Geschiedenis van dit besluit:

Datum inwerkingtreding Terugwerkende kracht t/m Betreft Bekendmaking regeling Bekendmaking inwerkingtreding
01-01-2020   Wijziging Stb. 2019, 463 Stb. 2019, 463
01-01-2019   Wijziging Stb. 2018, 404 Stb. 2018, 404
23-05-2018   Wijziging Stb. 2018, 107 Stb. 2018, 107
01-01-2017   Wijziging Stb. 2016, 536 Stb. 2016, 536
01-01-2015   Wijziging Stb. 2014, 520 Stb. 2014, 521
  Wijziging Stb. 2014, 514 Stb. 2014, 514
14-05-2014 01-04-2014 Wijziging Stb. 2014, 166 Stb. 2014, 166
01-01-2013   Wijziging Stb. 2012, 623 Stb. 2012, 623
15-03-2011   Wijziging Stb. 2011, 112 Stb. 2011, 113
10-10-2010   Wijziging Stb. 2010, 366 Stb. 2010, 389
19-12-2007   Wijziging Stb. 2007, 502 Stb. 2007, 502
21-06-2006 01-01-2006 Wijziging Stb. 2006, 276 Stb. 2006, 276
01-01-2006   Wijziging Stb. 2005, 721 Stb. 2005, 719
  Wijziging Stb. 2005, 690 Stb. 2005, 649
  Wijziging Stb. 2005, 690 Stb. 2005, 690
  Wijziging Stb. 2005, 628 Stb. 2005, 628
29-12-2005   Wijziging Stb. 2005, 620 Stb. 2005, 620
01-08-2003 01-01-2003 Wijziging Stb. 2003, 309 Stb. 2003, 309
01-04-2003   Wijziging Stb. 2002, 527 Stb. 2002, 625
03-07-2002 01-12-2001 Wijziging Stb. 2002, 341 Stb. 2002, 341
01-01-2002   Wijziging Stb. 2001, 687 Stb. 2001, 682
14-09-2001   Wijziging Stb. 2001, 408 Stb. 2001, 408
06-07-2001 01-04-2001 Wijziging Stb. 2001, 311 Stb. 2001, 311
01-04-2001   Wijziging Stb. 2001, 183 Stb. 2000, 496,
samen met
Stb. 2001, 144
19-01-2001 01-01-1999 Wijziging Stb. 2001, 27 Stb. 2001, 27
01-01-2001   Wijziging Stb. 2000, 622 Stb. 2000, 622
  Wijziging Stb. 2000, 611 Stb. 2000, 611
03-03-2000 01-01-1999 Wijziging Stb. 2000, 103 Stb. 2000, 103
01-01-2000 01-01-1999 Wijziging Stb. 1999, 597 Stb. 1999, 597
  Wijziging Stb. 1998, 746 Stb. 1998, 746
11-08-1999 01-07-1999 Wijziging Stb. 1999, 335 Stb. 1999, 335
01-01-1999   Nieuwe regeling Stb. 1998, 746 Stb. 1998, 746

 

 

BESLUIT van 24 december 1998 tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in de artikelen 6, derde lid, van de Algemene Ouderdomswet, 13, derde lid, van de Algemene nabestaandenwet, 6, derde lid, van de Algemene Kinderbijslagwet en 5, derde en vierde lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.F. Hoogervorst, van 20 november 1998, nr. SV/GSV/98/35098, mede namens Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
     Gelet op artikel 6, derde lid, van de Algemene Ouderdomswet, artikel 13, derde lid, van de Algemene nabestaandenwet, artikel 6, derde lid, van de Algemene Kinderbijslagwet en artikel 5, derde en vierde lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;
     De Raad van State gehoord (advies van 17 december 1998, nr. W12.98.0549);
     Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.F. Hoogervorst, van 18 december 1998, nr. SV/GSV/98/42566, uitgebracht mede namens Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

§ 1.  Algemeen

 

Art. 1. Begripsbepalingen
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. de volksverzekeringen: de Algemene Ouderdomswet, de Algemene nabestaandenwet, de Algemene Kinderbijslagwet en de Wet langdurige zorg;
b. kind: het eigen kind, het aangehuwde kind of het pleegkind, bedoeld in artikel 4 van de Algemene Kinderbijslagwet, jonger dan 27 jaar, dat in belangrijke mate door de ouders wordt onderhouden;
c. Onze Ministers: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
d. arbeid: arbeid verricht in het economisch verkeer en gericht op het verwerven van inkomen;
e. Nederlandse socialeverzekeringsuitkering: een uitkering op grond van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, hoofdstuk 3, afdeling 2, of artikel 4:2b van de Wet arbeid en zorg, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten,¹ de Algemene Ouderdomswet, de Algemene nabestaandenwet en de Algemene Kinderbijslagwet;
f. in Nederland arbeid verrichten: in Nederland of op het continentaal plat arbeid verrichten;
g. buiten Nederland arbeid verrichten: buiten Nederland en het continentaal plat arbeid verrichten.

1. Volgens de redactie dient "Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten" te worden vervangen door: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten.

 

 

§ 2.  Uitbreiding van de kring van verzekerden

 

Art. 2. Nederlandse ambtenaren en hun gezinsleden in het buitenland
-1. Verzekerd op grond van de volksverzekeringen is

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.