een bericht voor haar aandeelhouders
verkrijgbaar dat ten minste de in bijlage G bedoelde informatie
inhoudt.
2. Artikel 18, derde en vierde lid, is van overeenkomstige
toepassing.
Artikel 23
1. De bieder doet het tenderbod gestand indien de beoogde
verkrijging mogelijk is tegen een door de bieder in het
biedingsbericht te vermelden prijs per aandeel.
2. Indien de bieder na verkrijging van de naar aanleiding van het
tenderbod aangeboden effecten direct of indirect ten minste 30 procent
van de stemrechten in de algemene vergadering van aandeelhouders van de
doelvennootschap zal vertegenwoordigen, doet hij zijn bod gestand met
hantering van een non-discriminatoire systematiek, waarbij ten hoogste
30 procent minus één stem van deze stemrechten kan worden verkregen.
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de
systematiek van gestanddoening.
3. De bieder betaalt, bij gestanddoening voor alle aangeboden
effecten van dezelfde categorie of klasse de hoogste prijs waartegen
enig effect van de desbetreffende categorie of klasse is aangeboden.
§ 3.4. Een verplicht bod
Artikel 24
De bieder stelt de gestanddoening van een verplicht bod niet
afhankelijk van voorwaarden.
Artikel 25
1. Indien na de aankondiging van het verplicht bod en voor het
einde van de aanmeldingstermijn, bedoeld in artikel 14, of, voor zover
van toepassing, voor het einde van de verlengde aanmeldingstermijn,
bedoeld in artikel 15, door de bieder of de personen waarmee deze in
onderling overleg handelt effecten worden verkregen voor een hogere
prijs dan de billijke prijs, bedoeld in artikel 5:80a van de wet,
verhoogt de bieder de prijs tot ten minste de hoogste prijs die is
betaald voor de aldus verworven effecten.
2. Indien de bieder in de periode van een jaar voorafgaand aan de
aankondiging van het verplichte bod geen effecten heeft verworven van
dezelfde categorie of klasse als waarop het verplicht bod betrekking
heeft, is de billijke prijs gelijk aan de prijs van de gemiddelde
beurskoers van die effecten op de markten in financiële instrumenten
waarop de effecten in die periode toegelaten waren tot de handel.
3. Een verzoek tot het vaststellen van de billijke prijs
overeenkomstig artikel 5:80b van de wet, wordt uiterlijk vier weken na
de aankondiging van het bod gedaan.
4. Indien een op grond van artikel 5:80b van de wet gedaan
verzoek tot het vaststellen van de billijke prijs door de
ondernemingskamer van het gerechtshof te Amsterdam is toegewezen, wordt
die billijke prijs geacht de in het biedingsbericht vermelde billijke
prijs te vervangen, op het moment dat de beslissing van de
ondernemingskamer uitvoerbaar bij voorraad is verklaard of
onherroepelijk is geworden.
5. De bieder doet een openbare mededeling over de toewijzing door
de ondernemingskamer van het verzoek tot vaststelling van de billijke
prijs. De bieder vermeldt daarbij de hoogte van de vastgestelde billijke
prijs en de gevolgen die deze prijs heeft voor de financiering van het
bod, en in geval van een ruilbod, de gevolgen die deze prijs heeft voor
de financiële stabiliteit van de vennootschap waarvan effecten in ruil
worden aangeboden.
Artikel 26
1. De billijke prijs luidt in effecten, geld of een combinatie
van effecten en geld.
2. De billijke prijs kan uitsluitend in effecten luiden, indien
het een categorie of klasse van effecten betreft die liquide is en tot
de handel op een gereglementeerde markt is toegelaten.
3. De billijke prijs luidt in elk geval ook in geld indien de
bieder, alleen of gezamenlijk met de personen waarmee deze in onderling
overleg handelt, gedurende de in artikel 25, tweede lid, bedoelde
periode, tegen contante betaling effecten waaraan vijf procent of meer
van de stemrechten in de algemene vergadering van de doelvennootschap is
verbonden, heeft verkregen.
Hoofdstuk 4. Informatieverstrekking aan werknemers of
vertegenwoordigers daarvan
Artikel 27
1. De doelvennootschap met zetel in Nederland stelt onverwijld
na de algemeenverkrijgbaarstelling van het biedingsbericht de
vertegenwoordigers van haar werknemers of, bij ontstentenis van die
vertegenwoordigers, de werknemers zelf van het openbaar bod in kennis,
onder gelijktijdige terbeschikkingstelling van het biedingsbericht.
2. Een bericht als bedoeld in artikel 18, tweede lid, 20, eerste
lid of 22, eerste lid, wordt gelijktijdig met het algemeen verkrijgbaar
stellen ervan verstrekt aan de vertegenwoordigers van de werknemers van
de doelvennootschap of, bij ontstentenis van zodanige
vertegenwoordigers, aan de werknemers van de doelvennootschap zelf.
Hoofdstuk 5. Wijzigingen van andere besluiten
Artikel 28
[Wijzigt het Besluit bekostiging financieel toezicht]
Artikel 29
[Wijzigt het Besluit boetes Wft]
Artikel 30
[Wijzigt het Besluit marktmisbruik Wft]
Artikel 31
[Wijzigt het Besluit artikel 10 overnamerichtlijn]
Hoofdstuk 6. Overgangs- en slotbepalingen
Artikel 32
1. Indien voorafgaand aan de inwerkingtreding van dit besluit
een mededeling als bedoeld in artikel 9b, eerste lid, van het Besluit
toezicht effectenverkeer 1995 is gedaan naar aanleiding van een
omstandigheid als bedoeld in artikel 9b, tweede lid, onder a, b of c,
van dat besluit, blijft op dat openbaar bod het recht van toepassing
zoals dat gold op het tijdstip waarop die mededeling werd gedaan. Het
in de vorige volzin bedoelde recht blijft van toepassing tot en met
het tijdstip waarop een openbare mededeling omtrent het besluit van de
bieder om het openbaar bod, over de voorbereiding waarvan eerder een
openbare mededeling is gedaan, niet uit te brengen wordt gedaan of het
tijdstip waarop een op grond van dat recht uitgebracht openbaar bod
met inachtneming van dat recht gestand is gedaan en levering en
betaling van de aangeboden effecten heeft plaatsgevonden.
2. Indien voorafgaand aan de inwerkingtreding van dit besluit een
mededeling als bedoeld in artikel 9b, tweede lid, onder a, b of c, van
het Besluit toezicht effectenverkeer 1995, is gedaan en na de
inwerkingtreding van dit besluit door een derde een openbaar bod wordt
aangekondigd, of na het aankondigen van dat openbaar bod door degene die
de mededeling als bedoeld in artikel 9b, tweede lid, onder a, b, of c
van het Besluit toezicht effectenverkeer 1995, heeft gedaan, of door die
derde een nieuw openbaar bod wordt aangekondigd op dezelfde effecten van
een doelvennootschap, is op ieder, hiervoor genoemd (aangekondigd)
openbaar bod het recht van toepassing zoals dat gold op het tijdstip
waarop de eerstbedoelde mededeling werd gedaan. Het in de vorige volzin
bedoelde recht blijft van toepassing tot en met het tijdstip waarop met
betrekking tot ieder hiervoor genoemd (aangekondigd) openbaar bod een
openbare mededeling is gedaan omtrent het besluit van de bieder om het
openbaar bod, over de voorbereiding waarvan eerder een openbare
mededeling is gedaan, niet uit te brengen of met inachtneming van het op
dat openbaar bod toepasselijke recht gestanddoening en levering en
betaling van de aangeboden effecten heeft plaatsgevonden.
Artikel 33
De bedragen, bedoeld in artikel 28 worden in afwijking van artikel 9
van het Besluit bekostiging financieel toezicht in het jaar 2007
vastgesteld binnen vier weken na inwerkingtreding van dit besluit.
Artikel 34
[Wijzigt het Besluit toezicht effectenverkeer 1995]
Artikel 35
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te
bepalen tijdstip.
Artikel 36
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit openbare biedingen Wft.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de
daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal
worden geplaatst.
's-Gravenhage, 12 september 2007
BEATRIX
De Minister van Financiën,
W.J. Bos
Uitgegeven de achttiende september 2007
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
Bijlage A
Algemene gegevens inzake het openbaar bod
§ 1. Gegevens betreffende het bod
1. De mededeling of met de doelvennootschap overleg over het bod is
gevoerd en of dit overleg tot overeenstemming heeft geleid en indien van
toepassing:
1.1 met welke organen van de doelvennootschap het overleg is
gevoerd;
1.2 de aard van de gesloten overeenkomsten aangaande het openbaar
bod tussen bieder en doelvennootschap;
1.3 de overeengekomen ontbindings- en boeteclausules, onder
vermelding van de hoogte, een zakelijke weergave van de inhoud van
de overeenkomst en de redenen voor het overeenkomen van de
clausules.
2. De verklaring dat het openbaar bod is gericht tot alle
rechthebbenden van de uitstaande effecten van de categorieën of klassen
waarop het openbaar bod betrekking heeft.
3. De verklaring dat aan alle rechthebbenden van dezelfde categorie
of klasse effecten hetzelfde openbaar bod wordt gedaan.
4. De aanmeldingstermijn en de wijze waarop rechthebbenden hun
effecten kunnen aanbieden alsmede de vermelding dat de
aanmeldingstermijn kan worden verlengd in overeenstemming met artikel
17.
5. Een regeling met betrekking tot de levering en betaling van
aangeboden effecten, alsmede welke instelling optreedt als betaal- en
wisselkantoor.
6. Een mededeling over de wijze van financiering van het openbaar bod
waarbij, voor zover van toepassing, de op grond van artikel 8, vijfde
lid, verstrekte informatie omtrent de vergoeding wordt beschreven of
naar die informatie wordt verwezen.
7. De aan het bod ten grondslag liggende motieven en de voornemens
met betrekking tot het voortzetten van de activiteiten en de plaats van
vestiging van de doelvennootschap en, voor zover beïnvloed door het
openbaar bod, van de bieder. Indien dat mogelijk is voor de bieder
worden deze voornemens voorzien van een cijfermatige onderbouwing, welke
in het bijzonder betrekking hebben op de financiële vooruitzichten van
voortzetting van die activiteiten.
8. Een mededeling omtrent de voornemens ten aanzien van het in dienst
houden van de werknemers en bestuurders van de doelvennootschap en de
bieder, met inbegrip van elke belangrijke wijziging in de
arbeidsvoorwaarden.
9. Voor zover van toepassing: de geboden vergoeding voor rechten die
niet kunnen worden uitgeoefend als gevolg van artikel 359b, tweede lid,
van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, met details betreffende de vorm
waarin de vergoeding zal worden verstrekt en betreffende de methode ter
bepaling van de omvang van die vergoeding.
10. De naam en functie van de natuurlijke personen, of de naam en
zetel van de rechtspersonen of vennootschappen, die verantwoordelijk
zijn voor het biedingsbericht of, in voorkomend geval, voor bepaalde
gedeelten daarvan. In dit laatste geval worden deze gedeelten vermeld.
Indien een rechtspersoon verantwoordelijk is voor het biedingsbericht of
een gedeelte daarvan, worden tevens naam en functie vermeld van de
natuurlijke personen die het beleid van deze rechtspersoon bepalen.
11. Een verklaring van de onder 10 bedoelde verantwoordelijke
natuurlijke personen en rechtspersonen dat, voorzover hun redelijkerwijs
bekend kan zijn, de gegevens in het biedingsbericht of in het gedeelte
waarvoor zij verantwoordelijk zijn, in overeenstemming zijn met de
werkelijkheid en dat geen gegevens zijn weggelaten waarvan vermelding de
strekking van het biedingsbericht zou wijzigen.
12. Indien en voor zover door de bieder bij een organisatie een
schriftelijk advies is ingewonnen ter voorbereiding van of over de
redelijkheid van het openbaar bod: de naam van deze organisatie, haar
hoedanigheid, de andere functies die deze organisatie vervult en de
strekking van het advies.
13. Het recht dat op de uit het bod voortvloeiende overeenkomsten
tussen de bieder en de houders van effecten van de doelvennootschap van
toepassing zal zijn, alsook de bevoegde rechtsinstanties.
14. De door de bieder en de doelvennootschap gemaakte en te maken
kosten die zijn gerelateerd aan het openbaar bod, voor zover de bieder
hierover beschikt, en door wie deze kosten zullen worden gedragen.
15. Een Nederlandse vertaling indien het biedingsbericht in een
andere dan de Nederlandse of de Engelse taal is opgesteld. Een
Nederlandse samenvatting indien het biedingsbericht in de Engelse taal
is opgesteld, tenminste houdende een verwijzing naar het onderliggende
biedingsbericht en de gegevens, bedoeld in de onderdelen 4, 5, 6, 9 en
10.
§ 2. Gegevens betreffende de bieder en de doelvennootschap
1. De naam, woonplaats of statutaire zetel en de rechtsvorm van de
bieder en de doelvennootschap, alsmede:
1.1. indien het bod door meerdere natuurlijke personen,
rechtspersonen of vennootschappen tezamen wordt uitgebracht: een
opgave van hun onderlinge financiële en vennootschapsrechtelijke
verhoudingen; en
1.2. de aandeelhoudersstructuur van de bieder.
2. De identiteitsgegevens van de personen die in onderling overleg
met de bieder of met de doelvennootschap handelen, alsmede, indien het
om rechtspersonen gaat, de rechtsvorm, de naam, de statutaire zetel en
hun relatie tot de bieder en, indien mogelijk, tot de doelvennootschap.
3. Een beschrijving ten tijde van de verzending van de aanvraag tot
goedkeuring van het biedingsbericht van de omvang van de bestaande
onderlinge kapitaaldeelneming, zowel direct als indirect, van de bieder
en de doelvennootschap.
4. Een beschrijving ten tijde van de verzending van de aanvraag tot
goedkeuring van het biedingsbericht van de statutaire en contractuele
bepalingen die in de weg kunnen staan aan de uitoefening van
zeggenschapsrechten.
5. Een opgave door de bieder, de bestuurders en commissarissen van de
bieder, indien deze een rechtspersoon is, en, indien het biedingsbericht
tezamen met de doelvennootschap wordt opgesteld, de bestuurders en
commissarissen van de doelvennootschap, van het aantal en de categorie
of klasse van de door de doelvennootschap uitgegeven effecten welke door
hen, hun echtgenoten of geregistreerde partners, hun minderjarige
kinderen en door rechtspersonen waarin zij of deze personen de
zeggenschap hebben, worden gehouden ten tijde van de verzending van de
aanvraag tot goedkeuring van het biedingsbericht.
6. Een mededeling van de bieder, de bestuurders en commissarissen van
de bieder en, indien het biedingsbericht tezamen met de doelvennootschap
wordt opgesteld, de bestuurders en commissarissen van de
doelvennootschap, inhoudende een opgave van de transacties en gesloten
overeenkomsten met betrekking tot effecten in de doelvennootschap, welke
transacties of welke overeenkomsten in het jaar voorafgaand aan de
openbare mededeling van de verkrijgbaarstelling van het biedingsbericht
zijn verricht of afgesloten door hen, hun echtgenoten of geregistreerde
partners, hun minderjarige kinderen en door rechtspersonen waarin zij of
deze personen de zeggenschap hebben, onder vermelding van:
– hun namen;
– de hoeveelheid en de categorie of klasse van deze effecten
alsmede de prijs of ruilverhouding welke voor ieder van deze
transacties heeft gegolden, respectievelijk welke bij overeenkomsten
of afspraken omtrent dergelijke transacties is bedongen; en
– in het geval van de bieder, voor zover het effecten betreft
waarop het openbaar bod betrekking heeft en de prijs of
ruilverhouding hoger is dan de ingevolge het openbaar bod geboden
prijs of ruilverhouding, de motivering van dit verschil.
7. Een mededeling inhoudende een opgave van soortgelijke transacties
als bedoeld onder 6. met betrekking tot transacties, verricht door
rechtspersonen waarmee de bieder in een groep is verbonden.
8. Indien van toepassing: het bedrag van de vergoedingen aan de
bestuurders en commissarissen van de doelvennootschap die bij de
gestanddoening van het bod zullen aftreden, vermeld per bestuurder of
commissaris.
9. Indien van toepassing: het bedrag van de vergoedingen aan de
bestuurders en commissarissen van de bieder die verband houden met de
gestanddoening van het openbaar bod en, indien het biedingsbericht
tezamen met de doelvennootschap wordt opgesteld, het bedrag van de
vergoedingen aan de bestuurders en commissarissen van de
doelvennootschap die verband houden met de gestanddoening van het
openbaar bod, vermeld per bestuurder of commissaris.
Bijlage B
Bijzondere gegevens inzake het volledig bod
§ 1. Gegevens betreffende het openbare bod
1. Het voorstel tot overneming van effecten volgens een daarbij aan
te geven definitieve prijs of ruilverhouding, waarbij de effecten, of in
voorkomend geval de categorie, categorieën, klasse of klassen van
effecten waarop het volledig bod betrekking heeft, worden
gespecificeerd.
2. Het aantal effecten van welke aanbieding binnen de
aanmeldingstermijn de bieder zijn verplichting tot gestanddoening van
het volledig bod afhankelijk stelt, onder vermelding van de bevoegdheid
van de bieder het openbaar bod ook gestand te doen indien effecten tot
een kleiner aantal of een geringer percentage zijn aangemeld.
3. Indien van toepassing, de verdere voorwaarden van welker
vervulling de bieder zijn verplichting tot nakoming van het volledig bod
afhankelijk stelt.
4. Een duidelijke motivering van de aangeboden prijs of
ruilverhouding, bedoeld onder 1 waaronder:
4.1. de overwegingen en prognoses welke voor de bieder de hoogte
van het volledig bod hebben bepaald, een cijfermatige onderbouwing
van deze overwegingen en prognoses, alsmede de wijze van berekening
van de prijs of ruilverhouding;
4.2. de verhouding van de geboden prijs of ruilverhouding tot de
gemiddelde koers van de effecten waarop wordt geboden over de
laatste 12 maanden; en
4.3. het koersverloop van de effecten waarop wordt geboden over
de laatste 12 maanden, te rekenen vanaf de datum waarop de aanvraag
tot goedkeuring van het biedingsbericht is verzonden, in een grafiek
of tabel.
5. Indien het volledig bod op meer dan één categorie of klasse
effecten betrekking heeft en indien van toepassing: een duidelijke
motivering van het verschil in de prijs of ruilverhouding voor de te
onderscheiden categorieën of klassen effecten.
6. Een Nederlandse vertaling, indien het biedingsbericht in een
andere dan de Nederlandse taal is opgesteld, van de gegevens bedoeld in
de onderdelen: 1 en 3.
§ 2. Gegevens betreffende de bieder en de doelvennootschap
1. Indien van toepassing: voornemens inzake de samenstelling van het
bestuur en de raad van commissarissen van de bieder en de
doelvennootschap na gestanddoening van het volledig bod.
2. Indien ter beschikking van de bieder: gegevens omtrent het
vermogen en de resultaten van de doelvennootschap met inbegrip van:
2.1. een vergelijkend overzicht van de balans, de verlies- en
winstrekening en het kasstroomoverzicht uit de vastgestelde
jaarrekeningen van de laatste drie jaar, en de meest recente
algemeen verkrijgbaar gestelde jaarrekening, met inbegrip van een
toelichting hierop;
2.2. een accountantsverklaring omtrent de informatie als bedoeld
in 2.1, voorzover deze is afgegeven;
2.3. financiële gegevens omtrent het lopende boekjaar die in
ieder geval de gegevens dienen te omvatten tot en met het laatst
verstreken halfjaar, indien de lengte van de periode tussen het
moment van algemeenverkrijgbaarstelling van het biedingsbericht en
de laatste werkdag van het verstreken halfjaar meer dan vier maanden
bedraagt; en
2.4. een reviewverklaring van een accountant omtrent de
informatie bedoeld onder 2.3.
3. Indien van toepassing: voornemens inzake wijziging van de statuten
van de doelvennootschap na gestanddoening van het volledig bod.
4. Indien van toepassing: het feit dat rechthebbenden van effecten
van een categorie of klasse waarop het volledig bod betrekking heeft
reeds te kennen hebben gegeven voor hun effecten het volledig bod te
zullen aanvaarden onder vermelding van het totale nominale bedrag van
deze effecten of het percentage van het totale geplaatste kapitaal.
Bijlage C
Bijzondere gegevens inzake het partieel bod
1. Het voorstel tot overneming van effecten volgens een daarbij aan
te geven definitieve prijs of ruilverhouding, waarbij de effecten, of in
voorkomend geval de categorie, categorieën, klasse of klassen van
effecten waarop het partieel bod betrekking heeft, worden
gespecificeerd.
2. Het aantal effecten van welke aanbieding binnen de
aanmeldingstermijn de bieder zijn verplichting tot gestanddoening van
het bod afhankelijk stelt, alsook het hoogste percentage of aantal
effecten dat de bieder toezegt te verwerven, onder vermelding van de
bevoegdheid van de bieder het partieel bod ook gestand te doen indien
effecten tot een kleiner aantal of een geringer percentage zijn
aangemeld.
3. Indien van toepassing: de verdere voorwaarden van welker
vervulling de bieder zijn verplichting tot nakoming van het partieel bod
afhankelijk stelt.
4. Een duidelijke motivering van de aangeboden prijs of
ruilverhouding, bedoeld onder 1, waaronder;
4.1. de overwegingen en prognoses welke voor de bieder de hoogte
van het partieel bod hebben bepaald, een cijfermatige onderbouwing
van deze overwegingen en prognoses, alsmede de wijze van berekening
van de prijs of ruilverhouding;
4.2. de verhouding van de geboden prijs of ruilverhouding tot de
gemiddelde koers van de effecten waarop wordt geboden over de
laatste 12 maanden; en
4.3. het koersverloop van de effecten waarop wordt geboden over
de laatste 12 maanden, te rekenen vanaf de datum waarop het
biedingsbericht verkrijgbaar wordt gesteld, in een grafiek of tabel.
5. Indien het partieel bod op meer dan één categorie of klasse
effecten betrekking heeft en indien van toepassing: een duidelijke
motivering van het verschil in de prijs of ruilverhouding voor de te
onderscheiden categorieën of klassen effecten.
6. Het getal of het percentage van iedere categorie of klasse van de
effecten tot de verkrijging waarvan het partieel bod strekt.
7. De verklaring dat het partieel bod, behoudens het bepaalde onder
8, onvoorwaardelijk is en tevens dat het partieel bod onherroepelijk is,
onder vermelding van de bevoegdheid van de bieder om het recht te
bedingen het partieel bod in te trekken indien vóór het einde van de
aanmeldingstermijn door een derde een openbaar bod op effecten van een
of meer dezelfde categorieën of klassen wordt uitgebracht of het
voornemen daartoe openbaar wordt medegedeeld.
8. De verklaring dat, in geval van gestanddoening, aanvaarding van
aangeboden effecten, indien een groter aantal of een hoger percentage
effecten wordt aangeboden dan de bieder gehouden dan wel bevoegd is te
aanvaarden, zoveel mogelijk proportioneel zal geschieden, met hantering
van een non-discriminatoire systematiek welke in het biedingsbericht
wordt bekendgemaakt.
Bijlage D
Bijzondere gegevens inzake het tenderbod
1. De uitnodiging tot het aanbieden van de effecten tegen een door de
rechthebbenden van deze effecten te noemen prijs in contanten, waarbij
de effecten, of in voorkomend geval de categorie, categorieën, klasse
of klassen van effecten waarop het bod betrekking heeft, worden
gespecificeerd.
2. Indien van toepassing: de verdere voorwaarden van welker
vervulling de bieder zijn verplichting tot nakoming van het tenderbod
afhankelijk stelt.
3. Een duidelijke motivering van het tenderbod.
4. Het hoogste en laagste aantal of percentage van iedere categorie
of klasse van de effecten dat de bieder toezegt te verwerven, onder
vermelding van de bevoegdheid van de bieder het tenderbod ook gestand te
doen indien effecten tot een kleiner aantal of een geringer percentage
zijn aangemeld.
5. De verklaring dat het tenderbod, behoudens het bepaalde onder 8,
onvoorwaardelijk is en tevens dat het bod onherroepelijk is, onder
vermelding van de bevoegdheid van de bieder om het recht te bedingen het
tenderbod in te trekken indien vóór het einde van de
aanmeldingstermijn door een derde een openbaar bod op effecten van een
of meer van dezelfde categorieën of klassen wordt uitgebracht of het
voornemen daartoe openbaar wordt medegedeeld.
6. De verklaring dat de bieder zich verbindt tot gestanddoening,
indien de beoogde verkrijging mogelijk is tegen een door de bieder in
het biedingsbericht te vermelden prijs per aandeel.
7. De verklaring dat bij gestanddoening voor alle effecten van
dezelfde categorie of klasse dezelfde prijs zal worden betaald, zijnde
de hoogste prijs waartegen de desbetreffende categorie of klasse is
aangeboden.
8. De verklaring dat in geval van aanvaarding van tegen de prijs van
aanvaarding aangeboden effecten, indien een groter aantal of een hoger
percentage effecten zal zijn aangeboden dan de bieder gehouden dan wel
bevoegd is te aanvaarden, zoveel mogelijk proportioneel zal geschieden
met hantering van een non-discriminatoire systematiek welke in het
biedingsbericht wordt bekendgemaakt.
Bijlage E
Bijzondere gegevens inzake het verplicht bod
§ 1. Gegevens betreffende het openbare bod
1. Het voorstel tot overneming van effecten volgens een daarbij aan
te geven definitieve prijs of ruilverhouding, waarbij de effecten, of in
voorkomend geval de categorie, categorieën, klasse of klassen van
effecten waarop het verplicht bod betrekking heeft, worden
gespecificeerd.
2. Indien het verplicht bod op meer dan één categorie of klasse
effecten betrekking heeft en indien van toepassing: een duidelijke
motivering van het verschil in de prijs of ruilverhouding voor de te
onderscheiden categorieën of klassen effecten.
§ 2. Gegevens betreffende de bieder en de doelvennootschap
1. Indien van toepassing: voornemens inzake de samenstelling van het
bestuur en de raad van commissarissen van de bieder en de
doelvennootschap na gestanddoening van het verplicht bod.
2. Indien ter beschikking van de bieder: gegevens omtrent het
vermogen en de resultaten van de doelvennootschap met inbegrip van:
2.1. een vergelijkend overzicht van de balans, de verlies- en
winstrekening en het kasstroomoverzicht uit de vastgestelde
jaarrekeningen van de laatste drie jaar, en de meest recente
algemeen verkrijgbaar gestelde jaarrekening, met inbegrip van een
toelichting hierop;
2.2. een accountantsverklaring omtrent de informatie als bedoeld
in 2.1, indien deze is afgegeven;
2.3. financiële gegevens omtrent het lopende boekjaar die in
ieder geval de gegevens dienen te omvatten tot en met het laatst
verstreken halfjaar, indien de lengte van de periode tussen het
moment van verkrijgbaarstelling van het biedingsbericht en de
laatste werkdag van het verstreken halfjaar meer dan vier maanden
bedraagt; en
2.4. een reviewverklaring van een accountant omtrent de
informatie bedoeld onder 2.3.
3. Indien van toepassing: voornemens inzake wijziging van de statuten
van de doelvennootschap na gestanddoening van het verplicht bod.
4. Indien van toepassing: het feit dat rechthebbenden van effecten
van een categorie of klasse waarop het verplicht bod betrekking heeft
reeds te kennen hebben gegeven voor hun effecten het verplichte bod te
zullen aanvaarden onder vermelding van het totale nominale bedrag van
deze effecten of het percentage van het totale geplaatste kapitaal.
Bijlage F
Bijzondere gegevens inzake het ruilbod
Alle gegevens die, gelet op aard van de vennootschap waarvan door hem
uitgegeven effecten in ruil worden aangeboden en van de in ruil
aangeboden effecten van belang zijn voor het vormen van een verantwoord
oordeel over de financiële positie, het resultaat en de vooruitzichten
van die vennootschap en de rechten welke aan deze effecten verbonden
zijn, waaronder in elk geval:
1. Gegevens omtrent het vermogen en de resultaten van de vennootschap
die de effecten heeft uitgegeven die in ruil worden aangeboden, met
inbegrip van:
1.1. een vergelijkend overzicht van de balans, de verlies- en
winstrekening en het kasstroomoverzicht uit de vastgestelde
jaarrekeningen van de laatste twee jaar, en de meest recente
algemeen verkrijgbaar gestelde jaarrekening, met inbegrip van een
toelichting hierop;
1.2. een accountantsverklaring omtrent de informatie als bedoeld
in 1.1, indien deze is afgegeven;
1.3. financiële gegevens omtrent het lopende boekjaar die in
ieder geval de gegevens dienen te omvatten tot en met het laatst
verstreken halfjaar, indien de lengte van de periode tussen het
moment van verkrijgbaarstelling van het biedingsbericht en de
laatste werkdag van het verstreken halfjaar meer dan vier maanden
bedraagt; en
1.4. een reviewverklaring van een accountant omtrent de
informatie bedoeld onder 1.3.
2. Een gemotiveerde uiteenzetting omtrent de te verwachten voordelen
van het openbaar bod en zo mogelijk een mededeling over
dividendvooruitzichten van de vennootschap waarvan door hem uitgegeven
effecten in ruil worden aangeboden.
3. Eventuele voornemens inzake wijziging van de statuten van de
vennootschap waarvan door hem uitgegeven effecten in ruil worden
aangeboden, na gestanddoening van het openbaar bod, voor zover de bieder
hierover beschikt.
4. Eventuele voornemens inzake de samenstelling van het bestuur en
van de raad van commissarissen van de vennootschap waarvan door hem
uitgegeven effecten in ruil worden aangeboden, na gestanddoening van het
openbaar bod, voor zover de bieder hierover beschikt.
5. Indien van toepassing: het bedrag van de vergoedingen aan de
bestuurders en commissarissen van de vennootschap, anders dan de bieder
of de doelvennootschap, waarvan effecten in ruil worden aangeboden, die
bij gestanddoening van het openbaar bod zullen aftreden, vermeld per
bestuurder of commissaris.
6. Indien van toepassing: het bedrag van de vergoedingen aan de
bestuurders en commissarissen van de vennootschap, anders dan de bieder
of de doelvennootschap, waarvan effecten in ruil worden aangeboden, die
verband houden met de gestanddoening van het openbaar bod, vermeld per
bestuurder of commissaris.
7. Indien van toepassing: gegevens omtrent de overeengekomen lock-up
regelingen, met betrekking tot de effecten die in ruil worden
aangeboden, voor de bestuurders en commissarissen van de bieder, de
doelvennootschap of, indien van toepassing, van de vennootschap, anders
dan de bieder of de doelvennootschap, waarvan effecten in ruil worden
aangeboden, vermeld per bestuurder of commissaris.
Bijlage G
Gegevens inzake het bericht van de doelvennootschap
1. Een gemotiveerde standpuntbepaling van het bestuur, waarin
tenminste wordt ingegaan op de visie van het bestuur op de geboden prijs
of ruilverhouding, de overwegingen en prognoses welke mede de hoogte van
het openbaar bod hebben bepaald, waaronder een cijfermatige onderbouwing
van haar visie op deze prijs of ruilverhouding en deze overwegingen en
prognoses, de gevolgen van de uitvoering van het openbaar bod voor de
werkgelegenheid, de arbeidsvoorwaarden en de vestigingsplaatsen van de
vennootschap.
2. De gegevens omtrent het vermogen en de resultaten van de
doelvennootschap, met inbegrip van de beschikbare gegevens omtrent het
lopende boekjaar indien daarvan meer dan een kwartaal is verstreken,
welke de aandeelhouders behoeven om zich een gefundeerd oordeel over het
openbaar bod te kunnen vormen.
3. Een opgave door bestuurders en commissarissen van de
doelvennootschap van de transacties en gesloten overeenkomsten omtrent
effecten van de doelvennootschap en van effecten van de bieder indien
het openbaar bod uitsluitend of mede strekt tot overneming van effecten
in ruil voor effecten uit te geven door de bieder, welke transacties of
welke overeenkomsten in het jaar voorafgaand aan de openbare mededeling
van de verkrijgbaarstelling van het biedingsbericht zijn verricht of
afgesloten door hen, hun echtgenoten of geregistreerde partners, hun
minderjarige kinderen en door rechtspersonen waarin zij of deze personen
de zeggenschap hebben, onder vermelding van:
3.1. hun namen;
3.1. de hoeveelheid en de categorie of klasse van deze effecten
alsmede de prijs of ruilverhouding welke voor ieder van deze
transacties heeft gegolden, respectievelijk welke bij overeenkomsten
of afspraken omtrent dergelijke transacties is bedongen.
4. Indien door het bestuur van de doelvennootschap ontvangen: een
standpunt van de vertegenwoordigers van de werknemers over de gevolgen
van het bod voor de werkgelegenheid.
5. Indien door de doelvennootschap bij een derde een schriftelijk
advies is ingewonnen over de redelijkheid van het openbaar bod: de naam
van deze derde, zijn hoedanigheid, de andere functies die deze derde
vervult en de strekking van het advies.
|