|
REGELING
van de
Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 15 september
2011, nr. IVV/FB/2011/14617, houdende
nadere regels inzake de berekening van
de uitkeringen aan gemeenten, bedoeld in
artikel 50 van het Besluit
bijstandverlening zelfstandigen 2004, voor de uitvoeringsjaren 2012
en volgende (Regeling
uitkeringen gemeenten Bbz 2004 voor de uitvoeringsjaren 2012 en volgende)
De
Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Gelet op
artikel 50,
tweede lid, van het Besluit
bijstandverlening zelfstandigen 2004;
Besluit:
Art. 1.
Begripsbepaling
In deze regeling wordt
verstaan onder:
a. het Bbz 2004: het Besluit
bijstandverlening zelfstandigen 2004;
b. de uitkering Bbz 2004: de
uitkering, bedoeld in
artikel 50,
eerste lid, van het Bbz 2004.
Art. 2.
Berekening
uitkering Bbz 2004 voor gemeenten
-1. Voor gemeenten wordt de
uitkering Bbz 2004 berekend aan de hand
van de volgende formule:
UGBbz =
(KBbz :
TKBbz) x
TBBbz
waarbij:
a.
UGBbz
de uitkering Bbz
2004 aan de gemeente over het
uitvoeringsjaar is;
b. KBbz
de som van de gemeentelijke lasten aan kosten levensonderhoud voor
zelfstandigen als bedoeld in artikel 2,
eerste lid, onderdeel a, c, d en e, van het Bbz 2004
en van de gemeentelijke lasten aan bedrijfskapitaal Bbz 2004 is over het
uitvoeringsjaar twee jaar voorafgaand aan het uitvoeringsjaar, bedoeld
in onderdeel a;
c.
TKBbz
het totaal is van
de gemeentelijke lasten Bbz 2004 als bedoeld in onderdeel b
over het uitvoeringsjaar twee jaar voorafgaand aan het uitvoeringsjaar,
bedoeld in onderdeel a;
d.
TBBbz
het totale bedrag
is dat beschikbaar is voor de
uitkeringen Bbz 2004 aan gemeenten over het uitvoeringsjaar, bedoeld in
onderdeel a.
-2. Artikel 8a
van het Besluit Wwb 2007 is van
overeenkomstige toepassing.
Art. 3.
Intrekking
regeling voor uitvoeringsjaar 2011
-1. De Regeling uitkeringen
gemeenten Bbz 2004 voor het uitvoeringsjaar 2011 wordt ingetrokken.
-2. In
afwijking van het eerste lid blijft de Regeling uitkeringen gemeenten
Bbz 2004 voor het uitvoeringsjaar 2011, zoals die luidt op 31 december
2011, van toepassing op de financiële afwikkeling van de uitkeringen Bbz 2004
aan gemeenten met betrekking tot het
uitvoeringsjaar 2011.
Art. 4.
Inwerkingtreding
Deze regeling treedt, met
uitzondering van de artikel 3, in werking
met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij
wordt geplaatst. Artikel 3 treedt in
werking met ingang van 1 januari 2012.
Art. 5.
Citeertitel
Deze regeling wordt
aangehaald als: Regeling uitkeringen
gemeenten Bbz 2004 voor de uitvoeringsjaren 2012 en volgende.
Deze regeling zal met de
toelichting in de Staatscourant worden
geplaatst.
Den Haag, 15 september
2011.
De Staatssecretaris van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
P. de Krom.
TOELICHTING
[15 september 2011]
Inleiding
Op grond van artikel
78f van de Wet werk en
bijstand (Wwb) worden bij of krachtens algemene maatregel van
bestuur regels gesteld met betrekking
tot de verlening van bijstand en bijstand
ter voorziening in de behoefte aan
bedrijfskapitaal op grond van de Wwb aan zelfstandigen. Met het Besluit
bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) is
invulling gegeven aan dit artikel.
De financiële middelen
voor de kosten van levensonderhoud voor startende zelfstandigen
op grond van het Bbz 2004 zijn sinds 2010 gebundeld met het inkomensdeel
van de Wwb. De financiële
middelen voor de kosten met betrekking tot voorbereiding en begeleiding
van startende ondernemers zijn toegevoegd aan het participatiebudget. Voor deze kosten
is het gecombineerde declaratie- en budgetsysteem vervangen door een
systeem van volledige budgetfinanciering.
Ten aanzien van de overige kosten van
levensonderhoud en bedrijfskapitaal blijft het gecombineerde
declaratie- en budgetsysteem op grond van het Bbz 2004 bestaan. Voor de
kosten aan levensonderhoud voor ondernemers in de binnenvaart blijft het
declaratiesysteem bestaan.
Voor bovenstaande geldt dat in
artikel 50,
eerste lid, van het Bbz 2004 is geregeld dat voor de ten laste van de
gemeente gebleven kosten, bedoeld in artikel 48 van het
Bbz 2004,
die op grond van het eerste lid van dat artikel niet voor vergoeding in
aanmerking komen, het Rijk jaarlijks een uitkering aan de gemeente
verstrekt, met dien verstande dat geen uitkering wordt verstrekt voor op
grond van artikel 52 van de Wwb
verleende voorschotten algemene
bijstand. Op grond van
artikel 50, tweede lid, van het Bbz 2004
wordt de berekeningswijze van het bedrag van de uitkering vastgelegd in
deze ministeriële regeling.
Verdeelsystematiek Bbz
2004
De verdeelsystematiek voor de verdeling van het uitkeringsbedrag
Bbz 2004
over gemeenten
is voor 2012 en de daaropvolgende jaren in beginsel gelijk aan die voor het uitvoeringsjaar
2011, zoals vastgelegd in de Regeling uitkeringen gemeenten Bbz 2004
voor het uitvoeringsjaar 2011.
Het
budgetaandeel voor een gemeente wordt berekend op basis van het aandeel
in de lasten in het jaar twee jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de
uitkering wordt vastgesteld. De gegevens over de lasten in het jaar twee
jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de uitkering wordt vastgesteld
(oftewel het uitvoeringsjaar t-2) die bij de verdeling in een
uitvoeringsjaar (oftewel het uitvoeringsjaar t) worden gebruikt, zijn
afkomstig uit de bijlage bij de gemeentelijke jaarrekening over het
uitvoeringsjaar t-2. Zo wordt voor de verdeelmaatstaf (oftewel lasten
t-2) in 2012 uitgegaan van de lasten Bbz 2004 die over 2010 zijn
verantwoord bij de volgende twee indicatoren in de bijlage bij de
jaarrekening:
- besteding 2010 levensonderhoud
gevestigde zelfstandigen (excl. BOB ¹);
- besteding 2010 kapitaalverstrekking (excl. BOB).
Het uitkeringsbedrag Bbz 2004 voor het
uitvoeringsjaar 2012 wordt dan vervolgens berekend door het aandeel van
de gemeente in de landelijke lasten te vermenigvuldigen met het
macrobudget Bbz 2004 voor 2012.
Voor uitvoeringsjaren die op 2012 volgen, wordt
een overeenkomstige verdeelsystematiek gehanteerd.
1. Bijstandverlening aan
ondernemers in de binnenvaart.
Te late indiening van verantwoordingsinformatie
Voor de budgetverdeling voor uitvoeringsjaar t
dienen de relevante cijfers over lasten t-2 van alle gemeenten
beschikbaar te zijn. In artikel 2, tweede lid, is
geregeld hoe te handelen indien van één of meer gemeenten de cijfers
over lasten t-2 ontbreken. Artikel 8a
van het Besluit Wwb 2007
is van overeenkomstige toepassing. Dit betekent dat voor die gemeenten
waarvan de lasten t-2 wel beschikbaar zijn, deze ook worden gebruikt.
Voor de gemeenten waarvan genoemde lasten niet beschikbaar zijn, wordt
uitgegaan van de lasten t-3. Deze cijfers over de lasten worden
vervolgens gecorrigeerd voor de ontwikkeling van de gemiddelde prijs en
voor de ontwikkeling van het beroep dat op het Bbz 2004
wordt gedaan. Tot slot zal op deze uitkomst
een correctiefactor worden toegepast, om de kans te verkleinen dat de
betreffende gemeenten voordeel (en derhalve de overige gemeenten nadeel)
zullen hebben van te late indiening van de verantwoordingsinformatie
door één of meerdere gemeenten.
Tot slot
Met deze regeling wordt in artikel 3 gelijktijdig de
Regeling
uitkeringen gemeenten Bbz 2004 voor het uitvoeringsjaar 2011
ingetrokken. Deze regeling heeft na het jaar 2011 geen functie meer.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
P. de Krom.
|