BESLUIT van 6 februari 2013, Stb. 2013, 73, houdende vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet van 6 december 2012, houdende wijziging van de Wet op de jeugdzorg en Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, de Algemene Kinderbijslagwet en de Wet Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen alsmede enige andere wetten in verband met de verbetering van de positie van pleegouders (verbetering positie pleegouders)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 31 januari 2013, kenmerk DWJZ-3152499;
     Gelet op artikel XIII van de Wet van 6 december 2012, houdende wijziging van de Wet op de jeugdzorg en Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, de Algemene Kinderbijslagwet en de Wet Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen alsmede enige andere wetten in verband met de verbetering van de positie van pleegouders (verbetering positie pleegouders);

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

Enig artikel.
De Wet van 6 december 2012, houdende wijziging van de Wet op de jeugdzorg en Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, de Algemene Kinderbijslagwet en de Wet Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen alsmede enige andere wetten in verband met de verbetering van de positie van pleegouders (verbetering positie pleegouders), treedt, met uitzondering van de artikelen I, onderdeel A, subonderdeel 1d, onderdeel B, onderdeel E en onderdeel X, II, onderdeel B, III, IV V, VI, VII en XI in werking met ingang van

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.