|
Het
Landelijk instituut
sociale verzekeringen;
Gelet op artikel 40 Ziektewet,
artikel 49
Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten, artikel
54 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering,
artikel 39 Werkloosheidswet, artikel
57 Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en artikel 22 Toeslagenwet;
Besluit:
Art. 1.
Het Landelijk instituut
sociale verzekeringen voert ter zake van de
uitbetaling aan de Ziekenfondsraad van
de verschuldigde eigen bijdrage in de
verpleegkosten een beleid als weergegeven in de bijlage
bij dit besluit.
Art. 2.
Dit besluit treedt in
werking op 1 februari 1998. Indien de Staatscourant waarin dit besluit wordt geplaatst,
wordt uitgegeven na 30 januari 1998, treedt
het in werking met ingang van de
tweede dag na de dagtekening van de
Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Art. 3.
Besluiten van de
bedrijfsverenigingen met betrekking tot betaling
van de uitkering aan derden zonder machtiging van de
uitkeringsgerechtigde als
bedoeld in genoemde
artikelen, die krachtens artikel 7 van de
Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 gelden als besluiten
van het Landelijk instituut sociale
verzekeringen, worden ingetrokken.
Art. 4.
Dit besluit wordt aangehaald
als: Besluit betaling zonder machtiging
aan de Ziekenfondsraad.
Amsterdam, 8 januari 1998.
J.F. Buurmeijer, voorzitter.
BIJLAGE
• Indien degene aan wie een
uitkering in de zin van de WW, ZW,
WAO, TW, WAZ of
Wajong is toegekend
een eigen bijdrage in de
verpleegkosten bij of krachtens artikel 6, derde
lid, AWBZ dan wel een eigen bijdrage bij
of krachtens artikel 15 van de Overgangswet verzorgingstehuizen is verschuldigd, maakt het
Lisv [Landelijk instituut sociale verzekeringen, zie Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen (UWV), red.] gebruik van de bevoegdheid de uitkering tot het bedrag van die
bijdrage in plaats van aan degene aan
wie de uitkering is toegekend zonder diens
machtiging uit te betalen aan de Ziekenfondsraad [zie College
voor zorgverzekeringen, red.].
• Een inhoudingsverzoek van
de Ziekenfondsraad wordt zo spoedig mogelijk door de uitvoeringsinstelling verwerkt.
Uitsluitend per toekomende
datum wordt gevolg gegeven aan dit inhoudingsverzoek. Deze regel leidt slechts
uitzondering indien de socialeverzekeringsuitkering met terugwerkende kracht betaald
moet worden, terwijl vaststaat dat over
die periode van terugwerkende
kracht een eigen bijdrage verschuldigd
is. In dat geval kan de uitkering
verminderd worden met de eigen bijdrage over
die periode.
• Het door een aantal
bedrijfsverenigingen geformuleerde beleid met betrekking tot de toepassing van het eerste
én het
tweede lid van de artikelen 39 WW,
40 ZW, 49
Wajong, 54 WAO en
57
WAZ
komt hiermee te vervallen.
Nadere inlichtingen kunnen
worden verkregen bij het Landelijk instituut
sociale verzekeringen, postbus
74765, 1070 BT Amsterdam [zie Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen (UWV), red.].
Amsterdam, 8 januari 1998.
J.F. Buurmeijer, voorzitter.
|