|
Het
Landelijk instituut
sociale verzekeringen;
Gelet op artikel
71a van de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering; ¹
1. Ingevolge artikel
II,
onderdeel M, van de Wet verbetering poortwachter (Stb. 2001, 628)
is artikel 71a WAO met ingang van 1
april 2002 vervangen en zijn de bapalingen inzake reïntegratieplannen en werkgeversboeten
uit dit artikel geschrapt. Zie ook Besluit
boete ZW/WAO werkgevers 2002. Het (her)plaatsingsbudget en pakket op maat
op grond van de artikelen 15, 16 en
18 Wet
Rea zijn met ingang van 1 januari 2002
ingevolge artikel II, onderdeel F, van het Belastingplan 2002 V -
Socialezekerheidswetgeving komen te vervallen.
Zie ook het Reïntegratie-instrumentenbesluit
Wet Rea, red.
Besluit:
Art. 1.
Definities
In dit besluit wordt
verstaan onder:
a. de uitvoeringsinstelling:
de uitvoeringsinstelling die ten aanzien van de werkgever en de verzekerde
werknemer de werkzaamheden verricht
als bedoeld in artikel 41 van de Organisatiewet sociale verzekeringen
1997; ¹
b. het reïntegratieplan:
het voorlopig reïntegratieplan, bedoeld in
artikel 2 van dit besluit en het
volledige reïntegratieplan, bedoeld in artikel 3 van dit besluit.
1. Zie hoofdstuk 5 van de Wet
structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, red.
Art. 2.
Voorlopig
reïntegratieplan
De werkgever kan voldoen aan
zijn verplichting een adequaat
reïntegratieplan over te leggen door middel
van indiening bij de
uitvoeringsinstelling van een door de uitvoeringsinstelling aan de werkgever ter
beschikking gesteld en door of namens de werkgever volledig ingevuld en
ondertekend voorlopig reïntegratieplan
indien hij redelijkerwijs kan
verwachten dat de werknemer zal hervatten in
arbeid binnen de onderneming van de
werkgever binnen acht maanden na aanvang
van de arbeidsongeschiktheid.
Het voorlopig
reïntegratieplan bevat de vragen vermeld in bijlage 1
bij dit besluit.
De op het voorlopig
reïntegratieplan te verstrekken gegevens kunnen
overeenkomstig daartoe door de
uitvoeringsinstelling gestelde aanwijzingen worden verstrekt met behulp van
geautomatiseerd te verwerken
gegevensdragers.
Art. 3.
Overlegging van een
volledig reïntegratieplan
-1. De werkgever dient bij de
uitvoeringsinstelling een door de
uitvoeringsinstelling aan de werkgever ter
beschikking gesteld en door of namens de werkgever volledig ingevuld en ondertekend
volledig reïntegratieplan
in:
a. zodra hij redelijkerwijs
niet of niet meer kan verwachten dat de
werknemer zal hervatten in de eigen of
andere arbeid binnen de onderneming
van de werkgever binnen acht maanden
na aanvang van de arbeidsongeschiktheid;
b. indien de
uitvoeringsinstelling daarom vraagt, binnen de
door de uitvoeringsinstelling daartoe gestelde termijn.
-2. Het formulier bevat de
vragen vermeld op bijlage 2 van dit
besluit.
-3. De op het formulier van
het reïntegratieplan te verstrekken gegevens
kunnen overeenkomstig daartoe door
de uitvoeringsinstelling
gestelde aanwijzingen worden verstrekt met behulp
van geautomatiseerd te verwerken
gegevensdragers.
Art. 4.
Inhoudelijke eisen aan
het reïntegratieplan
-1. Op het volledige
reïntegratieplan verstrekt de werkgever zodanige
informatie dat de
uitvoeringsinstelling in staat is te beoordelen welke
inspanningen de werkgever heeft gepleegd ter zake
van verzuimbegeleiding en of deze inspanningen als voldoende kunnen worden
aangemerkt.
-2. Bij de beoordeling of de
inspanningen in het reïntegratieplan als
voldoende kunnen worden aangemerkt, worden de volgende aspecten
in aanmerking genomen:
a. de werkgever richt de
verzuimbegeleiding zoveel mogelijk op de
hervatting van de werknemer in het
eigen werk;
b. indien en zolang
hervatting van de werknemer in het eigen werk
niet mogelijk is, bevordert de
werkgever zoveel mogelijk dat de
werknemer kan hervatten in andere arbeid
in de onderneming van de werkgever;
c. de werkgever zorgt ervoor dat de arbeid, de arbeidsplaatsen,
de toewijzing van werk, de productie- en
werkmethoden worden aangepast voor zover dit noodzakelijk is voor de
hervatting in arbeid door de werknemer
en voor zover dit in redelijkheid
van de werkgever kan worden gevergd;
d. de werkgever richt zich
zoveel mogelijk op werkhervatting
door de werknemer. Bij de beoordeling van de inspanning gelden de
volgende weegpunten:
1. de mate van de
beperkingen van de werknemer voor arbeid en
diens mogelijkheden tot het verrichten van
arbeid;
2. de mate waarin de
beschikbare arbeid naar inhoud en omvang
ligt bij het werk dat de werknemer
verrichtte vóór aanvang van de
ongeschiktheid tot werken;
3. de kosten van de door de
werkgever te treffen voorzieningen en
aanpassingen en de invloed van de
realisering daarvan op de werkzaamheden
van andere werknemers en de gang
van zaken in de onderneming van
de werkgever.
Art.
4a.
-1. De werkgever die een aanvraag doet voor
een voorziening als bedoeld in artikel 15, een herplaatsingsbudget als
bedoeld in artikel 16, respectievelijk een pakket op maat als bedoeld in
artikel 18 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten ¹, legt hiertoe
over een door hem volledig ingevuld en ondertekend formulier volledig
reïntegratieplan met bijlagen als bedoeld in bijlage 2 bij het Besluit
minimumeisen reïntegratieplan 1997.
-2. De werkgever vult op het formulier in
de vragen in de rubrieken A tot en met F alsmede de vragen op de
bijlagen 1, 2 en 4.
-3. Indien de werkgever al een
reïntegratieplan heeft overgelegd waarop de rubrieken A tot en met F
alsmede de vragen op de bijlagen 1 en 2 zijn ingevuld en de
omstandigheden sindsdien niet zijn gewijzigd, kan hij volstaan met
overlegging van een volledig ingevulde en ondertekende bijlage
4.
1. Genoemde voorzieningen
zijn ingevolge artikel II, onderdeel F,
van het Belastingplan 2002 V -
Socialezekerheidswetgeving met ingang van 1 januari 2002 komen te vervallen, red.
Art.
4b.
-1. De werkgever die een reïntegratieplan
overlegt in verband met een verzoek tot ontbinding van de
arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 685 van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek legt hiertoe over een door hem volledig ingevuld en ondertekend
formulier volledig reïntegratieplan met bijlagen als bedoeld in bijlage
2 bij het Besluit minimumeisen reïntegratieplan 1997.
-2. De werkgever vult op het formulier in
de vragen in de rubrieken A tot en met F alsmede de vragen op de
bijlagen 1, 3 en 5.
-3. Indien de werkgever al een
reïntegratieplan heeft overgelegd waarop de rubrieken A tot en met F
alsmede de vragen op de bijlagen 1 en 3 zijn ingevuld en de
omstandigheden sindsdien niet zijn gewijzigd, kan hij volstaan met
overlegging van een volledig ingevulde en ondertekende bijlage
5.
Art. 5.
Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in
werking met ingang van 1 september 1997.
Indien de Staatscourant waarin dit
besluit wordt geplaatst wordt uitgegeven
na 30 augustus 1997, treedt dit besluit in werking met ingang van de tweede dag
na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Art. 6.
Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald
als: Besluit minimumeisen
reïntegratieplan 1997.
Art. 7.
Intrekking besluiten
-1. Het Besluit minimumeisen
reïntegratieplan vastgesteld door het
Tijdelijk instituut voor coördinatie
en afstemming dat krachtens artikel 7 van
de Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 geldt als
een besluit van het Landelijk instituut
sociale verzekeringen wordt ingetrokken.
-2. Besluiten van
bedrijfsverenigingen met betrekking tot de
beoordeling van de reïntegratie-inspanningen van de werkgever die krachtens
artikel 7 van de Invoeringswet
Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 gelden
als besluiten van het Landelijk instituut
sociale verzekeringen worden ingetrokken.
Dit besluit zal met de
toelichting in de Staatscourant worden
bekendgemaakt.
Amsterdam, 18 juni 1997.
J.F. Buurmeijer, voorzitter.
BIJLAGE
1
Voorlopig reïntegratieplan
1. Werknemer
sofinummer: ....
voorletters en naam: ....
(bij gehuwde vrouwen
meisjesnaam)
2. Werkgever
aansluitingsnummer: .....
naam: ....
adres: ....
contactpersoon: ....
telefoon/fax: ....
3. Arbodienst
naam: ....
adres: ....
contactpersoon: ....
telefoon/fax: ....
4. Eerste arbeidsongeschiktheidsdag: ....
5. Verwachte datum volledige
werkhervatting in de eigen onderneming:
....
6. Als u behoefte heeft aan
voorlichting, advies van of overleg met de uitvoeringsinstelling, wilt u dan hier aangeven
waar dat over gaat?
Voorbeelden: advies bij
twijfel werkhervatting / advies bij realisering
werkhervatting, etc. ....
7. Ziektediagnose(s) of -code(s) conform de classificatie van de CAS
(zie toelichting): ....
8. Overige opmerkingen: ....
Ondergetekende verklaart
hierbij dat de inhoud van deze melding in
overleg met de werknemer is opgesteld / Ondergetekende verklaart hierbij dat de inhoud van deze melding niet
in overleg met de werknemer is
opgesteld in verband met onmacht of weigering van de werknemer*.
De werkgever / de arbodienst,
gemachtigd door de werkgever* .... (Naam en handtekening)
Datum: ....
* Doorhalen wat niet van
toepassing is.
BIJLAGE
2
Volledig reïntegratieplan
A. Administratieve gegevens
1. Werknemer
sofinummer: ....
voorletters en naam: ....
(bij gehuwde vrouwen
meisjesnaam)
2. Werkgever
aansluitingsnummer: ....
naam: ....
adres: ....
contactpersoon: ....
telefoon/fax: ....
3. Arbodienst
naam: ....
adres: ....
contactpersoon: ....
telefoon/fax: ....
B. Overige vragen
eerste arbeidsongeschiktheidsdag: ....
functie werknemer (functienaam): ....
korte omschrijving van
taken, werkzaamheden: ....
omvang: ....
arbeidspatroon ....
en salarisindicatie ........
beperkingen voor het eigen
werk ........
tijdelijk/blijvend?*
mogelijkheden voor
ander/aangepast werk? Ja/nee*
Zo ja, welke?.........
C. Medische gegevens In
verband met de privacy apart in te vullen
op bijlage 1.
D. Verwachting
werkhervatting
(kies de rubriek die van
toepassing is)
a. Verwachting volledige of
gedeeltelijke werkhervatting in eigen of
andere functie in de eigen
onderneming
Zie bijlage 2.
b. Geen verwachting
werkhervatting in eigen onderneming
Zie bijlage 3.
c. Nooit meer werkhervatting
in enige arbeid
Toelichting: ....
E. Contact met
uitvoeringsinstelling
Bestaat er behoefte aan
voorlichting, advies van of overleg met de uitvoeringsinstelling? Ja/nee*
Zo ja, waarover?
Voorbeelden: advies bij
twijfel werkhervatting / advies bij realisering werkhervatting, etc. ....
F. Visie werknemer
Welk werk denkt de werknemer
zelf nog te kunnen doen in
relatie tot zijn beperkingen? ....
Is de werknemer het eens met
de verwachting zoals geformuleerd onder D? ....
Overige opmerkingen ....
Ondergetekende verklaart
hierbij dat de inhoud van deze melding in
overleg met de werknemer is opgesteld / Ondergetekende verklaart
hierbij dat de inhoud van deze melding niet
in overleg met de werknemer is
opgesteld in verband met onmacht of
weigering van de werknemer*
De werkgever / de arbodienst,
gemachtigd door de werkgever* .... (Naam en handtekening)
Datum: ....
* Doorhalen wat niet van
toepassing is
Bijlage 1. Medische gegevens
(niet voor te leggen aan de
werkgever, maar apart te verzenden naar
de verzekeringsarts van de
uitvoeringsinstelling)
Ziektediagnose(s) of
-code(s) conform de classificatie van de CAS: ....
Beloop medische situatie:
....
Prognose ten aanzien van
gezondheid en werkhervatting: ....
Gegevens van de curatieve
sector, indien aanwezig: ....
Oorzaak klachten volgens
werknemer: ....
De bedrijfsarts: .... (Naam en handtekening)
Datum: ....
Bijlage 2. Verwachting
volledige of gedeeltelijke werkhervatting
in eigen of andere functie in de eigen
onderneming
In eigen functie? Ja/nee*
In andere functie? Ja/nee*
Om welke andere
functie/werkzaamheden gaat het?
(functienaam): ....
korte omschrijving van
taken, werkzaamheden: ....
omvang: ....
arbeidspatroon: ....
en salarisindicatie: ....
Datum verwachte (volledige)
werkhervatting? ....
Heeft de werknemer thans al gedeeltelijk hervat in eigen of ander
werk? Ja/nee*
Indien ja, voor hoeveel uur? .... per
....
Welke taken of activiteiten
kunnen in verband met de beperkingen
(nog) niet worden verricht? ....
Welke
herplaatsingsactiviteiten zijn reeds ondernomen?
Voorbeelden:
probleeminventarisatie/aanpassing,
werkzaamheden/functieruil/wijziging,
werktijden/diensten/conflictoplossing,
etc.
Toelichting: ....
Wat was het resultaat? ....
Welke
herplaatsingsactiviteiten worden nog ondernomen en wanneer?
Toelichting: ....
Zijn er nog andere
maatregelen of aanpassingen toegepast?
Voorbeelden: aanpassing arbeidsplaats/hulpmiddelen/vervoer/scholing,
etc.
Toelichting: ....
Wat was het resultaat? ....
Zijn er nog andere
maatregelen of aanpassingen nodig om tot (volledige)
hervatting te komen?
Toelichting: ....
* Doorhalen wat niet van
toepassing is
BIJLAGE
3
Geen verwachting
werkhervatting in eigen onderneming
Welke
herplaatsingsactiviteiten zijn er tot nu toe verricht?
Voorbeelden:
probleeminventarisatie/aanpassing,
werkzaamheden/functieruil/wijziging,
werktijden/diensten/conflictoplossing,
etc.
Toelichting: ....
Wat was het resultaat? ....
Zijn er nog andere
aanpassingen of maatregelen toegepast? Ja/nee*
Voorbeelden: aanpassing arbeidsplaats/hulpmiddelen/vervoer/scholing, etc.
Toelichting: ....
Wat was het resultaat? ....
Is sprake van een
arbeidsconflict? Ja/nee*
Indien ja, wat is ondernomen
ter oplossing daarvan? ....
Wat was het resultaat? ....
Zijn ook andere functiemogelijkheden/werkzaamheden in de
onderneming bezien? Ja/nee*
Zo ja, welke waren dat? ....
Waarom kon niet in één van
deze functies worden hervat? ....
Zijn of worden er pogingen
ondernomen tot herplaatsing bij een
andere werkgever? Ja/nee*
Toelichting: ....
* Doorhalen wat niet van
toepassing is.
BIJLAGE
4
Aanvraag Rea-instrument
1. Welk Rea-instrument wordt
gevraagd? Aankruisen wat van
toepassing is.
- herplaatsingsbudget
- pakket op maat
- subsidie kosten
voorzieningen eigen werk
2. Is de werknemer
arbeidsgehandicapt?
2a. Zo ja, op grond van
welke omstandigheden?
3. Wilt u de werknemer
herplaatsen in een andere functie?
3a. Voor hoeveel uur per
week?
4. Wilt u de werknemer
herplaatsen in of behouden voor de eigen
functie?
5. Waaruit moet het pakket
op maat bestaan?
LKS
TBS
werkaanpassingen
scholing
hulpmiddelen
andere
Kosten per bestanddeel te
specificeren
6. Waaruit moet de subsidie
kosten voorzieningen eigen werk
bestaan?
scholing
training en begeleiding
werkaanpassingen
hulpmiddelen
andere
Kosten per bestanddeel te
specificeren
7. Heeft de werknemer ook
voorzieningen aangevraagd?
BIJLAGE
5
Verzoek ontbinding
arbeidsovereenkomst wegens gewichtige reden
1. Wat zijn de beperkingen
en de mogelijkheden van de werknemer?
2. Waarom kan de werknemer
niet meer worden herplaatst in
eigen arbeid? in andere arbeid?
3. Wat is de visie van de
werknemer ten aanzien van eventuele herplaatsingmogelijkheden?
TOELICHTING
[18 juni 1997]
De werkgever van een zieke
werknemer is verplicht te zorgen voor
verzuimbegeleiding van de werknemer. Het
Landelijk instituut sociale
verzekeringen (Lisv) [zie Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen (UWV), red.] beoordeelt op grond
van artikel 39, eerste lid, van de
Ziektewet of de werkgever zijn taak met betrekking tot verzuimbegeleiding op
adequate wijze uitoefent. De werkgever legt
op grond van artikel 71a, eerste lid,
van de Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering in de dertiende week van
ongeschiktheid tot werken aan het Lisv over een door hem in overleg met
de werknemer opgesteld adequaat
reïntegratieplan ten behoeve van de herintreding van de werknemer in het
arbeidsproces. Het Lisv beoordeelt op grond
van laatst genoemd artikel of
het reïntegratieplan tijdig is ingediend en of
het adequaat is en of de werkgever zonder deugdelijke grond weigert
mee te werken aan het opstellen of uitvoeren van het reïntegratieplan. De
werkzaamheden in verband met ontvangst en beoordeling van het
reïntegratieplan en het opstellen van een
reïntegratieplan worden verricht door de
uitvoeringsinstellingen in opdracht van het Lisv.
Het reïntegratieplan heeft
tot doel om de uitvoeringsinstelling
inzicht te geven in de inspanningen van de
werkgever gericht op hervatting in
arbeid door de werknemer en om de
uitvoeringsinstelling in staat te stellen te
beoordelen of de werkgever voldoet aan de
eisen die in dit verband aan hem
gesteld worden. Het Lisv formuleert op grond
van de wet minimumeisen waaraan het
reïntegratieplan moet voldoen. In dit besluit zijn deze minimumeisen
omschreven. Bij de totstandkoming van
het Besluit minimumeisen van het
Tijdelijk instituut voor coördinatie en
afstemming (Tica) [de rechtsvoorganger van het Lisv, red.], dat op grond van
artikel 7 van de Invoeringswet
Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 geldt als
besluit van het Lisv, is gelet op het
model-reïntegratieplan dat door de Federatie van Bedrijfsverenigingen (FBV)
in het najaar van 1994 is ontwikkeld, de beleidsuitgangspunten die door de FBV zijn
geformuleerd in het kader
van artikel 39b van de Ziektewet
(Circulaire C 94.06 d.d. 19 mei 1994) en
de ad-standaard toetsingscriteria reïntegratie-inspanningen werkgever (Mededeling M 95.68 van het Tica
d.d. 26
juli 1995) [volgens de redactie ontbreekt op deze plaats een
zinsnede]. In genoemd besluit was
uitgangspunt dat in alle gevallen waarin
een werknemer dertien weken ongeschikt is tot
werken een volledig
reïntegratieplan werd overgelegd aan de
uitvoeringsinstelling. Het bewerkelijke karakter van
dit reïntegratieplan voor werkgevers en hun
arbodiensten en voor de uitvoeringsinstellingen was aanleiding voor een
ronde-tafelgesprek met alle betrokkenen. Daarin
is overeenstemming bereikt over
een efficiëntere wijze van informatieverstrekking. In die gevallen waarin de
werkgever redelijkerwijs kan verwachten dat de werknemer binnen een bepaalde tijd kan worden
herplaatst in de eigen onderneming hoeft
de werkgever slechts een beperkt aantal
gegevens aan de uitvoeringsinstelling
te melden. In andere gevallen verstrekt
de werkgever wel het volledige
reïntegratieplan. Daarnaast was in genoemd
besluit niet omschreven in welke gevallen
het reïntegratieplan inhoudelijk adequaat was, maar werd voor de
beoordeling van het reïntegratieplan de
standaard toetsingscriteria reïntegratie-inspanningen werkgever gehanteerd. Besloten is om
de inhoudelijke eisen waaraan
de reïntegratie-inspanningen van de
werkgever worden beoordeeld ook in dit
besluit op te nemen.
De beoordeling van de
verzuimbegeleiding van de werkgever start met
een beoordeling van het
reïntegratieplan. Het reïntegratieplan moet
daarom van een zodanige kwaliteit zijn
dat de uitvoeringsinstelling in staat is deze beoordeling te verrichten, en indien zij
van oordeel is dat de werkgever
niet aan zijn inspanningsverplichting
voldoet, de werkgever te stimuleren
alsnog het nodige te verrichten.
Daarbij gaat het om twee basisvragen:
- is er voldoende
informatie om de inspanningen te kunnen
beoordelen?
- is de door de werkgever
gepleegde inspanning voldoende?
Artikelsgewijs
Artikel 1
Dit artikel bevat
definities. Formeel verricht het Lisv de
activiteiten die in de wet genoemd zijn.
Gelet op het feit dat de
voorbereiding van beslissingen, het nemen van
beslissingen en het uitvoeren daarvan zijn gemandateerd aan de
uitvoeringsinstellingen, wordt hierna in de
toelichting doorgaans gesproken over de
uitvoeringsinstelling. Feitelijk zal de werkgever
contact onderhouden met de
uitvoeringsinstelling en zal de
uitvoeringsinstelling namens het Lisv de
reïntegratieplannen beoordelen.
Artikel 2
De Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering verplicht de werkgever uiterlijk na
dertien weken aan de uitvoeringsinstelling
een reïntegratieplan over te leggen. In dit
besluit wordt voorzien in de
mogelijkheid voor de werkgever om een sterk verkorte versie van het
reïntegratieplan over te leggen in die gevallen
waarin hij redelijkerwijs kan verwachten dat de
werknemer zal hervatten binnen de
onderneming vóór het moment waarop de beoordeling van de
aanspraken van de werknemer op arbeidsongeschiktheidsuitkering uiterlijk aanvangt. Dat is
het moment waarop de uitvoeringsinstelling de verzekerde in kennis moet
stellen van de mogelijkheid een aanvraag voor de
arbeidsongeschiktheidsuitkering in te dienen (artikel
34, tweede lid, WAO).
De werkgever maakt gebruik
van een formulier dat door de
uitvoeringsinstelling aan hem wordt verstrekt. Op
het formulier worden slechts een
beperkt aantal vragen gesteld.
Indien de werkgever bij de verzuimbegeleiding
wordt ondersteund door een gecertificeerde arbodienst en de verwachting
is dat de werknemer zal herstellen en hervatten in arbeid in de onderneming,
kan de uitvoeringsinstelling in
beginsel afgaan op deze beperkte informatie.
De uitvoeringsinstelling kan ermee instemmen dat de gegevens worden
verstrekt door middel van bijvoorbeeld een
diskette of een opgave via een
datatransmissiesysteem.
Artikel 3
Dit artikel heeft
betrekking op de gevallen waarin de
werkgever redelijkerwijs niet (meer)
kan verwachten dat de werknemer zal
hervatten binnen de onderneming binnen
acht maanden na aanvang van de
ongeschiktheid tot werken. In die gevallen moet (alsnog) een volledig
reïntegratieplan worden ingediend. Het
reïntegratieplan moet worden ingediend op een door de uitvoeringsinstelling
ter beschikking gesteld formulier. Overlegging geschiedt door indiening bij
de uitvoeringsinstelling. Het
formulier Besluit minimumeisen
reïntegratieplan 1997 wordt door de werkgever
ondertekend of namens de werkgever, in
het algemeen diens arbodienst.
In de bijlage bij het
besluit worden de vragen genoemd die op het
reïntegratieplan gesteld worden. Voor een
goede beoordeling van de door de
werkgever geboden verzuimbegeleiding
moet de uitvoeringsinstelling een
inzicht hebben in de beperkingen en de
mogelijkheden van de werknemer. De
antwoorden op de vragen in het reïntegratieplan beogen de
uitvoeringsinstelling dit inzicht te bieden. Van de
werkgever wordt daarom in de eerste
plaats gevraagd te vermelden welke
werkzaamheden de werknemer verrichtte vóór zijn uitval. Vervolgens
dient hij inzicht te geven in de
oorzaak of oorzaken van de uitval en de
beperkingen van de werknemer, waardoor de uitvoeringsinstelling op de hoogte raakt van
hetgeen van de werknemer
niet meer verlangd kan worden. De
mogelijkheden van de werknemer geven een
indicatie van het soort arbeid dat nog
van de werknemer verlangd kan
worden. Hierbij wordt gedacht aan bijvoorbeeld de mogelijkheden van de
werknemer in medisch/arbeidskundig
opzicht. De werkgever zorgt tevens voor
vermelding van de aard van de klachten
en de diagnosecode alsmede de
datum waarop werkhervatting
verwacht wordt. De oorzaken waardoor de
werknemer niet heeft hervat in arbeid
kunnen gelegen zijn in zijn beperkingen
voor zijn eigen functie, doch ook in
het ontbreken van passend werk doordat
geen andere functies of taken
geschikt zijn voor de werknemer. Voor de uitvoeringsinstelling is voorts van belang
ervan op de hoogte te zijn
of en welke arbeid de werknemer verricht
op het moment van indiening van het
reïntegratieplan. Hieruit kan blijken dat de werkgever al op voldoende
wijze invulling heeft gegeven aan zijn verzuimbegeleidingsplicht. Aan de hand van de
activiteiten van de
werknemer gericht op hervatting kan duidelijk
worden of en in welke mate daarnaast
van de werkgever nog gevraagd kan
worden zich in te spannen voor
hervatting. Hierbij kan gedacht worden aan aanpassingen in het onderneming
[binnen de onderneming?, red.] in de
verdeling of toewijzing van
functies en overige aanpassingen in het
werk.
Artikel 4
De nadruk in het
reïntegratieplan ligt op de activiteiten die
de werkgever in overleg met de werknemer onderneemt of zal ondernemen
gericht op herplaatsing in arbeid
van de werknemer. De uitvoeringsinstelling
moet zoveel mogelijk aan de hand van het ingediende reïntegratieplan kunnen
beoordelen of de activiteiten die de werkgever heeft verricht adequaat
zijn. De uitvoeringsinstelling
hanteert hierbij uitgangspunten die ontleend zijn aan diverse wettelijke
verplichtingen van de werkgever. Genoemd worden
hier:
- de verplichting van de
werkgever de werknemer in staat te stellen passende arbeid te verrichten indien
de werknemer zich daartoe bereid
verklaart op grond van artikel 7:629 van
het Burgerlijk
Wetboek;
- de verplichting te
zorgen voor verzuimbegeleiding op grond van artikel 4a en 18 van de
Arbeidsomstandighedenwet;
- de verplichting de
arbeidsplaats van de gehandicapte werknemer
aan te passen ten behoeve van de werknemer
op grond van artikel 6 Wet
arbeid gehandicapte werknemers en medewerking te verlenen aan het treffen van
voorzieningen door het Lisv op grond van
artikel 57 van de Algemene Arbeidswet [Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, red.];
- de verplichting te
zorgen voor passende arbeid voor de werknemer op grond van de artikelen 35
van de Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet,
46 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
en 52j van de Werkloosheidswet;
- de verplichting tot
medewerking aan uitvoering van het
reïntegratieplan in artikel 71a van de Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering.
De activiteiten in het
reïntegratieplan worden beoordeeld op basis
van dit samenstel van wettelijke
verplichtingen. De omschrijving van de
inhoudelijke eisen in deze bepaling is hieraan ontleend. Het is niet mogelijk om
concreet voor alle gevallen aan te
geven welke inspanningen van een
werkgever gevraagd kunnen worden, wil
sprake zijn van zorgvuldige
verzuimbegeleiding en adequate uitvoering van
het reïntegratieplan. Dit is uiteindelijk afhankelijk van de functie
van de werknemer, diens beperkingen en mogelijkheden tot werken na intreden van
de ongeschiktheid tot werken
en de mogelijkheden binnen de onderneming om passende arbeid beschikbaar
te stellen. Slechts in algemene zin kan
daarom in dit besluit worden
aangegeven op welke aspecten en omstandigheden
bij beoordeling van de activiteiten wordt
gelet. Hierbij hebben de aangegeven
weegfactoren elk hun eigen gewicht. Als
weegfactor komt niet in aanmerking de
oorzaak van de
arbeidsongeschiktheid, bedrijfsongeval of ongeval
buiten werktijd. In het concrete geval zal de
uitvoeringsinstelling moeten beoordelen of de activiteiten gericht op verzuimbegeleiding adequaat zijn geweest.
Amsterdam, 18 juni 1997.
J.F. Buurmeijer, voorzitter.
TOELICHTING
bij het Besluit
van 1 april 1998 tot wijziging van het Besluit minimumeisen reïntegratieplan
1997, Stcrt. 1998, 75, waarbij de artikelen 4a
en 4b alsook de bijlagen 4 en
5 zijn ingevoegd
Het reïntegratieplan heeft
zijn wettelijke basis in artikel 71a
van de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
en is nader geregeld in het
Besluit minimumeisen reïntegratieplan 1997,
gepubliceerd in de Staatscourant 1997,140.
Het reïntegratieplan heeft op
grond van genoemde bepaling tot doel
het verstrekken van informatie door de werkgever aan de uitvoeringsinstelling
over de inspanningen van de
werkgever gericht op hervatting in
arbeid door de werknemer en om de
uitvoeringsinstelling in staat te stellen te
beoordelen of de werkgever voldoet aan
de eisen die in dit verband aan hem gesteld worden.
Met inwerkingtreding van de
Wet op de (re)integratie
arbeidsgehandicapten respectievelijk van de Wet
flexibiliteit en zekerheid krijgt het
reïntegratieplan twee nieuwe functies.
In de Wet op de (re)integratie
arbeidsgehandicapten dient het formulier als
informatiebron bij een aanvraag om een
voorziening op grond van die wet, te
weten de aanvraag voor een voorziening in verband met verrichten van
het eigen werk door de werknemer, een herplaatsingsbudget in verband met plaatsing in
een andere functie en een
pakket op maat bij herplaatsing in de
eigen onderneming. Het reïntegratieplan kan
een afzonderlijk aanvraagformulier overbodig maken. Om het
reïntegratieplan voor deze nieuwe functie geschikt te maken, wordt een bijlage
toegevoegd aan het formulier met vragen
specifiek gericht op de aanvraag. Bij
de indiening van een reïntegratieplan
uitsluitend met het oog op aanvraag van een voorziening is een
toetsing van de verzuimbegeleiding en
derhalve het eventuele opleggen van een
boete wegens inadequate
activiteiten niet aan de orde. Uiteraard blijft de
verplichting bestaan om op grond van
artikel 71a WAO een reïntegratieplan in
te dienen, welk plan wel wordt getoetst
op adequate verzuimbegeleiding. Indien
de werkgever al een
reïntegratieplan heeft overgelegd op grond van zijn
verplichting in genoemd artikel en
omstandigheden niet gewijzigd zijn, hoeft
hij uiteraard geen geheel nieuw
ingevuld reïntegratieplan over te
leggen; hij kan dan volstaan met overlegging
van de bijlage waarop de gegevens
staan die relevant zijn voor de
beoordeling van de aanvraag voor het
reïntegratie-instrument. Zijn de omstandigheden wel gewijzigd, dan behoeft de
werkgever op een nieuw in te dienen reïntegratieplan alleen aan te geven wat er
gewijzigd is. Minieme wijzigingen kunnen
aan de bijlage worden toegevoegd.
In gevallen waarin de werkgever een
reïntegratieplan heeft overgelegd in verband
met een aanvraag voor een
reïntegratie-instrument en nadien op grond van
artikel 71a WAO in verband met
artikel 3 van het Besluit minimumeisen
reïntegratieplan 1997 een reïntegratieplan
moet overleggen, heeft hij aan deze verplichting voldaan indien sinds de
eerdere overlegging van het
reïntegratieplan de omstandigheden niet zijn
gewijzigd. Zijn de omstandigheden wel
gewijzigd, dan behoeft de werkgever op
een nieuw in te dienen
reïntegratieplan alleen aan te geven wat er veranderd
is.
De Wet flexibiliteit en
zekerheid verplicht de werkgever bij een verzoek
om ontbinding van de
arbeidsovereenkomst aan de kantonrechter over te
leggen een door het Landelijk instituut
sociale verzekeringen (Lisv) getoetst
reïntegratieplan. Dit plan wordt door de
uitvoeringsinstelling namens het Lisv getoetst en er wordt een oordeel
gegeven over de herplaatsingmogelijkheden
in eigen of in ander werk in de
onderneming van de werkgever. Het
oordeel wordt bekendgemaakt aan de
werkgever. Het plan zal worden getoetst op
basis van de door de werkgever
vermelde gegevens. Indien de gegevens onvoldoende zijn voor een beoordeling,
zal om een toelichting worden gevraagd.
Het plan kan worden ingediend op het
moment waarop artikel 71a en het
Besluit minimumeisen verzuimbegeleiding 1997 daartoe verplicht. Omdat een
verzoek tot ontbinding echter op elk
door de werkgever wenselijk geacht
moment kan worden gedaan, kan het
ook los van de verplichting op grond
van genoemde bepaling door de uitvoeringsinstelling worden ontvangen. Indien het plan wordt
ingediend met het uitsluitende doel van
overlegging aan de kantonrechter in
verband met een ontbindingsverzoek en de
werkgever al een reïntegratieplan
heeft ingediend op grond van zijn
verplichting als bedoeld in artikel 71a
van
de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, vindt geen beoordeling van
de verzuimbegeleiding plaats. Indien sinds de indiening van het
reïntegratieplan op grond van de verplichting als bedoeld in genoemd artikel de
omstandigheden niet gewijzigd zijn, hoeft
de werkgever uiteraard geen geheel nieuw
ingevuld reïntegratieplan over te
leggen; hij kan dan volstaan met overlegging
van de bijlage waarop de gegevens
staan die relevant zijn voor de
beoordeling van de aspecten in verband met
het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Zijn de omstandigheden wel
gewijzigd, dan behoeft de
werkgever op een nieuw in te dienen
reïntegratieplan alleen aan te geven wat er
veranderd is. Minieme wijzigingen kunnen
aan de bijlage worden toegevoegd.
Indien de werkgever nog geen
reïntegratieplan als bedoeld in artikel 71a
van de Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering heeft ingediend, vindt wel een beoordeling van
de verzuimbegeleiding plaats.
De werkgever krijgt dan van de uvi [uitvoeringsinstelling, red.] de
gelegenheid om het reïntegratieplan met
het oog daarop adequaat te
maken.
Nadere informatie over dit
besluit kan worden gevraagd bij het
Landelijk instituut sociale verzekeringen, postbus 74765, 1070 BT
Amsterdam [zie Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen (UWV), red.].
Amsterdam, 1 april 1998.
J.F. Buurmeijer, voorzitter.
Bijlagen:
- bijlage 4 bij formulier
reïntegratieplan
- bijlage 5 bij formulier reïntegratieplan
|