|
REGELING van de Minister
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 30 juni 2006, Directie SV/WV/2006/47395,
tot aanwijzing van kalenderjaren die in aanmerking genomen zullen worden
voor het mantelzorgforfait in de Werkloosheidswet
en de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen
(Regeling mantelzorgforfait WW en Wet WIA)
De Minister
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Gelet op de artikelen 42a,
derde lid, van de Werkloosheidswet en 15,
zevende lid, van de Wet werk en inkomen naar
arbeidsvermogen;
Besluit:
Art.
1. Aanwijzing kalenderjaren WW en Wet WIA
-1. Voor de toepassing van artikel
42, tweede lid, onderdeel a, van de Werkloosheidswet
worden niet reeds in aanmerking genomen kalenderjaren vanaf en met in
begrip van 2007 in aanmerking genomen op de wijze, bedoeld in artikel
42a, derde lid, van die wet.
-2. Voor de toepassing van artikel
15, eerste lid, onderdeel a, van de Wet
werk en inkomen naar arbeidsvermogen worden niet reeds in aanmerking
genomen kalenderjaren vanaf en met inbegrip van 2007 in aanmerking
genomen op de wijze, bedoeld in artikel 15,
zevende lid, van die wet.
Art.
2. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2007.
Art.
3. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling mantelzorgforfait WW en Wet
WIA.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden
geplaatst.
Den Haag, 30 juni 2006.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
A.J. de Geus.
TOELICHTING
[30 juni 2006]
Algemeen
De Wet
wijziging WW-stelsel introduceert een mantelzorgforfait in de Werkloosheidswet
(WW) en de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen
(Wet WIA). Dit forfait komt erop neer dat - onder voorwaarden - het
verrichten van mantelzorgtaken gelijkgesteld wordt met tijdvakken waarin
arbeid is verricht als in een bepaald jaar onvoldoende loondagen zijn
opgebouwd op grond waarvan een kalenderjaar in aanmerking genomen kan
worden voor de arbeidsverledenopbouw in het kader van de WW en de Wet WIA,
maar waarin wel mantelzorg is verleend.
Mantelzorg is de zorg voor zieken of
gehandicapten die in duur en intensiteit een meer gebruikelijke zorg
overstijgt en niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt
verleend. In de regel is er een sociale relatie tussen de mantelzorger
en degene die de zorg ontvangt.
Artikel 42a,
derde lid, van de WW en artikel
15, zevende lid, van de Wet WIA geven aan dat
het mantelzorgforfait van toepassing is als de door de desbetreffende
persoon verleende zorg wordt betaald uit persoonsgebonden budgetten in
het kader van de Algemene Wet Bijzondere
Ziektenkosten (AWBZ) en de Zorgverzekeringswet
(Zvw), omdat daarmee op basis van een contract en een geïndiceerd
budget duidelijk is dat er sprake is van noodzakelijke mantelzorg.
Op grond van de artikelen 42a,
derde lid, van de WW en 15,
zevende lid, van de Wet WIA wordt het kalenderjaar
waarin het mantelzorgforfait van toepassing is voor de helft in
aanmerking genomen voor de arbeidsverledenopbouw. Dat kalenderjaar telt
dus voor de arbeidsverledenopbouw als een half kalenderjaar.
Op grond van artikel 42a,
derde lid, van de WW en 15,
zevende lid, van de Wet WIA wordt bij ministeriële
regeling vastgesteld vanaf en met in begrip van welk kalenderjaar het
mantelzorgforfait van toepassing is. De onderhavige regeling ziet
hierop. In overleg met het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen (UWV), dat het mantelzorgforfait gaat
uitvoeren, is het mogelijk gebleken het mantelzorgforfait in de WW en in
de Wet WIA met ingang van het kalenderjaar 2007 uit te voeren. Bij WW- en
WIA-aanvragen vanaf 1 januari 2008 zal het UWV beoordelen of het
kalenderjaar 2007 voor de helft in aanmerking genomen kan worden voor de
arbeidsverledenopbouw in verband met het verrichten van mantelzorg.
Op grond van artikel 42a,
derde lid, van de WW en artikel
15, zevende lid, van de Wet WIA kunnen ook
nadere regels worden gesteld met betrekking tot de uitvoering van het
mantelzorgforfait. In onderhavige ministeriële regeling wordt hiervan
geen gebruik gemaakt. Wel kan over de uitvoering het volgende worden
gemeld. De beoordeling over het toekennen van het mantelzorgforfait zal
plaatsvinden op het moment dat de betrokkene een aanvraag indient voor
een WW- respectievelijk WIA-uitkering. Het UWV maakt vervolgens, indien
van toepassing, gebruik van de mogelijkheid om de gegevens over het
arbeidsverleden van betrokkene aan te vullen of te corrigeren in de arbeidsverledenregistratie
(AVB-database).
Artikelsgewijs
Artikel
1
Het
mantelzorgforfait houdt in dat een kalenderjaar waarin een persoon
inkomsten ontvangt voor het verlenen van zorg op grond van een regeling
voor persoonsgebonden budget, die is gegrond op artikel
44, eerste lid, onderdeel b, van de Algemene
Wet Bijzondere Ziektekosten of die voldoet aan artikel
14a van de Zorgverzekeringswet, in
het kader van de arbeidsverledenopbouw voor de helft gelijkgesteld wordt
met een kalenderjaar indien dat kalenderjaar nog niet in aanmerking is
genomen. Dit mantelzorgforfait zal met betrekking tot de
arbeidsverledenopbouw in het kader van de WW
(het eerste lid) en de Wet WIA (het tweede lid)
betrekking hebben op kalenderjaren vanaf en met inbegrip van 2007.
Artikel
2
De
artikelen 42a, derde lid, van de WW
en 15, zevende lid, van de Wet
WIA
vormen de grondslag voor deze regeling. Artikel
42a, derde lid, van de WW is de
grondslag voor artikel 1, eerste lid. Artikel
15, zevende lid, van de Wet WIA is de grondslag
voor artikel 1, tweede lid. Ook voor de Wet
WIA
geldt dat met betrekking tot het kalenderjaar 2007 het mantelzorgforfait
toegepast zal worden. Bij de toepassing van de Wet WIA wordt weliswaar pas
vanaf 2008 rekening gehouden met het feitelijk arbeidsverleden, maar dit
heeft wel betrekking op de jaren 1998-2007. De inwerkingtredingsdatum
is daarom voor zowel de WW als de Wet WIA 1 januari
2007.
De Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid,
A.J. de Geus.
|
|