|
Het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;
Gelet op artikel 63a, zevende lid, van de Ziektewet;
Besluit:
1. Gelet op de eerste
alinea van de toelichting bij de Regeling werkzaamheden, administratieve
voorschriften en kosten eigen risico dragen ZW dient volgens de redactie
onderhavig Besluit werkzaamheden, administratieve voorschriften en
kosten eigen risico dragen ZW met ingang van 1 januari 2010 te worden
ingetrokken.
Art.
1.
Definities
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. ZW: de Ziektewet;
b. UWV: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;
c. Wfsv: de Wet
financiering sociale verzekeringen.
Art.
2.
Toetsing
voorstellen voor beslissingen
-1. De eigenrisicodrager legt een voorstel voor een beslissing
aan het
UWV voor.
-2. De eigenrisicodrager bereidt de beslissing op zorgvuldige
wijze voor, waarbij het voorstel wordt gedragen door de onderliggende
feiten.
-3. De eigenrisicodrager doet zijn voorstel voor een beslissing
op een door het UWV daartoe beschikbaar gesteld formulier en stuurt zo
spoedig mogelijk nadat hij redelijkerwijze had kunnen weten dat het UWV
een beslissing moet nemen en via een beschikking bekend moet maken, dit
formulier aan het UWV.
-4. Met het in het eerste lid bedoelde voorstel voor een
beslissing worden alle op de zaak betrekking hebbende stukken
meegezonden.
-5. Het UWV verzekert zich ervan dat de voorbereiding van de
beslissing door de eigenrisicodrager op zorgvuldige wijze heeft
plaatsgevonden en dat het voorstel wordt gedragen door de onderliggende
feiten.
-6. Indien de eigenrisicodrager het voorstel naar het oordeel
van het UWV niet of niet voldoende zorgvuldig heeft voorbereid, wordt de
eigenrisicodrager in de gelegenheid gesteld dit verzuim te herstellen
binnen een hem door het UWV gestelde termijn.
-7. Indien de eigenrisicodrager binnen de gestelde termijn het
verzuim niet of niet voldoende heeft hersteld, verricht het UWV de
werkzaamheden als bedoeld in artikel 63a,
eerste lid, van de ZW, of onderdelen daarvan.
-8. Het UWV maakt de beschikking zo spoedig mogelijk bekend.
Art.
3.
Inrichting
ziekteverzuimadministratie van eigenrisicodrager; controle op de
uitvoering ZW door de eigenrisicodrager
-1. De eigenrisicodrager richt zijn ziekteverzuimadministratie
als volgt in:
a. registratie vindt plaats op persoonsniveau;
b. de eigenrisicodrager registreert ter zake van een persoon
als bedoeld in artikel 40, eerste lid,
onderdeel a, van de Wfsv:
1º. sofinummer;
2º. naam;
3º. de periode van ongeschiktheid en een
overzicht van eerdere perioden van ongeschiktheid;
4º. motivering waarom het een persoon
betreft als bedoeld in artikel 40, eerste
lid, onderdeel a, van de Wfsv;
5º. weigering van ZW-uitkering
en de motivering daarvan;
6º. hoogte van het dagloon en motivering
van de totstandkoming daarvan;
7º. hoogte van de brutodaguitkering ZW en
motivering van de totstandkoming daarvan;
8º. aanvang, duur en einde van het recht
op ZW-uitkering en motivering van de totstandkoming daarvan;
9º. de periode waarover ZW-uitkering is
betaald;
10º. de periode waarover een voorschot is
betaald.
-2. De eigenrisicodrager neemt ten aanzien van de
verzuimadministratie, bedoeld in het eerste lid, de volgende
bewaartermijnen in acht:
a. Inzake het medisch dossier een termijn van 10 jaar;
b. Inzake de overige gegevens een termijn van 5 jaar.
De termijnen vangen aan op 1 januari van het jaar volgend op het jaar
waarin de laatste handeling aan het dossier heeft plaatsgevonden.
-3. Het UWV voert periodiek
controle uit op de uitvoering van de ZW door de eigenrisicodrager. De
eigenrisicodrager verschaft het UWV hiertoe toegang tot de benodigde
gegevens.
-4. Indien de uitkomsten van de controle daartoe aanleiding
geven, is het UWV bevoegd om de eigenrisicodrager ten behoeve van de
door de eigenrisicodrager te verrichten werkzaamheden instructies te
geven.
-5. Indien de eigenrisicodrager zich niet
of niet voldoende aan de in het vierde lid bedoelde instructies houdt,
is het UWV bevoegd te bepalen dat de eigenrisicodrager in afwijking van artikel 2
gedurende een door het UWV vastgestelde periode voorstellen voor
beslissingen ingevolge de ZW, of onderdelen daarvan, aan het UWV
voorlegt.
-6. Gedurende de in het vijfde lid
bedoelde periode legt de eigenrisicodrager een voorstel voor een
beslissing voor aan het UWV op een door het UWV daartoe beschikbaar
gesteld formulier.
-7. De eigenrisicodrager stuurt het in het
zesde lid bedoelde formulier aan het UWV zo spoedig mogelijk nadat hem
is gebleken dat een beslissing genomen moet worden.
-8. Met het in het zesde lid bedoelde
voorstel voor een beslissing worden alle stukken meegezonden die
relevant zijn voor het nemen van een beslissing of onderdelen daarvan.
-9. Indien de eigenrisicodrager het
voorstel naar het oordeel van het UWV niet of niet voldoende zorgvuldig
heeft voorbereid, wordt de eigenrisicodrager in de gelegenheid gesteld
dit verzuim te herstellen binnen een hem door het UWV gestelde termijn.
-10. Indien de eigenrisicodrager binnen de
gestelde termijn het verzuim niet of niet voldoende heeft hersteld,
verricht het UWV de werkzaamheden als bedoeld in artikel 63a,
eerste lid, van de ZW, of onderdelen daarvan.
-11. Beslissingen als bedoeld in artikel 52c,
eerste, tweede en vierde lid, ZW deelt het UWV
zo spoedig mogelijk aan de eigenrisicodrager mee.
-12. De overige beschikkingen maakt het
UWV zo spoedig mogelijk bekend.
Art.
4.
Informatieverstrekking door eigenrisicodrager en UWV met
betrekking tot te verrichten werkzaamheden
-1. De eigenrisicodrager verstrekt de
gegevens die nodig zijn voor de uitvoering van de in artikel 63a,
eerste lid, van de ZW genoemde werkzaamheden
aan het UWV in de situatie dat het UWV
werkzaamheden verricht voor de eigenrisicodrager.
-2. Indien de persoon, bedoeld in artikel
40, eerste lid, onderdeel a, van de Wfsv, het UWV informatie heeft
verstrekt ter nakoming van de verplichting, bedoeld in artikel 31,
eerste lid, of artikel 49 van de ZW,
deelt het UWV die informatie onverwijld mee aan de eigenrisicodrager met
inachtneming van de medische besluitenregeling neergelegd in de derde
afdeling, paragraaf 2, van de ZW.
Art.
5.
Informatieverstrekking door de eigenrisicodrager aan het
UWV
Indien de eigenrisicodrager het vermoeden heeft dat de persoon, bedoeld
in artikel 40, eerste lid, onderdeel a,
van de Wfsv,
de verplichting, bedoeld in
artikel 31, eerste lid, of artikel 49
van de ZW, niet of niet behoorlijk is
nagekomen, deelt hij dit onverwijld mee aan het UWV.
Art.
6.
Kosten
werkzaamheden verricht door het UWV
-1. Indien het UWV
werkzaamheden als bedoeld in artikel 63a,
eerste lid, van de ZW verricht, brengt het UWV
de eigenrisicodrager ter zake van deze werkzaamheden per persoon als
bedoeld in artikel 40, eerste lid,
onderdeel a, van de Wfsv en per genoemd onderdeel de volgende bedragen in rekening.
a. Beoordeling Recht Ziektewet €|36,00;
b. Beoordeling Hoogte Ziektewet €|60,00;
c. Beoordeling Duur Ziektewet €|15,00;
d. Informatieverzoek Ziektewet €|21,00;
e. Beoordeling Maatregel Ziektewet
€|29,00.
-2. Het UWV brengt ter zake van verhaal
van ziekengeld door het UWV op grond van artikel 63a,
derde en vijfde lid, van de ZW de
eigenrisicodrager de feitelijk gemaakte kosten van buitengerechtelijke
en gerechtelijke invordering in rekening.
-3. Indien het UWV naast het ziekengeld
een bedrag aan wettelijke rente heeft betaald wegens het te laat betalen
van ziekengeld, brengt het UWV ook de wettelijke rente in rekening bij
de eigenrisicodrager.
Art.
7.
Schadevergoeding, griffierecht en proceskosten
na onrechtmatig gebleken
beschikking ¹
-1. Indien blijkt dat een door het UWV
genomen beschikking onrechtmatig is en op grond van het Besluit schadebeleid
dan wel op grond van een rechterlijke uitspraak een schadevergoeding
verschuldigd is, betaalt het UWV de schadevergoeding.
-2. Indien de kosten, bedoeld in artikel 7:15,
tweede lid, of artikel
8:75, eerste lid, van de Algemene wet
bestuursrecht of het griffierecht, bedoeld in artikel 8:74
van de Algemene
wet bestuursrecht moeten worden vergoed, betaalt het UWV die
vergoeding.
1. Aangezien ook het UWV
gebonden is aan een rechterlijke uitspraak, is volgens de redactie
artikel 7 overbodig en dient derhalve te vervallen.
Art.
8.
Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit werkzaamheden, administratieve
voorschriften en kosten eigen risico dragen ZW.
Art.
9.
Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na
dagtekening van de Staatscourant waarin dit besluit wordt
geplaatst.
Dit besluit zal, na
goedkeuring door de Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid, met de toelichting in de Staatscourant worden
geplaatst.¹
1. Bij Besluit van 24 april
2003, Stcrt. 2003, 80, heeft de Minister
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid onderhavig besluit van het UWV
goedgekeurd, red.
Amsterdam, 7 april 2003.
T.H.J. Joustra, voorzitter Raad van bestuur UWV.
TOELICHTING
[7 april 2003]
Algemeen
De Wet
eigen risico dragen ZW
geeft werkgevers de mogelijkheid om zelf het risico te dragen voor het
uitkeren van ziekengeld aan bepaalde groepen (gewezen) werknemers voor
wie geen loondoorbetalingsverplichting bij ziekte geldt.
Op grond van het zevende lid van artikel 63a ZW
stelt het UWV [Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, red.]
nadere regels met betrekking tot dit artikel. Dit besluit voorziet
hierin.
Blijkens de toelichting op
dit artikel van de Wet eigen risico dragen ZW kunnen deze regels
een meer gedetailleerde uitwerking bevatten van de werkzaamheden die de
eigenrisicodrager op grond van artikel 63a,
eerste lid, ZW verricht. Voorts worden daarin
- aldus de toelichting - de kosten vastgelegd die het UWV bij de
eigenrisicodrager in rekening brengt voor het verrichten van
werkzaamheden als bedoeld in het derde, vierde en vijfde lid van dit
artikel.
Dit besluit is tevens bedoeld om de
verantwoordelijkheidsverdeling tussen de eigenrisicodrager en het UWV te
verduidelijken.
De memorie van toelichting
(Kamerstukken II 2000-2001, 27 873, nr. 3, pagina 3) omschrijft de
verantwoordelijkheid van het UWV in algemene zin als volgt:
"Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) blijft
verantwoordelijk voor de uitvoering van de ZW
en geeft een besluit af waartegen bezwaar door de belanghebbende(n) kan
worden gemaakt. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten omtrent het
uitkeren van ziekengeld berust derhalve bij het UWV. De
eigenrisicodrager neemt de betaling van het ziekengeld over van het UWV.
Dit impliceert dat de rechten en de plichten van de betrokkene gebaseerd
blijven op de bepalingen van de ZW. De polisvoorwaarden zijn derhalve
volledig gewaarborgd".
Gelet op het feit dat het UWV enerzijds
verantwoordelijk is voor de uitvoering van de ZW maar zich anderzijds
terughoudend dient op te stellen waar het gaat om de wijze waarop de
eigenrisicodrager toepassing geeft aan de bepalingen uit de ZW, is in
dit besluit nader geregeld hoe het UWV de hem toebedeelde
verantwoordelijkheid heeft ingevuld. De invulling van deze
verantwoordelijkheid komt onder meer tot uiting in de wijze waarop het
UWV individuele ziektegevallen toetst (artikel 2), de
wijze waarop de algemene controle van het UWV op uitvoering van de ZW
door de eigenrisicodrager plaatsvindt en de wijze waarop UWV bevoegd is
de eigenrisicodrager bij te sturen (artikel 3).
Ook is in dit besluit een regeling getroffen
voor de gegevensuitwisseling die nodig is ten behoeve van de door het
UWV en de eigenrisicodrager te verrichten werkzaamheden (artikel 4).
Daarnaast is een regeling opgenomen voor de situatie dat er mogelijk een
boetebesluit op grond van artikel 45a
ZW
aan de orde is (artikel 5).
In artikel 6 zijn de kosten
vermeld die het UWV de eigenrisicodrager in rekening brengt.
Artikel 7 vermeldt de kosten
die het UWV betaalt en die dus niet voor rekening van de
eigenrisicodrager komen.
Dit besluit voorziet in de hoofdlijnen van de
regeling. In de "Handleiding voor de eigenrisicodrager ZW"
wordt in meer praktische zin neergelegd aan welke voorwaarden de
eigenrisicodrager moet voldoen met betrekking tot met name de door hem
te verrichten werkzaamheden, de wijze waarop hij zijn voorstellen voor
een beslissing voorlegt aan het UWV, de inrichting van een
verzuimadministratie, welke informatie hij aan het UWV moet verstrekken
en welke informatie het UWV aan de eigenrisicodrager verstrekt. Het UWV
voert de periodieke controle (artikel 3) uit aan de
hand van een checklist. Deze is opgenomen in bovengenoemde handleiding.
De handleiding wordt op verzoek aan de
(aspirant)eigenrisicodrager uitgereikt en maakt standaard deel uit van
het voorlichtingsmateriaal dat de eigenrisicodrager bij aanvang van het
eigen risico dragen ontvangt.
Artikelsgewijze
toelichting
Artikel 2
Dit artikel heeft betrekking
op beschikkingen die door de
eigenrisicodrager worden voorbereid en die
door het UWV worden genomen en bekendgemaakt.
Artikel 63a, eerste lid, ZW
regelt dat de eigenrisicodrager ZW werkzaamheden
verricht ter voorbereiding
van een beslissing inzake
uitkeringen op grond van de ZW met
uitzondering van boetebesluiten en
besluiten op grond van bezwaar en beroep. Boetebesluiten en besluiten
op grond van bezwaar en beroep worden
door het UWV voorbereid en bekendgemaakt.
Rekening houdend met artikel 52c
ZW
behoeft niet in alle
gevallen een beslissing die door de eigenrisicodrager wordt voorbereid door het
UWV via een beschikking bekendgemaakt te worden. Dit geldt met
name voor toekenning van ziekengeld en
beëindiging van ziekengeld vanwege spontane werkhervatting. Voor de
eigenrisicodrager betekent dit dat hij voor deze situaties geen voorstel
voor een beslissing aan het UWV hoeft
te doen. Hij kan in dat geval
zelfstandig een beslissing op grond van
de ZW nemen en hier ook uitvoering
aan geven. Dit zijn de
zogenaamde "gladde gevallen".
In alle andere situaties,
evenals wanneer de betrokkene daarom
verzoekt, moet het UWV een beslissing
via een beschikking bekendmaken en
moet de eigenrisicodrager dus een
voorstel voor een beslissing aan het
UWV doen. Het gaat hierbij
bijvoorbeeld om de volgende situaties: weigering van ziekengeld, het
toepassen van een maatregel op de uitkering,
de (gewezen) werknemer is niet
arbeidsongeschikt bevonden, de maximale Ziektewetduur is reeds bereikt, en op
verzoek. Ingeval de
werknemer op grond van artikel 52c, derde
lid, vraagt om bekendmaking, gaat het om een heroverweging door
het UWV van een reeds door de
werkgever genomen beslissing. Het
vorenstaande is geen limitatieve
opsomming.
Het voorbereiden van
beslissingen impliceert dat de
eigenrisicodrager gegevens vergaart en beoordeelt die relevant zijn voor de
uiteindelijk te nemen beslissing. Voor het
voorstel voor een beslissing maakt de
eigenrisicodrager gebruik van een door het UWV beschikbaar gesteld formulier.
Het voorstel dient
onderbouwd en vergezeld te zijn door op de
zaak betrekking hebbende stukken.
De eigenrisicodrager legt zijn
voorstel voor een beslissing zo
spoedig mogelijk nadat hij redelijkerwijs had
kunnen weten dat het UWV een
beslissing moet nemen en via een beschikking bekendmaken
voor aan het UWV. Hierbij wordt in
het algemeen gedacht aan een termijn van uiterlijk drie werkdagen. In
bijzondere gevallen, zoals voor de
vaststelling van het dagloon, kan een
langere periode noodzakelijk zijn.
Het bekendmaken van een
beslissing door middel van een
beschikking is geen taak van de eigenrisicodrager. Deze taak mag alleen door
het UWV uitgevoerd worden. De
eigenrisicodrager moet daarom na zijn
voorbereidende werkzaamheden een voorstel voor een beslissing aan het UWV
doen. Na toetsing van dit voorstel maakt het UWV zijn
beslissing via een beschikking bekend, ook
indien de beslissing van het UWV
afwijkt van het voorstel voor een
beslissing van de eigenrisicodrager. De
eigenrisicodrager mag pas na het bekendmaken van de beschikking daaraan uitvoering
geven.
Het UWV voert slechts een
marginale toets uit op het voorstel
van de eigenrisicodrager. Marginale
toetsing wil zeggen dat beoordeeld
wordt of het voorstel op zorgvuldige
wijze tot stand is gekomen en of het
voorstel gedragen kan worden door de
feiten en omstandigheden die de eigenrisicodrager heeft aangedragen. Het UWV
toetst alleen dát aspect op
grond waarvan een beslissing via
een beschikking bekendgemaakt
moet worden. Bijvoorbeeld: de
eigenrisicodrager doet een voorstel voor het opleggen van een maatregel.
Het UWV betrekt in zijn toetsing uitsluitend de voor die maatregel van belang zijnde aspecten. Alle
overige aspecten die te maken hebben
met recht/hoogte/duur van de uitkering worden hierbij niet
betrokken. Dergelijke aspecten komen in
een periodieke toetsing van het
functioneren van de eigenrisicodrager aan
de orde (artikel 3).
Indien de eigenrisicodrager
het voorstel voor een beslissing niet of
niet voldoende zorgvuldig heeft
voorbereid, zal het UWV hem eenmaal een termijn geven om één en
ander te herstellen. Bij uitblijven hiervan
verricht het UWV (een deel van) de
werkzaamheden (conform artikel 63a, vijfde lid, ZW).
Voor het bekendmaken van de beschikking hanteert het UWV
de wettelijke beslistermijnen. Deze zijn in de handleiding vermeld.
Artikel 3
Om op een verantwoorde wijze
invulling te kunnen geven aan zijn
verantwoordelijkheid, voert het UWV een periodieke controle uit op
de uitvoering ZW door de
eigenrisicodrager. Alle ziektegevallen van
werknemers die onder het eigen risico
vallen, dus ook de "gladde gevallen"
en de gevallen waarin reeds een marginale
toets is uitgevoerd, kunnen in
deze controle worden betrokken. Het
betreft een volledige controle op de
uitvoering van de ZW door de eigenrisicodrager. De frequentie waarin en het
aantal gevallen waarnaar onderzoek
zal worden verricht, is afhankelijk van
de individuele eigenrisicodrager.
Teneinde het UWV de
mogelijkheid te geven om ziektegevallen
te kunnen controleren, dient de eigenrisicodrager zijn
ziekteverzuimadministratie zodanig in te richten dat het UWV
hieruit per werknemer en per periode
van ongeschiktheid kan afleiden
wat het recht, de hoogte en de duur van het ziekengeld is. Geregistreerd
dient onder meer te zijn het
volledige recht, de hoogte en de duur. Binnen
deze registratie dient de
geldstroom duidelijk herleidbaar te zijn.
Met het oog op dit laatste moet uit de
administratie onder andere per periode van
ongeschiktheid blijken: het dagloon, de brutodaguitkering, over welke
periode betaald is. Verder dient van
een werknemer het hele ziekteverloop vermeld te worden (dus ook eerdere perioden van
ongeschiktheid). De eigenrisicodrager heeft een
zorgplicht dat de arbodienst de
medische dossiers goed administreert.
De hiervoor genoemde
registratie mag elektronisch zijn.
Wel dient de
eigenrisicodrager de door het UWV vastgestelde
bewaartermijnen in acht te nemen. De bewaartermijnen, genoemd in
het tweede lid, zijn dezelfde als
die het UWV op grond van het
Basisselectiedocument (Stcrt. 2002, 85, 86 en 87)
hanteert voor zijn eigen ZW-administratie.
De voorwaarden waaraan de inrichting van de
verzuimadministratie moeten voldoen en de bewaartermijnen die de eigenrisicodrager in
acht moet nemen, zijn tevens
opgenomen in de handleiding. Het UWV voert de periodieke controle
uit aan de hand van een checklist.
Deze is eveneens opgenomen in de
handleiding.
Indien controle daartoe
aanleiding geeft, kan het UWV de
eigenrisicodrager instructies geven met
betrekking tot de door hem te
verrichten werkzaamheden. Als hij zich
niet of niet voldoende aan de
instructies houdt, kan het UWV bepalen
dat de eigenrisicodrager naargelang de aard van het verzuim, gedurende
een door het UWV vastgestelde
periode, voorstellen voor beslissingen ingevolge
de ZW aan het UWV moet
voorleggen. Naargelang de aard van het
verzuim kan het gaan om één of
meerdere specifieke onderdelen van de
te nemen beslissingen ingevolge
de ZW of gehele beslissingen. Voor
het voorstel voor een beslissing maakt de eigenrisicodrager gebruik
van een door het UWV beschikbaar
gesteld formulier. De
eigenrisicodrager stuurt dit voorstel aan het UWV zo
spoedig mogelijk nadat hem is
gebleken dat een beslissing genomen moet
worden. Met het voorstel voor een
beslissing worden alle stukken
meegezonden die relevant zijn voor de beoordeling van het aspect dan wel de
aspecten op grond waarvan de
eigenrisicodrager het voorstel voor een
beslissing aan het UWV moet voorleggen.
Evenals bij de regeling in
artikel 2 geldt dat de
eigenrisicodrager eenmaal een periode krijgt om een
eventueel verzuim te herstellen. Is na
deze termijn het verzuim niet of
niet voldoende hersteld, dan verricht het UWV de bedoelde
werkzaamheden.
Voor de gevallen waarin op
grond van artikel 52c ZW het UWV
een beslissing niet via een beschikking bekend hoeft te maken, deelt
het UWV de beslissing zo spoedig
mogelijk mee aan de eigenrisicodrager.
In de overige gevallen maakt
het UWV zijn beslissing zo spoedig
mogelijk via een beschikking bekend.
Artikel 4
In het eerste lid is
geregeld dat de eigenrisicodrager de
gegevens die het UWV nodig heeft voor het
verrichten van zijn werkzaamheden voor
de eigenrisicodrager aan het
UWV verstrekt.
Op grond van artikel 31,
eerste lid, ZW moet de (gewezen)
werknemer aan het UWV melden dat hij
loon, inkomsten uit arbeid anders
dan in dienstbetrekking of
ouderdomspensioen ontvangt. Artikel 49 ZW bevat
de algemene
mededelingsplicht voor de werknemer aan het UWV. Het kan voorkomen dat de
werknemer deze informatie niet aan de eigenrisicodrager verstrekt
heeft, maar wel aan het UWV. In het
tweede lid is daarom geregeld dat
het UWV deze informatie
onverwijld aan de eigenrisicodrager
verstrekt.
Artikel 5
In dit artikel is een
regeling opgenomen voor de situatie dat er
sprake is van een vermoeden van een
overtreding van de
mededelingsverplichting zoals bedoeld in artikel
31,
eerste lid, en artikel 49 ZW en er
dientengevolge mogelijk een boetebesluit op grond van artikel 45a
ZW aan de orde
is. Het UWV bereidt het boetebesluit
voor en zal het ook moeten nemen.
Op grond van artikel 31, eerste
lid, ZW moet de (gewezen) werknemer
aan het UWV melden dat hij loon, inkomsten uit arbeid anders
dan in dienstbetrekking of
ouderdomspensioen ontvangt. Artikel 49 ZW bevat
de algemene
mededelingsplicht voor de werknemer aan het UWV.
Voor het geval dat de
(gewezen) werknemer deze verplichting
niet nakomt, is hier voorzien in een bepaling waarin is geregeld dat de
eigenrisicodrager het UWV zo snel mogelijk moet informeren als hij een
vermoeden van een overtreding van de eerdergenoemde mededelingsplicht
door de werknemer heeft.
Artikel 6
Dit artikel bepaalt de
kosten die de eigenrisicodrager in
rekening worden gebracht.
De werkzaamheden, bedoeld in
het eerste lid, hebben betrekking
op de gevalsbehandeling en kunnen
per onderdeel per (gewezen)
werknemer door het UWV verricht
worden. Dit geldt ook voor de situatie
dat het UWV de werkzaamheden verricht omdat de eigenrisicodrager
deze werkzaamheden niet, niet
voldoende of niet juist heeft
verricht, zowel met betrekking tot artikel 2, zevende lid, als
artikel 3, tiende lid.
Het kan gaan om één
specifiek onderdeel (bijvoorbeeld de
dagloonvaststelling), maar ook om het totaal aan werkzaamheden. Het kan
bovendien om een (gewezen) werknemer, meerdere (gewezen)
werknemers of alle betreffende (gewezen)
werknemers van de eigenrisicodrager
gaan.
Het UWV brengt de
eigenrisicodrager daarvoor de kosten in
rekening. Het bedrag dat in rekening wordt gebracht, is per (gewezen)
werknemer en per onderdeel op basis
van voorcalculatie.
Bij het onderdeel
Beoordeling Recht Ziektewet moet met name
gedacht worden aan het vaststellen
van de verzekeringsplicht.
Beoordeling Hoogte Ziektewet omvat de
berekening van het dagloon en van de brutodaguitkering ZW, waarbij
onder andere rekening wordt gehouden met samenloop en voorschotbepalingen. Bij
Beoordeling Duur Ziektewet
gaat het om de vaststelling van de
duur van de ZW-uitkering.
Informatieverzoek Ziektewet omvat zowel het
door het UWV uitvragen en verstrekken
van gegevens die het UWV nog
niet tot zijn beschikking heeft als
het leveren van gegevens die het UWV wel
zelf ter beschikking heeft. Bij
Beoordeling Maatregel Ziektewet gaat het om toetsen door het UWV van
bepalingen met betrekking tot het al dan niet
opleggen van een maatregel. Alle onderdelen Beoordeling bevatten ook de
voorbereidende werkzaamheden met betrekking tot de beoordeling.
De genoemde bedragen zijn
berekend op basis van ingeschatte bewerkingstijden per onderdeel. Deze zijn
ingeschat met behulp van interviews
met uitvoeringsdeskundigen. De bedragen gelden voor 2003
en zullen jaarlijks worden bijgesteld.
Bij het eigen risico dragen hoort de verplichting dat de
eigenrisicodrager zelf de ZW-uitkeringen betaalt. Indien hij dit niet doet,
betaalt het UWV deze uitkering en
verhaalt hij de uitkering conform artikel 63a, derde lid, ZW
op de
eigenrisicodrager.
Het UWV brengt ook de
feitelijk gemaakte kosten die
voortvloeien uit het overnemen van de betaling van het ziekengeld bij de
eigenrisicodrager in rekening op grond van artikel 63a, derde en vijfde lid, ZW.
Tot de kosten van
buitengerechtelijke invordering behoren het door
het UWV al dan niet periodiek
betalen van het ziekengeld aan de
werknemer en het verhalen daarvan op
de eigenrisicodrager. Tevens vallen hieronder de kosten van bijvoorbeeld
het inschakelen van een incassobureau. Onder de gerechtelijke
kosten vallen met name proceskosten, zoals
de kosten van dagvaarding, betekenen
en deurwaarder.
Tot de in rekening te
brengen kosten behoort ook wettelijke rente, indien het UWV deze aan de werknemer
heeft betaald.
Artikel 7
Indien in bezwaar of (hoger)
beroep blijkt dat de door het UWV genomen beschikking onrechtmatig is,
is in het eerste lid geregeld dat het
UWV de schadevergoeding betaalt.
De bepaling in het tweede
lid houdt in dat het UWV altijd de in
dit lid genoemde proceskosten en het griffierecht betaalt.
De genoemde kosten zijn dus
niet voor rekening van de
eigenrisicodrager.
Amsterdam, 7 april 2003.
T.H.J. Joustra, voorzitter Raad van bestuur UWV.
|
|