|
Het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;
Gelet op artikel
105, eerste lid, van de Wet financiering
sociale verzekeringen;
Besluit:
Art. 1.
De percentages voor de maxima van de lasten die in een boekjaar ten laste van de sectorfondsen komen,
bedoeld in artikel
105, eerste lid, van de Wet financiering
sociale verzekeringen,
worden voor het jaar 2009 vervangen door de percentages, bedoeld in
bijlage 1 bij dit besluit.
Art.
2.
Het Besluit vaststelling lastenplafonds
sectorfondsen 2009 wordt ingetrokken.
Art.
3.
Dit besluit treedt, onder voorbehoud van goedkeuring door de Minister
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,¹ in werking met ingang van de
dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt
geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2009.
1. Goedkeuring is verleend
bij Besluit van 17 november 2009, Stcrt. 2009, 17975, red.
Art.
4.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vaststelling gewijzigde lastenplafonds
sectorfondsen 2009.
Dit
besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden
geplaatst.
Amsterdam, 3 november
2009.
Voorzitter Raad van bestuur UWV,
J.M. Linthorst.
BIJLAGE
1
Lastenplafonds
sectorfondsen 2009
Sector:
lastenplafond (in %)
1. Agrarisch bedrijf:
1,87
2. Tabakverwerkende industrie: 1,00
3. Bouwbedrijf: 1,11
4. Baggerbedrijf: 0,39
5. Hout- en emballage-industrie, houtwaren-
en
borstelindustrie: 1,61
6. Timmerindustrie: 0,92
7. Meubel- en orgelbouwindustrie: 1,91
8. Groothandel hout, zagerijen, schaverijen en
houtbereiding: 0,89
9. Grafische industrie: 1,87
10. Metaalindustrie: 0,91
11. Elektrotechnische industrie: 1,24
12. Metaal- en technische
bedrijfstakken: 1,03
13. Bakkerijen: 1,45
14. Suikerverwerkende industrie: 1,06
15. Slagersbedrijven: 1,99
16. Slagers overig: 1,80
17. Detailhandel en ambachten: 1,85
18. Reiniging: 1,70
19. Grootwinkelbedrijf: 1,12
20. Havenbedrijven: 0,99
21. Havenclassificeerders: 1,24
22. Binnenscheepvaart: 1,07
23. Visserij: 2,59
24. Koopvaardij: 0,71
25. Vervoer KLM: 0,38
26. Vervoer NS: 0,48
27. Vervoer posterijen: 0,49
28. Taxivervoer: 1,81
29. Openbaar vervoer: 0,48
30. Besloten busvervoer: 1,99
31. Overig personenvervoer te land en in de lucht:
2,30
32. Overig
goederenvervoer te land en in de lucht: 0,85
33. Horeca algemeen: 2,00
34. Horeca catering: 1,81
35. Gezondheid, geestelijke en maatschappelijke
belangen: 0,71
38. Banken: 0,62
39. Verzekeringswezen en ziekenfondsen:
0,69
40. Uitgeverij: 1,36
41. Groothandel I: 1,13
42. Groothandel II: 1,36
43. Zakelijke dienstverlening I: 0,71
44. Zakelijke
dienstverlening II: 1,40
45. Zakelijke
dienstverlening III: 1,25
46. Zuivelindustrie: 0,96
47. Textielindustrie: 1,83
48. Steen-, cement-, glas- en keramische industrie:
1,11
49. Chemische industrie: 0,92
50. Voedingsindustrie: 1,15
51. Algemene industrie: 094
52. Uitzendbedrijven: 4,62
53. Bewakingsondernemingen: 1,90
54. Culturele instellingen: 3,21
55. Overige takken van bedrijf en beroep:
1,45
56. Schildersbedrijf: 3,74
57. Stukadoorsbedrijf: 1,45
58. Dakdekkersbedrijf: 2,89
59. Mortelbedrijf: 0,64
60. Steenhouwersbedrijf: 0,98
61 t/m 67. Overheid: 2,87
68. Railbouw: 0,40
69. Telecommunicatie: 1,04
TOELICHTING
[3 november 2009]
Volgens artikel
105, eerste lid, van de Wet financiering
sociale verzekeringen stelt
UWV [Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen,
red.] jaarlijks de lastenplafonds vast voor de sectorfondsen. Het Algemeen Werkloosheidsfonds
(AWf) financiert de
werkloosheidslasten die uitkomen boven het lastenplafond. Hiermee wordt voorkomen dat
een in moeilijkheden verkerend sectorfonds in een negatieve spiraal
terechtkomt.
De oplopende
werkloosheid als gevolg van de economische crisis leidt tot hogere
lasten voor de sectorfondsen. Om die reden heeft de Minister
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid UWV verzocht de lastenplafonds
2009 en 2010 op een andere wijze dan gebruikelijk (opnieuw) vast te
stellen, waardoor uitkeringen eerder ten laste van het AWf worden
gebracht.
Hiertoe wordt het lastenplafond gesteld op een
hoogte gelijk aan het gemiddelde lastenpercentage van de vier
voorafgaande jaren. Voor het lastenplafond 2009 geldt hierbij een
herziene vaststelling op het gemiddelde over de periode 2004-2007, maar niet
hoger dan het lastenplafond zou zijn geweest onder de tot nu toe
geldende systematiek.
Toepassing van deze tijdelijke gewijzigde
systematiek leidt tot de in bijlage 1 gegeven
lastenplafonds voor 2009. Dit besluit behoeft op grond van artikel
105, vijfde lid, van de Wet financiering
sociale verzekeringen goedkeuring
van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Voorzitter Raad van
bestuur UWV,
J.M. Linthorst.
|
|