Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus

 

REGELING  PARTICULIERE  BEVEILIGINGSORGANISATIES  EN  RECHERCHEBUREAUS

Tekst zoals deze geldt op 25 juli 2014

 

 

 

 
     De Minister van Justitie;
     Gelet op de artikelen 4, 5, 6, 7, 8, 9 en 10 van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus;

     Besluit:

 

 

1. Algemene bepalingen

Artikel 1. (definitiebepalingen)

1. In deze regeling wordt verstaan onder:

de minister: de Minster van Veiligheid en Justitie;

de wet: de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus;

de korpschef: de korpschef, bedoeld in artikel 27 van de Politiewet 2012;

de commandant: de commandant van de Koninklijke marechaussee;

een horecabedrijf: een horecabedrijf als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Drank- en Horecawet, of waarvan de ondernemer inschrijfplichtig is bij het Bedrijfschap Horeca, of een bordeel, uitgezonderd logiesverstrekkende ondernemingen, voor zover het logiesverstrekking betreft;

de aanvraag: de aanvraag van een migrerende beroepsbeoefenaar tot het verkrijgen van erkenning van EG-beroepskwalificaties, bedoeld in de Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties;

de aanvrager: de migrerende beroepsbeoefenaar die een aanvraag indient;

een gereglementeerd beroep: een beroep waarvoor ingevolge artikel 8 of artikel 10 van de wet opleidingseisen worden gesteld;

een compenserende maatregel of een maatregel: een aanpassingsstage of een proeve van bekwaamheid;

de stagiair: de migrerende beroepsbeoefenaar die een aanpassingsstage volgt;

Justis: de JustitiŽle Uitvoeringsdienst Toetsing, Integriteit en Screening;

de dienstverrichter: de dienstverrichter als bedoeld in artikel 21 van de Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties;

j. verordening: Verordening (EU) Nr. 1214/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 betreffende professioneel grensoverschrijdend transport van eurocontanten over de weg tussen lidstaten van de eurozone (PbEU 2011, L 316).

2. Overige in deze regeling voorkomende begrippen hebben dezelfde betekenis als in de wet.

Artikel 2. (optreden naar buiten)

De wijze van acquisitie en promotie door een beveiligingsorganisatie en een recherchebureau, alsmede het optreden naar buiten, de presentatie en de uitvoering van de werkzaamheden, zijn niet in strijd met de belangen van de veiligheidszorg of de goede naam van de bedrijfstak.

Artikel 3. (opzet en inrichting)

1.De opzet en de inrichting van een beveiligingsorganisatie of recherchebureau zijn zodanig dat regelmatige, continue en volledige uitoefening van de beveiligings- dan wel recherchewerkzaamheden waartoe de organisatie of het bureau zich heeft verbonden, is gewaarborgd.

2.Het eerste lid is niet van toepassing op een beveiligingsorganisatie die werkzaamheden verricht als bedoeld in artikel 3, onder d, van de wet.

Artikel 4. (vertrouwelijke gegevens)

Een beveiligingsorganisatie of recherchebureau treft maatregelen om te voorkomen dat persoons- en andere vertrouwelijke gegevens in handen van onbevoegden komen.

2. Opleidingseisen

Artikel 5. (algemene opleiding)

1.Een beveiligingsorganisatie belast uitsluitend een persoon met beveiligingswerkzaamheden, indien deze in het bezit is van een op zijn naam gesteld diploma Beveiliger van de Stichting Vakexamens voor de Particuliere Beveiligingsorganisaties en de Stichting Ecabo.

2.De verplichting in het eerste lid geldt niet voor een periode van maximaal 12 maanden, te rekenen van af de dag dat de betrokkene voor het eerst bij een particuliere beveiligingsorganisatie met beveiligingswerkzaamheden wordt belast, indien betrokkene door middel van een verklaring van de Stichting Ecabo kan aantonen, dat hij in de periode waarop de aanvraag betrekking heeft, de praktijkopleiding voor het diploma Beveiliger van de Stichting Vakexamens voor de Particuliere Beveiligingsorganisaties en de Stichting Ecabo volgt.

3.Op de uitvoering van de praktijkopleiding wordt toezicht uitgeoefend door de Stichting Ecabo. Leerbedrijven zijn aan de Stichting Ecabo een bedrag verschuldigd voor de uitoefening van dit toezicht. De hoogte van dit bedrag wordt jaarlijks in overleg tussen de Stichting Ecabo en de Stichting Opleidingsfonds Beveiligingsbranche (SOBB) vastgesteld.

4.De in het tweede lid genoemde periode van maximaal 12 maanden wordt op geen enkele wijze onderbroken, verlengd of geschorst.

5.Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing indien de betrokkene is geboren vůůr 1 december 1937 en van 1 december 1980 tot en met 30 november 1982 onafgebroken werkzaam is geweest bij een op grond van de wet toegelaten beveiligingsorganisatie.

6.Als gelijkwaardig aan het diploma bedoeld in het eerste lid worden erkend:

a. het Vakdiploma Bedrijfsbeveiliging en Bewakingsdienst van de Unie van Beveiligings- en Bewakingspersoneel (UBB);

b. het Vakdiploma Bedrijfsbeveiliging en Bewakingsdienst van de Nederlandse Bond van Onbezoldigd opsporingsambtenaren en Bewakingspersoneel (NBOB);

c. de diploma's Beveiligingsbeambte B, C en D van de Leidse Onderwijs Instellingen, behaald voor 1 februari 1986;

d. het diploma Beveiliging en Bewaking van de Stichting Vakexamens voor de Particuliere Beveiligingsorganisaties, behaald voor 1 februari 1986;

e. het Vakdiploma Basiscursus Marine Bewakingskorps tezamen met het diploma van het Marine Bewakingskorps voor onbezoldigd ambtenaar van het Korps Rijkspolitie, beide behaald voor 1 februari 1986;

f. het Certificaat Begincursus voor de bedrijfsbewaking, afgegeven door de Stichting Vervoer- en Havenopleidingen te Rotterdam, behaald voor 1 februari 1986;

g. het Basisdiploma Beveiliging van de Stichting Vakexamens voor de Particuliere Beveiligingsorganisaties, behaald voor 1 januari 1998;

h. het Ecabodiploma leerlingwezen Algemeen Beveiligingsmedewerker;

i. het IVOB-diploma A en B;

j. het diploma Algemeen Beveiligingsmedewerker van de Stichting Vakexamens voor de Particuliere Beveiligingsorganisaties / de Stichting Ecabo.

k. een erkenning van beroepskwalificaties als bedoeld in artikel 5 van de Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties, voor werkzaamheden als beveiliger.

Artikel 6. (bestuursorganen)

Artikel 5, eerste tot en met vijfde lid, van deze regeling, is van

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | de wet | alle wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x