| |
|
|
|
|
vorige
Nadere
regelgeving
Wet vermindering
afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen (WVA)
UITVOERINGSREGELING
S&O-AFDRACHTVERMINDERING 2006
Tekst zoals deze geldt op
27 januari 2012
|
|
|
REGELING van de Minister van Economische Zaken van 20
december 2005, nr. WJZ 5725140, houdende de vaststelling van de
Uitvoeringsregeling S&O-afdrachtvermindering 2006 Ή
1. S&O: speur- en
ontwikkelingswerk, red.
De Minister
van Economische Zaken;
Gelet op de artikelen 22, derde lid, 23, vierde
lid, 27, achtste lid, en 47, vierde lid, van de Wet vermindering
afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen en artikel
24, vierde lid en achtste lid, van de Wet vermindering afdracht
loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen, zoals die wet luidt
onmiddellijk voorafgaande aan de inwerkingtreding van het Belastingplan
2006;
Besluit:
Artikel 1
1. Een aanvraag voor een S&O-verklaring wordt ingediend bij
SenterNovem, agentschap van het ministerie van Economische Zaken met
gebruikmaking van een formulier, waarvan de inhoud is neergelegd in de
bij deze regeling behorende bijlage.
2. De indiening van een aanvraag geschiedt niet per telefax.
3. De opgave van de burgerservicenummers en het doen van de
mededeling, bedoeld in respectievelijk artikel 22, vijfde lid, en
artikel 24, tweede lid, van de Wet vermindering afdracht loonbelasting
en premie voor de volksverzekeringen, geschiedt uitsluitend langs
elektronische weg door gebruik te maken van de via de website (www.senternovem.nl/wbso)
beschikbaar gestelde elektronische voorziening en het opvolgen van de
daarbij opgenomen aanwijzingen.
4. Indien het gebruik van de elektronische weg als bedoeld in het
derde lid onredelijk bezwarend is voor de S&O-inhoudingsplichtige,
kan de Minister van Economische Zaken, al dan niet op verzoek,
ontheffing verlenen van de verplichting tot het gebruik daarvan. De
ontheffing geldt voor maximaal twee jaar. De Minister van Economische
Zaken kan voorschriften verbinden aan de ontheffing.
5. Het derde lid geldt niet voor het doen van de mededeling die
wordt gedaan op de voet van artikel 24, vierde lid, van de Wet
vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de
volksverzekeringen.
Artikel 2
1. De S&O-inhoudingsplichtige of de S&O-belastingplichtige
die speur- en ontwikkelingswerk verricht waarvoor hij beschikt over
een S&O-verklaring voert gedurende de periode waarop de S&O-verklaring
betrekking heeft een zodanige administratie dat daaruit op eenvoudige
en duidelijke wijze zijn af te leiden:
a. de aard en inhoud van het verrichte speur- en
ontwikkelingswerk;
b. op welke dagen door een werknemer van de S&O-inhoudingsplichtige
of door de S&O-belastingplichtige speur-en ontwikkelingswerk
is verricht, en om hoeveel uur het per dag ging;
c. de voortgang van het verrichte speur- en ontwikkelingwerk.
2. De S&O-inhoudingsplichtige of de S&O-belastingplichtige
houdt de administratie zodanig bij dat deze binnen twee maanden na
afloop van het kalenderkwartaal waarin het speur- en ontwikkelingswerk
is verricht, beschikbaar is voor controle.
3. In afwijking van het tweede lid houdt de S&O-inhoudingsplichtige
of de S&O-belastingplichtige de administratie, bedoeld in het
eerste lid, onderdeel b, steeds zodanig bij dat deze uiterlijk 10
werkdagen na een dag waarop speur- en ontwikkelingswerk is verricht,
beschikbaar is voor controle.
4. Indien de S&O-verklaring betrekking heeft op speur- en
ontwikkelingswerk dat bestaat uit meerdere projecten wordt de
administratie per project bijgehouden.
Artikel 3
1. De peildatum, bedoeld in artikel 23, vierde lid, derde volzin,
van de Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de
volksverzekeringen, is 1 april.
2. In afwijking van het eerste lid is de peildatum voor aanvragen
die betrekking hebben op 2009 of een deel van dat kalenderjaar 1 juli
2008.
Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2009]
Artikel 5 [Vervallen per 01-01-2009]
Artikel 6 [Vervallen per 01-01-2009]
Artikel 7
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de
dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst of, indien
dat later is, bij de inwerkingtreding van het Belastingplan 2006, met
uitzondering van artikel 5, dat in werking treedt met ingang van de
tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin deze regeling
wordt geplaatst en terug werkt tot en met 4 december 2005.
Artikel 8
Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling S&O-afdrachtvermindering
2006.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant
worden geplaatst, met uitzondering van de bijlage 1, die ter inzage
wordt gelegd bij SenterNovem, agentschap van het ministerie van
Economische Zaken, Dokter van Deenweg 108, Zwolle.
Den Haag, 20 december 2005.
De Minister van Economische Zaken,
L.J. Brinkhorst.
Bijlage 1
[Ligt ter inzage bij SenterNovem te Zwolle en gepubliceerd op www.senternovem.nl]
Bijlage 2
1. Het gemiddelde uurloon bedoeld in artikel 23, vierde lid, eerste
volzin, van de Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor
de volksverzekeringen, wordt berekend als A gedeeld door B, waarbij de
uitkomst vervolgens naar boven wordt afgerond op een veelvoud van
5.
A = het loon genoten over de uren waarin speur- en
ontwikkelingswerk is gerealiseerd waarvan blijkt uit de S&O-administratie
over 2004.
B = het aantal uren waarop het loon bedoeld onder A betrekking
heeft.
2. Het gemiddelde uurloon, bedoeld in artikel 23, vierde lid,
tweede volzin, van de Wet vermindering afdracht loonbelasting en
premie voor de volksverzekeringen, wordt berekend als A gedeeld door
B.
A = het loon dat naar verwachting zal worden genoten over de uren
waarin het blijkens de aanvraag voorgenomen speur- en
ontwikkelingswerk zal worden verricht, verhoogd met
a. de tantiθmes, gratificaties en andere beloningen die in de
regel slechts eenmaal of eenmaal per jaar worden toegekend;
b. overwerkloon;
c. loon in de vorm van krachtens een publiekrechtelijke
regeling of collectieve arbeidsovereenkomst regelmatig bij de
betaling van het loon verstrekte vakantiebonnen,
vakantietoeslagbonnen of van daarmee overeenkomende aanspraken, en
d. loon ter zake waarvan de belasting ingevolge artikel 31 van
de Wet op de loonbelasting 1964 wordt geheven van de
inhoudingsplichtige, voorzover sprake is van loon dat in
geblokkeerde vorm wordt gespaard ingevolge een spaarloonregeling.
B = het aantal uren waarop het loon bedoeld onder A betrekking
heeft.
|
|
|