Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 1993-1994, 1994-1995, 23 802 (R 1507).
Handelingen II, 1994-1995, blz 2829-2843, 2854.
Kamerstukken I 1994-1995, 23 802 (R 1507) (285).
Handelingen I 1994-1995, blz. 1426.

 

 

RIJKSWET van 10 juli 1995, Stb. 1995, 401, houdende verandering in de Grondwet van bepalingen inzake de verdediging. Inwerkingtreding: 5 september 1995.

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat de Rijkswet van 9 maart 1994 (Stb. 1994, 172) heeft verklaard dat er grond bestaat het daarbij vastgestelde voorstel in overweging te nemen tot verandering in de Grondwet van bepalingen inzake de verdediging;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State van het Koninkrijk gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, de bepalingen van het Statuut voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. I.
De Grondwet ondergaat de in de artikelen II tot en met V omschreven veranderingen.

 

Art. II.
In de Grondwet wordt artikel 98, eerste lid, vervangen door:

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.