Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2005-2006, 2006-2007, 30 509.
Handelingen II 2005-2006, blz. 6215-6230, 6231-6252, 6428-6429.
Kamerstukken I 2005-2006, 2006-2007, 30 509 (A, B).
Handelingen I 2006-2007, blz. 459-465, 488-496.

 

 

WET van 7 december 2006, Stb. 2006, 666, houdende regels inzake de inrichting van het landelijke gebied (Wet inrichting landelijk gebied). Inwerkingtreding: 1 januari 2007 (Stb. 2006, 677).

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is regels te stellen over de verdeling van bevoegdheden tussen Rijk en provincies bij de vaststelling, financiering en uitvoering van het gebiedsgerichte beleid en dat om in het kader van dat beleid te komen tot een doelmatiger toepassing van het instrument van de landinrichting de bepalingen van de Landinrichtingswet zodanig ingrijpend moeten worden herzien dat het wenselijk is hiervoor een geheel nieuwe wettelijke regeling vast te stellen;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

[Voor de Algemene wet bestuursrecht relevante artikelen, red.]

 

 

HOOFDSTUK  12

Overgangs-, wijzigings- en slotbepalingen

 

Art. 100.
-1. Onderdeel E van de bijlage bij de Algemene wet bestuursrecht wordt als volgt gewijzigd:

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.